Bijdrage Wassenberg over het scha­de­pro­tocol voor afhan­deling van de mijn­bouw­schade in Groningen


17 januari 2018

Voorzitter. Hoe vervelend ik het ook vind om mijn bijdrage met deze woorden te beginnen, maar de aardbeving in Zeerijp kwam voor de NAM niet onverwacht. In de laatste risicoanalyse schat de NAM de kans op een zware aardbeving op 16%. De vraag was niet óf er een volgende zware aardbeving zou komen, maar wánneer die zou komen. Die vraag is nog steeds actueel zolang de NAM op deze schaal gas blijft winnen. Het kan zo weer gebeuren.

Voorzitter. Voor vandaag zijn twee dingen van groot belang. Het eerste is voor de zeer korte termijn: hoe herstellen en betalen we de schade die is opgetreden als gevolg van deze aardbeving? En dan voor de lange termijn: hoe voorkomen wij nieuwe schadegevallen als gevolg van de gaswinning? Met andere woorden: hoe minimaliseren wij de kans op nieuwe aardbevingen?

Maar eerst wil ik het hebben over de schade die is opgetreden bij de recente aardbeving en bij de aardbevingen daarvoor, want het reeds lang geleden toegezegde schadeprotocol is er nog steeds niet. Dat schadeprotocol had er op 1 juli moeten zijn. Sinds maart vorig jaar worden er geen nieuwe schades meer afgehandeld. Is de minister het met de Partij voor de Dieren eens dat dit onacceptabel lang duurt?

Over de vraag waarom het zo lang duurt, is de afgelopen dagen mist gecreëerd. Dat begon toen de minister-president afgelopen vrijdag, na de ministerraad, nadrukkelijk medewerking van Groningen vroeg om snel een schadeprotocol vast te stellen, om twee dagen later, zondag in Buitenhof, op zijn woorden terug te komen. Het lag namelijk niet aan Groningen, het lag aan de lange formatie.

Dat snap ik niet. In juni zei de minister-president dat de formatie geen enkele belemmering vormde voor het nemen van maatregelen. Hij noemde dat zelfs "staatsrechtelijk geleuter". Daarnaast werd het nieuwe kabinet op 26 oktober gepresenteerd en het regeerakkoord al op 10 oktober, terwijl een conceptschadeprotocol begin oktober naar het ministerie werd gestuurd. Hoe kan die vertraging dan komen door de lange formatie, die toen al praktisch klaar was? Graag opheldering hierover van de minister.

Deze middag werd duidelijk dat een schadeprotocol misschien verder weg is dan ooit, nu de Groninger Bodem Beweging uit het overleg rond het schadeprotocol stapt. De Groninger Bodem Beweging kan zich namelijk niet meer vinden in het nieuwe concept, dat een uitgeklede versie is van het voorstel dat de regio in oktober vorig jaar heeft opgesteld. Essentiële onderdelen zouden zijn geschrapt.

Ik vind dit een uiterst zorgelijke ontwikkeling. Groningen zit niet te wachten op verdere vertraging. En Groningen zit helemaal niet te wachten op een gemankeerd schadeprotocol. Graag een reflectie van de minister op het opstappen van de Groninger Bodem Beweging. Wat gaat de minister doen om het vertrouwen terug te winnen? En wat kan hij doen om te zorgen dat er op korte termijn een goed schadeprotocol komt? Een schadeprotocol dat breed gedragen wordt in Groningen, want dat draagvlak is essentieel. Hoe gaat de minister zorgen dat het schadeprotocol er binnen enkele weken komt en vooral dat het geen schaamlap wordt? De Nationale ombudsman spreekt over een onontwarbare bestuurlijke kluwen die zit tussen het melden en het afhandelen van de schade in Groningen. Hoe gaat de minister dat oplossen?

Dan het niveau van de gaswinning. De aardbevingen zullen pas verminderen als de gaswinning drastisch omlaag gaat, en niet met slechts 0,4 miljard kuub gas per jaar, zoals in het regeerakkoord staat. Dat komt neer op een schamele 1,7% reductie per jaar. Vandaag exact vijf jaar geleden, op 16 januari 2013, schreef het Staatstoezicht op de Mijnen in een advies: De productiesnelheid zou tot circa 12 miljard kuub per jaar verlaagd moeten worden om het risico op aardbevingen te minimaliseren. Alleen dan, bij 12 miljard kuub gas minder, zullen er op termijn geen bevingen meer zijn van 1,5 op de schaal van Richter of meer. Bij alles daarboven moet Groningen rekening blijven houden met aardbevingen.

