Bijdrage Thieme debat Q-koorts n.a.v. Nieuwsuur


11 april 2013

Eerste Termijn

Voorzitter, het ene schandaal in de veehouderij volgt het andere op. Eindelijk spreken we over Q-koorts naar aanleiding van de spraakmakende uitzending van Nieuwsuur. Daar kwam duidelijk naar voren dat de aanpak van de Q-koortsepidemie met de kennis van toen veel sneller en beter had gekund. Niet alleen uit onderzoek van de Nationale Ombudsman, maar ook uit onderzoek van Nieuwsuur blijkt dat het ministerie van Landbouw de aanpak heeft getraineerd, dat economische belangen lijken te hebben geprevaleerd boven dierenwelzijn en de volksgezondheid. Gebleken is dat het ministerie van Landbouw in 2008 wist dat er 100 besmette bedrijven waren en dat dit een halfjaar lang onder de pet is gehouden,

dat de ministers ten onrechte hebben beweerd dat zij geen goede tests hadden om besmettingen te detecteren,

dat het kabinet welbewust geen informatie heeft verstrekt aan de burgers over welke geitenbedrijven besmet waren. De Nationale Ombudsman roept via de media alle partijen in dit Huis op om slachtoffers een schadevergoeding toe te kennen, we kunnen die oproep niet naast ons neerleggen!

Voorzitter, een overheid die dergelijke belangrijke informatie heeft achtergehouden en ook nog volhoudt juist te hebben gehandeld heeft een zware verantwoordelijkheid in de richting van de slachtoffers. Mijn fractie verwacht dat de van de gemaakte fouten een ruiterlijk ‘eens maar nooit weer’ zal klinken vanachter de regeringstafel.

Ten tijde van de Q-koortsepidemie raakten duizenden mensen besmet. Er overleden zelfs 25 mensen en tot op de dag van vandaag ondervinden slachtoffers de gevolgen van Q-koorts. Mensenlevens zijn kapotgemaakt. Driehonderd mensen hebben de Q-koortsbacterie nog steeds in levende vorm bij zich en slikken hoge doses antibiotica. Nog eens duizend mensen hebben het Q-koortsvermoeidheidssyndroom en kampen dagelijks met extreme vermoeidheid zonder enig uitzicht op een behandeling.

Naar verwachting lopen er ook nog tienduizenden mensen rond die wel besmet zijn geweest met Q-koorts of chronische Q-koorts hebben maar dit niet weten doordat zij immuunonderdrukkende medicatie gebruiken vanwege bijvoorbeeld reuma. De Q-koorts heeft naast veel dierlijke slachtoffers voor veel menselijke slachtoffers gezorgd. Mensen die elke dag herinnerd worden aan de gevaren van de veehouderij en het slecht overheidsbeleid destijds. Of aan hun dierbaren die gestorven zijn als gevolg van een nalatige overheid.

Voorzitter, er zal eindelijk erkenning en compensatie moeten komen voor de slachtoffers. De nog op te richten stichting voor begeleiding van q-koorts patiënten is 1, maar er dient een structurele oplossing te komen in de vorm van een schadefonds voor toekomstige slachtoffers van bedrijf gerelateerde dierziektencrises en zoönoses. Getroffen boeren zijn en worden wel gecompenseerd, maar getroffen burgers op geen enkele wijze.

Dierziekten zijn van alle tijden, maar doordat wij hier in Nederland jaarlijks 500 miljoen landbouwdieren in een dichtbevolkt land intensief produceren zijn de risico’s voor ernstige epidemieën ongekend groot geworden. We zien een estafette aan dierziektencrises. De Wereldgezondheidsorganisatie houdt rekening met pandemieën die nauw samenhangen met onze wijze van veehouderij en extreme veedichtheden. Voorzitter, vanuit het principe ‘de vervuiler betaalt’ is het ook niet meer dan logisch dat de rekening van dit fonds met name bij de veesector wordt neergelegd.

Het is onacceptabel dat individuele burgers die slachtoffer zijn geworden van de veehouderij langslepende juridische procedures moeten beginnen om schade te verhalen. Een staatssecretaris die eerder als Kamerlid met succes gestreden heeft voor de mogelijkheid van collectieve actie door consumenten, zou dit moeten meevoelen. Daarbij komt dat in veel gevallen het causaal verband tussen de veegerelateerde ziekte wel kan worden aangetoond, maar de individuele veehouder niet kan worden getraceerd.

