Bijdrage Thieme Spoed­debat over het niet uitvoeren van een aange­nomen motie over­heids­con­trole op slacht­huizen en veetrans­porten.


28 april 2011

Bekijk de bijdrage via debatgemist.nl


Mevrouw Thieme (PvdD): Voorzitter. Ik zal een stuk voorlezen uit mijn eerder ingediende en aangenomen motie. De Kamer "verzoekt de regering, de controle op veetransporten en slachthuizen niet meer aan de sector over te laten, maar geheel in overheidshanden te nemen en de Kamer binnen drie maanden over de voortgang te rapporteren". Deze motie (26991, nr. 304) heb ik op 12 januari 2011 ingediend. De voortgangsrapportage had dus deze maand binnen moeten zijn. Dat is niet het geval.

De Kamer wilde bij meerderheid een einde aan de zelfregulering. We hebben moeten constateren dat na jarenlange beloften vanuit de vee- en vleessector en vanuit kwaliteitssystemen die steeds weer een andere naam kregen en waarvoor weinig draagvlak bestond binnen die sector, het nu afgelopen is en de overheid de controle in handen moet nemen.
Wat schetst echter onze verbazing, al was dit eigenlijk wel te voorspellen: de staatssecretaris weigert de motie uit te voeren. Dat is dramatisch voor de 675 miljoen dieren die jaarlijks in 400.000 transportbewegingen vervoerd worden. Het is daarbij mijns inziens onoverkomelijk voor de Kamer om zoiets te accepteren. Dit is namelijk de zoveelste keer dat een motie niet wordt uitgevoerd. Ik herinner de Kamer in dit verband aan de motie om een moratorium op megastallen uit te voeren. Ik herinner de Kamer bovendien aan een motie om alternatieven voor de zwijnenjacht te zoeken. Ik herinner ook aan de aangenomen motie om vooral eerst een preventieve toetsing van huisvestingsystemen voor landbouwdieren toe te passen in de regelgeving. Ook die motie is niet uitgevoerd. Een in de Eerste Kamer breed aangenomen motie om de nVWA onder het ministerie van Volksgezondheid te plaatsen, wordt door de staatssecretaris genegeerd. Stelselmatig worden moties dus niet uitgevoerd.

De staatssecretaris wekt in ieder geval de schijn dat hij alle ruimte en vertrouwen wil geven aan de vee- en vleesindustrie. Hij zegt dit ook vaak. Dit is een heel duidelijke CDA-traditie, want al zijn CDA-voorgangers deden precies hetzelfde. Die traditie kost echter levens en niet alleen van miljoenen dieren. Het beleid dat gevoerd is onder bewind van het CDA heeft ook mensenlevens gekost, bijvoorbeeld bij de Q-koortsepidemie. De reden hiervoor is dat de sector, de vee-industrie, alle ruimte krijgt. Economische belangen prevaleren boven die van de volksgezondheid of van het dierenwelzijn. De staatssecretaris geeft dus vertrouwen aan de sector. Vertrouwen komt echter te voet en gaat te paard. De staatssecretaris zal dit adagium wel kennen en het zal hem ook aanspreken. De veesector moet dat vertrouwen terugwinnen, omdat de sector gezien de vele misstanden nog geen vertrouwen verdient. De sector moet dan ook de controles van de overheid op de diertransporten zelf betalen. Die zijn dus voor eigen rekening. Daarmee is het dan ook afgelopen met de freeriders, met de slager die zijn eigen vlees keurt. Het moet afgelopen zijn met de taferelen van de transporteur Keus & Mollink die de dieren vervoert zoals op deze foto's te zien is. Deze foto's zijn van vorige week en dit gaat gewoon zo door.
Wij hebben een kwaliteitssysteem genaamd QLL. Dat beestje krijgt telkens een andere naam. Het is een privaat systeem. Nog maar 74 van de 1700 transporteurs blijken daarbij aangesloten te zijn. Er is dus geen draagvlak hiervoor. Er worden nauwelijks controles uitgeoefend. Dit moet afgelopen zijn. Hoelang kan de Kamer nog gedogen dat de staatssecretaris de moties niet uitvoert?

