Bijdrage Thieme AO Mili­euraad (Teer­zandolie)


10 december 2013

Mevrouw Thieme (PvdD): Voorzitter. Normaliter is mijn collega Esther Ouwehand aanwezig bij het debat over de Milieuraad, maar zij zit momenteel in de plenaire zaal. Daarom vervang ik haar. Hoewel ik graag uitgebreid zou ingaan op de agenda van de Milieuraad, ben ik bang dat me dat niet lukt en beperk ik me tot de teerzandolie. De Kamer heeft in oktober besloten om de regering te vragen zich in te zetten voor een Europees importverbod op teerzandolie. De winning daarvan gebeurt onder andere in Canada. De Staatssecretaris legt deze wens van de Kamer naast zich neer en voert deze aangenomen motie niet uit. De Staatssecretaris gebruikt hierbij dezelfde argumenten als tijdens het ontraden van de motie. Ze schrijft dat, omdat de olie al gemengd is als het de EU binnenkomt, een importverbod niet mogelijk is. Dat is een drogredenering. De EU-oliemarkt is namelijk al zo groot dat een gescheiden oliestroom absoluut mogelijk is. We kunnen op gang brengen dat de olie die de Europese Unie in mag geen teerzandolie mag bevatten. Kijk bijvoorbeeld naar de import van soja en mais; deze mogen geen gentechgewassen bevatten die niet in de EU goedgekeurd zijn. Er zijn ook aparte stromen voor deze gewassen, dus waarom zou dat niet mogelijk zijn voor olie? De richtlijn brandstofkwaliteit verplicht al tot het bijhouden van een administratie van de klimaatimpact van de ingevoerde brandstoffen. Bedrijven weten dus precies wat ze importeren en waar die olie vandaan is gekomen. Ze kunnen simpelweg aan hun leveranciers van teerzandolie laten weten dat deze producten niet meer welkom zijn. De Staatssecretaris schrijft verder dat een importverbod onder WTO-regels niet mogelijk zou zijn, omdat dat discriminerend zou werken tussen landen en olieproducten. Dat is een onjuiste interpretatie van onze motie. Wij vragen om een EU-importverbod op teerzandolie, ongeacht waar deze vandaan komt. Oliewinning uit teerzanden is de meest milieubelastende manier van aardoliewinning en -productie. Dat willen we buiten de EU houden en de WTO-regels staan dat toe. Canada wordt hiermee niet benadeeld ten opzichte van andere landen, want we willen ook geen teerzandolie uit Venezuela, Mozambique of Rusland. Zoals de Staatssecretaris zelf ook aangeeft, bestaat onder de WTO-regels de uitdrukkelijke mogelijkheid om tussen producten onderscheid te maken op basis van de impact van de productie op het milieu. Laat het duidelijk zijn dat de PvdD blijft aandringen op een importverbod op teerzandolie. Ik hoop dat de partijen die onze motie hebben gesteund dit blijven volhouden en samen met mijn fractie zien dat de mogelijkheden daarvoor wel degelijk bestaan. Ook de motie van D66 over de rapportage op bedrijfsniveau, die wij hebben gesteund, wordt vooralsnog niet uitgevoerd. Ik begrijp niet waarom de Staatssecretaris moties van de Kamer naast zich neerlegt. Ik vind dat ze wel erg makkelijk met die Kameruitspraken omgaat. Daarmee loopt ze het risico dat men, en dat zie ik aan de reacties van de maatschappelijke organisaties die dit volgen, het idee krijgt dat ze aan het handje van het bedrijfsleven loopt en heel erg meedenkt met het bedrijfsleven in plaats van het klimaat voorop te stellen, hetgeen ons aller belang is. Dat lijkt me niet de bedoeling, maar dat straalt haar brief helaas wel uit. Ik heb nog een laatste punt over teerzandolie. Er gaan geruchten dat de Europese Commissie de publicatie van de richtlijn wil uitstellen tot de discussie over het klimaatpakket voor 2030. Ik vraag de Staatssecretaris of zij de mening deelt dat dit een teken is voor het bedrijfsleven om te gaan investeren in pijpleidingen naar de Canadese oostkust en dat dit zeer onwenselijk is. Is zij bereid om tijdens de Milieuraad aan te dringen op een spoedige invoering van de richtlijn? Tot slot staat het punt exoten behalve op de agenda van de Milieuraad ook op de agenda van de Landbouw- en Visserijraad. Ik roep de Staatsse-cretaris op om samen met de Staatssecretaris van Landbouw dit punt coördinerend aan te pakken in Europa.

