Bijdrage Wassenberg aan debat over de natuur


14 maart 2022

Dank, voorzitter. Allereerst een warm welkom aan de minister voor Natuur in haar eerste debat over natuur. Dan moet ik helaas met slecht nieuws beginnen, want het gaat heel slecht met de natuur in Nederland. Dat is een probleem voor de natuur, maar dat is ook een probleem voor onszelf, want we zijn onderdeel van de natuur en onderdeel van het ecosysteem. We zijn afhankelijk van een gezonde natuur. Het wordt ook steeds meer een juridisch probleem. Iedereen die hier zit, kent de uitspraak van de Raad van State van mei 2019 over stikstof. Op dit moment bereidt Greenpeace een rechtszaak voor tegen de Nederlandse Staat, omdat de natuur niet mag verslechteren. Dat gebeurt wel. Het gebeurt elke dag. Ondanks alle mooie woorden en goede voornemens is het stikstofoverschot in 2020 in de landbouw sinds de uitspraak van de Raad van State niet afgenomen maar toegenomen. Stikstof legt een steeds grotere druk op de toch al zeer overbelaste natuur. Nederland staat tegelijkertijd willens en wetens toe dat de natuur gesloopt wordt.

Ik zal dat even concreet maken. Op dit moment, terwijl we hier in debat zitten, verwoesten bulldozers en kettingzagen het 200 jaar oude Sterrebos in Born, Zuid-Limburg. In dat bos leven spechten, uilen, dassen, wezels, levendbarende hagedissen en verschillende vleermuizen, die strikt beschermd zijn onder de Habitatrichtlijn. De kap van dat Sterrebos is echt op geen enkele manier te rechtvaardigen in deze tijd van biodiversiteitsverlies en is mogelijk ook in strijd met de Habitatrichtlijn. Ik weet dat niet de minister maar de provincie de kapvergunning heeft verleend, maar de minister is verantwoordelijk voor de correcte toepassing van de EU-Habitatrichtlijn en de minister wordt daar mogelijk op afgerekend.

Daarover gaan mijn eerste vragen. Is de minister op de hoogte van de vuistregel van de Europese Commissie dat hoe slechter het gaat met een strikt beschermde diersoort, hoe minder er afgeweken mag worden van de natuurbeschermingsregels van die Habitatrichtlijn? En daaraan gekoppeld: realiseert de minister zich dat Nederland een inbreukprocedure riskeert door de kap van het Sterrebos? Mijn collega van de Partij voor de Dieren in het Europarlement heeft vragen gesteld over de kap aan de Europese Commissie. Die moeten binnen zes weken -- dat zal half maart zijn -- worden beantwoord. Kan de minister de kap met onmiddellijke ingang stilleggen totdat de Europese Commissie uitspraak heeft gedaan, dus half maart? Graag een toezegging. Ik heb vanochtend hierover een motie kunnen indienen, maar ik zou die heel graag intrekken na een toezegging van de minister.

Voorzitter. De kap van het Sterrebos wordt toegestaan omdat de vernietiging van de natuur gecompenseerd wordt. Zogenaamd dan, want die kap is onherroepelijk en dat bos ben je kwijt. Onderzoek van de Zuidelijke Rekenkamer liet jaren geleden zien -- ik zat toen zelf in de Provinciale Staten van Limburg, die medeopdrachtgever was -- dat waardevolle natuur verdwijnt om gecompenseerd te worden met waardeloze, soortarme nepnatuur. Dat kon omdat de natuurcompensatie niet werd, en niet wordt, gemonitord. Dus dat gebeurt nog steeds niet. Het geld wordt uitgegeven. Daarmee is aan de juridische plicht voldaan, dus wie maakt ons wat? Ik maak me er echt heel grote zorgen over. Bedrijven kunnen kappen en zetten er op papier iets tegenover. Het bevoegd gezag vindt het prachtig. Het geld wordt betaald, maar hoe het in de praktijk uitpakt, blijft volstrekt onduidelijk. Doorgaans gaat de natuur erop achteruit. Dat is wat de Zuidelijke Rekenkamer liet zien. Kan de minister de Algemene Rekenkamer verzoeken om de effectiviteit en monitoring van die natuurcompensatie eens onder de loep te nemen? Dus niet alleen van het Sterrebos maar in algemene zin, want als die natuurcompensatie wordt gebruikt om natuur te slopen zonder dat er soortrijke natuur voor terugkomt, foppen we onszelf.

Tot slot. Ik wil eindigen met de jacht. In Nederland wordt voor het plezier gejaagd op vijf soorten, waaronder de haas en het konijn. Met die soorten gaat het zo slecht dat ze op de rode lijst staan. De Tweede Kamer nam bijna een jaar geleden een motie aan om de haas en het konijn daarom van de lijst vrij bejaagbare soorten af te halen. Maar die motie is nog steeds niet uitgevoerd. In plaats daarvan vindt er onderzoek plaats naar de staat van instandhouding van de soorten. Weet de minister dat dat niet is waar de Kamer om vroeg? De Kamer vroeg om een verbod op de jacht op haas en konijn, niet om het zoveelste uitstelonderzoek. Is de minister bereid om die motie wel uit te voeren?

Dan wil ik de jacht nog iets breder trekken. De jacht is een van de grootste verstoringen voor vogels. In tijden van vogelgriep zit je er niet op te wachten, ook niet omdat zieke vogels in de bebouwde kom terechtkomen. Internationale deskundigen roepen daarom op tot een totaal jachtverbod, maar Nederland legt alleen een lokaal jachtverbod op bij uitbraken in pluimveebedrijven. Is de minister het ermee eens dat de verspreiding van de vogelgriep waar mogelijk gestopt moet worden? Kan de minister toezeggen dat zij een totaal jachtverbod gaat instellen zolang de vogelgriep in Nederland is?

Voorzitter, als allerlaatste. Met een toegewijde minister voor Natuur hoop ik dat natuur bij dit kabinet eindelijk de aandacht gaat krijgen die het verdient.

Dank u wel.