Afgelopen november heeft de Raad van State het besluit van de minister vernietigd om NAM weer vijf jaar gas uit de grond te laten pompen. De minister had meer oog moeten hebben voor het veiligheidsbelang van de inwoners van het gaswinningsgebied en hij had moeten onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om de gaswinning verder te beperken. Hij moet binnen een jaar een nieuw besluit nemen over de gaswinning in Groningen. Dat is een uitgelezen moment om de gaswinning zo snel mogelijk terug te brengen naar het veilige niveau van 12 miljard kuub. In de media gaf de minister aan dat de gasproductie van hem sneller omlaag kan dan in het regeerakkoord staat. Wat de Partij voor de Dieren betreft wordt deze afgebouwd naar 12 miljard kuub per jaar, om daarna fasegewijs af te bouwen naar 0. Graag een reactie van de minister.

Welke maatregelen gaat de minister nemen om het gasgebruik nu echt naar beneden te brengen? Gaat hij het besluit om de gasaansluitplicht voor nieuwbouw te schrappen aanscherpen, zodat er een verbod komt om nieuwe woningen op het gasnet aan te sluiten? Of gaat hij de aansluiting van nieuwe woningen op het gasnet fors duurder maken, zodat het loont om alternatieve manieren van verwarmen en koken aan te leggen? Hoe gaat hij het afkoppelen van bestaande woningen van het gasnet versnellen? En hoe gaat hij het gasgebruik in het bedrijfsleven aanpakken?

Ten slotte, voorzitter. De regering wil de dividendbelasting schrappen. De minister-president heeft inmiddels ruiterlijk toegegeven dat hij ook niet weet of dat helpt om bedrijven hier te houden. Kunnen we die 1,4 miljard niet beter gebruiken om versneld van het aardgas af te komen en van Groningen een duurzame-energieprovincie in plaats van een fossiele-energieprovincie te maken? Daarvan weten we immers wél dat het werkt. De toekomst van de energievoorziening is duurzaam. Het is prachtig als Groningen daar een prominente rol in kan spelen.

Dank u wel.

Interrupties bij andere partijen

De heer Nijboer (PvdA):
Die 12 miljard heb ik niet maar gewoon even genoemd, zo van: dat lijkt me een mooi getal en dat kunnen we halen. Dat is het advies van het Staatstoezicht op de Mijnen. Dus daar moeten we naartoe, om het zo snel mogelijk veilig te krijgen. Daar moeten we naartoe. Onderschrijft u die doelstelling? U zegt nu "ik wil helderheid geven" en dit en dat, maar ik hoor daar geen helder antwoord op. Voorgaande sprekers, zoals mevrouw Beckerman en de heer Wassenberg, waren heel helder. Die zeiden: daar moeten we zo snel mogelijk naartoe. De PvdA is dat ook. GroenLinks zal dat ook zijn. Is de VVD dat ook?

Mevrouw Ye?ilgöz-Zegerius (VVD):
De VVD staat volledig achter de doelstelling dat we zo snel mogelijk moeten minderen, of dat nu is naar 12 miljard of naar welk getal dan ook waarvan men zegt: dit kunnen we gewoon realiseren; dit kan. Dan moeten we ook een alternatief hebben. Dan moet je ook andere energiebronnen hebben, op grootschalig niveau. Dan moet je die slag kunnen maken. Er zitten ontzettend veel aspecten aan. Het is voor mij ontzettend makkelijk om nu te zeggen: ja, dat gaan we doen. Wie weet krijg ik dan ook ergens applaus. Dat kan allemaal, maar we kunnen het nu niet waarmaken en daar pas ik nu dus voor. Dat ga ik niet doen. Ik wil dat we datgene wat we hier zeggen, kunnen waarmaken en dat we daar vervolgens duidelijkheid in geven. Dat vind ik belangrijk en daar sta ik voor. Welk getal dat ook betekent, op het moment dat het verantwoord en veilig kan zult u de VVD als serieuze partner zien. Dan zullen we gaan kijken hoe het er uitziet, maar ik ga nu niet iets zeggen voor applaus. Nee.

