Bijdrage Partij voor de Dieren AO Land­bouwraad


28 september 2008

Voorzitter. Als we af moeten gaan op de inzet van onze minister in de debatten over de Health Check, dan kan ik niets anders dan concluderen dat de gezondheid van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid nog steeds ernstig in het geding is:

  • De minister wil niet meegaan in de voorgestelde extra afroming van de inkomenssteun (van 5% naar 13%) ten gunste van de tweede pijler en de nieuwe uitdagingen op het gebied van klimaat, energie, water en biodiversiteit;
  • De minister wil niet te lastige voorwaarden (cross compliance) stellen aan de inkomenssteun;
  • De minister wil niet dat de randen van sloten en waterlopen gevrijwaard blijven van pesticiden en kunstmest;

    De voorgestelde maatregelen van Fischer Boel om het GLB een maatschappelijker gezicht te geven, worden door onze minister met de hakken in het zand ontvangen. Dat vind ik niet getuigen van de voortrekkersrol die ons land zou moeten spelen op Europees niveau (oude lidstaat verantwoordelijkheid, veel milieuproblemen veroorzaakt door landbouw noopt tot aanpassing).

    Maar wat wil de minister dan wel?
  • Een fikse quotumverruiming, terwijl deze in Nederland de realisatie van de broodnodige ammoniakdoelstellingen in gevaar brengt en het onduidelijk is welke klimaat en andere milieueffecten de verwachte groei van de veestapel en productie teweeg zal brengen;
  • Boeren te betrekken bij het beheer van waardevolle natuurgebieden terwijl uit onderzoek blijkt dat agrarisch natuurbeheer nauwelijks iets heeft opgeleverd;

    Voorzitter. Ik had meer van deze minister verwacht in het licht van de noodzakelijke verduurzaming van landbouw in Nederland. Maar de minister lijkt in Europa toch nog liever het karretje van het sectorbelang te trekken. Toch is het hoog tijd dat de miljarden euro’s subsidie eindelijk worden ingezet voor de collectieve waarden die wij delen en waarvoor wij collectieve gelden in willen zetten: een schoon milieu, robuuste natuur, een mooi landschap, een beter dierenwelzijn, een leefbaar platteland.

    De partij voor de Dieren vraagt de minister om de onderhandelingen binnen Europa alsnog in te gaan met alle Nederlanders in haar achterhoofd en niet alleen die groep agrarische ondernemers die nu de subsidies ontvangen. En daarbij vooraan te staan, in plaats van met de hakken in het zand.

    Dus:
  • Voor de 20% vrijwillige modulatie te gaan om de uitdagingen op gebied van klimaat, energie, water, natuur en dierenwelzijn te kunnen uitwerken;
  • Bufferstroken toe te juichen om de biodiversiteit in sloten een kans te geven;
  • Aansprekende, bovenwettelijke en strenge voorwaarden te verbinden aan de directe inkomenssteun op het gebied van dierenwelzijn, milieu en klimaat.

    Graag een reactie.

    Voorzitter. Transporten van levende varkens naar slachthuizen in Rusland zijn met de huidige Europese regelgeving niet te stoppen. De minister maakt zich bezorgd om het lot en de ontberingen van de duizenden varkens, maar is met handen gebonden omdat haar eigen partij in 2006 de mogelijkheid tot aanvullende regelgeving onmogelijk heeft gemaakt. Een verzoek van de minister aan de sector om vrijwillig af te zien van het vervoer van levende varkens voor de slacht aan Rusland, is aan dovemansoren gericht.

    Dat is geen verrassing, want het is bekend dat de veetransportsector een kwartje winst prevaleert boven duurzaam en diervriendelijk bezig zijn. Ook hebben zij keer op keer laten zien geen verantwoordelijkheid te kunnen en willen nemen. Ik hoop dat de minister door deze onwil vanuit de sector eindelijk is wakker geschud uit haar wensdroom van het bedrijfsleven als bondgenoot bij het verbeteren van dierenwelzijn.

    Maar de minister verzekerde mij twee weken geleden dat zij echt begaan is met de varkens op transport en daarover zeker geen krokodillentranen plengt. In Europees verband wil zij, bij de bespreking van het herzieningsvoorstel van de Europese Transportrichtlijn, zich hard maken voor een maximum transporttijd van acht uur. De verwachting is dat dit voorstel pas medio 2009 wordt gepresenteerd.

    Is de minister bereid, gezien de ernst van de huidige ontwikkelingen en de onwil van de sector om eigen verantwoordelijkheid te nemen, de transportproblematiek bij de volgende landbouwraad te agenderen of de negatieve ontwikkelingen met betrekking tot diertransporten naar Rusland in Europees verband te signaleren?