Staatssecretaris Mansveld: Voorzitter. Ik begin met de vraag van de PvdD en ik vind het erg leuk om mevrouw Thieme hier tegen te komen in plaats mevrouw Ouwehand. Ik heb de motie erbij gepakt en goed gelezen. Ik deel de zorgen over teerzandolie in de keten van transportbrandstoffen. Zoals mevrouw Ouwehand in de motie aangeeft, heeft de winning van teerzandolie negatieve lokale gevolgen. Ik zeg nu «mevrouw Ouwehand» omdat zij de motie heeft ondertekend. In de motie wordt de regering verzocht zich in te zetten voor een Europees importverbod. Ik heb schriftelijk beargumenteerd waarom dat ingewikkeld is; dat is omdat ik me in een EU-omgeving beweeg waarin de afspraken worden gemaakt. Nederland laat steeds opnieuw duidelijk blijken dat bij deze manier van oliewinnen vraagtekens te zetten zijn, ook vanuit milieuoogpunt. Inmiddels hebben we met de ambassadeur van Canada gesproken naar aanleiding van deze motie, en hebben we wederom onze zorg aange-geven, maar het ligt niet in mijn macht om de handel daarin stop te zetten, omdat we dat in de EU hebben belegd. Wat betreft mijn inzet voldoe ik aan de motie, maar de wens van de Kamer om daar een verbod neer te leggen, is dus ingewikkeld. In het tweede deel van de motie van mevrouw Ouwehand wordt mij gevraagd om, indien dit niet mogelijk blijkt in zowel de Europese als mijn eigen bilaterale contacten, actief in te zetten op het direct aanspreken van de Canadese regering. Dat doen wij met verve. Wij delen de zorg hierover, maar ik kan er persoonlijk of als Nederlands bewindspersoon niet voor zorgen dat Canada stopt met die winning. Ik begrijp het standpunt van de PvdD en ik heb in mijn brief aangegeven hoe ik daarnaar kijk. Ik doe mijn uiterste best om zo dicht mogelijk in de buurt van de motie van de PvdD te komen.

Mevrouw Thieme (PvdD): Nu de motie is aangenomen, is het standpunt van de Kamer dat er een Europees importverbod moet komen op teerzandolie. Daarnaast heeft de Staatssecretaris in haar brief geen argumenten aangevoerd, waaruit blijkt dat het niet mogelijk zou zijn. Dus ik vraag haar nogmaals waarom ze die motie niet uitvoert, aangezien zij niet aantoonbaar heeft gemaakt dat het niet kan.

Staatssecretaris Mansveld: Los van de inhoudelijke discussie over wat wel en niet mag volgens de WTO-regels is de politieke realiteit hierbij een belangrijk obstakel. De Europese Commissie heeft hier een exclusieve competentie en zal niet bereid zijn een EU-importverbod in te stellen, terwijl er tussen de EU en Canada over een vrijhandelsakkoord wordt onderhandeld. Zelfs als de Commissie dit wel zou willen voorstellen, moet er nog een meerderheid van lidstaten komen die dit importverbod steunt. Ik acht dat zeer onwaarschijnlijk. Nederland wil niet één bepaald soort ruwe olie discrimineren, maar wel de broeikasgassenuitstoot weten, zodat bedrijven de inzet van teerzanden en andere soorten CO2-intensieve oliën moeten compenseren. Die andere oliën komen namelijk in veel grotere hoeveelheden op de Europese markt dan die teerzandolie. De hoeveelheid teerzandolie op de Nederlandse markt bedraagt 0,4% en Nederland wil het 6%-reductiedoel halen. Daar ga ik voor. Ik begrijp dat mevrouw Thieme een andere uitkomst van mijn inzet wenst, maar daar zitten belemme-ringen in.