De heer Wassenberg (PvdD):
De VVD zei: veiligheid staat voorop. Dat is inderdaad heel fijn om te horen, maar ik vraag me dan toch af waarom de VVD niet bij die 12 miljard blijft. Ik ga het toch nog een keer proberen. Vijf jaar geleden heeft het Staatstoezicht op de Mijnen gezegd: bij 12 miljard kuub winning per jaar is de kans op aardbevingen nihil. Die is dan niet helemaal nul, maar wel zo klein mogelijk. Later zijn hogere getallen genoemd, maar er werd gezegd dat er dan een aanvaardbaar risico was. Maar "aanvaardbaar risico" geldt alleen voor verstevigde huizen. Is de VVD het met mij eens dat de schade naar nul moet en dat we niet alleen verstevigde huizen willen beschermen, maar ook oude boerderijen en kerken? En dat we de kans op aardbevingen gewoon zo klein mogelijk moeten houden?

Mevrouw Ye?ilgöz-Zegerius (VVD):
Daar ben ik het volledig mee eens. Ik ben het er volledig mee eens dat alles wat we doen erop gericht moet zijn om de schade naar nul te krijgen, dat mensen rustig en met een veilig gevoel in hun eigen huis kunnen slapen, uiteraard ook in boerderijen en historische gebouwen. Stel dat u mij vraagt: "Dilan, wil je morgen naar 12?" Dan moet ik tegen u zeggen: "Welke energiebron staat klaar om te gebruiken zodat Groningers en de rest van Nederland niet in de kou zitten?" Ik wil het wel kunnen waarmaken en ik wil er dan zeker van zijn dat dat het getal is waarbij het veilig is. Wat ik u vraag, via de voorzitter, is om de minister de kans te geven om vervolgens te bekijken wat er kan en wat dat betekent, zodat we precies weten waar het over gaat. Dat is voor mij belangrijk. Het is niet dat ik weiger een bepaald getal te noemen. Ik wil die veiligheid en ik wil het op een verantwoorde wijze.

De heer Wassenberg (PvdD):
Ja, maar dat is wel belangrijk nieuws, want de VVD zegt dus: wij willen ook naar 12 gaan, we gaan alleen even kijken hoe we daar gaan komen. Daar kunnen we misschien tijdens dit debat wel uitkomen en anders wel op de heel korte termijn. Het feit dat de VVD zegt dat ook voor haar het uitgangspunt is om zo min mogelijk — nul — aardbevingen te hebben, betekent in mijn optiek dat de VVD ook streeft naar 12 miljard kuub per jaar en dan op de langere termijn helemaal naar nul.

Mevrouw Ye?ilgöz-Zegerius (VVD):
Dat is de interpretatie van de heer Wassenberg. Dat kan. Ik zeg dat het veilig en verantwoord moet. Ik wil de scenario's zien waarbinnen dat kan, wat dat dan betekent en welk getal dan daaraan vasthangt. Dan kan ik het onderbouwen, dan kan ik het uitleggen en dan kan ik mensen duidelijkheid en zekerheid geven. Dat is hoe het werkt. U noemt dat getal en haalt een onderzoek aan. Er zijn verschillende opvattingen. Ik wil zekerheid, ook voor mijzelf, zodat ik wat uit te leggen heb. Ik ben het dus met u eens over de doelstelling. We willen het veilig en we willen het verantwoord. We willen geen schade en we willen niemand in de kou. Die balans, daar ben ik benieuwd naar.

De heer Wassenberg (PvdD):
Oké, maar dat is dus een aanvaardbaar risico. Aanvaardbare seismiciteit is voor de VVD onvoldoende. De VVD wil ook naar nul.

Mevrouw Ye?ilgöz-Zegerius (VVD):
Natuurlijk wil iedereen naar "geen schade meer". Mag ik hier nog wat aan toevoegen, voorzitter? Ik weet dat de heer Wassenberg ontzettend belezen is op dit onderwerp en het ook heel goed weet. Het is ook een feit dat als je het vergelijkt, ook wereldwijd, dus gaswinnen, stoppen en de mate waarin je dat doet, je niet weet wat er dan gebeurt. We weten niet of de bevingen stoppen op het moment dat wij stoppen. Dit is zo'n complex probleem. Daarom gebruik ik zo veel woorden: niet omdat ik geen antwoord wil geven, maar omdat ik het duidelijk wil hebben. Het is niet zwart-wit. We kunnen niet met één zin, met één doelstelling zeggen: het is opgelost, gaat u allen rustig slapen. Ik wil mensen zekerheid kunnen geven, maar dan moet ik die afweging zien en de consequenties begrijpen. Ik neem aan dat iedereen — want zo meteen krijg ik nog een interruptie — die wijst naar die 12 miljard, ook zegt te willen weten wat dat vervolgens betekent. Daar gaat het namelijk om.

