Bijdrage Partij voor de Dieren AO biodi­ver­siteit


3 juni 2008

Voorzitter. Een geïsoleerde indianenstam in het Amazone gebied op de grens van Peru en Brazilië werd vorige week vrijdag aan de buitenwereld getoond teneinde hun leefomgeving te beschermen tegen oprukkende houtstropers. Afgelopen maandag maakte de Braziliaanse overheid bekend dat de vernietiging van het regenwoud sneller gaat dan ooit. Gisteren was in het nieuws dat de toegenomen vraag naar soja en vlees in Aziatische landen de ontbossing nog verder versterkt. Vandaag lezen we dat de wereldvoedselcrisis heeft geleid tot een noodkreet van de secretaris generaal van de VN om in het westen dringende en gedurfde stappen te nemen.

Het voortdenderende verlies aan biodiversiteit en alle gevolgen en oorzaken die daarmee samenhangen zijn niet alleen de zorg meer van natuur- en milieuactivisten. Het bestrijkt een steeds groter deel van het dagelijks nieuws en vult de hoofden van beleidsmakers, politici en wereldleiders met zorgen. Maar ondanks de erkenning dat we een van de grootste collectieve waarden op deze aarde dienen te beschermen, blijkt dat de mogelijkheid om snel veel geld te verdienen machtiger is. Alle inzet, beleidsmaatregelen, controlemechanismen en sancties van de betreffende overheden ten spijt.

Het wordt echter tijd dat wij - de westerse consument met de onevenredig grote voeten – eindelijk onze verantwoordelijkheid gaan dragen.

Elk jaar verdwijnt er 13 miljoen hectare oerbos, zo schrijft de minister in een persbericht naar aanleiding van de biodiversiteitsconferentie die afgelopen week in Bonn plaatsvond. Dat is bijna vier keer het totale oppervlakte van Nederland. En dat per jaar. Ik vind het dan ook ronduit beschamend dat de doelstelling in de verklaring van de deelnemende partijen aan het biodiversiteitsverdrag niet verder reikt dan de afspraak om in 2020 de ontbossing netto te hebben gestopt. Ik vraag me zelfs af of er überhaupt nog bossen over zijn tegen die tijd als we het huidige ontbossingstempo in ogenschouw nemen.
Ik begrijp dat internationale afspraken vaak te wensen overlaten als het om ambitieniveau gaat. Immers, niet alle landen hebben een dikke portemonnee en een welvarende bevolking om de afwenteling van de verkregen rijkdom op arme mensen dieren, milieu, natuur en biodiversiteit een halt toe te roepen. Maar Nederland heeft dat wel.

Ik vind het daarom moeilijk te begrijpen dat het kabinet niet te beroerd is hard op te treden tegen burgers die een fiets stelen of een gestolen fiets kopen - gisteren is zelfs een landelijke overheidscampagne gestart om fietsendiefstal tegen te gaan - maar dat het kabinet het wel toestaat dat 70% van de tropisch hardhouten producten die in Nederland wordt verkocht nog geen FSC keurmerk heeft en daardoor hoogstwaarschijnlijk uit illegale kap afkomstig is. En dat hetzelfde kabinet geen harde eisen wil verbinden aan de herkomst en productieomstandigheden van soja waarvan bekend is dat gewelddadige onteigening, illegale ontbossing en schuldslavernij aan de orde van de dag zijn. Graag een reactie.

Voorzitter. Het hoeft geen betoog dat de Partij voor de Dieren het streven van dit kabinet van harte ondersteunt om ons beslag op de biodiversiteit niet meer op onduurzame wijze af te wentelen op het buitenland. Maar mijn partij is zeer verbaasd dat dit loffelijk streven vooral blijft hangen in mooie woorden. Mooie woorden zetten geen zoden aan de dijk, voorzitter. Ze doen bij mij het wrange vermoeden rijzen dat we daarmee in slaap worden gesust om zo echte stappen voorlopig uit de weg gaan. Zoals stevige beleidsmaatregelen die werkelijk onze aanslag op de biodiversiteit elders aanpakken.

