Bijdrage Wassenberg aan begroting Algemene Zaken en Koning 2023


11 oktober 2022

Dank, voorzitter. De koning is vandaag op staatsbezoek in Zweden. Dat betekent dat hij op deze herfstdag niet heeft kunnen wandelen in het Kroondomein, met of zonder geweer. Niemand heeft trouwens kunnen wandelen in het Kroondomein — in een groot gedeelte ervan — want het gaat nog steeds drie maanden per jaar op slot voor het publiek, ondanks dat een meerderheid in dit huis wil dat het Kroondomein, eigendom van de Staat, jaarrond openblijft. Dat blijft toch een hele vreemde constructie? De Staat is eigendom van het Kroondomein, maar de koning krijgt ook de komende jaren subsidie voor het beheer. Toenmalig landbouwminister Schouten heeft in 2021 aangegeven dat de koning vanaf dit jaar, 2022, geen subsidie meer zou ontvangen voor het beheer van het Kroondomein wanneer de koning dit zou sluiten voor een periode die langer duurt dan in de gebruikelijke subsidievoorwaarden staat. De koning ontvangt nu dus alleen subsidie voor de delen van het Kroondomein die hij niet afsluit. Dat leidt tot mijn eerste vraag aan de minister-president: betekent dit dat daarmee wordt erkend dat de subsidie in de periode 2016-2021 op onjuiste gronden is verleend? En zou het dan niet correct zijn om die onterecht verkregen subsidie terug te betalen? Ik zou daar graag een reactie op willen krijgen van de minister-president.

Daarnaast wil ik van de minister-president weten hoe het kan dat de koning überhaupt subsidie krijgt voor het Kroondomein, want dat recht komt alleen toe aan grondeigenaren en erfpachters. De koning is geen van beiden; de Staat is eigenaar. Mijn vraag is dus op grond van welke wettelijke basis de koning als niet-eigenaar recht heeft op de genoemde subsidies. Het is onbestaanbaar dat de minister-president, die nu waarschijnlijk zit te sms'en naar zijn ambtenaren — goed bewaren allemaal! — het risico laat bestaan dat ons staatshoofd op onwettige gronden miljoenensubsidies ontvangt. Daarover zal echt duidelijkheid moeten komen.

Dan de vraag of de koning als vruchtgebruiker van het Kroondomein aangemerkt kan worden. De minister-president zegt van wel en verwijst daarvoor naar de schenkingsakte uit 1959. In dat jaar schonk koningin Wilhelmina het Kroondomein aan de Staat, onder de voorwaarde dat het vruchtgebruik "de hoge schenkster toekwam", maar geldt dat ook voor de Kroondrager? Als de koning nog steeds vruchtgebruiker zou zijn, moet dat volgens hoogleraar notarieel recht professor Van Mourik zijn vastgelegd in de notariële akte, maar in de bestaande kadastrale boekhouding, die gebaseerd is op de openbare registers, is niets te vinden over dat vruchtgebruik. Van Mourik schreef daarover in het Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie en concludeert in dat artikel: "De conclusie kan geen andere zijn dan dat het rondom het Kroondomein een juridische janboel is." Ik heb dat artikel bij me; ik zou dat via de bode graag aan de minister-president willen geven.

Dan mijn vraag aan de minister-president: waarop baseert hij de stelling dat de koning nog steeds vruchtgebruiker zou zijn, net als indertijd koningin Wilhelmina? Waar is dat vastgelegd? Nogmaals, volgens juristen is die schenkingsakte dus niet het document waarin het vruchtgebruik door de kroondrager wettelijk is vastgelegd.

Voorzitter, tot slot nog iets over de inkomstenstijging in tijden waarin steeds meer Nederlanders het financieel moeilijk hebben. De toelage van de koning zal volgend jaar stijgen met €276.000, belastingvrij. Dat zijn bijna tien netto modale jaarinkomens. Dat is dan wat de koning erbij krijgt. Dat is niet uit te leggen in tijden waarin steeds meer Nederlanders het financieel nauwelijks meer kunnen bolwerken. Voorzitter. Prinses Amalia gaf vorig jaar aan voorlopig af te zien van de toelage van 1,6 miljoen die ze als achttienjarige zou krijgen. Het zou de koning sieren in deze zware tijden dat voorbeeld te volgen en af te zien van de stijging van zijn toelage. Dat zou van de koning een prachtig gebaar van solidariteit zijn met de Nederlandse bevolking. Graag een reactie van de minister-president.