De heer Wassenberg (PvdD):
Voorzitter …

De voorzitter:
Nee, nee, nee. U bent al drie keer aan de beurt geweest, meneer Wassenberg. Mevrouw Van Tongeren.

(…)

De heer Wassenberg (PvdD):
Toch nog even een heel kleine correctie. Mevrouw Mulder zegt dat het SodM vijf jaar geleden heeft gezegd: 12 miljard is veilig en daar zijn ze later op teruggekomen. Dat is toch niet helemaal waar, want dat is onder een andere voorwaarde. Bij 12 miljard is de seismiciteit nagenoeg nihil, werd gezegd. Later heeft het SodM gezegd: 24 miljard. Maar dat is met een aanvaardbaar risico op aardbevingen. Dat is op een gegeven moment benadrukt tijdens een hoorzitting die wij in januari 2016, geloof ik, hebben gehad over het aardbevingsdossier. Toen heeft de voormalige directeur van het SodM dat nog een keer uitgelegd. Dus er is echt een verschil. Die 12 miljard staat nog steeds omdat dan de seismiciteit nagenoeg nihil is. Dat is iets anders dan een "aanvaardbaar risico".

De voorzitter:
Dat was dus geen vraag maar een soort toelichting.

De heer Wassenberg (PvdD):
Kan mevrouw Mulder daarop reageren?

Mevrouw Agnes Mulder (CDA):
In 2013 hebben wij het SodM hier in de Tweede Kamer gehoord op een technische briefing. In 2014 was dat weer het geval. Die 12 miljard is toen al losgelaten. Mensen kunnen nu wel heel erg hard nee schudden, maar dat is in die technische briefing wel naar voren gebracht. En ik houd mij aan het advies van het Staatstoezicht op de Mijnen, want dat is onze instantie die kijkt naar de veiligheid van onze inwoners in Groningen. Die hebben wij altijd gevolgd. De Raad van State heeft ook altijd het Staatstoezicht op de Mijnen gevolgd. Dat is voor mij een belangrijk instituut. Ik hoef daar geen waarde aan toe te voegen, maar ik hoef het ook niet erger te maken dan het is. Voor mij staat hun advies als een paal boven water. Dat zullen wij ook volgen, ook met dit kabinet.

De voorzitter:
Meneer Wassenberg, een korte interruptie graag.

De heer Wassenberg (PvdD):
Ja, een heel korte. Dan wil ik toch nog heel even kijken naar de kleine lettertjes. Dat is echt het verschil tussen "nagenoeg nihil" en "aanvaardbaar risico". Dat is echt het verschil. Wij willen "nagenoeg nihil".

(….)

De heer Wassenberg (PvdD):
Ik ben ook verheugd dat de heer Jetten zegt dat belangrijke, beeldbepalende en oude gebouwen in Groningen bescherming verdienen. Betekent dat ook dat D66 vindt dat een aanvaardbare seismiciteit onvoldoende is, omdat dat soort oude gebouwen daardoor echt kunnen lijden, en dat we naar een zo klein mogelijke seismiciteit moeten gaan, of nihil, en dus naar 12 miljard kuub?

De heer Jetten (D66):
De heer Wassenberg doelt indirect op het advies van het SodM. Ik heb hier ook een rapport van het SodM uit 2016 liggen. Daarin schrijft het zelf dat het ooit de voorzichtige conclusie heeft getrokken dat 12 miljard kuub zou kunnen leiden tot een bepaalde veilige situatie. Volgens mij moeten we als Kamer even af van die 12 miljard, omdat dat ook tot veel verwarring leidt.

Het belangrijkste voor D66 is dat we zo snel mogelijk naar een veilige situatie gaan en dat we die gaswinning uiteindelijk tot nul terugbrengen. De heer Wassenberg weet ook dat als we het terugbrengen tot 15 of 12 miljard, die ondergrond de komende jaren instabiel blijft. Dat leidt nog jaren tot aardbevingen. Laten we hier niet een soort schijnveiligheid creëren door allemaal te roepen dat met 12 miljard alle problemen zijn opgelost. Uiteindelijk zijn de problemen pas opgelost als we bij nul zijn met die gaswinning. Daarom heb ik ook een aantal voorstellen gedaan om de gasvraag zo snel mogelijk te verlagen. Wij zullen als D66-fractie de komende weken kijken naar het advies van het Staatstoezicht over wat zal leiden tot de meest veilige situatie in Groningen. Wat ons betreft is dat de lijn waar ook de minister naartoe moet.