De heer Graus (PVV): Voorzitter. Wij houden vandaag het zoveelste spoeddebat over wantoestanden bij slachthuizen en veetransporten. Zelf heb ik menig debat aangevraagd, ook wel eens spoedloos, en vele moties ingediend. Ik vind als geen ander dat aangenomen moties, vooral moties die te maken hebben met respect en fatsoen tegenover dieren, gewoon moeten worden uitgevoerd.(…). Het is nog niet zo ver, maar de dierenpolitie komt er en zal de mensen keihard aanpakken. Daarom verzoek ik de staatssecretaris om, totdat de dierenpolitie er is, de motie-Thieme met spoed uit te voeren en om, met de middelen die hij al heeft, samen met zijn collega van Justitie deze mensen aan te pakken.

Mevrouw Thieme (PvdD): Ik vind het heel fijn om te horen dat de heer Graus mijn motie blijft steunen. Het pleit voor hem dat hij al sinds jaren vraagt om meer controles op diertransporten. Ook het instellen van een dierenpolitie is een belangrijk uitvloeisel van zijn pleidooien van de afgelopen jaren. Daarvoor hulde. Echter, wij zien ook dat de staatssecretaris telkens weer moties niet uitvoert. Ondanks dat er een spoeddebat is gehouden over alternatieven voor de zwijnenjacht, heeft hij gevraagde maatregelen niet uitgevoerd. Hoelang kunnen wij dit nog gedogen?

[...]

De heer Graus (PVV): Deze motie moet gewoon worden uitgevoerd. Soms kan een bewindspersoon mij ervan overtuigen dat het beter is een bepaalde motie niet uit te voeren en deze even aan te houden, bijvoorbeeld omdat het te vroeg is om de motie uit te voeren. In dit geval wil ik de staatssecretaris vragen iets aan de misstanden te doen en speciaal deze motie van mevrouw Thieme uit te voeren.

[...]

Mevrouw Thieme (PvdD): Ik hoor hier duidelijk een opening. De heer Graus zegt dat hij zich erbij kan neerleggen als de staatssecretaris hem ervan kan overtuigen dat het nu nog niet opportuun is om die motie uit te voeren, maar we hebben hierover al eens een debat gevoerd. De staatssecretaris zei toen: we gaan het niet voor 100% door de overheid laten uitvoeren, want dat is onmogelijk. Toch heeft de heer Graus daarna mijn motie gesteund. Met dit argument kan hij dus niet komen.

De heer Grashoff (GroenLinks): Voorzitter. In dit debat over diertransporten zou ik het over een heel bijzondere diersoort willen hebben: het diersoort der Kamerleden. Het is geen slachtvee en ook geen fokvee; het blijven exact 150 Kamerleden. We zijn allen stemvee en daarin blijven we allen gelijk. Het lijkt er echter op dat de staatssecretaris zich meer en meer beroept op een oude klassieker, die we allemaal kennen: all animals are equal, but some are more equal than others. Het lijkt daaruit voort te komen dat moties uit de koker van de oppositiepartijen enigszins anders worden behandeld dan moties uit de koker van de regeringspartijen CDA en VVD. Dat gaat niet aan.We hebben het nu over een specifiek voorbeeld, de motie van mevrouw Thieme over de veetransporten, maar intussen hebben we een aardig rijtje kunnen verzamelen. Daarbij horen moties die naar de uitleg van de staatssecretaris wel worden uitgevoerd, maar eigenlijk op zo'n manier halfslachtige en slechte manier dat de wens van de Kamer uiteindelijk niet gestand wordt gedaan. Ik kan daaraan ook de onlangs aangenomen moties over de megastallen toevoegen, zowel die van mij en mevrouw Van Veldhoven als die van mevrouw Ouwehand en mevrouw Jacobi. De ene motie wordt niet uitgevoerd met een argumentatie die de uitvoering van de andere motie uitholt.Dit kan zo niet doorgaan. Hoe kort ik nog maar lid ben, ook bij mij is de irritatie inmiddels zeer hoog opgelopen. Moties moeten worden uitgevoerd of we hebben een echt debat over de onuitvoerbaarheid van die motie. Dan kunnen we er scherp met elkaar over debatteren, maar de minister mag niet tussen de regels door moties geheel niet uitvoeren of zo slecht uitvoeren dat wij het nakijken hebben.

Staatssecretaris Bleker: Wij hebben op verzoek van de Kamer de heer Vanthemsche gevraagd opnieuw onderzoek te doen, zoals hij enige tijd geleden ook heeft gedaan. Hij zal in beginsel datgene herhalen wat hij drie jaar geleden heeft gedaan. Hij zal ook de punten die in de motie staan expliciet in zijn onderzoek betrekken. Het rapport komt rond de zomer en wordt u direct toegestuurd. U kunt in september een reactie van de regering op dat rapport verwachten.