Mevrouw Thieme (PvdD): Het is nog steeds niet duidelijk waarom de Staatssecretaris de wens van de Kamer niet respecteert. Die geeft duidelijk aan dat met name de teerzandoliewinning, die een onderdeel is van de aardoliewinning, niet gewenst wordt. Dat er waarschijnlijk geen meerderheid is voor een Europees importverbod, hoeft haar helemaal niet te beletten om zich ervoor in te zetten. Er zijn wel meer zaken waarmee Nederland binnen Europa vooroploopt, waarbij we ervoor zorgen dat steeds meer landen zich bij ons aansluiten. Waarom is de Staatssecretaris zo angstig om hierin een voorloper te zijn? Staatssecretaris Mansveld: Dan druk ik mij niet goed uit, want ik probeer juist te bepleiten dat ik me ontzettend inzet, maar dat ik het doel dat mevrouw Thieme en de Kamer nastreven niet via deze weg kan bereiken. De inzet die van mij gevraagd wordt, pleeg ik echter met verve. Ik doel hierbij op de motie van mevrouw Van Veldhoven, waarvan de PvdD suggereerde dat ik die naast mij neerleg.

De heer Jan Vos (PvdA): Mijn fractie heeft deze motie over teerzandolie mede gesteund. Ik heb wel begrip voor wat de Staatssecretaris naar voren brengt: als het niet gaat, dan gaat het niet. Aan de andere kant vind ik: als het niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan. Ik vind dat we die doelen voor CO2-reductie in het oog moeten houden, maar begrijp dat er andere prioriteiten liggen. Toch speelt die transparantie van ketens wel op een aantal terreinen en is het in toenemende mate een politiek debat. We zien dat bij het koleninitiatief, bij kleding die gemaakt wordt in Bangladesh en hier bij olie. Ik begrijp heel goed dat we niet kunnen stoppen met het importeren van alle olie, omdat we niet goed kunnen traceren waar die teerzandolie vandaan komt. Complimenten voor de inzet van de ... De voorzitter: U houdt voor de tweede keer een behoorlijk lang betoog tijdens een interruptie. Ik vraag u om de interruptie kort te houden en een vraag te stellen. De heer Jan Vos (PvdA): Teerzandolie is een belangrijk onderwerp. Ik vraag de Staatssecretaris of zij in de EU aan voortgang op dit dossier wil werken en die transparantie van die keten op de wat langere termijn zou willen nastreven.

Staatssecretaris Mansveld: Ik kan bevestigend antwoorden, want dat is precies waar we naar op weg zijn en dat is de inzet die ik pleeg. Ik kan mensen alleen niet het mes op de keel zetten en zeggen: we gaan het als Europa zo doen. Dat is democratie, maar dat betekent niet dat ik na één gesprek met de Canadese ambassadeur ga stilzitten, integendeel. De heer Remco Dijkstra (VVD): Is de motie van tafel of werkt de Staatssecretaris eraan? Gaan we olie uit Canada anders behandelen dan olie uit Nigeria? Staatssecretaris Mansveld: Wij willen uiteindelijk zo schoon en innovatief mogelijke brandstoffen hebben. Er wordt gewerkt aan een handelsover-eenkomst tussen Canada en de EU. We kunnen niet traceren welk deel van de olie teerzandolie is. Dat kunnen we ook niet bij olie van andere landen. Belangrijk is dat de keten duidelijk wordt. Ik kom zo terug op het Commis-sievoorstel voor de brandstoffenrichtlijn of misschien moet ik dat antwoord gelijk maar geven. De motie over de brandstoffenkwaliteits-richtlijn leg ik niet naast me neer. Het oorspronkelijke Commissievoorstel wordt waarschijnlijk niet meer in die vorm gepubliceerd en het lijkt me beter om de Nederlandse positie daarin te formuleren aan de hand van een nieuw voorstel. Het kabinet is van mening dat de gewenste transpa-rantie en het niveau van de rapportage over alle ingezette soorten ruwe olie, dus niet alleen die uit Canada, in verhouding moeten staan tot de administratieve lastendruk in het bedrijfsleven. Ik loop niet aan de hand van het bedrijfsleven. Ik heb al vaker betoogd in deze commissie dat de stappen met betrekking tot milieuaspecten ambitieus maar haalbaar moeten zijn. Met onhaalbare of onrealistische stappen komen we niet vooruit. Zoals de VVD-fractie weet, had het kabinet problemen met het vorige Commissievoorstel. We moeten voorkomen dat het voorstel op papier een positief effect heeft op het klimaat, maar tot hogere kosten leidt. Ik ben bereid op basis van een nieuw Commissievoorstel opnieuw het debat te voeren over de juiste balans tussen de gewenste transpa-rantie in de keten en de lasten voor het bedrijfsleven. Mevrouw