Voorzitter, de overheid heeft gefaald en behoort dit te erkennen. Mijn fractie pleit daarom voor een parlementair onderzoek naar Q-koorts en ik hoop van harte op brede steun hiervoor. In het parlementair onderzoek moeten ook vergunningverleningen en het al dan niet vernietigen van vergunningen worden meegenomen. Als voorbeeld noem ik het recente voorval met de omstreden geitenstal in Landerd.

Tweede Termijn

Motie Thieme: schadefonds slachtoffers q-koorts en andere dierziekten

Motie Thieme: parlementair onderzoek Q-koorts

Interrupties bij anderen

[...]

Mevrouw Thieme (PvdD):
Het is toch alleszins redelijk wat mijn collega Klaver vraagt aan de heer Van Dekken, namelijk of het kabinet alsnog excuses moet maken. Daar kan de heer Van Dekken toch gewoon ja of nee op zeggen?

De heer Van Dekken (PvdA):
Volgens mij ben ik heel expliciet in mijn bewoordingen als het gaat om alles wat wij daarover hebben gezegd en gedaan. Aan die woorden is niets veranderd. Dat geldt ook voor het hier en nu. Waarom zou ik dat allemaal moeten herhalen? Dat is klip-en-klaar. Mevrouw Thieme kan de verslagen, de notities, de interviews en alles erop nalezen. Als we het daarbij kunnen houden, wil ik graag terug naar de mensen om wie het echt gaat.

Mevrouw Thieme (PvdD):
De verwarring is ook ontstaan omdat we bij een eerder debat over de Q-koorts een motie hebben ingediend voor een excuus, die toen door de fractie van de Partij van de Arbeid is gesteund. Toen ik bij het nieuwe kabinet een dergelijke motie indiende, heeft de fractie van de Partij van de Arbeid echter tegengestemd. Daarom wil ik nu echt weten of het ja of nee is.

De heer Van Dekken (PvdA):
Dat is natuurlijk te verklaren. Vanaf het moment dat wij in het kabinet kwamen, hebben wij gezegd dat zo snel mogelijk recht moest worden gedaan aan de positie van de slachtoffers. Wat daarvoor gold, geldt in het heden nog steeds, maar dat vinden we op dit moment niet het allerbelangrijkste. In de gesprekken met de patiëntenorganisatie is mij ook gezegd dat dit niet het allerbelangrijkste is. Het gaat nu voornamelijk om een oplossing van de enorme problematiek die er is. Daarvoor staan wij hier vanmiddag.

[...]

Mevrouw Thieme (PvdD):
Wij voeren dit debat omdat Nieuwsuur duidelijk aangeeft dat het kabinet heel veel gerommeld heeft tijdens de Q-koortsepidemie, bijvoorbeeld rondom de eindresultaten van de melktanktesten in 2008. Ging het om voorlopige resultaten? Was er nu wel een test beschikbaar of niet? Kortom, er waren heel veel vragen daaromtrent. Mijn vraag is deze. De PvdA heeft altijd gepleit voor een parlementair onderzoek om de onderste steen boven te krijgen. Is de PvdA nog steeds van mening dat wij zo'n onderzoek moeten starten om recht te doen aan de situatie en daar lessen uit te kunnen trekken voor de toekomst?

De heer Van Dekken (PvdA):
Op dit moment niet. Wij willen recht doen aan de positie van de stichting en de mensen wiens belangen moeten worden behartigd. Er zou eventueel een fonds moeten worden ingezet, maar tegen een parlementair onderzoek zeggen wij op dit moment nee.

[...]

Mevrouw Thieme (PvdD):
In de discussie in het kader van de Q-koorts hebben wij het ook over de rol van de Gezondsheidsdienst voor Dieren gehad. Dat is een private organisatie betaald door de veehouderij. Die heeft met name verzuimd om aan het RIVM informatie te verstrekken over de besmettingshaarden. In de protocollen die het kabinet ons heeft toegezonden, zie je dat de Gezondheidsdienst voor Dieren zich telkens voorbehoudt, niet over te gaan tot het verstrekken van informatie zonder toestemming van de veehouder.

We krijgen daar weer mee te maken als we in een nieuwe epidemie terechtkomen. Hoe lossen we dat op als het aan D66 ligt? Steunt D66 de oproep van de Partij voor de Dieren en de SP dat de gezondheidsdienst straks niet meer de macht moet hebben om dat tegen te houden, zodat de overheid te allen tijde de gewenste gegevens kan krijgen?