[...]

Ik kom bij de motie, maar eerst even de feiten. De regering heeft ingaande 1 januari 2011 de capaciteit voor toezicht op veetransporten vanuit de nVWA met 10% verhoogd. U treft in de brief aan dat bijvoorbeeld het aantal inspecties op de weg aanzienlijk wordt vergroot. Hoeveel deelnemers zijn aangesloten bij het kwaliteitssysteem van het bedrijfsleven? 90% van de Nederlandse langeafstandsvervoerders is aangesloten bij het kwaliteitssysteem en 60% van de korteafstandstransporteurs. Na 1 juli 2011 zullen alle IKB-aangesloten varkenshouders via aan het kwaliteitssysteem deelnemende transporteurs hun dieren dienen te transporteren. Dat is een verordening van het productschap. Zij hebben zelfs geen gelegenheid meer om dat op een andere manier te doen. Het aantal IKB-aangeslotenen in de varkenshouderij is 95%. Dat betekent dat 95% van de varkenshouders de dieren behoort te transporteren via gecertificeerde en gekwalificeerde vervoerders. Ik wil even het beeld te kantelen dat mevrouw Thieme schetst dat het bedrijfsleven niks doet. Wij zijn er nog niet, maar er worden echt belangrijke stappen voorwaarts gezet: 90%, 60%, 95% van alle varkenshouders.

Mevrouw Thieme (PvdD): Ik heb even gekeken op de website van QLL en daar staat een lijst van deelnemende transporteurs. Ik meen dat er 1700 zijn in Nederland en 74 daarvan staan op de deelnemerslijst. Ik heb ze zelf geteld. Ik weet niet waar de staatssecretaris zijn cijfers vandaan haalt, maar dat staat in ieder geval op de website van QLL. Met betrekking tot het dierwaardig vervoer daarvoor waren het er ook maar 120. Dat is minder dan 5% van het totaal aantal transporteurs. De staatssecretaris spreekt over andere partners in de keten die dan ook voornemens zijn om mee te doen. Verwacht hij dat zij voor de zomer allemaal ook gecertificeerd zullen zijn, zodat wij te maken hebben met een sector die 100% is aangesloten bij QLL?

Staatssecretaris Bleker: Ik verwacht niet dat dit per 1 juli aanstaande het geval is, maar als 95% van de varkenshouders volgens een verordening van het productschap de dieren uitsluitend mag laten transporteren via een aan een kwaliteitssysteem gebonden transporteur, zal daarvan zeker een impuls uitgaan naar de transportsector om dat te doen, omdat het een ticket is om überhaupt te mogen transporteren.

Mevrouw Thieme (PvdD): Wat vindt de staatssecretaris ervan dat Ernst & Young in zijn rapport aangeeft dat de controlerende instantie, die ook bij QLL betrokken is - dat is de ViaNorm - in 2009 slechts 14 fysieke controles heeft uitgevoerd, dat wil zeggen de dieren zelf echt heeft gezien? Er zijn 400.000 transportbewegingen.

Staatssecretaris Bleker: Dat vind ik veel te laag. De controle en het toezicht op de bedrijven die met dat certificaat werken en op het QLL-systeem zijn aangesloten, moeten worden aangescherpt. Dat zal in de komende tijd ook aan de orde komen in het overleg met de sector. Wij zijn er nog niet, maar wij zijn verder dan het moment waarom mevrouw Thieme haar motie indiende. Bovendien hebben wij de capaciteit met 10% verhoogd. In de derde plaats - ik merk dit ook op aan het adres van de heer Graus - kunnen wij ons met de bedrijven die in toenemende mate aan het kwaliteitssysteem zijn verbonden en daarop ook worden beoordeeld, nog meer richten op de bedrijven die niet zijn aangesloten. Dan kunnen wij de pakkans vergroten van degenen over wie de heer Graus sprak. Het is ook een mogelijkheid om te focussen op de bedrijven waarvan je meer het vermoeden hebt dat het niet goed gaat dan op de bedrijven waarvan je iets minder het vermoeden hebt dat het niet goed gaat. Dat is ook een manier. Daar kan ook de dierenpolitie een rol bij spelen. Ik wil er nog een opmerking aan toevoegen. De nVWA blijft controleren. Het belangrijkste verschil tussen het transport door bedrijven met het kwaliteitssysteem en het transport door bedrijven zonder dat systeem is de plaats waarop de inspectie plaatsvindt. De faciliteit die wij aan deze bedrijven bieden, is dat wij de inspectie in de stal doen en niet op de klep. Dat is het verschil. De controlebevoegdheid en de -inspanning van de nVWA is formeel noch materieel overgedragen aan het bedrijfsleven. Het bedrijfsleven neemt alleen wel een scherpere verantwoordelijkheid.

