Bijdrage Thieme Debat over de Europese Top


7 december 2011

Mevrouw de voorzitter. Het is positief dat de voorjaarstop voor het eerst in het teken van het klimaat stond. Kennelijk is binnen de Europese Unie ook de vraag gerezen wat je hebt aan geld als de poolkap smelt.

De Partij voor de Dieren is blij met de erkenning dat het noodzakelijk is om nu alle zeilen bij te zetten om te redden wat er nog te redden valt van het klimaat. Wij zijn ook blij met de uitkomst van de Europese Top, maar wij zien wel allerlei bezwaren bij de oplossingsrichting waarin gedacht wordt.

Kernvraag is namelijk hoe de doelstellingen, die redelijk ambitieus zijn, zullen worden gehaald. Wij vinden het onbegrijpelijk dat er gesproken wordt over redelijk omstreden oplossingen als de opslag van CO2 in ‘schone’ kolencentrales, terwijl er zo veel andere oplossingen voor de hand liggen. Wij vragen de minister-president, die de twijfelachtige eer heeft om minister-president te zijn van een land dat de meeste dieren per inwoner heeft ter wereld, waarom hij niet de kans heeft gegrepen om de koers uit te zetten voor een diervriendelijker, milieuvriendelijker en mensvriendelijker Europa. Onze intensieve veehouderij levert een bijdrage aan de uitstoot van broeikasgassen op wereldniveau van 18%. Dat is meer CO2-emissie dan uit vervoer. Daar liggen kansen.

In het licht van alle andere bezwaren die tegen de intensieve veehouderij zijn in te brengen, is er dan ook alles voor te zeggen om met het realiseren van milieudoelstellingen te beginnen bij een sector die zich toch al op een dood spoor bevindt. Een overweldigende meerderheid van Europese burgers maakt zich grote zorgen over het welzijn van landbouwdieren, en terecht. Lange diertransporten zijn veel Nederlanders en andere Europeanen een doorn in het oog. Minder dieren, minder import van veevoer uit ver weg gelegen landen en minder gesleep met dieren levert zoveel voordelen op.

Wij zouden graag zien dat dit kabinet en onze minister-president alle kansen aangrijpen om de koers uit te zetten om een einde aan te maken aan de intensieve veehouderij, zeker in het licht van de afgelopen jaren waarin Nederland continu heeft verwezen naar Europa als het gaat om het verbeteren van dierenwelzijn. Ook in het nieuwe regeerakkoord is die lijn weer uitgezet. Wij vinden dat daaraan consequenties moeten worden verbonden. Nederland moet, als er mogelijkheden zijn op een Europese Top, in het vervolg daarvan bij de uitvoering van de doelstellingen zijn belofte houden en het diervriendelijke pad inslaan waar zo veel mensen om vragen. Dat levert niet alleen een belangrijke bijdrage aan het realiseren van de milieudoelstellingen, maar het leidt ook tot een samenleving waarin wij andere vraagstukken gemakkelijker kunnen oplossen. Ik doel onder andere op het wereldvoedselvraagstuk. De discussie over de biobrandstoffen gaat niet alleen over duurzaamheid maar ook over de mate waarin de productie van energiegewassen ten koste gaat van de productie van voedselgewassen. In Mexico zijn mensen die afhankelijk zijn van maïs voor de consumptie van tortilla al geconfronteerd met een prijsstijging van 25%. Dat lijkt ons een onwenselijke gang van zaken. Graag krijgen wij van dit kabinet verduidelijking ten aanzien van de criteria die worden gehanteerd voor biobrandstoffen. Dan gaat het om het beslag dat wordt gelegd op de beschikbare landbouwgronden voor voedselproductie, maar ook om de duurzaamheid in relatie tot de werkelijke uitstoot. Voormalig staatssecretaris Van Geel heeft toegezegd kritisch te kijken naar de veronderstelling dat mestverbranding als duurzaam zou kunnen worden aangemerkt. Wij hebben daar tot nu toe nog geen reactie op gekregen. Ik zou graag van het kabinet een toelichting krijgen op de mate waarin de verschillende genoemde biobrandstoffen daadwerkelijk duurzaam zijn en welke discussie daarover nog volgt.

Tot slot sluit ik mij voor de verandering aan bij de CDA-fractie om in de Verklaring van Berlijn een aantal waarden op te nemen. Ik pleit ervoor om vooral duurzaamheid en mededogen centraal te stellen (en de Verklaring van Berlijn los te koppelen van een al dan niet christelijk uitgangspunt), omdat mededogen en duurzaamheid voor alle burgers in Europa en in de wereld de enige weg vooruit zou moeten kunnen zijn.

Tweede termijn

Voorzitter. Ik wil graag beginnen met het voorlezen van een motie.

Ik wil hieraan een slotopmerking toevoegen. De minister-president heeft iets gezegd over het opnemen van gemeenschappelijke waarden in het verdrag van Berlijn. Dat ondersteunt mijn fractie van harte. Wij hebben de termen "tolerantie" en "vrijheid" horen noemen. Ook dat onderschrijven wij zeer. Wij willen daar graag "mededogen" en "duurzaamheid" aan toevoegen omdat deze aspecten in de toekomst voor heel Europa belangrijk zullen zijn. Ik hoor hierop graag de reactie van de minister-president.