Bijdrage Wassenberg aan Begroting Landbouw, Natuur en Voed­sel­kwa­liteit 2022


1 december 2021

Ik begin met een vooraankondiging: ik zal tijdens mijn bijdrage met een welgemeend compliment voor deze demissionaire minister komen.

Voorzitter, over het Kroondomein hebben we uitvoerig gesproken tijdens de begroting van de Koning. En hoorden we de Koning drie weken geleden zeggen dat hij opnieuw subsidie voor Kroondomein het Loo zou vragen, maar dat dat nog een hele puzzel was. Sinds vorige week weten wij wat hij bedoelde: een puzzel om de miljoenensubsidie binnen te slepen, maar toch een groot deel van het Kroondomein te kunnen sluiten tijdens de jacht. Zogenaamd om de natuur rust te geven. Maar tijdens het broedseizoen, hét moment dat de natuur wel rust kan gebruiken, is het Kroondomein gewoon open. Het gaat wel dicht tijdens het jachtseizoen. Het Kroondomein gaat dus niet dicht om de natuur rust te gunnen, maar om jagers rust te gunnen tijdens de jacht. Geen pottenkijkers alsjeblieft. En dan bestaat nog steeds mist rond de subsidieverlening voor het Kroondomein.

Volgens emeritus hoogleraar notarieel recht Van Mourik is de rechtspositie van de Koning onduidelijk. In 1959 schonk Wilhelmina het Kroondomein aan de Staat, onder voorwaarde dat de opbrengsten van de jacht en bosbouw voor haar erfgenamen bleef. Dat wordt dan enigszins verhullend ‘vruchtgebruik’ genoemd. Professor Van Mourik betwijfelt of het juridisch houdbaar is dat de koning subsidie aanvraagt voor het beheer, omdat hij helemaal geen grondeigenaar is. Dat is de Staat. Ook betwijfelt Van Mourik of de Koning wel echt de vruchtgebruiker is, omdat vruchtgebruik bestaat bij de gratie van een notariële akte. Maar voor zover mij bekend is, is er nooit een recht van vruchtgebruik op het Kroondomein gevestigd.

Onlangs ontvingen we de zogenaamde schenkingsakte van het Kroondomein. Dit is echter niet hetzelfde als de notariële akte. Kan de minister toezeggen de notariële akte alsnog met de Kamer te delen? En als er geen akte bestaat, kan de minister dit aan de Kamer laten weten? Kan de minister ook aangeven hoeveel hectare de Koning maximaal kan afsluiten op basis van deze aanvragen?

Voorzitter, dierenambulances en wildopvangcentra zijn veel tijd en geld kwijt aan het verzorgen van slachtoffers van vogelgriep en ruimen van kadavers. De minister heeft een eenmalige subsidie van 50% van de kosten hiervan toegezegd. En omdat vogelgriep het hele jaar aanwezig kan zijn, moeten dode dieren snel worden opgeruimd. Is de minister bereid om in de tijd dat we wachten op het advies van het RDA over de zorgplicht voor wilde dieren in nood, alvast het budget aan te vullen en dierenambulances en opvangcentra structureel te vergoeden voor deze werkzaamheden?

Dan ga ik nu over op het onderwerp gehouden dieren.

Voorzitter, in Frankrijk nam de regering het verstandige besluit om eindelijk te stoppen met dolfijnenshows. Dat is fantastisch nieuws voor de dieren daar. In Nederland is het nog niet zo ver. Wel gaf de minister aan toe te zien op het nakomen van de afspraken met het Dolfinarium. Hoe gaat de minister dat doen? Kan de minister toezeggen, dat als de eerste deadline in 2024 niet wordt gehaald het klaar is: dus dat de dierentuinvergunning wordt ingetrokken?

Want voorzitter, ik heb weinig vertrouwen in de afspraken die met het Dolfinarium worden gemaakt. Ik ben er zelf vorig jaar gaan kijken, op uitnodiging van de Volkskrant. En wat ik daar zag wat onthutsend. De dierenshows zouden zijn aangepast en educatie zou een grotere rol spelen. Ik heb gezien wat dat betekent: dolfijnen moesten keihard rondjes zwemmen in een betonnen bak, met harde muziek en lichteffecten. Ook werd een dia vertoond met de tekst: gooi geen plastic op de grond, want dat komt uiteindelijk in zee terecht. DAT is dus de educatie die de dolfijnenshows rechtvaardigt!