Mevrouw Thieme (PvdD): Die controle in de stal wordt op verzoek van de boer gedaan. De VWA-arts is daar niet altijd aanwezig; het is op verzoek van de boer, als hij twijfelt. De staatssecretaris zei zojuist dat hij het erg weinig vond wat er in de private controlesector gebeurt, namelijk maar 14 controles in 2009. Nu heeft hij het er vol trots over dat de overheid 10% meer zal controleren. Van 2500 controles gaat het dus naar 3000. Op 400.000 transportbewegingen! Dat is dus maar 0,5% van alle transporten waarop door de overheid wordt gecontroleerd. Dat is toch ook veel te weinig? Dat wil ik de staatssecretaris duidelijk meegeven.

Staatssecretaris Bleker: Maar in een tijd waarin bijna alles minder moet, is het toch wel knap werk dat wij de capaciteit wat betreft de diertransporten met 10% hebben verhoogd. Ik heb ook goede hoop dat er nog mogelijkheden zijn om er een schepje bovenop te doen door de brief die de heer Opstelten en ik de Kamer presenteren over de dierenpolitie.

Mevrouw Thieme (PvdD): Als wij zo zouden redeneren met snelheidscontroles en het aan de private sector zelf zouden overlaten, zou dat gebeuren door de ANWB of de Bovag. Maar daar kiezen wij ook voor 100% overheidscontrole. Waarom zou dat voor 0,5% van alle diertransporten niet gebeuren? Dat gaat toch nergens over?

Staatssecretaris Bleker: Er wordt geen controlebevoegdheid overgedragen aan de private sector. De private sector behoort een zwaardere rol te krijgen om ook zelf dingen goed te doen en daarop toe te zien, en dat gebeurt ook. Maar dat laat onverlet -- ik kijk ook even naar de heer Van Dekken -- dat de controleverantwoordelijkheid en -bevoegdheid een unieke overheidstaak is, die blijft. Die kan misschien nog worden versterkt door toevoeging van de dierenpolitie.

[...]

Ik zeg u toe dat ik in de loop van september, ook naar aanleiding van het rapport van Temse, nog eens nader in zal gaan op de wijze waarop de kwaliteit van de kwaliteitssystemen van de private sector is geborgd. Ik vind dit namelijk een belangrijk punt, ook aangedragen door mevrouw Thieme, alhoewel zij in principe helemaal niet voor kwaliteitssystemen in de private sector is, geloof ik. Maar als het dan gebeurt, is het belangrijk dat het goed gebeurt.

[...]

Alle overheidsdiensten hebben te maken met bezuinigingen en kortingen op personeel. Dat geldt ook voor de nVWA. Als je in die periode de capaciteit voor toezicht en controle op diertransporten met 10% kunt verhogen, dan vind ik dat ik laat zien hoe belangrijk ik dat vind. Ik vind het namelijk in essentie net zo belangrijk als mevrouw Thieme en alle anderen. Dat soort foto's kan altijd blijven voorkomen, maar dat is mij ook echt een ergernis. Ik hanteer het principe dat je goed voor je dieren moet zorgen, vanaf de geboorte tot in het slachthuis. Als je een beetje lef hebt, ga je bij je eigen dier ook mee naar het slachthuis. We hebben de capaciteit met 10% verhoogd, wat ik een belangrijke stap vind. Verder komt er een brief over de dierenpolitie, waarin zal worden ingegaan op de vraag of het mogelijk is om bijvoorbeeld bepaalde specifieke inspecties, vliegende brigades of wat dan ook eens heel gericht een tijdje op bepaalde diertransporten te zetten. Dan is het misschien mogelijk -- dat zal blijken uit de brief -- om de mensen van de dierenpolitie en de nVWA daarin gezamenlijk te laten optrekken. Dat kan de effectiviteit en de pakkans vergroten.