De heer Wassenberg (PvdD):
Dat klopt. Het gas dat vandaag wordt gewonnen, kan over maanden nog effect hebben. Als je morgen ophoudt met gas winnen, kun je de komende maanden nog steeds seismiciteit verwachten, maar als je dit de komende maanden of jaren structureel wilt terugbrengen, zul je toch wel naar veel lagere niveaus moeten. Het SodM heeft inderdaad later wat kanttekeningen geplaatst bij die 12 miljard. Bij die 12 miljard is het nihil en bij dat hogere getal is het aanvaardbaar, maar dat geldt voor versterkte gebouwen. Is de heer Jetten het met mij eens dat die oude kerken en oude boerderijen niet versterkt zijn en dat die ook beschermd moeten worden? We kunnen niet elk gebouw gaan versterken.

De heer Jetten (D66):
Nogmaals, de fractie van D66 zal naar het advies kijken dat wij binnen twee weken krijgen van het Staatstoezicht. Dat bepaalt voor ons in hoeverre de gaswinning de komende tijd naar beneden moet. Graag strijd ik er samen met de heer Wassenberg voor dat wij zo snel mogelijk naar dat getal 0 gaan, maar dat vraagt ingrepen in de industrie en bij onze woningen. Dat is een enorme opgave waar deze minister voor staat.



Beantwoording minister

Minister Wiebes:
Het gaat niet om mij. Het gaat om wat wij tussen bestuurders hebben afgesproken. Het gaat erom dat er iets uitkomt. Over wat nu voorligt en wat als uitgangspunt is genomen, zijn ook nog zorgen. Ik ga hier nu niet staan onderhandelen. Alle voorstellen liggen ter toetsing voor. Ik ga hier geen stellingen innemen die de onderhandelingen op allerlei manieren in de problemen brengen. Ik moet respect opbrengen voor de partijen waarmee ik spreek. Ik moet met hen spreken over de onderhandelingen en niet hier in deze Kamer. Ik heb mijn uitgangspositie op hoofdlijnen weergegeven. Ik denk dat dat voor de goede verstaander heel duidelijk was.

De heer Wassenberg (PvdD):
De minister zegt dat het demissionaire kabinet hier niet heel actief op gehandeld heeft; ik parafraseer hem even. Dat verklaart wel waarom er vanaf half maart tot begin oktober, half oktober niks gedaan is. Maar het nieuwe kabinet zit nou al 82 dagen in het zadel. En het schadeprotocol lag er sinds begin oktober, dus de afgelopen 82 dagen heeft het kabinet kennelijk ook niet heel veel urgentie gevoeld. Dat is volgens mij pas gebeurd na die aardbeving van vorige week maandag.

Minister Wiebes:
Nee.

De voorzitter:
En de vraag is?

De heer Wassenberg (PvdD):
Mijn vraag is: waarom heeft het kabinet de eerste 75 dagen niet zo veel gedaan?

Minister Wiebes:
Ik ga hier niet mijn agenda openbaar maken. Maar nee, de uitspraak dat dit een heel hoge prioriteit was, dateert zeker van voor de beving. Er zijn nog een aantal andere dingen waar ik straks op kom, die van voor de beving dateren. Nee, het kabinet komt niet pas in actie als er een beving is. Het illustreert wel dat we gewoon niet veel tijd hebben.

De heer Wassenberg (PvdD):
Maar op het moment dat het kabinet in het zadel zit, er 75 dagen in elk geval niets zichtbaars gebeurt en de minister na 82 dagen zegt dat er snel iets moet en ook kan komen — over die twee weken heb ik het dan even niet — geeft dat toch aan dat er die 75 dagen daarvoor ook veel meer gebeurd had moeten zijn?

Minister Wiebes:
De inspanningen zijn maximaal maar ze hebben nog niet geleid tot resultaat.

(…)

Minister Wiebes:

Ik kom op de winning. Dat was namelijk waar ik het eerst tegenop liep na mijn aantreden, nog voor het schadeprotocol. Bij de winning was men vanuit het vorige kabinet al bezig met een langetermijnafbouwplan. Dat is ook toegezegd. Ik heb die toezegging vervolgens geplaatst in het eerste kwartaal. Het gaat over de vraag langs welke wegen wij op lange termijn het gas kunnen afbouwen. Maar al helemaal in het begin krijg je natuurlijk dezelfde staatjes onder ogen die de heer Wassenberg hier citeerde. Je kijkt daarnaar en je denkt: nou, dat is geen situatie waar je je heel comfortabel bij voelt. Er is toch een wezenlijke kans op flinke bevingen. Bovendien vind ik het heel oncomfortabel om vast te stellen dat het maximum dat je vanuit het oogpunt van veiligheid wilt doen en het minimum dat je vanuit het oogpunt van leveringszekerheid geacht wordt te doen, aan elkaar gelijk zijn. Dat is buitengewoon oncomfortabel. Ik heb daar in Groningen over gezegd dat ik mij in de hoek geverfd voelde.