Voorzitter, vorige maand zagen we bij Zembla hoe de export van orka Morgan naar een Spaans pretpark resulteerde in een drama, afspraken werden geschonden, en veel betrokkenen, inclusief de ambtsvoorganger van de minister, kijken daar nu met schaamte op terug. Ik wil de minister ervoor behoeden dat zij later ook in schaamte terug moet kijken op wat er nu dreigt te gebeuren. Want als het aan de minister ligt worden er straks 8 dolfijnen, 2 zeeleeuwen en 2 walrussen verkocht aan een Chinees pretpark. En ja, daar zullen ze door hoepels moeten springen en andere kunstjes doen, zoals in alle Chinese pretparken met dolfijnen.

De zaak is nog onder de rechter, maar ik wil de minister vragen om, wanneer de exportvergunningen van de dieren verlopen, toe te zeggen geen nieuwe te verlenen. Zeker omdat het Dolfinarium NU al heeft aangeven op termijn gewoon weer te willen gaan fokken. Nu verkopen, straks fokken, en dan: weer verkopen? Is dat het nieuwe cynische verdienmodel van het Dolfinarium? Graag een reactie.

Voorzitter, wat mijn fractie betreft kunnen we een groot aantal dierenwelzijnsproblemen in één keer oplossen: het snel invoeren van de positieflijst. Dat maakt namelijk het toezicht meteen een stuk overzichtelijker en maakt een einde aan het gesleep met exotische huisdieren. Voorzitter, in 1992 maakte de positieflijst al deel uit van de Gezondheids- en welzijnswet voor Dieren. Bijna 30 jaar geleden! En behalve een levendig praatcircuit heeft het nog niets tastbaars opgeleverd. Voorzitter, vindt de minister 30 jaar praten over de positieflijst ook lang genoeg? Wanneer verschijnt die lijst? In antwoord op vragen van collega de Groot schreef de minister dan de Kamer in het najaar een update zou ontvangen. Vandaag is de winter ingehaald.

En waarom is er niet gekozen voor de Belgische systematiek, want in België is er lang een positieflijst voor zoogdieren en sinds 2 jaar ook voor reptielen. Dat gebeurde ook nadat de rechter een eerdere versie had getorpedeerd, maar dat werd gerepareerd en de lijst bestaat. Waarom wordt er geen gebruik gemaakt van de Belgische expertise?

Voorzitter, de handel in huisdieren is tijdens corona geëxplodeerd. En na de eerste lockdown werden veel dieren weer net zo snel gedumpt. Het probleem bestaat al lang, maar is vorig jaar dus sterk gegroeid. Drie jaar geleden nam de kamer een motie van de Partij voor de Dieren aan, waar om onderzoek naar een verplichte bedenktijd voor de aanschaf van huisdieren gevraagd werd. Als toen stappen waren gezet, hadden we een deel van het leed van die coronapups kunnen voorkomen. Dus ik vraag de minister opnieuw: wanneer kan de Kamer de uitkomsten van het onderzoek tegemoetzien? En op welke termijn kunnen dan vervolgstappen worden gezet? Want het dierenleed gaat door, demissionair of niet.

En je bestelt net zo gemakkelijk een dier als een pak keukenrollen. Je kijkt een beetje rond op internet, kiest een dier en haalt het op. Allemaal stockfoto’s, allemaal gezellige gezinnen waar de pups worden geboren, en waar de goedmoedige eigenaar een leuk nieuw baasje voor de pups zoekt. In werkelijkheid zijn het grauwe fokschuren, vaak in voormalige Oostbloklanden. Hongarije is berucht. Ordinaire broodfok, waar niet het welzijn van het dier, maar de winst centraal staat. En waar de overheid zo goed als niets aan doet.

Voorzitter, eerder dit jaar tweette de inspecteur dierenwelzijn van de NVWA over de malafide hondenhandel: “het probleem is veel te groot om overal langs te gaan. Stop met het kopen van pups. Dan is de malafide handel afgelopen. Retweet aub zo vaak als het maar kan...” Dat illustreert de volstrekte machteloosheid van de NVWA. Uitgebeend tot op het bot. Vorig jaar heeft de NVWA geen enkele inspectie uitgevoerd bij fokkers en in huiselijke situaties. Vanwege coronamaatregelen en vanwege andere prioritieten. Welke andere prioriteiten in vredesnaam? Want aan twee derde van de taken komt de NVWA überhaupt niet toe. En de NVWA had vooraf al aangekondigd geen controles uit te voeren. De boodschap was: foute fokkers, ga je gang, wij vallen jullie niet lastig met controles. En dan hoorden we op dierendag een promopraatje van de NVWA, dat de dienst nu opeens wél zou gaan controleren. En nu? Striktere coronamaatregelen, opnieuw minder NVWA controles? Dat kan toch niet?