De heer Schouw (D66):
Dat is een belangwekkende vraag, maar ik kan nu niet overzien welk antwoord ik daarop zou kunnen geven. Ik vraag mevrouw Thieme om een beetje begrip daarvoor. Nu die vraag gesteld is, hoop ik dat het kabinet daar antwoord op geeft. Mevrouw Thieme mag mij voor de tweede termijn aan een definitief antwoord op deze vraag houden.

[...]

Mevrouw Thieme (PvdD):
Het is interessant wat de heer Graus zegt, namelijk dat de PVV tegen het verder privatiseren van allerlei controlediensten zoals de gezondheidsdienst is. Wij hebben een motie in stemming gebracht om de taken van de gezondheidsdienst juist terug te brengen bij de overheid. De regering wil dat echter niet helemaal uitvoeren. Wat vindt de heer Graus daarvan?

De heer Graus (PVV):
Ik heb dat nu gezegd. Ik heb een tijdje in de commissie-De Wit gezeten en toen ben ik wat minder vaak aanwezig geweest. Ik heb mij er als woordvoerder echter altijd tegen verzet. Ik heb altijd gezegd dat dit soort controles en controlerende instanties in handen van de overheid moeten blijven. Dat weet mevrouw Thieme ook. Het is mogelijk dus een retorische vraag.

Als zij erop doelt dat wij in het verleden misschien een keer een motie van de Partij voor de Dieren niet gesteund hebben, dan heeft dat mogelijk te maken gehad met de financiële dekking of met afspraken die wij als gedoogpartner hadden gemaakt. Nu verwoord ik in ieder geval de PVV-lijn.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Het is dus helder dat ook de PVV vindt dat de taak van de gezondheidsdienst om de besmettingshaarden te traceren, in eerste instantie een taak van de overheid is.

De heer Graus (PVV):
Ja, dat deel ik met mevrouw Thieme.

[...]

Mevrouw Thieme (PvdD):
Ik begrijp dat de VVD-fractie niet zit te wachten op een schadefonds voor Q-koortspatiënten. Klopt dat?

Mevrouw Lodders (VVD):
Dat klopt.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Als de VVD-fractie, of in dit geval mevrouw Lodders, in Brabant rondloopt en daar met Q-koortspatiënten praat, hoe legt ze dan aan zo'n Q-koortspatiënt, over wie we van haar net zulke warme woorden hebben gehoord, uit dat de geitenhouders wel volledig zijn gecompenseerd, maar dat een Q-koortspatiënt wat de VVD betreft geen recht heeft op enige vorm van compensatie door middel van gewoon een goed schadefonds?

Mevrouw Lodders (VVD):
Ik heb in mijn betoog aangegeven dat de VVD het leed van de patiënten erkent. Daarmee ben ik mijn betoog volmondig begonnen. De stap die we nu willen zetten, is: die stichting zo snel mogelijk aan de slag laten gaan.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Dit is geen antwoord op mijn vraag. Ik wil weten hoe ze uitlegt dat geitenhouders wel worden gecompenseerd en Q-koortspatiënten niet. Waarom kiest de VVD wel voor bedrijven en niet voor burgers?

Mevrouw Lodders (VVD):
Ik blijf bij de formulering die ik zojuist heb gebruikt. We erkennen het leed van de slachtoffers. We vinden het een goed voorstel van het kabinet om aan de stichting 10 miljoen euro ter beschikking te stellen om zo veel als mogelijk te doen. Ik heb in mijn betoog een aantal voorbeelden gegeven van manieren waarop Q-koortspatiënten van de ondersteuning door de stichting gebruik kunnen maken.

[...]

Minister Schippers:

Ik vind het belangrijk om hier te benadrukken dat het volksgezondheidsbelang voor dit kabinet boven welk economisch belang ook gaat. Uiteraard is er altijd een afweging van belangen; je hebt namelijk altijd te maken met risico's. Hoeveel risico ben je bereid te accepteren? Als we bereid zijn om nul risico te accepteren, moeten we ook niet meer autorijden. Nou, dat doen we wel. Het gaat dan om een afweging tussen baten en risico's voor de volksgezondheid. Maar welk onderwerp wij ook aanpakken, in ons beleid kan men heel duidelijk zien dat de volksgezondheidsbelangen ongelooflijk leidend zijn bij wat wij doen; of het nu gaat om antibioticaresistentie, of om andere zaken als zoönosen.