(…)

De heer Wassenberg (PvdD):
Toch nog even naar die 12 miljard kuub en die 0 miljard kuub. Die 12 miljard kuub is door mij bepaald niet heilig verklaard. Ik heb sowieso niet zo heel veel met heiligverklaring of heilige huisjes, behalve om er af en toe tegenaan te schoppen. Die 12 miljard kuub is de hoeveelheid waarbij het SodM zegt dat de seismiciteit nihil is. Dat is iets anders dan een seismiciteit die aanvaardbaar is. De minister is het met ons eens dat de gaswinning omlaag en uiteindelijk zelfs naar nul moet. Dat gaan we deze kabinetsperiode niet meer halen, maar ik zou toch graag zien dat we daarop voorsorteren. Als ik naar het regeerakkoord kijk, zie ik dat er ook gekeken wordt naar 2024 en 2030 en dat valt allemaal buiten deze kabinetsperiode. Maar toch zijn er al heel vaag plannen …

De voorzitter:
Wat is de vraag, meneer Wassenberg?

De heer Wassenberg (PvdD):
Mijn vraag is: kan de minister terug naar 12, maar vooral gaan kijken hoe we naar 0 kunnen? Dat hoeft niet tot in het detail, maar kan hij wel alvast grote lijnen uitzetten voor volgende kabinetten? Want die komen er dadelijk ook.

Minister Wiebes:
Ik denk dat het een goede insteek is om niet over de 12 te gaan kibbelen. Ik heb hier het document waarin het SodM spreekt over de 12. Dat ligt genuanceerder dan de heer Wassenberg zegt. Ik denk dat hij en ik hier de SodM-uitspraak niet nodig hebben om vast te stellen dat het verder naar beneden moet. Dat zijn de scenario's die hij gaat krijgen.

De heer Wassenberg (PvdD):
Ook voor de langere termijn?

Minister Wiebes:
Ja, die voor de langere termijn, jazeker, en ook de scenario's die op 0 uitkomen.

De heer Wassenberg (PvdD):
De minister heeft ook gezegd dat nieuwe wijken niet langer op gas moeten worden aangesloten. Komen er concrete maatregelen? Gaan gasaansluitingen verboden worden? Wordt het duurder gemaakt? Wordt dat er ook in opgenomen?

Minister Wiebes:
Dat zijn dingen die we in het klimaatakkoord moeten meenemen. Ik heb aan de heer Wassenberg toegezegd dat hij in het eerste kwartaal de langetermijnscenario's krijgt, ook die tot 0 gaan. Dat zeker. Dat komt er. Daar hebben wij de SodM-adviezen niet voor nodig.

(…)

Minister Wiebes:
Ik heb op veel van de vragen van de heer Wassenberg wel antwoord gegeven. Sommige van zijn vragen waren meer retorisch en andere waren feitelijk. Ik zeg het even heel expliciet: het heeft geen snars met de dividendbelasting te maken. Ik zie de verlaging van de winning niet als een financieel dossier. Ik wil het dus uit die sfeer hebben. Daar gaat het niet om. Daar doe ik niet aan.

De voorzitter:
Meneer Wassenberg, heel kort.

De heer Wassenberg (PvdD):
Ik had het ook expliciet gekoppeld aan iets positiefs, namelijk aan het idee om Groningen om te vormen van een fossiele-energieregio naar een duurzame-energieregio. Daar zou je ook geld voor kunnen gebruiken. Dat staat even los van de gaswinning, maar het gaat wel om de vraag hoe je van Groningen een duurzame-energieprovincie kunt maken.

Tweede termijn

De heer Wassenberg (PvdD):
Dank, voorzitter. Dank ook aan de minister voor zijn antwoorden en toezeggingen.

Voorzitter. In november was in het vonnis van de Raad van State te lezen dat de ambtsvoorganger van deze minister onvoldoende oog had voor de veiligheid van de inwoners van het gaswinningsgebied en dat hij onvoldoende heeft onderzocht welke mogelijkheden er waren om de gaswinning te beperken.