    Voorzitter. Dan kom ik bij de Nederlandse inzet voor het schoolfruitprogramma. De Partij voor de Dieren is een voorstander van het stimuleren van gezonde voeding. Het verstrekken van fruit op scholen kan een bijdrage leveren aan een gezond voedingspatroon waardoor obesitas en bijkomende risico’s op hart- en vaatziekten kunnen worden voorkomen. De minister schaart zich echter niet meteen achter het Europese voorstel omdat zij al in Nederland lopende schoolfruitprogramma’s wil integreren. En dat is nu niet toegestaan.

    Ik vraag me af op welke succesvolle nationale programma’s de minister doelt en waarom deze geïntegreerd moeten worden?

    Is de pilot van Campina om naast schoolmelk,ook fruit te leveren ook een van de initiatieven?

    Voorzitter. Ik weet niet of er al concrete plannen liggen voor de verdere invulling van het schoolfruitprogramma in Nederland, maar ik wil graag duidelijkheid of het schoolfruitprogramma wordt gekoppeld aan de schoolmelkinfrastructuur.

    Wij vinden dat koppelverkoop voorkomen moeten worden. Het moet niet zo zijn dat je als school bij deelname aan het schoolfruitprogramma je automatisch of gedwongen wordt mee te doen aan het schoolmelkprogramma. Daarin wordt weliswaar nu wat meer op voedingskundige aspecten gelet, maar het gaat nog steeds om onverzadigde vetten en er worden suikers (in drinkyoghurt en chocomel) toegevoegd. De positieve effecten van schoolfruit kunnen dus in één slok melk teniet worden gedaan.

    Ik maak me daar zorgen over want de Wereldgezondheidsorganisatie heeft recentelijk nog aangetoond dat het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid en de jarenlange stimulering van het consumeren van zuivel tot meer hart- en vaatziekten heeft geleid.

    Graag een reactie

    Dan wil ik kort stil staan bij de haperende uitvoering van een aantal moties en toezeggingen die verbonden zijn met het Europese speelveld.

    Voorzitter. In februari dit jaar verzocht een meerderheid van de Kamer de regering om eindelijk de Europese Overeenkomst ter Bescherming van Huisdieren te ratificeren. Achttien lidstaten zijn ons hierin de afgelopen twintig jaar voorgegaan. Samen met Azerbeidjan en Italië zijn wij de enige lidstaat die nog niet heeft geratificeerd. Hoe is het mogelijk dat al deze landen voor elkaar krijgen wat ons niet zou kunnen lukken? De minister stelt in een reactie het verdrag niet zegt te kunnen uitvoeren. Of is er vooral sprake van niet willen?

    Met welk deel van de overeenkomst heeft de minister precies moeite? Ligt het aan de voorwaarde dat dieren voldoende beweging moeten krijgen? Ligt het aan de voorwaarden die gesteld worden aan het gebruik van dieren voor amusementsdoeleinden? Ligt het aan het verbod op de verkoop van dieren aan jongeren onder de 16 jaar?

    Kan de minister toelichten hoe dit zich verhoudt tot de koploperspositie die zij zo ambieert en het level playing field in Europa dat zij zegt te willen respecteren?

    Ook de Raad voor Dierenaangelegenheden adviseerde in januari met klem om de overeenkomst te ratificeren, om Nederland als pleitbezorger voor dierenwelzijn geloofwaardigheid te geven. Graag een reactie van de minister.

    Is de minister bereid zo snel mogelijk alsnog over te gaan tot ratificatie van de overeenkomst?

    Voorzitter. Dan de motie van het lid Thieme om de wijze waarop de wettelijke vleeskeuringen zijn uitbesteed aan het commerciële bedrijf KDS ter goedkeuring voor te leggen aan de FVO en Europese Commissie. Ik weet dat september nog niet voorbij is en dat er nog vijf dagen zijn waarop we binnen de gestelde termijn de voortgangsrapportage over de VWA perikelen kunnen ontvangen.

    Toch zou ik nu al van de minister willen weten hoe het staat met de beoordeling van de KDS werkwijze door de FVO en de Europese Commissie. Is de reactie vanuit Brussel al bekend en wat is de beoordeling?

    Voorzitter. Dan heeft de minister tijdens de landbouwraad in november vorig jaar de toezegging gedaan de nieuwe certificeringssystemen voor het transporteren van dieren voor te leggen aan de Europese Commissie. Dat zou voor de zomer gebeuren en de Kamer zou hierover worden geïnformeerd. Nu is het kwaliteitssysteem Dierwaardig Vervoer van de transportsector nog niet eens geaccrediteerd en zijn er problemen met onafhankelijkheid van het toezicht. De Kamer heeft de minister daar deze week al een brief over gevraagd.

    Ik ben benieuwd of de certificeringssystemen al aan de Europese Commissie zijn voorgelegd, wat hun beoordeling is en zo niet waarom deze systemen dan al in werking zijn getreden zonder dat duidelijk is of zij voldoen aande eisen van de Europse transportrichtlijn? Graag een reactie