Mevrouw Thieme (PvdD):
We gaan inderdaad niet streven naar een leven zonder risico's, want dat is vrijwel onmogelijk. Maar je kiest er zelf voor om in een auto te stappen, en dan heb je inderdaad met risico's te maken. In het geval van de Q-koorts waren mensen gewoon aan het recreëren in een gebied waar een besmettingshaard van Q-koorts was. Ze wisten niet dat dat zo was, omdat de overheid die gegevens niet openbaar maakte. Vindt de minister dat de overheid dat destijds wel had moeten doen?

Minister Schippers:
Volgens mij hebben we hierover al drie of vier keer een debat gevoerd. Als zoiets aan de hand is, vind ik het uitermate belangrijk dat mensen een besluit kunnen nemen op basis van informatie. Als die informatie er is, moet je deze vrijgeven. Maar wij hebben met elkaar al eerder geconstateerd dat ik dat vind.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Ik hoor dat de minister vindt dat dit niet goed was van het kabinet. De Ombudsman noemt dit "onbehoorlijk". Bij onbehoorlijk bestuur hoort dat de overheid haar verantwoordelijkheid neemt jegens slachtoffers. De minister kan hier heel duidelijk maken dat er een fonds gaat komen voor de begeleiding van Q-koortspatiënten, maar ik denk dat we echt een stap verder moeten gaan. Er is namelijk schade geleden en die schade moet kunnen worden verhaald. Vandaar dat de Kamer zegt dat er een schadefonds moet komen. Ik wil daar toch een reactie op van de minister.

Minister Schippers:
Die reactie is dezelfde als de reactie die ik al drie keer heb gegeven. Wij hebben het evaluatierapport van de commissie-Van Dijk besproken. Die commissie heeft vastgesteld dat je niet kunt zeggen dat de uitkomsten anders waren geweest als de overheid anders had gehandeld. Daar zit gewoon het cruciale punt. U zegt: de overheid is schuldig. De commissie zegt dat niet. Daar zit een beetje de crux.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Het gaat erom dat de overheid zegt: oké, er zijn fouten gemaakt. Er is schade geleden. De overheid heeft de schade van geitenhouders gecompenseerd. De overheid moet zeggen dat zij, zeker vanwege haar gedrag jegens die burgers, verplicht is om er in ieder geval voor te zorgen dat er geen ellenlange procedures worden gestart door individuele Q-koortspatiënten. Zij moet gewoon zorgen voor een schadefonds, en dat staat helemaal los van de schuldvraag.

De voorzitter:
Mevrouw Thieme, voor de zuiverheid van het debat: wat is er nieuw aan wat u nu zegt, ten opzichte van wat u al heeft gezegd en waarop de minister gaat antwoorden?

Mevrouw Thieme (PvdD):
Voorzitter, dit is gewoon een discussie. Als u goed heeft geluisterd, weet u dat ik het niet eens ben met de minister, en dat ik een argument aandraag om over te gaan tot een schadefonds, zonder de vraag over de schuldkwestie. Dat is wel degelijk een nieuw argument.

[...]

Mevrouw Thieme (PvdD):
Ja. Natuurlijk moet je tijdig en zo transparant mogelijk communiceren, maar je moet ook vooral juist informeren. De reden waarom wij dit debat voeren, is dat Nieuwsuur uit zijn onderzoek concludeert dat het kabinet doorgaat met het niet juist informeren over de Q-koortsepidemie. Het kabinet durft bijvoorbeeld gewoon te zeggen dat de GGD wel degelijk op de hoogte is gesteld van het feit dat in 2009 al 100 bedrijven besmet waren, terwijl de GGD vervolgens zegt: hoe komt het kabinet erbij om dat naar de Kamer te sturen terwijl dat helemaal niet zo is? Dat zijn vervelende zaken waardoor wij dit debat voeren en wij als Kamer zo langzamerhand het gevoel krijgen: zijn wij wel volledig en juist geïnformeerd? Hoe kijkt de minister terug naar de uitzending van Nieuwsuur waarin heel stevige conclusies zijn getrokken over de wijze waarop de Kamer wordt geïnformeerd door dit kabinet?