Als het gaat om de afwikkeling van de aardbevingsschade, spreekt de Nationale ombudsman van een onontwarbare bestuurlijke kluwen. Voor de Partij voor de Dieren is dat voldoende aanleiding om een parlementaire enquête te vragen naar de gaswinning in Groningen, want hier is zo veel structureel, langdurig, willens en wetens misgekleund dat het tot op de bodem moet worden uitgezocht. Daarvoor is een parlementaire enquête het beste instrument. In juli 2016 heb ik eenzelfde motie ingediend samen met collega Dik-Faber. Zij was toen de eerste indiener. Ik hoop dat nu, na alle ontwikkelingen van de laatste maanden, ook de coalitie zich achter deze motie kan scharen, want hier moet echt de onderste steen boven komen.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat waarheidsvinding essentieel is met het oog op het werken aan herstel van vertrouwen voor de Groningers;

overwegende dat het nodig is dat de Tweede Kamer zich een diepgaand inzicht verwerft in de vraag hoe het gasgebouw vanaf 1963 heeft gefunctioneerd, hoe is omgegaan met risico's en veiligheid van burgers, hoe de politieke besluitvorming is verlopen, en wat de invloed en belangen van particuliere bedrijven zijn;

overwegende dat dit inzicht onder andere nodig is om met het oog op de toekomst de juiste maatregelen te treffen en om daaruit lessen voor de toekomst te kunnen trekken;

van mening dat een parlementaire enquête niet mag leiden tot vertraging in schadeherstel of vertraging in het tegengaan van risico's op aardbevingen en mijnbouwschade;

spreekt uit dat een parlementaire enquête naar de gaswinning in Groningen plaats dient te vinden;

verzoekt het Presidium voorstellen te doen over de opzet en de vorm van het onderzoek,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Wassenberg en Beckerman. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 408 (33529).

De heer Wassenberg (PvdD):
Ik heb nog één kortere motie, de laatste.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het kabinet zegt de veiligheid voorop te stellen;

overwegende dat de recente aardbeving in Zeerijp opnieuw aantoont dat de gaswinning snel terug moet naar een veilig niveau;

constaterende dat het Staatstoezicht op de Mijnen heeft geconcludeerd dat bij gaswinning van maximaal 12 miljard kuub gas per jaar de seismiciteit nagenoeg nihil zal zijn;

verzoekt de regering binnen twee weken maatregelen te nemen om de gaswinning snel terug te dringen ("hand-aan-de-kraanprincipe") en een afbouwplan op te stellen om de gaswinning snel terug te brengen naar het veilige niveau van 12 miljard kuub gas per jaar,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Wassenberg en Beckerman. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 409 (33529).

(...)

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):
Dank u wel, voorzitter.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat de verantwoordelijke bewindspersoon de gaswinningssituatie in Groningen een overheidsfalen van on-Nederlandse proporties noemt;

verzoekt de regering binnen enkele weken:

te komen met een schadeprotocol voor mijnbouwschade langs de lijnen van het Groningse concept, dat vervolgens wettelijk wordt verankerd;
te zorgen voor adequate toegang tot (juridisch) advies en ondersteuning voor mensen met mijnbouwschade;
te starten met het opzetten van een onafhankelijk fonds voor mijnbouwschade onder publieke regie;


en daarnaast de gaswinning zo snel en zo ver als realistisch mogelijk is naar beneden te brengen,

en gaat over tot de orde van de dag
.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Van Tongeren, Beckerman, Nijboer, Wassenberg, Agnes Mulder, Ye?ilgöz-Zegerius, Jetten, Dik-Faber, Kops, Sazias en Bisschop.

Zij krijgt nr. 406 (33529).

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):
Dank u wel, voorzitter. Dan heb ik nog één korte motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat alle Nederlanders gelijk behandeld moeten worden;

overwegende dat ook buiten Groningen problemen worden veroorzaakt door mijnbouw;

verzoekt de regering alle Nederlanders die in mijnbouwgebied wonen volgens dezelfde regelingen te behandelen als het gaat om schadeafhandeling van gevolgen van mijnbouw,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Van Tongeren, Beckerman, Nijboer, Wassenberg en Sazias.

Zij krijgt nr. 407 (33529).

(...)