[...]

De cowboys die het op een foute manier doen, kunnen het verpesten voor de rest. Daarom is de verordening van het productschap zo belangrijk, waarbij je aangesloten moet zijn op het systeem. Ik geef de heer Grashoff toe dat dit systeem dan ook goed moet zijn. Als je niet aangesloten bent, val je buiten de boot. Dan kun je niet bij de varkenshouder de varkens ophalen of brengen.

Mevrouw Thieme (PvdD): Voorzitter. Ik moet constateren dat de staatssecretaris geen antwoord heeft gegeven op de vraag van diverse fracties en van mij waarom moties die met name door de oppositie zijn ingediend en die zijn aangenomen door de meerderheid van de Kamer, telkens niet worden uitgevoerd. Dat laatste gebeurt stelselmatig, want het gaat niet alleen om de onderhavige motie. Ik wil daar graag een reactie op. Ik proef ook bij de fractie van de Partij voor de Vrijheid dat het voor haar geen halszaak is om de staatssecretaris het mes op de keel te zetten om toch door te gaan met 100% controle door de overheid. Ik dien daarom de volgende motie in.

[...]

De heer Graus (PVV): Het heeft geen zin om iemand, ook figuurlijk, een mes op de keel te zetten, als de tijd daar niet rijp voor is.

Mevrouw Thieme (PvdD): Kern van het probleem is -- en dat is kennelijk niet genoeg duidelijk -- dat dit een slepende zaak is. Al decennia lang hoor ik CDA-ministers vóór deze staatssecretaris steeds weer zeggen dat we de sector vertrouwen moeten geven, dat we moeten overleggen met de sector, de Dierenbescherming er nog even bij moeten halen; dan komt het allemaal vast goed. Maar het komt niet goed, het is misstand na misstand. Het gaat om miljoenen dieren die jaarlijks over de kling worden gejaagd. Deze zomer zullen er ook weer dieren worden vervoerd zonder eten en drinken en zullen mensen zich weer vol schaamte afwenden van deze taferelen. Ook u, meneer Graus, zegt nu weer: laat de staatssecretaris nog even met de sector overleggen, laten we ze nog een kans geven. De fractie van de Partij voor de Dieren gaat daar in elk geval niet mee akkoord.

[...]

De heer Graus (PVV): Ik heb ook gezegd dat ik het commentaar van de staatssecretaris in eerste termijn afwacht. Hij heeft gezegd dat onze dierenpolitie -- want zij is toch eigenlijk van ons allemaal en voor alle dieren -- ook daarvoor wordt ingezet. Hij heeft het over de groei van 10% gehad en over trechteren: hij zei dat we kunnen gaan trechteren en meer controle houden op de hufters binnen de transportsector en slachterij.

[...]

Mevrouw Thieme (PvdD): Deze staatssecretaris is blij met een 10%-verhoging van het aantal controles -- wat in dit geval betekent van 2500 naar 3000 controles per jaar -- en op 400.000 vervoersbewegingen gaat dat dus om 0,5% van alle transporten. Stel je voor dat we zo zouden redeneren over snelheidscontroles of andere controles die wij belangrijk vinden voor de veiligheid van mensen, dat we daarbij maar 0,5% zouden controleren in plaats van 100%, of een behoorlijk en substantieel aantal... 0,5% is echt een lachertje! Het geeft duidelijk aan dat dierenwelzijn geen prioriteit heeft voor dit kabinet en dat de gedoogpartner er niet genoeg energie in wil steken om dat te veranderen.
Tot slot wil ik heel graag de volgende motie indienen, juist met het oog op de waarschijnlijk erg warme zomer die we tegemoet zullen zien. We kennen allemaal de oververhitte veewagens die naar Italië gaan, met Nederlandse transporteurs. Daarom de volgende motie.

[...]

De heer Graus (PVV): De staatssecretaris zegt dat er een brief komt en dat de dierenpolitiemensen mogelijk ook worden ingezet bij de veetransporten, wat een langgekoesterde wens van ons is. Dan moeten wij dat toch het voordeel van de twijfel geven? Ik vind de reactie van de PvdA-fractie echt onbegrijpelijk.