Minister Schippers:
De Kamer heeft net een pak papier gehad op basis van de WOB-procedure, waarin mevrouw Thieme zelf precies kan lezen hoe de communicatie verloopt. Mijn verhaal ging over de vraag hoe je als overheid communiceert als er een crisis is of als er ergens een uitbraak is van het een of ander. Daarbij is het van groot belang dat de overheid ook communiceert als zij niet precies weet wat op dat moment precies de waarheid is. Dan moet je gewoon zeggen: of EHEC op komkommers zit, weten wij niet, maar wij zijn met man en macht met dit en dat bezig om dat uit te zoeken; zodra daar bekendheid van is, meld ik het u. Of je zegt: om 16.00 uur weten wij dat en dan meld ik het u. Die communicatieles is heel belangrijk geweest. Hij lijkt heel simpel, maar hij is heel moeilijk. Dat weet ik ook uit ervaring. Daar heb ik het over. Ik zeg ook niet dat er nooit meer iets fout gaat, maar wel dat het goed tussen de oren zit, ook in de departementen, om dat op die manier te doen.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Het gaat erom of het verhaal dat de minister hier vertelt, geloofwaardig is. Wij hebben dit debat aangevraagd omdat wij vinden dat de Kamer nog steeds niet goed wordt geïnformeerd. Uit de conclusies van Nieuwsuur blijkt dat er tegenstrijdige berichten vanuit het kabinet naar de Kamer worden gebracht. De minister zei in antwoord op mijn vraag dat de Kamer dankzij de WOB-procedure nu het volledige dossier heeft. Ja, dankzij een WOB-procedure! Maar ik neem aan dat wij als Kamer dat soort instrumenten niet nodig hebben. Dus ik vraag nogmaals om een reactie -- die heb ik nog niet gekregen -- op de bevindingen van Nieuwsuur dat de Kamer nog steeds niet goed geïnformeerd wordt over wat het kabinet heeft gedaan tijdens de Q-koortsepidemie.

Minister Schippers:
Ik probeer de Kamer altijd maximaal te informeren. De hoeveelheid informatie die gewisseld is over de Q-koorts in de afgelopen twee jaren dat ik minister ben, is echt enorm. In alle oprechtheid en integerheid proberen wij steeds de informatie waarnaar de Kamer vraagt, op te speuren en haar daarvan op de hoogte te stellen. Ik heb voor mijzelf geen enkel idee dat ik probeer informatie niet te sturen of niet te delen. Er kan natuurlijk wel een verschil van mening zijn over hoe zaken zijn gelopen of hoe informatie is gedeeld, zeker als het jaren terug is.

Dat is zeker aan de orde. Als er echter één ding goed is bestudeerd, onderzocht en geëvalueerd, dan is dit het. Wij hebben de communicatieles getrokken, en de informatieverstrekking aan de Kamer gebeurt naar mijn weten altijd op de meest deugdelijke manier.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Dit zijn zulke algemeenheden! Ik vraag om een reactie op de conclusies van Nieuwsuur.

De voorzitter:
Dit is echt uw laatste keer, mevrouw Thieme.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Precies. Dat zal ik doen, voorzitter, als u mij nog even de gelegenheid geeft.

Een van de belangrijkste conclusies van Nieuwsuur is dat de Kamer werd voorgehouden dat er geen test beschikbaar was om de besmette bedrijven te detecteren, terwijl uit de stukken blijkt, ook uit de stukken die we nu hebben gekregen, dat die test er wel degelijk was en dat het kabinet dat telkens blijft ontkennen. Het is cruciaal dat het kabinet hier eindelijk helderheid over geeft, want het is een verschil van dag en nacht. Als er wel een test was, hadden mensen eerder gewaarschuwd kunnen worden en hadden we een vervoersverbod en een fokverbod kunnen instellen.

[...]

Staatssecretaris Dijksma:
Ik wil nu een poging doen om de heer Van Gerven en anderen tegemoet te komen in de discussie, althans een deel van de discussie, over de Gezondheidsdienst voor Dieren. Er is een motie-Van Gerven c.s. (29683, nr. 129) aangenomen waarin wordt gevraagd, overheidstaken terug te nemen van de GD, dan wel er een overheidsdienst van te maken. Ik heb al eerder gemeld, ook schriftelijk, dat ik de richting van die motie insla. Op het gebied van de laboratoria en de basismonitoring resteerde er echter nog een punt. Wij zijn op dit moment bezig, in het kader van de opheffing van de PBO's, met een herbezinning op taken die privaat moeten worden gedaan en taken die publiek moeten worden gedaan. Ik doe de heer Van Gerven het voorstel om deze discussie over het laatste restant van de taken van de Gezondheidsdienst die ik nog niet terug naar de overheid heb gehaald, mee te nemen in de afweging. Binnen nu en twee maanden zal ik aangeven hoe ik zijn motie uitvoer.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Dat is duidelijk. Ik heb die motie meeondertekend, dus voel ik de ruimte om te interrumperen.

