Bijdrage Van Raan AO Klimaat


1 februari 2018

Voorzitter,

Allereerst wil ik de minister feliciteren met zijn optreden in Groningen. Het repareren van een deel van de schade van zijn voorganger. Dit schadeprotocol is natuurlijk symptoombestrijding (de bevingen worden er niet minder van) maar wel een eerste stap in de richting van erkenning van de gevolgen van de gaswinning voor de omwonenden.

Het is bovenal een teken aan de wand. Mensen pikken het niet meer dat hun recht op een gezonde en veilige leefomgeving terzijde wordt geschoven voor economisch gewin. Wie volgt? Omwonenden van de luchthavens met uitbreidingsplannen? Omwonenden van veehouderijen met gigantische fijnstofuitstoot? Omwonenden van chemiereuzen die giftige groenten eten uit hun eigen moestuin.

Dit is het eerste AO Klimaat sinds 2014. Er is veel te bespreken. De opgave waar we voor staan is niet misselijk. En de State of the Union van minister Wiebes die hij uitsprak tijdens het debat over de EZK begroting heeft ons bepaald niet gerust gesteld. Integendeel.

1

Met een beperkte blik op kostenefficiënte CO2 reductie wil deze minister alles blijven doen, volgens goed oud-Hollands recept. Toekomstige innovatie zal ons wel redden. En de CO2 die we uitstoten, stoppen we lekker onder de grond. Zo hoeven we tenminste geen concessies te doen aan onze manier van leven. Aan het nastreven van voortdurende economische groei. Het leven moet immers wel leuk blijven, benadrukte de minister. Een tunnelvisie, benadrukken wij.

Hoe zorgen we ervoor dat het oer-Hollands recept van ‘meer meer meer’ niet resulteert in een gifcocktail? Want dat is wel wat het dreigt te worden, voorzitter.

Willen we het ook leuk blijven houden voor de generatie na ons, dan zullen we toch echt breder moeten kijken. Niet alleen naar de korte termijn, maar ook naar de lange termijn. Niet alleen binnen onze eigen landsgrenzen, maar ook kijken naar de effecten van ons handelen daarbuiten. Niet alleen naar CO2 reductie, maar naar een totale omslag naar werkelijk duurzaam handelen.

2

Hiervoor is inzicht nodig. Inzicht in de effecten van beleidskeuzes. In de effecten van ons handelen. Hoe vaak zijn we nu al in een fuik gelopen van maatregelen die op het eerste gezicht duurzaam leken, maar een paard van Troje bleken te zijn? Ik noem biobrandstoffen, zoals palmolie. Ooit binnengehaald als DE oplossing, totdat duidelijk werd hoeveel landbouwgrond moest worden opgeofferd aan de teelt van die biobrandstoffen en hoeveel regenwouden er worden gekapt en in brand gestoken om ruimte te maken voor palmolieplantages.

Voorzitter, Het recept moet wel degelijk veranderen. Al was het alleen maar omdat de ingrediënten bijna zijn uitverkocht. Omdat we deze uit andermans handen graaien. Neem biomassa. We kunnen niet oneindig EN in ons eigen voedsel voorzien EN waanzinnige hoeveelheden vee voeren EN energie opwekken EN vliegen EN varen.

Het moet niet alleen anders, het moet ook minder.

De gifcocktail moet een donut worden om binnen de grenzen van de planeet te blijven..

3

Durft de minister nu de keuze te maken om de heilige huisjes aan te pakken? De heilige huisjes die al tijdens de kabinetsformatie taboe zijn verklaard. Inzetten op verandering van consumptie bijvoorbeeld. We komen er niet onderuit om ook op dat gebied een transitie in te zetten.

De uitstoot van methaan in de intensieve veehouderij is in de afgelopen 16 jaar niet afgenomen. Het aandeel van de landbouw in de totale methaanuitstoot is daardoor opgelopen van 47% in 1990 tot 68% in 2016. Alle technische innovaties ten spijt. Waarbij we onszelf rijk rekenen door de uitstoot die gepaard gaat met de productie van veevoer, elders, niet mee te rekenen in de impact. En dat zijn geen kleine hoeveelheden; jaarlijks maar liefst net zoveel als vijf miljoen huishoudens aan stroom gebruiken. Dit kunnen we niet zo laten voortbestaan als we serieus de klimaatdoelen zeggen te willen halen.

4

Voorzitter,

Op dit moment zit er nog een mijlenver gat tussen papier en werkelijkheid (de ambitie van dit kabinet en de feitelijke cijfers).

Nederland heeft nog nooit doelstellingen op het gebied van klimaat behaald en is op de Climate Change Performance Index 2018 dan ook geclassificeerd als ‘Low performer’. De reden dat we niet helemaal onderaan staan, is dat we een goede score krijgen voor Climate policy. De praatjes zijn goed, maar nu nog de actie!

Des te meer, zoals al eerder besproken, omdat het PBL berekende dat met het aangekondigde beleid slechts de helft van de doelstelling kan worden bereikt. Daarbij gaat het grootste deel van de maatregelen ook nog eens in na de zittingsperiode van dit kabinet.

Dit kabinet streeft een lineaire reductie en een geleidelijke transitie na. Terwijl we te maken hebben met een versnelling van smeltend ijs op Antarctica. Als we wachten tot 2030, hebben we de kans gemist om onder de 2 graad opwarming te blijven, schreven onderzoekers uit Manchester afgelopen oktober. Het Europese koolstofbudget is namelijk al in 2026 verbruikt.

Dit kabinet werkt met reductiedoelen, terwijl het rekenen met het beschikbare koolstofbudget veel doeltreffender zou zijn. Dan weet je pas wat de horizon is en kun je gerichte keuzes maken. Anders blijven we stuurloos ronddobberen. Is de minister bereid hier naar te kijken?

Is de minister tevens bereid te onderzoeken hoe we in het dagelijks leven meer inzicht krijgen in de klimaatimpact van ons handelen? Door bijvoorbeeld, naast de ingrediëntendeclaratie, ook een klimaatimpacttabel in te voeren voor producten zoals voedingsmiddelen? Om zo mensen te helpen om klimaatvriendelijke keuzes te maken.

Door bijvoorbeeld het klimaateffect en de verwachte CO2 uitstoot mee te nemen als onderdeel van een milieueffectrapportage voorafgaand aan de uitvoering van geplande projecten?