Thieme (PvdD): De Staatssecretaris schrijft in haar brief dat het onmogelijk is om teerzandolie apart te bekijken, omdat die olie vaak vermengd is met bijvoorbeeld benzine. Ze zei net terecht dat de EU al bezig is om een speciale richtlijn te maken, waarbij je op basis van CO2 de bijdrage per fossiele brandstof moet gaan beoordelen, dus dat je aparte stromen moet gaan maken. Die motie voor een Europees importverbod voor teerzandolie past daar toch uitstekend in? Dan kan de Staatssecre-taris toch niet met het argument komen dat we het importeren niet kunnen verbieden omdat we het niet kunnen scheiden van andere fossiele brandstoffen? Dat moet toch al vanwege de voorstellen van de Europese Commissie?

Staatssecretaris Mansveld: Ik probeer te betogen dat ik een verbod niet per morgen voor elkaar kan krijgen. Ik heb dat al twee keer herhaald. We willen wel meer transparantie. Dat zal tot toekomstige stappen leiden, maar in verhouding tot de lastendruk en haalbare doelen.

Mevrouw Thieme (PvdD): De Staatssecretaris maakt zich zorgen over de administratieve lastendruk, terwijl de Kamer heeft gezegd dat we het omwille van het algemeen belang en onze klimaatdoelstelling aanvaardbaar vinden en dat daarom zo’n importverbod ingezet moet worden. Dit argument deelt de Kamer niet met de Staatssecretaris. Ik vraag me af wie het laatste woord heeft: de Staatssecretaris of de Kamer?

Staatssecretaris Mansveld: Wat mij betreft heeft de Kamer altijd het laatste woord. Mevrouw Thieme zet het milieu tegenover de lastendruk, maar we proberen in verhouding stappen te zetten en de ambitie te bereiken. Het onderwerp biobrandstoffen is al in een andere commissie behandeld en zal ook in de Energieraad behandeld worden in plaats van de Milieuraad. Ik heb begrepen dat de heer Dijkstra zijn inbreng daar al heeft gedaan. Aan mij is de vraag gesteld of ik als ondernemer in biobrand-stoffen in Nederland zou willen investeren. Ik denk dat de heer Dijkstra wel weet dat mijn antwoord ja is. Wij willen graag snel geavanceerde biobrandstoffen in Nederland en daar slagen we volgens mij goed in. We zijn de lidstaat met het hoogste percentage geavanceerde biobrand-stoffen. In Europa gaat het allemaal niet zo snel als we zouden willen. Ik ben constant met het bedrijfsleven in gesprek over hoe we innovatie kunnen stimuleren. Dat gebeurt onder andere met het Rotterdam Climate Initiative en de commissie-Corbey. Er is gevraagd of ik samen met de Staatssecretaris van EZ de gecoördi-neerde aanpak van invasieve soorten wil doen. Alle inbreng is gecoördi-neerd, dus ik sluit me volledig aan bij de vraag die mevrouw Thieme daarover heeft gesteld. Volgens mij heb ik daarmee de vragen van mevrouw Thieme beantwoord.

De voorzitter: Mevrouw Thieme heeft geen interrupties meer dus zij kan dat niet aangeven, maar ik zie haar ja knikken.

(...)

Mevrouw Thieme (PvdD): Voorzitter. Ik heb in mijn eerste termijn duidelijk proberen te maken dat teerzandolie een no-go is voor de Kamer. Het is goed om van de Staatssecretaris te horen dat ze zich daarvoor inzet door middel van het overbrengen van de zorgen van de Kamer aan Canada. We verwachten van haar ook een agenderende rol in de Milieuraad voor een importverbod. De Staatssecretaris had het over het vrijhandelsakkoord met Canada. Is zij met ons van mening dat dit vrijhandelsakkoord op generlei wijze een mogelijk Europees importverbod op teerzandolie of andere onduurzame grondstoffen onmogelijk kan maken? Een dergelijke clausule moet echt tegengehouden worden. Klopt het dat de Europese Commissie de publicatie van de richtlijn wil uitstellen tot de discussie over het klimaatpakket voor 2030? Is de Staatssecretaris bereid om bij de Milieuraad aan te dringen op een spoedige invoering van die richtlijn met betrekking tot de brandstoffenkwaliteit?

(...)

