Bijdrage Vestering aan nota­overleg groen in de stad


27 september 2021

Voorzitter, veel dank aan de initiatiefnemers voor het opstellen van deze nota. De Partij voor de Dieren erkent, net als de initiatiefnemers en de ministers, het belang van groen in de stad voor de gezondheid, biodiversiteit en het klimaat. Al jaren strijden we voor meer groen en behoud van groen, in steden en óók daarbuiten. En dat is belangrijk, willen we onze leefomgeving leefbaar houden, voor mens en dier.

Goed dat er nu voorstellen liggen om vergroening in de stad te stimuleren en aan te moedigen. Dank aan de indieners hiervoor en de onderlinge samenwerking die is opgezocht om te komen tot haalbare voorstellen. Maar er is ook een maar. We verkeren ons in een biodiversiteits- en klimaatcrisis. Steden warmen in rap tempo op en bomen en stadsbossen worden gekapt voor parkeerplaatsen en woningbouw. En soorten verdwijnen en de druk op de overgebleven soorten neemt toe. Zo is 50% van de egels verdwenen in 10 jaar tijd. 50%!

Dat is echt onacceptabel. We kunnen het ons niet langer permitteren om te streven naar groene steden op basis van haalbaarheid. “Streven naar” is niet genoeg, en ook een wedstrijd uitschrijven om te zien welke stad het groenst is, dekt niet de lading gezien de urgentie. In deze tijd is het ondenkbaar dat nieuwbouw niet natuurinclusief of energiepositief is. Anders blijft groen als een ondergeschoven kindje waar men naar streeft om rekening mee te houden. Puntje bij paaltje betekent dit dat natuur nog steeds aan het kortste eind trekt.

De Partij voor de Dieren is daarom blij met het meest concrete voorstel, en dat is om natuurinclusief bouwen in het Bouwbesluit op te nemen. Kan de minister aangeven waarom het Bouwbesluit ‘nu geen mogelijkheden’ biedt voor het opnemen van natuurinclusieve bouwnormen? Vindt de minister niet dat het bewerkstelligen van een gezonde en biodiverse leefomgeving taak is van de overheid en dat hiervoor kaders gesteld moeten worden? Graag reactie!

Ook is de Partij voor de Dieren voorstander van het opnemen van een kaderstellende groennorm, zoals de initiatiefnemers voorstellen, en welke de minister nu aan het onderzoeken is. Wij stellen voor om gemeenten op te roepen om tenminste 50 m2 kwalitatief en biodivers groen per inwoner te bewerkstellingen. Kan de minister toezeggen in haar onderzoek ook te kijken naar een minimale 50 m2 norm?

De rest van de voorstellen vinden wij zeker sympathiek, maar onvoldoende concreet gezien de crisis waar we in verkeren.

Dan voorzitter, wat vinden de initiatiefnemers dat de minister kaders moet stellen aan het gebruik van herbiciden en insecticiden, omdat ze aangeven dat het gebruik uit den boze is in de openbare en particuliere ruimte? De Partij voor de Dieren kan zich hierin vinden. Echter na jaren van debat ligt er nu een wetvoorstel die dit beoogt te regelen, maar welke ondertussen controversieel is verklaard. Zijn het CDA en Groenlinks voorstander ervan om dit wetsvoorstel z.s.m. te behandelen?

Tot slot, wat vinden de initiatiefnemers en de minister van het verbieden van vervuilende bladblazers? Volgens antwoorden op vragen stelde de minister dat het gebruikin groene zones niet verboden kan worden vanwege Europese regels, maar dat de blazer wel kunnen worden uitgefaseerd. Wat is er voor nodig dat gemeenten het gebruik uitfaseren?