Mevrouw Beckerman (SP):
Voorzitter. Dit voelt op geen enkele manier als een bevredigend einde van dit debat. Wij wilden daden. De tijd van hardop brainstormen is voorbij. Dat is misschien niet de schuld van deze minister maar van die andere minister, die vandaag niet wilde komen, de minister-president. Wat ons betreft heeft de minister twee weken. Dan is het advies van de toezichthouder er en hebben we wat ons betreft een nieuw debat; wat mij betreft met de premier. Ik wil de minister echt op het hart drukken: maak in de tussentijd de wensen van de Groningers leidend. Zet de Groningers vooraan en kom met daden.

Ik heb één motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat schades over de gehele provincie Groningen zijn verspreid;

overwegende dat enkel een onafhankelijk oordeel over die schades soelaas kan bieden;

van mening dat er dus geen sprake kan zijn van een schadeprotocol dat van toepassing is op een ingeperkt gebied;

verzoekt de regering een nieuw schadeprotocol te maken waarin geen nieuwe contouren worden geïntroduceerd en contra-expertise wordt vastgelegd, zodat een nieuw op te richten schade-instituut in alle vrijheid en onafhankelijkheid kan oordelen over de schades,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Beckerman, Van Tongeren, Wassenberg, Nijboer en Sazias.

Zij krijgt nr. 410 (33529).

(...)

Mevrouw Agnes Mulder (CDA):
Voorzitter, dank. Ik lees eerst een motie voor. Vervolgens ga ik nog in op wat punten.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat de woningen van onze inwoners in Groningen versterkt moeten worden, omdat ze door de gaswinning niet meer veilig zijn;

overwegende dat de inwoners van de wijk Opwierde-Zuid in Appingedam tijdens de noodzakelijke versterking aan hun huizen geholpen zouden zijn met verduurzamingsmogelijkheden;

verzoekt de regering te komen met een pilot waarin woningeigenaren een aanbod wordt gedaan om, naast de versterking, van het gas af te kunnen, aangevuld met andere verduurzamingsopties, en daar de Kamer over te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Agnes Mulder, Jetten, Dik-Faber, Ye?ilgöz-Zegerius, Nijboer, Beckerman, Bisschop, Van Tongeren, Sazias en Wassenberg.

Zij krijgt nr. 412 (33529).

(...)

De heer Nijboer (PvdA):
Voorzitter. Ik kom op mijn motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat vanwege de aardbevingsproblematiek Groningers te maken hebben met grote onzekerheid over de toekomst;

overwegende dat Groningers investeringen in de regio nodig hebben voor het bieden van perspectief;

verzoekt de regering om samen met Groningen een toekomstplan op te stellen waarbij het Rijk financiële en inhoudelijke ondersteuning biedt, onafhankelijk van de hoeveelheid gaswinning,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Nijboer, Van Tongeren, Beckerman, Wassenberg en Sazias.

Zij krijgt nr. 415 (33529).

Beantwoording minister

Minister Wiebes:
De motie-Wassenberg op stuk nr. 408 is niet aan mij gericht. Ik ga er verder ook niets over zeggen.

De motie op stuk nr. 409 verzoekt de regering om binnen twee weken maatregelen te nemen. Er staat "de hand aan de kraan". Dat is niet de situatie zoals die is. De opsteller moet weten dat het niet binnen twee weken gaat. We willen allemaal dezelfde kant op en toch moet ik deze motie dan ontraden. Dat is jammer.

De motie op stuk nr. 410 gaat over een nieuw schadeprotocol waarin geen nieuwe contouren worden geïntroduceerd. Ik wil niet vooruitlopen op mijn gesprekken met de regio. Ik kijk nu naar de regio. Ik wil de regio nu niet onder druk zetten via een motie. Ik zou mevrouw Beckerman dus in overweging willen geven om deze aan te houden.

De heer Wassenberg (PvdD):
Voorzitter, nog heel even over de motie op stuk nr. 409. Misschien is de minister te streng, want er staat niet dat het al binnen twee weken naar 12 moet of binnen twee weken naar nul moet. Er moeten binnen twee weken maatregelen zijn en daarna moet er snel een plan komen om naar die 12 te gaan. Er staat niet wat er binnen die twee weken moet worden gerealiseerd, alleen dat er wel snel stappen moeten worden gezet.

Minister Wiebes:
"Verzoekt de regering binnen twee weken maatregelen te nemen om de gaswinning terug te dringen". Hoe moet ik dat doen? Moeten we binnen twee weken een fabriek sluiten of een pijpleiding aanleggen?

De voorzitter:
Tot slot.

Minister Wiebes:
We willen allemaal dezelfde kant op, maar als het onrealistische teksten worden, geef ik het op.