De voorzitter:
Ik geloof dat u zich ook zonder ondertekening niet erg geremd voelt.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Fijn dat u dat nog even memoreert. Nu we nog een GD hebben, hebben we natuurlijk wel te maken met de protocollen die nu nog gelden, als er een epidemie uitbreekt of als de GD een bepaalde ziekte constateert en daarover moet rapporteren aan het RIVM. Zijn er nieuwe afspraken gemaakt over een verplichte melding en het vrijgeven van gegevens? In de protocollen staat nu namelijk dat altijd toestemming moet worden gevraagd aan de veehouder.

Staatssecretaris Dijksma:
Volgens mij zijn er nog geen nieuwe afspraken gemaakt.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Is de staatssecretaris voornemens om daar nieuwe afspraken over te maken? Kan de Kamer daarvan op de hoogte worden gesteld?

[...]

Mevrouw Thieme (PvdD):
Natuurlijk moet je niet alleen maar afgaan op Nieuwsuur of op welke berichten dan ook. We hebben uitgebreid gekeken naar hetgeen PricewaterhouseCoopers zei over de uitzending. PricewaterhouseCoopers zei dat er niets nieuws onder de zon was, maar dat één ding wel nieuw was. Er was namelijk wel degelijk een tankmelktest beschikbaar aan de hand waarvan kon worden vastgesteld dat 100 bedrijven al besmet waren met Q-koorts -- wat al bekend was -- lang voordat het kabinet zei dat er sprake was van een crisis. Het was dus eind 2008 al bekend. Eind 2009 werd pas gezegd "nu hebben we een test", terwijl deze al die tijd al beschikbaar was. De Kamer is dus onvolledig geïnformeerd. De Kamer werd namelijk verteld: er is geen test, dus we kunnen nog niks en we kunnen ook nog niet de status "crisis" uitroepen, want we moeten het eerst goed kunnen vaststellen. Dat zijn behoorlijk heftige feiten. Mijn fractie pleit daarom ook voor een parlementair onderzoek. Ik ga in dezen niet vragen om een reactie van de staatssecretaris, want daar gaat uiteindelijk het Presidium over.

Staatssecretaris Dijksma:
Ja, daar gaat het Presidium over.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Ik wil echter wel graag een reactie op het feit dat PricewaterhouseCoopers zag dat dit echt het nieuws was. En daar is de Kamer inderdaad niet volledig over geïnformeerd.

Staatssecretaris Dijksma:
Die aanname van mevrouw Thieme en van Nieuwsuur kan ik niet bevestigen. Mevrouw Thieme zegt dat er een test was, dat het kabinet destijds heeft gezegd dat die er niet was en dat dit niet klopt, maar ik heb geen andere informatie dan dat die test er niet was.

Mevrouw Thieme (PvdD):
Uit de enorme hoeveelheid informatie die wij hebben gekregen, blijkt wel degelijk dat die test er was. Dat blijkt ook uit het feit dat het een Franse test was, die al veel eerder was gebruikt. Er waren ook al resultaten: 30% van de bedrijven was namelijk besmet. Dat heeft de hoogste ambtenaar van het departement van de staatssecretaris in een uitzending ook gezegd. Ik wil hier nu niet heel diep op ingaan, maar ik wil hiermee wel duidelijk maken dat dit door ons systeem niet boven is gekomen, ook niet nu wij al die documenten hebben gekregen, en dat het heel goed mogelijk is dat wij door een parlementair onderzoek de puzzelstukjes op de juiste plaats krijgen. Ik denk dat dit heel belangrijk is.

Staatssecretaris Dijksma:
Hoe zit het precies? Als je test, moet de test een gevalideerde test zijn. Je moet immers weten dat die klopt. Wat er niet was, was een gevalideerde test. Daar is al door de vorige kabinetsleden met de Kamer over gedebatteerd. Men heeft toen ook gezegd dat in 2009 de tankmelktest beschikbaar kwam. Daardoor kon men overgaan op het voorzorgprincipe. Ook in het onderzoek van Pricewaterhouse Coopers hebben experts gemeld dat deze test niet eerder had kunnen worden ingezet. Die moest immers gevalideerd worden. Dat is zoals ik de feiten ken. Die geef ik aan de Kamer en meer dan dat kan ik oprecht niet doen. Wat ik nu zeg, is overigens geen nieuwe informatie, want die informatie heeft de Kamer ook eerder gekregen.