Mevrouw Thieme (PvdD): De heer Graus heeft in eerste termijn van mij complimenten gekregen voor die 500 animal cops. Wij zijn een van de weinige oppositiepartijen die aangeven blij te zijn met deze animal cops. Het is echter een druppel op de gloeiende plaat, gelet op de 400.000 transportbewegingen en de 675 miljoen dieren die jaarlijks worden getransporteerd en overal heen worden gesleept. De heer Graus kan niet wegkomen met 500 animal cops, als ondertussen met de goedkeuring van de PVV-fractie bezuinigd wordt op de VWA.
Mevrouw Thieme sprak over snelheidscontroles. Ik rijd ook wel eens te hard en ik was tot nu toe zo gelukkig om niet te worden geflitst. Als ik word gepakt, heb ik pech. Maar in dit geval gaat het niet om een bonnetje, maar om dierenlevens! Dat is een heel ander verhaal. Er moet zo veel mogelijk worden gecontroleerd, maar als weldenkend mens realiseer ik mij dat wij niet iedere veewagen kunnen controleren. Dat kan gewoon niet.

[...]

Staatssecretaris Bleker: Ik kom op het opgeroepen beeld en de feiten. De heer Grashoff, een beetje gevoed door mevrouw Thieme, schetste een beeld alsof de controles kwantitatief niets voorstellen. Ik geef de feiten. Alle exporten worden ter plekke, bij het opladen van de dieren, fysiek gecontroleerd. Dat zijn geen 1000 exporten, geen 10.000, dat zijn 45.000 controles per jaar. Alle aanvoer bij de slachthuizen van veetransporten wordt ter plekke gecontroleerd. Dat zijn geen 1000, geen 10.000, dat zijn tienduizenden controles per jaar. Wij hebben het dus al snel over tussen de 80.000 en 100.000 fysieke, feitelijke controles. Dit zeg ik om even het beeld weg te werken dat wij het maar aan de sector overlaten en dat de overheid haar controlerende taak niet uitvoert.
Nu gaat het erom, het beter te doen. Ik wil dolgraag met name het transport op de weg meer controleren. Wij hebben al een stap gezet, en ik ben van plan om dit in 2012, 2013 verder op te voeren. Dit wat betreft de feiten. Dan kom ik op de nalevingspercentages, waarover de heer Grashoff en anderen spraken. In het debat, onder anderen met de heer Graus, over de nVWA heb ik gezegd dat ik bij de nVWA toe wil naar een systeem dat vergelijkbaar is met de wijze waarop men in de politiesector de targets formuleert. Daarbij komen zaken aan de orde als hoeveelheid capaciteit per type overtreding, inspectiefrequenties op het totaal van de bewegingen, nalevingspercentages en pakkans. Voor een deel is dit te kwantificeren, voor een deel niet.

Om een voorbeeld te geven: als je het vermoeden hebt dat er in de illegale hondenfokkerij en de illegale hondenhandel gedoe is en dat het daar niet goed gaat, zijn niet zozeer de percentages van belang -- het gaat daarbij niet om de orde van grootte van duizenden -- als wel de aanpak. Daarbij moeten dingen gebeuren als: vier maanden lang, op een heel slimme manier, goed voorbereid door de nVWA en de dierenpolitie, teams erop zetten die door het land heen werken, ook 's avonds en 's nachts, en met moderne opsporingstechnieken. Naar zo'n systeem van sturing en vervolgens verantwoording van de nVWA wil ik toe. Dit sluit aan bij het punt van de heer Grashoff over de nalevingspercentages. Daaraan moet nog worden gewerkt. Ik heb de Kamer beloofd dat wij aan het eind van het jaar met zo'n prestatiesysteem en beoordelingssystem van de nVWA zullen komen. Daaraan kunnen wij ook de inspanningen van de dierenpolitie verbinden.

De heer Grashoff (GroenLinks): In mijn bijdrage in tweede termijn heb ik heel specifiek een nalevingspercentage van 98% gemeld. Hoe staat de staatssecretaris daartegenover? Is hij bereid om dat tot norm te verheffen?

Staatssecretaris Bleker: Ik vind het veel te vroeg om dat nu te doen. Wij moeten naar dat systeem toe. Ik vind het te gemakkelijk om nu te zeggen dat wij dit generiek zullen hanteren. Ik kan het wel zeggen, maar dat vind ik een loze belofte. Aan het eind van het jaar wil ik heel precies aangeven wat die 98% is in vergelijking met de situatie nu. Zitten wij nu op 97%? Dan is 98% makkelijk. Maar als wij nu op 60% zitten, is 98% moeilijk.

