Bijdrage Ouwehand Verant­woor­dings­debat I&M 29-6-17 (glyfosaat, ballonnen, klimaat­ak­koord)


12 juli 2017

Voorzitter. De Partij voor de Dieren is als het even kan altijd aanwezig bij verantwoordingsdebatten, want we vinden dat de leukste debatten ooit! Gisteren hadden we het genoegen om het met het ministerie van Economische Zaken te doen, de staatssecretaris die verantwoordelijk is voor Landbouw. En dat werd heel gezellig! Misschien lukt dat vandaag ook.

Ik bedank de rapporteurs voor het werk dat zij hebben gedaan. Ik zou het kabinet en dan met name de staatsecretaris op drie punten willen voorhouden welke opdrachten er eigenlijk op hun bordje lagen, niet alleen het afgelopen jaar maar eigenlijk al langer en hoe de staatssecretaris daarmee is omgegaan.

Glyfosaat
De Kamer heeft al een poos geleden de wens uitgesproken via een aangenomen motie om de verkoop van glyfosaat Roundup aan particulieren te verbieden, de motie-Ouwehand/Schouw (27858, nr.240). De Kamer heeft meer moties in die richting gesteund. We willen echt dat het gifgebruik zowel binnen als buiten de landbouw fors wordt verminderd. De staatssecretaris is daar op zichzelf serieus mee aan de slag gegaan, maar er was nog wel wat misverstand over de evaluatie van de maatregelen die zijn ingezet. Het lijkt erop dat een verbod op de verkoop van Roundup aan particulieren niet kon, omdat de Europese regels over het gebruik van landbouwgif in Nederland zo zijn geïmplementeerd dat alle ruimte die een nationale lidstaat zelf nog heeft binnen de Europese regels, is verdwenen.

Het is te strikt in onze wetgeving neergelegd, zodat er nu geen juridische grondslag is om het verbod waar de Kamer om heeft gevraagd, daadwerkelijk te kunnen implementeren. Het kabinet heeft daarom gezegd: "Oké, dan stellen we beperkingen aan het gebruik. Je mag het nog wel kopen, maar je mag dat gif niet op tegels gieten, alleen op de plantjes." Dat past dan nog wel in de procedure die voor ons openstaat: eerst een minder vergaande maatregel nemen en daarna bekijken wat die heeft opgeleverd, voordat je kunt overgaan tot een wettelijk verbod. Aanvankelijk zou dat eind dit jaar worden geëvalueerd. Ik heb begrepen dat die evaluatie door bepaalde ontwikkelingen toch later komt. Maar de staatssecretaris heeft een jaar geleden ook aan de Kamer geschreven dat het om tot een verbod over te kunnen gaan, nodig is om de Wet gewasbeschermingsmiddelen te wijzigen en dat ze daar in elk geval mee aan de slag zal gaan, zodat wij als nationale lidstaat die mogelijkheid in ieder geval hebben, of we nu wel of niet overgaan op een verbod. Mijn vraag is of de staatssecretaris inmiddels in het stadium zit dat ze het wetsvoorstel naar de Kamer kan sturen. Ik weet dat het kabinet op dit moment demissionair is, maar het gaat verder over geen enkele inhoudelijke beslissing, behalve dat we als nationaal parlement en als nationale regering zo veel mogelijk bevoegdheden zelf houden, omdat het dan niet per se nodig is om die weg te strepen. Kan dat wetsvoorstel naar de Kamer komen?

Ballonnen
De Kamer heeft uitgesproken (motie-Ouwehand (30872, nr. 177)) dat we ervoor moeten zorgen dat er niet te veel afval in het milieu terechtkomt. Als er duizend mensen op een festival staan en ze laten allemaal een plastic zak liggen, vinden we dat heel erg, maar als we per jaar een miljoen ballonnen de lucht in laten — die komen ook allemaal in het milieu terecht! — dan doen we er eigenlijk niks aan. Mijn oproep aan het kabinet was dan ook dat het oplaten van ballonnen moest worden ontmoedigd.