Ook het International Union for Conservation of Nature (IUCN) heeft in haar reactie op het beleidsprogramma biodiversiteit aangegeven dat er meer ambitie en daadkracht nodig is. Dat de afrekenbaarheid ontbreekt en dat het onduidelijk is welke concrete resultaten er bereikt zullen worden. Dit gebrek aan concretisering lijkt een terugkerend thema in de LNV beleidsprogramma’s want ook de Algemene Rekenkamer geeft keer op keer aan dat LNV onvoldoende werkt met concrete en afrekenbare doelen.

En die afrekenbare doelen zijn juist hard nodig, zo blijkt uit het zojuist verschenen Alterra rapport. De conclusie is helder: de huidige biodiversiteit- doelstellingen voor 2010 zullen bij ongewijzigd beleid niet worden gehaald. En dit zal leiden tot enorme fysieke, sociale en economische verliezen. De kosten van het uitblijven van extra maatregelen om de biodiversiteit te beschermen zullen aanzienlijk zijn. Vooral omdat de waardevolle eigenschappen van ecosystemen zoals het vastleggen van koolstof in bossen en schone watervoorziening als dramatisch zullen afnemen. Alleen al de economische gevolgen worden geschat op 14.000 miljard euro in 2050 en ik zal de opsomming van de sociale en fysieke gevolgen omwille van de tijd hier achterwege laten.

Ik van de minister willen weten waarom dit kabinet bij het aanpakken van grote maatschappelijke en ecologische problemen alleen zijn pijlen richt op vrijblijvende marktmechanismen en blijft geloven in het verantwoord keuzegedrag van de consument. Waarom laat zij regulerende maatregelen achterwege?

Het Milieu en Natuurplanbureau stelde vorig najaar in de Milieubalans dat de overgrote meerderheid van de consumenten een stevige regie van de overheid wil. Deze mensen willen niet de keuze hebben tussen slecht en nog veel slechter, zij willen dat de overheid ervoor zorgt dat onduurzame producten niet meer in het winkelschap terecht komen. Ik ben daarom erg teleurgesteld in het ambitieniveau zoals verwoord in het voorliggende beleidsprogramma. Enerzijds wordt wel de noodzaak tot verandering neergezet, maar vervolgens niet wordt weinig dwingends gedaan aan het weren van illegaal geproduceerde producten die de biodiversiteit elders aantasten. Graag een reactie.

Voorzitter. Naast de consumenten zullen ook biodiversiteitspijlen gericht worden op de productenten. Nu vind ik het ronduit teleurstellend dat ook hier instrumenten worden ingezet die alleen zijn gericht op vrijblijvende en vrijwillige gedragsverandering zoals het stimuleren van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Ik zal u aan de hand van uitspraken van vooraanstaand econoom Reich uitlegggen waarom bedrijven niet moreel zijn en daarom ook geen morele keuzes zullen maken. Ik citeer: ‘Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen is weinig meer dan flauwekul. De ravage die het superkapitalisme overal aanricht, kan alleen maar gekenterd worden door een versterking van onze publieke instituties’. Bedrijven zijn niet goed of slecht, bedrijven zijn amoreel en meer kunnen we van hen ook niet verwachten voorzitter.

Ik vraag me daarom oprecht af waarom de minister ook op dit beleidsveld niet verder gaat dan vrijblijvende afspraken met het bedrijfsleven en het bevorderen van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Wanneer wordt het wel tijd voor regulerende maatregelen en regelgeving om de schrikbarende snelheid waarmee de biodiversiteit teloorgaat een halt toe te roepen?

Voorzitter, ik rond af. Het Wereldnatuurfonds heeft uitgerekend dat als alle wereldburgers hetzelfde consumptiepatroon er op nahouden als de westerse mens, er minimaal twee aardbollen nodig zijn. Er is gewoonweg niet voldoende ruimte om de grote voet waarop we leven vol te houden zonder de biodiversiteit en de leefruimte van minderbedeelden en de habitat van miljarden dieren onherstelbaar aan te tasten. Dat vraagt om rigide maatregelen en een beleid dat aanspoort tot stevige stappen. Het beleidsprogramma benoemt deze problemen en dat vind ik winst, maar echte oplossingen worden niet gegeven. Dat is een gemiste kans.

Dank u wel.