Kan de minister toelichten wat er nu daadwerkelijk gaat veranderen? En garanties geven dat de illegale hondenhandel nu echt aangepakt gaat worden? De minister gaf aan dat het kopen van een dier dat je wel hebt gezien ook niet zonder risico is. Maar is de minister het mij eens dat dit het bestellen van dieren de kans op misstanden wel vergroot? Hoe gaan de NVWA en de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) toezien houden op deze woekerhandel via internet? Graag een reactie.

En als laatste bij het blokje huisdieren: de ziekmakende uiterlijke kenmerken. Want nog steeds worden er honden en katten gefokt met zo’n platte snuit, dat ze niet goed kunnen ademen, en vaak voortijdig overlijden. Vliegmaatschappijen in Amerika weigeren dit soort honden nog te vervoeren, omdat er grote kans is op overlijden tijdens de vlucht. Of honden met zulke kleine bolle schedeltjes, dat de groeiende hersenen er snel niet meer inpassen en de dieren epilepsie en andere ziekten ontwikkelen.

Naar ik begrijp is het niet mogelijk om de verkoop van bepaalde honden- of kattenrassen te verbieden, maar een verbod op de verkoop van honden met ziekmakende uiterlijke kenmerken zou wel mogelijk moeten zijn. Ik vraag de minister: is zij bereid om de verkoop van dieren met bepaalde ziekmakende uiterlijke kenmerken te verbieden? Zoals die extreem platte snuiten of die extreem kleine bolle schedels?

Voorzitter, in de afgelopen drie jaar zijn bij vijf van de zes uitgevoerde controles op exotenbeurzen misstanden geconstateerd. Waarom worden er maar zo weinig controles uitgevoerd? Want de geconstateerde misstanden zijn ernstig. Slangen worden opgerold in voedselbakjes gehouden, veel dieren laten extreme stress zien. De minister schrijft dat zij onaanvaardbare zaken heeft gezien, en dat zij een verkenning laat uitvoeren over dierenbeurzen. Maar als de minister zietdat er onaanvaardbare misstanden zijn, en dat bij vrijwel elke exotenbeurs, kun je in afwachting van zo’n verkenning de boel toch niet de boel laten? Dan zet je daar toch voldoende handhaving op? Anders geef je het signaal af: doe maar raak met die dieren? Dus heel concreet: is de minister bereid om, in afwachting van de verkenning, de controle en handhaving alvast te intensiveren, want impliciet geeft de minister aan dat daar alle reden toe is.

En dan: niet alleen vanuit dierenwelzijn, ook vanuit het oogpunt van de volksgezondheid is het niet uit te leggen dat deze exotenbeurzen nog bestaan. De commissie Bekedam was duidelijk: stop met markten met levende dieren. De minister doet dit af als een waarschuwing voor afschuwelijke wetmarkets in het buitenland. Maar ook in Nederland zetten we een hoop verschillende diersoorten in kleine bakjes bij elkaar, en daarbovenop reizen aanwezige handelaren heel Europa door. Is de minister het met mij eens dat dergelijke beurzen door het internationale karakter, door het grote aantal exotische dieren, met soms onbekende ziekteverwekkers, een gevaar kunnen zijn de gezondheid van mens en dier? Want ik breng nog even in herinnering: virussen, bacteriën, andere ziekteverwekkers waren in 2021 niet demissionair en zullen dat ook nooit zijn.

Voorzitter, mijn laatste blok gaat over de visserij. En dan begin ik met eerst met een welgemeend compliment. De minister heeft zich in Europa hard gemaakt voor een vangstverbod op de makreelhaai. Dat is te prijzen. Ik hoop dat de minister ook stappen gaat zetten op een ander actueel onderwerp: pijnperceptie bij kreeften en octopussen. Want ja, ook die dieren kunnen pijn voelen. Maar nog steeds is het in Nederland toegestaan om krabben en kreeften levend te koken. Barbaars en extreem wreed. De doodsstrijd van deze dieren duurt minutenlang. Toch wil de minister er nog steeds niet aan om voor te schrijven dat octopussen en kreeften op een minder wrede manier gedood worden. Met verdoving dus.