Die oproep is zo'n beetje drie jaar geleden gedaan en we hebben sindsdien niet zo heel veel resultaat gezien. Nog steeds staan ballonnen in de top vijf van zwerfafval dat wordt aangetroffen op de stranden. Ik zag laatst zelfs een berichtje dat in Volendam een milieustraat — een milieustraat, hè! — werd geopend met het feestelijk oplaten van ballonnen. Nou, dan heb je het niet helemaal begrepen! Mijn vraag aan de staatssecretaris is of zij nog steeds met de Kamer van mening is dat zwerfafval, of het nu eerst de lucht in gaat en daarna op de straat terechtkomt of dat het meteen op straat terechtkomt, zo veel mogelijk wordt voorkomen. Zo ja, wat kan zij dan doen om ervoor te zorgen dat het echt ophoudt met die ballonnen? Ik aarzel een beetje om in een motie te vragen om een verbod, want volgens mij is het al verboden om afval in het milieu te brengen. Ik vraag de staatssecretaris wel welke mogelijkheden zij nog ziet.

Klimaatakkoord
Tot slot, het klimaatakkoord van Parijs. Bij de begrotingsbehandeling …

De voorzitter:
Mevrouw Ouwehand, zou u dat laatste punt dan wel kort willen maken, want u bent al door uw spreektijd heen. Ik ben een klein beetje coulant geweest, maar voor een heel nieuw punt hebt u niet zo veel ruimte meer.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dan vraag ik de staatssecretaris of zij vanuit haar verantwoordelijkheid nu nog een taak ziet om het voorwerk te doen dat het mogelijk maakt voor het volgende kabinet om de maatregelen voor de uitvoering van het klimaatakkoord van Parijs te nemen.

Beantwoording bewindspersoon

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik dacht eventjes dat de staatssecretaris meteen mijn vraag zou beantwoorden over wat zij nu kan doen, gelet op het klimaatakkoord van Parijs. Het liep al een beetje hoog op, maar ik wil de staatssecretaris toch voorhouden dat het wel waar kan zijn dat de afgelopen kabinetsperiode, straks terugkijkend, een keerpunt markeert in het Nederlandse klimaatbeleid, maar dat dat niet het doel is. Het doel is niet om over te stappen van helemaal niet inzetten op de energietransitie naar het toch doen, want het echte doel is die 1,5ºC. Demissionair of niet, Nederland heeft zich gecommitteerd aan het klimaatakkoord van Parijs en deze staatssecretaris is daar nog verantwoordelijk voor, ook al is ze demissionair. Het lijkt mij dat we geen dag mogen verliezen omdat we ons wel aan die grote opgave hebben gecommitteerd. Ik heb het haar vaker gevraagd, maar het is niet genoeg om scenario's te schetsen waarover misschien in het volgende kabinet besluiten worden genomen. Kan zij in ieder geval in kaart brengen wat er allemaal moet en hoe dat zou kunnen? Daar moeten ze op het ministerie toch zeker nu al mee aan de slag zijn?

Staatssecretaris Dijksma:
We zijn misschien wel demissionair, maar dat betekent niet dat we ons daar iets van aantrekken. Ik zie een paar mensen nu ongerust kijken, maar slaapt u rustig door! Laat ik het uitleggen: dit is staand beleid. In de energieagenda hebben we afgesproken dat we op vijf sectoren transitiepaden zullen maken, waarvan de kosten, al was het maar speciaal voor de heer Van Aalst, door het PBL worden doorberekend. Die paden en die kosten komen in het najaar naar de Kamer. Het kan niet anders dan dat we daar op dit moment achter de schermen aan werken, want anders krijgt u ze niet. Die concrete klimaatplannen, om het maar even zo te zeggen, komen eraan en daar kunt u dit najaar over spreken.

Ondertussen onderhandelen we in Europa over bijvoorbeeld alles wat we aan effort sharing kunnen doen in de zogenoemde non-ETS-sectoren. Nederland is bereid om zijn fair share te nemen, maar nog niet iedereen is zover. Ik ben nu dus bezig om er überhaupt voor te zorgen dat mijn collega's in Europa ook gaan doen wat ze eerder beloofd hebben en dan zijn we dus nog nowhere near de 2ºC, hè. Dan zijn we gewoon bij datgene wat we in 2014 in Brussel aan elkaar hebben beloofd als zijnde onze bijdrage aan het akkoord van Parijs.

