Bijdrage Partij voor de Dieren aan AO Politie


14 april 2008

Voorzitter,

Dertig procent van de aanbevelingen uit het TNO-rapport over het gebruik van politiemunitie is nog niet besproken door mijn collega-kamerleden. En ook de minister voelt zich kennelijk niet geroepen daar werkelijk aandacht aan te besteden. Dat blijkt uit haar brief van 15 februari jl.
Ik heb het over de veiligheid en het oog voor de belangen van dieren die slachtoffer zijn van de geweldsmiddelen van de politie.
De veiligheid van mensen in onze samenleving waar de politie voor moet zorgen heeft de volle aandacht van deze Kamer. Terecht. Echter, het feit dat ook de veiligheid van dieren vaak in het geding is, wordt hier ten onrechte genegeerd.
In het TNO-rapport wordt met klem gewezen op het feit dat de gebruikte politiekogel, de zogeheten Action Effect Kogel, absoluut ongeschikt is om in noodsituaties een dier op humane wijze te doden. Deze kogels zijn namelijk bedoeld om een verdachte zodanig te verwonden dat die stopt met zijn aanval, maar daarbij geen dodelijk letsel oploopt. Dieren echter, sterven een gruwelijke langzame dood met bloederige taferelen.

TNO geeft verder aan dat er een onderzoek nodig is naar veilig en ethisch aanvaardbare methoden om dieren te doden. Ook stelt TNO dat het belangrijk is om in kaart te brengen hoe vaak en onder welke omstandigheden de Nederlandse politie schiet op dieren.
De reactie van de minister is echter dat ze zelf “geen aanwijzingen heeft dat de huidige politiemunitie niet adequaat functioneert” en reageert verder op de conclusies van TNO alsof het de eerste keer is dat er gewezen wordt op het ondeugdelijk hanteren van crisissituaties waar dieren bij betrokken zijn. “ze zal er wel eens naar gaan kijken’, is de strekking van haar antwoord.
• Waarom stelt de minister in haar brief aan de Kamer dat “de problematiek met betrekking tot dieren buiten de reikwijdte van het opstellen van criteria voor nieuwe politiemunitie valt”?
• Kan de minister aangeven hoe zij op basis van het evaluatierapport van TNO tot deze conclusie komt. Nu het rapport zelf concludeert, en ik citeer “dat de Nederlandse politiemunitie niet ontworpen is op een afdoende uitwerking tegen dieren en dat ‘zeker bij grote dieren te betwijfelen valt of de huidige politiemunitie voldoende effect sorteert”?
• Komt de minister met een degelijk onderzoek naar de dodingsmethoden van dieren door de politie?
• Gaat de minister in kaart brengen hoe vaak en onder welke omstandigheden de Nederlandse politie op dieren schiet in Nederland?

Voorzitter, u weet denk ik inmiddels, als u de kranten een beetje bijhoudt, dat de Partij voor de Dieren overspoeld wordt met meldingen van klokkenluiders uit de diverse controle- en opsporingsdiensten van de overheid. Zo wist ook een aantal van deze oud-politieagenten te melden dat er al in 1999 een niet openbaar KLPD rapport is opgesteld, waarin onder meer zou staan dat er veel meer vanuit het belang van het dier en vanuit diergeneeskundig oogpunt moet worden gehandeld bij het gebruik van geweldsmiddelen door de politie. Ook zou de politie veel meer moeten samenwerken met een netwerk van immobiliserende dierenartsen.
• Kan de minister aangeven of dat rapport inderdaad bestaat?
• En, indien het bewuste rapport bestaat, wat is er de afgelopen negen jaar gedaan met de aanbevelingen die volgens de klokkenluiders zijn gedaan? Kennelijk niet veel, gezien de conclusies van TNO.

Voor het eerst in de parlementaire geschiedenis staat er in een regeerakkoord expliciet dat dierenwelzijn bijzondere aandacht heeft bij dit Kabinet. Dit naar aanleiding van de toenemende zorg in onze samenleving over de wijze waarop wordt omgegaan met dieren.
Het aantal meldingen van dierenmishandeling en –verwaarlozing neemt ieder jaar toe en daarbij ook het aantal klachten rondom het gebrekkige optreden ter bescherming van dieren door de overheidsdiensten, waaronder de politie. Mensen die aangifte doen van mishandeling of het doden van hun huisdier krijgen negen van de tien keer te horen dat er geen onderzoek zal worden ingesteld om de dader te achterhalen.
Deze feiten moet de minister toch zeker aansporen meer prioriteit te geven aan deze altijd maar weer vergeten groep in onze samenleving.

Voorzitter, tot slot.
De Partij voor de Dieren is van mening dat de politie een uitgesproken zorgtaak heeft voor dieren die in moeilijke omstandigheden verkeren. Op elk moment dat burgers geconfronteerd worden met dieren die in nood verkeren, bellen ze 112 en worden ze in veel gevallen doorverbonden met de politie. Het kan en mag niet zo zijn dat de politie op dat moment zonder deugdelijke instructies én zonder deugdelijke munitie moet handelen, daarmee dierenleed veroorzaakt in plaats van dat de politie nou juist de helpende hand wil bieden. Het is in het belang van de politie zelf, van dieren en van mensen die willen dat dieren met respect behandeld worden, dat er adequate regels, voorzieningen en instructies komen waarmee dieren via politieoptreden geholpen kunnen worden, in plaats van daar slachtoffer van worden.

Dank u wel