Daarover zei de minister in 2018 nog: “Laat ik vooropstellen dat Nederland vooroploopt als het gaat om het ontwikkelen van bedwelmingsapparaten voor aquatische dieren.” Vooroplopen? Op wie? Vorige week lazen we dat het Verenigd Koninkrijk besloten heeft om kreeften, krabben, octopussen en inktvissen onder de Animal Welfare Bill te laten vallen, zeg maar de Britse dierenwelzijnswet. Dat wordt algemeen gezien als stap 1 in het verbieden van het levend koken van kreeften. Het Verenigd Koninkrijk is dan niet eens het eerste Europese land met zo’n verbod: in Zwitserland bestaat dat al langer. Zo’n verbod is volkomen begrijpelijk, gezien de inzichten op het gebied van pijnperceptie in gewervelde en ongewervelde dieren.

Al in 2005, 16 jaar geleden dus, adviseerde de Europese Voedselautoriteit om deze dieren daarom beter te beschermen. Kreeften hebben bewustzijn, vertonen complex gedrag en kunnen pijn ervaren schreef de Voedselautoriteit. Op basis van het onderzoek, dat toen, 16 jaar geleden dus, al bekend was. En er is sindsdien alleen maar meer bewijs bijgekomen, inmiddels zijn er meer dan 300 studies. Extra onderzoek is dus niet meer nodig voor het opstellen van beleid. Deze wrede praktijk past niet een beschaafd land. Kan de minister toezeggen dat zij stappen gaat zetten om tot een verbod op het levend koken van kreeften en krabben te komen?

Dan de paling. Daar gaat het ontzettend slecht mee. In Nederlandse wateren is het aantal palingen in 50 jaar met 97% afgenomen. ICES-biologen roepen al langer op tot een volledig vangstverbod, in de hoop dat de soort er dan weer een beetje bovenop kan komen. Nu adviseert ook de International Council for the Exploration of the Seas (ICES) een volledige stop op de palingvangst. Dit betekent ook dat palingkwekerijen moeten stoppen, want alle paling die zogenaamd gekweekt wordt, is eerst in het wild gevangen. Palingkwekerijen zijn geen kwekerijen, maar bedrijven waar gevangen, wilde palingen worden vetgemest.

Als oplossing voor de achteruitgang van de paling, heeft Nederland een herstelbeheerplan opgesteld. De gedachte daarachter is volkomen zot, ik heb er geen ander woord voor, namelijk om een deel van de gevangen jonge palingen toch weer uit te zetten. Dus je vangt palingen en laat een deel dan weer los. En dat heet dan herstel. Maar het is geen herstel, en het helpt ook niet. Ook daarmee moet gestopt worden, adviseert ICES.

Volgens de minister heeft de Europese Commissie het Nederlandse heerstelbeheerplan een voldoende gegeven. Maar met het recente ICES-advies is dat dus achterhaald. Hoe kijkt de minister naar het ICES-advies? Wat vindt zij ervan dat ICES-biologen zeggen: verbied de palingvangst en de palingkweek, die dus helemaal geen palingkweek is? Erkent zij dat extra maatregelen in Nederland onvermijdelijk zijn? Graag reactie van de minister.

Voorzitter, dan de controles in de visserij. Of het gebrek daaraan. De minister schrijft in haar brief dat controle en handhaving lastig is, omdat er veel regels zijn en de visserijpraktijk op zee niet transparant is.

Voorzitter, wat is dat voor onzin? Dat geloof je toch niet? Alsof de politie een drugslab niet ontmantelt omdat de drugsproductie niet transparant is en regels complex?

Dat er niet wordt gehandhaafd komt gewoon omdat de NVWA de boel ook hier niet op orde heeft. Er zijn in Nederland maar twee NVWA-inspecteurs zijn, die jaarlijks 400 miljoen kilo vis moeten controleren. En ja, dan zie je niet dat er gerommeld wordt met visrechten, dat ongewenste vis overboord wordt gegooid en dat de controles in de haven slechts bestaan uit een enkele steekproef, nota bene door het bedrijf zelf uitgevoerd! Wat kunnen die twee inspecteurs doen? Kijken of de stempels netjes binnen het vakje staan?

Dat het niet werkt, vindt ook de Europese Commissie, die Nederland vorig jaar op de vingers heeft getikt voor de ondermaatse fysieke en digitale controle.

En de kans is groot dat het daar niet bij blijft. Er ligt namelijk een handhavingsverzoek bij de NVWA, ingediend door ClientEarth, met de melding dat ze naar de rechter zullen stappen wanneer dat nodig is. Kan de minister aangeven wat ze tot nu toe, in reactie op de in gebrekestelling, aan concrete maatregelen heeft genomen bij de NVWA? Kan de minister ook toezeggen om de handhaving van de wet- en regelgeving met betrekking tot de visserij op orde te brengen?

Dank u wel voorzitter.