Er zal ook volgend jaar of het jaar daarop in de cyclus wereldwijd besloten moeten worden of we daarmee op koers liggen. Daar bereiden we ons ook op voor. Er komt een studie naar de 1,5ºC en Nederland betaalt verder via de universiteit van Nijmegen een extra bijdrage om ervoor te zorgen dat die studie er zeker komt en dat het een goede studie wordt, een wetenschappelijk doorwrochte studie. Wij doen echt op al die terreinen nog steeds van alles. In Brussel ben ik waar dat nodig is aan het onderhandelen. In die zin trekt de karavaan gewoon verder, alleen op enig moment zonder mij.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Kort. Is de staatssecretaris ervan overtuigd dat alles wat zij nu in gang zet, bijdraagt aan het behalen van die 1,5ºC-doelstelling of voelt zij zich op welke manier dan ook geremd om die dingen te doen of in gang te zetten, waarvan zij denkt dat die nodig zijn?

Staatssecretaris Dijksma:
Binnen wat er in mijn vermogen ligt, doe ik echt alles. En ja, dat gaat helpen, want als we niks doen, dan stokt de hele zaak. In die zin is dat zo, maar het is ook zo dat een nieuw kabinet natuurlijk een ambitieus programma zal moeten afspreken, bijvoorbeeld voor de periode na het energieakkoord. Na 2023 stopt het immers niet, want we moeten door. Dat zijn wel zaken, waar … Ik houd me echt wel aan de spelregels. Ik zeg het maar, voordat iemand zich daar zorgen over gaat maken. De heer Van Helvert begint nu weer wat zonniger te kijken! Dat is echt iets wat aan een nieuw kabinet is. Dat gaan wij nu niet meer doen, maar wij doen wel de dingen die wij eerder ingezet hebben. Die bereiden we voor.

Voorzitter. Ik ben nog steeds bij mevrouw Ouwehand en haar ballonnen. Om die op te laten is, zo begrijp ik, een gemeentelijke vergunning nodig en veel gemeenten hebben al een ontmoedigingsbeleid. In een enkele gemeente is het zelfs al verboden, maar op die manier is het dus geregeld. We hebben daar dus geen nationaal beleid voor.

De andere vraag betrof het wetsvoorstel glyfosaat. Ik heb er gisteravond om een uur of tien een go op gegeven, maar ik weet dan nog niet zeker of zo'n brief ook inderdaad meteen …

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik heb de brief gezien.

Staatssecretaris Dijksma:
… in uw postbus is geland. In die brief heb ik het hele werkprogramma uiteengezet. Er zijn hogere machten dan mijzelf, namelijk de Raad van State, en daar kan ik gewoon niet omheen. Dat wil ik ook niet, want wat zij zeggen, zorgt ervoor dat zo'n cruciaal voorstel met daarin het verbod op de verkoop van een middel voorzien is van een goede rechtsgrond. Daar wordt aan gewerkt. We hebben in 2018 een tussenbalans voor ogen. We gaan met die evaluatie dus niet alleen maar twee jaar verder zitten. We gaan al heel snel aan de hand van de verkoopcijfers bekijken wat er gebeurt. Werkt bijvoorbeeld de green deal? In 2019 is er vervolgens de evaluatie.

We hebben die wettelijke basis, gelet op wat er allemaal in Europa in dit dossier gebeurt, waarschijnlijk op z'n vroegst volgend jaar gereed. Ik zeg u eerlijk dat dit echt voer voor juristen is. Als het allemaal zo eenvoudig was, had die wet er echt al wel gelegen. Daarom ook is het advies van de Raad van State voor ons echt wel een ding. Het betekent even oppassen geblazen, want je moet het heel precies regelen. Dat heb je gewoon niet zomaar voor elkaar.

Tweede termijn

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. Het valt mij mee dat mijn CDA-collega nog op zijn stoel zit, want hij viel toen ik zojuist begon over de milieuvervuiling als gevolg van het oplaten van ballonnen bijna van zijn stoeltje af. Hij zei toen: dien die motie dan in, want ik wil er iets over twitteren. Waarop ik zei: u kunt toch nooit over de heer Dijkstra van de VVD heen, die altijd alles uit zijn verband trekt en al eerder heeft getwitterd dat de Partij voor de Dieren kinderfeestjes wil verbieden, omdat we een punt maken van het oplaten van ballonnen. Daar zijn wij niet zo bang voor, want we kunnen de heer Dijkstra goed hebben. Als de heer Van Helvert mee gaat doen, hem ook.

