Inbreng PvdD schrif­telijk overleg RBZ/Handel


2 juni 2020

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de geannoteerde agenda en de Voortgangsrapportage handelsakkoorden.

Inleiding

Deze leden willen allereerst benadrukken dat de coronacrisis razendsnel de imperfecties van en de weerstand tegen het wereldhandelssysteem en de moderne vrijhandelsverdragen heeft blootgelegd. Vóór corona was al duidelijk dat vrijhandelsverdragen een reliek van het verleden zijn geworden. De bevolking keerde zich ertegen, de laatste jaren willen ook boeren het niet meer en de politieke steun is inmiddels afgebrokkeld tot onder het absolute minimum. Terug naar het oude normaal zal een kolossale vergissing zijn.

De problemen de 21ste eeuw vragen niet om de oplossingen van de jaren ’90 van de vorige eeuw. Vrijhandelsverdragen die het nodeloos gesleep van voedsel over de hele wereld bevorderen, die wereldwijd boeren tegen elkaar uitspelen, die boeren en burgers tegen elkaar opzetten en die de wereldwijde klimaat- en biodiversiteitscrisis verergeren, zijn het probleem, niet de oplossing. Investeringsverdragen die de macht van de multinationals versterken in plaats van inperken, die bovenstatelijke tribunalen speciaal voor internationale investeerders faciliteren, die in tijden waar daadkrachtig klimaatbeleid noodzakelijk is overheden confronteren met extra regulatory chill en die mogelijk een goudmijn voor toch al kapitaalkrachtige en machtige multinationals zijn, zijn het probleem, niet de oplossing. Vrijhandelsverdragen die de ambities om tot kringlooplandbouw te komen al de nek omdraaien voordat überhaupt met kringlooplandbouw een begin is gemaakt, zijn het probleem, niet de oplossing.

Frans-Nederlandse non-paper

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie hebben nog enkele vragen en opmerkingen. Ten eerste een aantal vragen en opmerkingen over de informatiepositie van de Tweede Kamer. De leden van deze fractie moesten via de Financial Times vernemen dat de Nederlandse en de Franse regering gezamenlijk een zogenaamd ‘non-paper’ hebben opgesteld. Deze leden vinden dat de minister de Kamer proactief op de hoogte dient te brengen van dit soort initiatieven en vragen de minister of zij de Kamer op de proactief op de hoogte wil blijven houden over de vervolgstappen omtrent dit Nederlands-Franse alternatief. Deze leden willen de minister eraan herinneren dat het de Financial Times is geweest die op 8 juli 2019 de eerste appreciatie van deze minister over het omstreden Mercosur-akkoord heeft mogen optekenen, nog voordat de Kamer hiervan (in oktober) door de minister op de hoogte werd gesteld. De leden van de Partij voor de Dieren-fractie willen dat de minister toezegt om in het vervolg de Kamer eerder te informeren dan de Financial Times.

Voortgangsrapportage handelsakkoorden

Deze leden merken op dat in de Voortgangsrapportage handelsakkoorden geen nadere duiding is gegeven van het mislukken van de onderhandelingen met de Verenigde Staten. Tot op heden hebben deze leden zich met name via media als de Financial Times, Politico en De Boerderij moeten laten informeren over deze onderhandelingen. Deze leden merken voorts op dat op 18 maart de deadline is verstreken die de Amerikaanse president Trump de Europeanen had gesteld en dat tot die datum onderhandelaars van de VS en de EU tevergeefs hebben geprobeerd om tot een zogenaamde ‘mini-deal’ te komen. Ondanks de leden van de Partij voor de Dieren-fractie het toejuichen dat deze onderhandelingen mislukt zijn, willen deze leden nog wel een nadere toelichting. Klopt het dat de inzet van de Verenigde Staten erop gericht is geweest dat in de VS geproduceerde genetisch gemanipuleerde gewassen sneller op de Europese markt zouden worden toegelaten? Welke consequenties heeft de Amerikaanse president Trump verbonden aan het mislukken van de onderhandelingen? Wanneer staat de volgende onderhandelingsronde op de agenda? Kunt u bevestigen dat het in theorie mogelijk is dat de onderhandelingen over de conformiteitsbeoordelingen ertoe kunnen leiden dat er meer landbouwproducten uit de VS de Europese markt opkomen, namelijk in het geval dat er tot een overeenstemming wordt gekomen over de conformiteitsbeoordelingen van landbouwproducten?

Dan merken de leden op dat in de Voortgangsrapportage handelsakkoorden de rapportage over het verdrag met Oekraïne is weggevallen. Dat bevreemdt deze leden, omdat recent nog dit verdrag is opengebroken waarbij de quota (tarieflijnen) voor de invoer van vers kippenvlees uit dat land met 250% verhoogd zijn, dit tot woede van de Nederlandse minister van Landbouw. Deze leden vragen dan ook de rapportage over dit verdrag standaard mee te nemen en de Kamer te blijven informeren over ontwikkelingen hierover.

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie hebben met verbazing kennisgenomen het resultaat van de onderhandelingen tussen Mexico en de Europese Commissie. Er is zowel overeenstemming bereikt over een verregaande liberalisering van landbouwtarieven als over een investeringsverdrag. Deze leden willen met klem benadrukken dat dergelijk verdragen lijnrecht ingaan tegen de grote uitdagingen van deze tijd. Waar van de Nederlandse en Europese boeren verlangd wordt om mee te werken aan het bestrijden van de klimaat- en biodiversiteitscrisis, daar zet de Europese Commissie de grenzen voor spotgoedkope landbouwproducten wagenwijd open voor een land dat veel lagere productiestandaarden voor in ieder geval landbouwproducten hanteert. Daarnaast verstevigt dit investeringsverdrag de machtspositie van multinationals nog verder. Tot slot creëert dit verdrag opnieuw onduidelijkheid over het gevoerde beleid van de regering: dienen Nederlandse boeren te produceren voor de regionale markt of voor de wereldmarkt?

Deze leden merken op dat een vergelijkbaar verdrag met een gelijkgezind land als Canada op groot politiek en maatschappelijk verzet kan rekenen en vragen de minister of zij gelijkluidende kritiek op de verdragen met Mexico voor wil zijn door nu al duidelijkheid te scheppen over de positie van de Nederlandse regering. Is zij bereid om aan de Europese Commissie en de Raad te laten weten dat een verdrag waarin in ieder geval de landbouw is opgenomen en een verdrag waar investeringsbescherming is opgenomen op een tegenstem van de Nederlandse regering kan rekenen?

Deze leden hebben voorts nog enkele vragen over de te volgen procedure. Klopt het dat dit een gemengd verdrag is, waar zowel het handelsgedeelte als het investeringsgedeelte tegelijk zullen worden voorgelegd aan de Raad, het EP, en het Nederlandse parlement, zoals het verdrag met Canada? Of wordt het verdrag in tweeën geknipt, waarbij alleen het investeringsverdrag zal worden voorgelegd aan de nationale parlementen, zoals bij de verdragen met Vietnam?

Tot slot willen deze leden een update van de positie van de Europese Commissie over het mandaat van de onderhandelingen met Thailand. Dit zogenaamde ASEAN-mandaat stamt uit 2007. De leden van de Partij voor de Dieren-fractie hebben de minister erop gewezen dat dit mandaat gedateerd en achterhaald is en de minister heeft dit ook erkend. Is de regering bereid om medestanders voor deze positie te vinden?