Bijdrage Thieme Forma­tie­debat


29 juni 2010

Mevrouw Thieme:

Voorzitter, het politieke landschap is versplinterd, geen enkele partij heeft de steun van meer dan 20% van de kiezers en de kiezers wenden zich af van de traditionele politieke partijen. Meer dan 35% van de kiezers koos een par-tij die nog nooit regeringsverantwoordelijkheid gedragen heeft (SP,PVV,GL,SGP,PvdD), een duidelijker roep om verandering is nauwelijks denkbaar. Maar alles waar de informatie zich op lijkt te richten is ‘business as usual’, coalitievorming tussen de partijen die traditioneel de macht ver-delen, waarbij voorbijgegaan wordt aan de duidelijke verschuivingen in het electorale landschap.

Beleefdheidshalve werd er gesproken met de PVV, hoewel het station van regeringsdeelname voor die partij eigenlijk al gepasseerd leek voor het station was aangedaan. Er is uitputtend gezocht naar argumenten om de PVV niet mee te laten doen, en in het geval van de SP is zelfs die beleefdheid niet eens genomen. Coalities waarin de SP mee zou doen kwamen niet eens aan de orde. De reactie van de kiezers op die werkwijze komen direct tot uitdrukking in de peilingen. Alle coalities die wel onderzocht zijn dalen in de peilingen en PVV en SP groeien tegen de verdrukking in.
Als regeren iets met vooruitzien van doen heeft, is er alle aanleiding tij-dens de informatie ook vooruit te zien. Negeren heeft in elk geval niets met vooruitzien te maken, en negeren lijkt wel een belangrijk onderdeel van de informatie te zijn, in elk geval waar het PVV en SP betreft.

Voorzitter, de fractie van de Partij voor de Dieren vindt het onbegrijpelijk dat politieke tegenstellingen nog steeds bepalend zijn voor hoe de hazen lopen in het politieke landschap, terwijl er grote problemen opgelost moe-ten worden op een eensgezinde wijze.
De voorbije verkiezingscampagne kende maar één thema, de economische crisis en de keuzes die moeten worden gemaakt om die crisis op te lossen.
De crises die echter opdoemen achter de economische crises zijn van een zodanige omvang dat ze de economische crisis ver overschaduwen en bovendien ook tot nieuwe economische crises zouden kunnen leiden.
De zoetwatercrisis die ophanden is (volgens het wereldwaterforum heeft in 2017 70% van de wereldbevolking een serieus zoetwaterprobleem), de biodiversiteitscrisis die gaande is, de wereldvoedselcrisis die groeit, de fosfaatcrisis, de klimaatcrisis,
de dierziektencrises, ze vragen om een coherente aanpak van de proble-men door een vastberaden, eensgezind kabinet. In een periode waarin het schip water maakt, de lading is gaan schuiven en eerst het lek boven moet worden gebracht om vervolgens een nieuwe koers te bepalen tellen begrippen als 'bakboord' en 'stuurboord' niet. Het is van levensbelang dat de krachten gebundeld worden.
Er is geen tijd te verliezen.

De eminente Australische wetenschapper prof Frank Fenner voorspelde deze maand dat de menselijke soort binnen 100 jaar zou kunnen uitster-ven bij ongewijzigd beleid.
Natuurlijk is het mogelijk om met onbegrip of zelfs hoongelach te reageren op dergelijke scenario’s die maar al te makkelijk als doemdenken kunnen worden afgedaan.
Ecoloog Stephen Boyden ziet onder veel ecologen dezelfde somberheid. “Frank Fenner kan gelijk hebben, maar sommigen van ons hebben nog steeds de hoop dat mensen zich bewust worden van de situatie en de re-volutionaire veranderingen die nodig zijn in gang zetten. Als er een sprankje hoop is dan is het de moeite waard om het probleem op te los-sen.” Of dat ook gaat lukken, is een ander verhaal. “We hebben de wetenschappelijke kennis om het te doen, maar de politieke wil is er niet.”

Die politieke wil, voorzitter, is bepalend voor onze toekomst en zou ook de doorslag moeten geven in het huidige informatieproces.
Wanneer we ons bewust zijn van de grote dreigingen die we over onszelf hebben afgeroepen, zullen we alle krachten van Groenrechts tot Groenlinks moeten bundelen om te komen tot een duurzaam beleid dat uitzicht biedt op een stop van de overconsumptie, een stop van het overschrijden van de reproductiecapaciteit van de aarde. Het no regretscenario dat wetenschappers als Fenner en Boyden ons adviseren, gaat uit van een radicaal andere koers. We zullen af moeten van de schuldeneconomie en uit moeten gaan van de draagkracht van de aarde. Politieke kortetermijn tegenstellingen zouden er in die omstandigheden niet toe moeten doen. Als Mark Rutte zijn Groenrechtse aspiraties waar wil maken, moet er een groene of paarse coalitie te vormen zijn, op korte termijn.
Wie stelt dat we de staatsschuld als uitgangspunt zouden moeten nemen, vergeet de schuldenlast die we opbouwen voor komende generaties in termen van schone lucht, schoon water, een schone bodem en biodiversi-teit. We zijn aan onszelf en aan toekomstige generaties verplicht die schuld te voorkomen.

De Partij voor de dieren is van mening dat er nog niet of nauwelijks met die blik gekeken is naar de mogelijkheden van coalitievorming. Terwijl dat wel zou moeten gebeuren. En daarin zou zeker in mee moeten worden genomen dat er een einde moet komen aan de bio-industrie.
Dank u wel!