Ik wil mijn collega's het volgende meegeven, maar eerst zeg ik tegen de staatssecretaris dat we hierop terugkomen, aangezien de resultaten van de eerder gemelde motie eigenlijk nul zijn. Mijn collega's wil ik meegeven dat kinderen het wel snappen. Kinderen snappen dat als we met zijn allen afspreken dat zwerfafval echt voorkomen moet worden omdat het heel slecht is voor de dieren, voor het water en voor het milieu, het gek is om ballonnen op te laten, omdat die ook in het milieu terechtkomen. Het kan zijn dat sommige partijen daar moeite mee hebben en dat het kwartje wat tijd nodig heeft om te vallen. We komen er dus op terug en ik kan iedereen aanbevelen om deze zomer een werkbezoek af te leggen bij de Stichting De Noordzee en mee te helpen om het strand op te ruimen. Dan zie je vanzelf wel of onze mooie woorden over het terugdringen van zwerfafval in de praktijk ook daadwerkelijk resultaat hebben. Een verantwoordingstaakje voor de Tweede Kamer zal ik maar zeggen.

Dan de Wet gewasbeschermingsmiddelen. Ik ben een beetje verbaasd over de beantwoording van de staatssecretaris. Nogmaals, zij heeft gezegd: we gaan die wet wijzigen om in elk geval een grondslag te kunnen creëren om als dat nodig is, zelf te kunnen handelen. Dit even los van de vraag of dat uit de evaluaties gaat blijken. Het blijkt dus heel ingewikkeld te zijn. Kan de staatssecretaris de Kamer in elk geval informeren hoe het staat met de voorbereidingen van die wetswijziging? Mij staat bij dat met de laatste wijziging van de Europese verordening of de richtlijn het ging om een simpel amendement dat er toen toe heeft geleid dat we in Nederland niet zelfstandig dit soort verboden kunnen doorvoeren. Die mogelijkheid was er echter wel. Het was een simpel amendement dat dit uit de wet heeft gehaald. Ik dacht dat we dat gewoon terug in konden voeren, maar blijkbaar is dat ingewikkelder. Ik zou hier graag meer over willen weten, want ik was eigenlijk van plan om dan zelf dat wetsvoorstel in te dienen. Maar als de staatssecretaris zegt dat dat heel moeilijk is, dan heb ik, denk ik, wat meer hulp nodig.

Staatssecretaris Dijksma:.
Mevrouw Ouwehand vroeg naar glyfosaat. Ik geprobeerd om juist wel te zeggen hoe het zit. Wij zijn nu aan het sleutelen aan een wetsvoorstel, maar wij verwachten gewoon niet dat we dat eerder dan volgend jaar af hebben. Ik hoef mevrouw Ouwehand niet te vertellen wat haar rechten zijn. Zij kan anytime zelf een wetsvoorstel maken, maar het enige wat er dan gebeurt, is dat de capaciteit van de mensen die nu op het ministerie werken aan ons eigen voorstel, dan waarschijnlijk zal verhuizen naar het terzijde staan van mevrouw Ouwehand met dezelfde informatie. It's up to you, zou ik dus bijna willen zeggen. Maar dit is wat er aan de hand is. Wij kijken serieus naar alle onmogelijkheden en mogelijkheden. De Raad van State was heel kritisch. Gelet daarop kost het tijd om iets voor te bereiden waarvan wij denken dat het ook juridisch standhoudt. Dat is wat er aan de hand is.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik wil de staatssecretaris best geloven dat het ingewikkeld is, maar dan wil ik ook begrijpen waarom. Misschien klopt mijn reconstructie niet dat de Nederlandse wet die mogelijkheid niet biedt. Ik herinner mij de implementatie van de laatste wijziging van de Europese regels hierover. Het wetsvoorstel dat het kabinet toen naar de Kamer heeft gestuurd, liet de mogelijkheid voor dit parlement om dit soort verboden zelf op te leggen, maar die mogelijkheid is eruit geamendeerd. Mijn simpele verstand zegt dus: dat brengen we gewoon terug; zo moeilijk is dat niet. Zit dat anders? Dan zou ik dat echt graag willen weten.

Staatssecretaris Dijksma:
Ja, dat zit anders, want als het met een simpel amendement zou kunnen, dan zouden we dat ook doen. De kritiek van de Raad van State was dat er feitelijk geheel geen rechtsbasis is om zo'n stap te zetten. Die moeten we dus creëren en dat is meer dan alleen een amendement opnieuw introduceren. Ik zeg dat in zo simpel mogelijke termen. Ik kom nu op de ingediende moties.