Mevrouw Thieme (PvdD): Aangezien het over de export ging, laat ik een foto zien van een transport door Keus & Mollink. Tegen die transporteur is in 2009 ook al een aanklacht ingediend bij de VWA. Dit is door Eyes on Animals op de foto gezet. Ik vraag de staatssecretaris of hij kans ziet om na te gaan hoe dit transport is verlopen en mij daarover te informeren. In 2009 is deze beruchte transporteur ook al de fout ingegaan. Ik zou graag weten of hij de speciale aandacht heeft van de VWA.

Staatssecretaris Bleker: Daar doe ik mijn uiterste best voor. Kan ik het door mevrouw Thieme getoonde trouwens ontvangen? Het is van deze afstand namelijk niet te zien. Dan wat betreft het punt van de heer Van Gerven over moderne hulpmiddelen. Ik heb in de reactie op de motie gezegd een en ander te zullen inventariseren. Dat gebeurt met de intentie om het te implementeren. Ik ben ook bereid om het bedrijfsleven te ondersteunen bij de implementatie van bijvoorbeeld gps. We maken daar serieus werk van. Mevrouw Thieme stelde dat mijn opstelling een voorbeeld is van stelselmatig niet-uitvoeren van moties. Er is een motie over de nVWA in de Eerste Kamer aan de orde geweest, die ging over de relatie nVWA en het ministerie van VWS. In de brief over de Q-koorts zijn we uitgebreid ingegaan op hoe we de positie van de VWS richting de nVWA verder willen optimaliseren. In de tweede plaats ging het over de megastallen. Soms worden er moties aangenomen die op het punt van de uitvoering tot de competentie van de provincies behoren. In dit geval ging het om de ruimtelijke ordening. Ik heb hierover ook met de provincies overlegd. Wanneer men de akkoorden van de nieuwe colleges van GS leest, valt daarin een zeer terughoudende, soms zelfs een verbiedende opstelling te zien ten aanzien van nieuwe grootschaligheid in de dierhouderij. Ook het beheer van de zwijnen is een bevoegdheid van de provincies Gelderland en Limburg. Ik heb de bestuurders uitdrukkelijk gevraagd of ze, met onze ondersteuning, onderzoek wilden doen naar alternatieven. De reactie van beide provincies was dat men daar geen brood in zag. Ik vind het dan ook niet verstandig om te betalen voor iets waar een ander geen brood in ziet.

Mevrouw Thieme (PvdD): Ik heb een korte reactie op de behandelde moties door de staatssecretaris. In de motie over het moratorium op megastallen was het uitdrukkelijke verzoek om in de bevoegdheid van de provincie te treden. Een Kamermeerderheid heeft op dit punt voor gestemd. De staatssecretaris kan dan wel vinden dat hij dat niet mag doen, maar dat doet hij op andere punten wel. In die zin heeft hij de Kamer dus genegeerd. Het initiëren van een onderzoek naar alternatieven voor de zwijnenjacht was ook een opdracht aan de regering, juist omdat de provincie daar geen oren naar heeft. Ook dat doet de staatssecretaris niet.

Staatssecretaris Bleker: Volgens mij heb ik destijds in mijn reactie op de motie over de wilde zwijnen gezegd dat ik met klem het verzoek en de wens van de Kamer bij de betrokken gedeputeerden en colleges van GS zou neerleggen. Dat is ook gebeurd, maar het antwoord was duidelijk: een dergelijk onderzoek wilde men niet. Je kunt dan niet in de bevoegdheid van de provincie treden. Wat betreft de motie over de megastallen hebben wij aangegeven dat, als we al een verbod vanuit ruimtelijke ordeningsbelang zouden kunnen uitvaardigen, er eerst een structuurvisie dient te zijn. Pas dan kun je dergelijke dingen doen. Verder moet er evident sprake zijn van een nationaal belang wil de nationale overheid iets kunnen verbieden wat de verantwoordelijkheid is van de provincie, zoals het wel of niet toestaan van bepaalde activiteiten. Daarover hebben wij advies ingewonnen en gerapporteerd. Het is dus niet een-twee-drie mogelijk en men moet dat dus voorbereiden. Vervolgens heb ik aangegeven dat we vol gaan voor de maatschappelijke dialoog over de duurzame intensieve veehouderij en dat loopt nu ook. Op basis daarvan zouden we dan eventueel het maatschappelijke, nationale belang kunnen definiëren enzovoort.