Staatssecretaris Mansveld: Voorzitter. De situatie met betrekking tot de WTO-regels, waar mevrouw Thieme aan refereert, is complex. Er bestaat inderdaad een uitzonderingsmogelijkheid ten behoeve van de bescherming van het milieu en daar heeft mevrouw Thieme mij ook op gewezen. Dat betekent niet dat elke maatregel die wordt genomen ter bescherming van het milieu, gerechtvaardigd is. In het geval van het EU-importverbod voor teerzandolie zullen dan bijvoorbeeld alle importen geweerd moeten worden. Teerzandolie wordt verwerkt in raffinaderijen in de VS in olieproducten zoals diesel en vervolgens geëxporteerd naar de EU. Op de handelsverstoringen heb ik in eerste termijn al een toelichting gegeven. Mevrouw Thieme vroeg naar de timing van het Commissievoorstel voor de richtlijn brandstoffenkwaliteit. Ik ben ook niet blij met vertraging van het voorstel. Hierover is de laatste maanden veel contact met de Commissie gezocht, maar dat heeft niet geleid tot publicatie van het voorstel. Er wordt nog onderhandeld over het voorstel tussen de kabinetten van Hedegaard en Barroso. De verwachting is dat het voorstel gepubliceerd zal worden, nadat de voorstellen voor het klimaat- en energiepakket voor 2030 zijn gepubliceerd. Ik blijf de vinger aan de pols houden bij de Commissie, want ik hecht eraan dat dit voorstel behandeld wordt voordat het Europarlement en de Commissie wisselen. Ik hoop dat ik daarmee tegemoetkom aan de vraag van mevrouw Thieme. Mevrouw Thieme (PvdD): We moeten er natuurlijk voor waken dat we een karikatuur maken van een dergelijk Europees importverbod, als zou dat ertoe leiden dat alle olie-importen geweerd moeten worden. Het gaat er juist om dat we verschillende stromen krijgen, waarbij we als land en als consument kunnen kiezen uit wel of geen teerzandolie. De Europese Commissie is ook van plan om met de nieuwe richtlijnen en gedane voorstellen inzicht te krijgen in de CO2-waarde die elke fossiele brandstof heeft. Ik wil hier markeren dat we geen karikatuur van het Europese importverbod moeten maken, waardoor het onmogelijk lijkt. Ik had nog gevraagd of de Staatssecretaris het met mij eens is dat het vrijhandelsakkoord op geen enkele wijze een toekomstig Europees importverbod op teerzandolie onmogelijk mag maken.

Staatssecretaris Mansveld: Ik wil zeker nergens een karikatuur van maken. Anderen kunnen dat veel beter dan ik, zowel met de pen als verbaal. Betreffende de transparantie heb ik al aangegeven dat het belangrijk is dat die er komt. We zetten stappen binnen de breedte van het milieubeleid. Ik begrijp dat de wens groot is, maar er moet wel een stukje realisme aan te pas komen. Wat betreft de vraag over het vrijhandelsak-koord heb ik al aangegeven dat het complexe regels zijn. Mevrouw Thieme vroeg of ik het met haar eens ben, maar ik blijf toch een nuance aanbrengen. Er bestaan wel uitzonderingsmogelijkheden ten behoeve van de Mevrouw Thieme (PvdD): Begrijp ik goed dat de Staatssecretaris niet kan uitsluiten dat er een vrijhandelsakkoord met Canada wordt gesloten, waardoor het onmogelijk wordt om in de toekomst een Europees importverbod op teerzandolie in te stellen? Staatssecretaris Mansveld: Ik sluit niet uit dat er een handelsakkoord wordt gesloten tussen Europa en Canada. De heer Dijkstra heeft gevraagd of ik het REACH-verhaal en het onderzoek dat wij hiernaar gedaan hebben onder de aandacht van andere landen kan brengen en het antwoord is ja. Ik zal bekijken op welke wijze dat kan; het is belangrijk dat we de conclusies en samenvattingen naar aanleiding van het onderzoek overbrengen. In eerste termijn heb ik niet volledig geantwoord op de vraag over de invasieve soorten. Gelet op de problemen rond de tijgermug wil Nederland dat schade aan de gezondheid en waterkwaliteit prominenter worden benoemd. Ik hoop dat ik hiermee tegemoetkom aan de vraag van de heer Dijkstra.bescherming van het milieu, maar dat betekent niet dat elke maatregel die genomen wordt ten behoeve van die bescherming gerechtvaardigd is.