Mevrouw Thieme (PvdD): Het gaat natuurlijk om de kern, namelijk dat de moties niet worden uitgevoerd. Wanneer een onderzoek van Alterra naar alternatieven voor de zwijnenjacht, zijnde een bevoegdheid van de staatssecretaris, wordt gestopt in het kader van de bezuinigingen, dan gaat de staatssecretaris zelfs nog verder dan het niet-uitvoeren van de motie: hij zet het dan zelfs stop.
Staatssecretaris Bleker:Wij zetten niets bewust stop waar het gaat om onderzoek naar het beheer van populaties. Het moet dan in een algemene bezuinigingsronde zijn meegegaan, want we hebben het niet gericht stopgezet.Als er een goed alternatief was, zou ik dat de provincies meteen aanbevelen.

[...]

Voorzitter. Ik ontraad aanneming van de eerste motie van mevrouw Thieme om redenen die we in het debat voldoende hebben gewisseld. Mevrouw Thieme spreekt in de motie over het aantal transporteurs. Ik denk dat je niet alleen naar het aantal transporteurs moet kijken, maar naar het marktaandeel en het aandeel in de diertransport van de transporteurs die aangesloten zijn. Er zullen er ongetwijfeld een aantal overblijven die niet zijn aangesloten. Maar als die transporteurs niet mogen vervoeren, is dat niet echt het probleem. Het allerbelangrijkste is dat het aantal diertransporten onder het label kwaliteitssysteem verder opgehoogd wordt. Ik zal de Kamer in de brief die ik voor september heb aangekondigd, over de tussenstand rapporteren. De intentie is zoals in de motie is aangegeven, maar ik ontraad wel aanneming van de motie. Als ik de motie definieer als ondersteuning van beleid, krijg ik later mogelijkerwijs het verwijt dat ik haar niet heb uitgevoerd.

Mevrouw Thieme (PvdD): Ik begrijp dus goed dat de inzet van de staatssecretaris zodanig is, dat hij wil dat iedereen die betrokken is bij de diertransporten voor de zomer aangesloten is bij QLL of bij een ander kwaliteitssysteem?

Staatssecretaris Bleker: Ik wil heel graag dat op 1 juli in ieder geval de varkenshouders en daarnaast de rundvleessector in hun eigen INK-systemen hebben staan: alleen vervoer mogelijk bij door het kwaliteitssysteem aangesloten transporteurs. De tweede motie van mevrouw Thieme gaat over transport in de zomer. Mevrouw Thieme veronderstelt een lange, warme zomer in West-Europa. Aanneming van de motie moet ik ontraden. We hebben een duidelijke norm. Dat is de Europese norm van 30 graden met een marge van 5%. Je kunt op veel manieren aan die norm voldoen. Dat heeft te maken met het koelsysteem dat je hanteert, maar ook met het tijdstip van het transport en al dat soort dingen meer. Het is vervolgens aan de ondernemers om de goede manieren te vinden om te transporteren op een manier die voldoet aan die norm. Ik moet zeggen dat ik 35 graden ook knap warm vind, maar goed, dat is de wijze waarop het moet gebeuren. Misschien moeten we deze zomer met de capaciteit die we dan hebben eens wat gerichter inzetten op controle op de weg tijdens hete dagen.

Mevrouw Thieme (PvdD): Goed om te horen dat de staatssecretaris -- want zo mag ik zijn woorden hopelijk begrijpen -- extra gaat controleren deze zomer. Met deze motie wordt specifiek gedoeld op ongekoelde vrachtwagens, dus niet op de verschillende koelsystemen die er zijn. Van die ongekoelde vrachtwagens zou je moeten zeggen dat er, als de temperaturen hoger zijn dan 30°C, geen dieren meer mee kunnen worden vervoerd. Daarom heb ik deze motie ingediend. Ik vraag de staatssecretaris dus om nog eens serieus te bekijken of hij de motie niet gewoon wil zien als ondersteuning van beleid, en op die manier zijn controles zal gaan inrichten.

Staatssecretaris Bleker: Nogmaals, als het transport plaatsvindt op de delen van de dag waarop het geen 30°C is of er veel wind is, dan is dit een veel te absolute stellingname.