Bijdrage Ouwehand Monde­linge Vragen over de bedreiging van Sea Shepherd en de arres­tatie van een vrij­wil­liger


20 december 2011

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. De commerciële jacht op walvissen is al heel erg lang verboden. Toch varen Japanse walvisvaarders ieder jaar uit om honderden walvissen op brute wijze af te slachten. De internationale gemeenschap, de regeringen die allemaal voor het verbod op de walvisjacht zijn, staan erbij en kijken ernaar. Zij laten de handhaving van het verbod op de walvisjacht over aan Sea Shepherd, een organisatie van individuele burgers, vrijwilligers, die hun leven op het spel zetten op de ijskoude wateren rond de Zuidpool, om te proberen de walvisjacht te verhinderen. Dat wordt hoe langer hoe gevaarlijker. In 2008 was er al sprake van een schietincident. Nu heeft Japan zijn walvisvloot extra bewapend. Door de Japanse militie zijn ernstige bedreigingen aan het adres van Sea Shepherd geuit. De militie heeft de vrijwilligers van Sea Shepherd, die strijden tegen de illegale walvisjacht letterlijk de oorlog verklaard. De Partij voor de Dieren wil weten wat de minister van Buitenlandse Zaken heeft gedaan met die oorlogsverklaring. Regeringen, en dus ook de Nederlandse, zouden het verbod op de walvisjacht zelf moeten handhaven. Graag krijg ik daarop een reactie. Als de Nederlandse regering hiertoe niet overgaat, zou zij minstens haar verantwoordelijkheid moeten nemen voor de bescherming van actievoerders die onder Nederlandse vlag doen wat de internationale gemeenschap nalaat.

De regering moet nu in actie komen, want er is meer: horrorachtige dolfijnenvangsten in het kustplaatsje Taiji. Voor veel geld mogen dolfijnentrainers van over de hele wereld de beste exemplaren uitzoeken voor hun dolfinaria. De rest wordt op gruwelijke wijze afgeslacht. De hele wereld vindt dat daar een einde aan moet komen, maar niemand doet iets, behalve activisten die proberen de gruwelen die daar plaatsvinden vast te leggen, om aan de wereld te laten zien wat Japan geheim wil houden. Zij worden getrakteerd op intimidatie door de vissers en de Japanse autoriteiten. En zij worden nu dus zelfs gearresteerd. De Nederlander Erwin Vermeulen, vrijwilliger van Sea Shepherd, zit sinds vrijdag vast in een Japanse politiecel, zonder duidelijk aanklacht. Zijn hechtenis is al verlengd. Hij mag geen contact hebben met de buitenwereld. De Partij voor de Dieren wil dat de Nederlandse regering in actie komt voor zijn vrijlating.

Minister Rosenthal: Voorzitter. Op de eerste twee vragen van mevrouw Ouwehand kan ik het volgende melden. Er is tot twee keer toe een zeer duidelijke oproep uitgegaan van de Nederlandse regering -- samen met de regeringen van Australië en Nieuw-Zeeland -- aan zowel Japan als Sea Shepherd om alles in het werk te stellen om te voorkomen dat er gevaarvolle situaties op zee ontstaan rond de walvisvangst. Het tweede punt in dat verband is dat Nederland het standpunt blijft uitdragen dat beide partijen -- dus zowel de Japanse overheid als de Sea Shepherd Conservation Society -- zich zullen moeten houden aan internationale en nationale regels en wetgeving ter zake van de veiligheid op zee.

Wat Erwin Vermeulen betreft, de 42-jarige Nederlander die in Japan is gearresteerd: hij is gearresteerd op een aanklacht van geweldpleging. Hij heeft nu de mogelijkheid gekregen tot juridische bijstand, die hij overigens van zijn kant heeft afgewezen.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): De oproep waar de Nederlandse minister nu niet over spreekt, waarin aan de Japanse regering is gevraagd om ermee op te houden, heeft in al die jaren nog niets bereikt. We willen dus meer actie. De oproep om de veiligheid op zee te respecteren, stelt, met alle respect, natuurlijk ook weinig voor. Ik hoor de minister de dreigementen aan het adres van de Sea Shepherd niet serieus nemen en onze vragen over de bewapening van de Japanse walvisvloot evenmin. Het lijkt me dat alleen een oproep niet op zijn plaats is. Nederland moet in actie komen om de veiligheid op zee te waarborgen. Kan de minister mij uitleggen waarom in het geval van piraterij de Nederlandse marine wel kan worden ingezet en als Nederlandse staatsburgers met de dood worden bedreigd, zou het niet kunnen?

Wat de zaak van Erwin Vermeulen betreft: we zouden graag horen wat het ministerie van Buitenlandse Zaken doet om duidelijkheid te krijgen over de aanklacht. Dat Japan Vermeulen beticht van geweldpleging, is ons bekend, maar de vraag is waar de aanklacht precies uit bestaat. De mensen die actie voeren voor de Sea Shepherd proberen te filmen wat daar gebeurt. Dat doen zij met uiterste zorgvuldigheid, ze proberen niet te provoceren en houden de actie geweldloos. Waar bestaat die aanklacht precies uit? We maken ons grote zorgen over de mogelijkheid dat dit alleen maar wordt gebruikt om die lastige actievoerders van straat te vegen.

Minister Rosenthal: Wat de oproep betreft die de Nederlandse regering net als de Australische en Nieuw-Zeelandse regering aan Japan heeft gedaan en blijft doen, geldt dat we daar voortdurend mee bezig zijn en dat we dit ook steeds aan de orde stellen wanneer wij bilaterale contacten met de Japanse autoriteiten hebben. Dat deed ik ook laatstelijk nog in Tokyo. Wat de bewapening van Japanse walvisschepen betreft, geen misverstand: ze zijn niet bewapend. Wel is het zo dat er instrumenten aan boord kunnen zijn om schepen die slechte bedoelingen hebben op een veilige afstand te houden. Op die walvisschepen is wel een aantal leden van de Japanse kustwacht aan boord dat politionele bevoegdheden heeft.

De heer Vermeulen is aangehouden op grond van een aanklacht van geweldpleging en die heeft niet te maken met zaken die zich op zee hebben afgespeeld, maar met een incident voor het hotel. De heer Vermeulen heeft daar een medewerker van het hotel naar het oordeel van de Japanse autoriteiten gewelddadig benaderd toen die bepaalde werkzaamheden wilde verrichten. Op het punt van de Nederlandse autoriteiten en hun assistentie aan de heer Vermeulen: onze medewerker van het consulaat-generaal in Osaka is volop actief geweest in de afgelopen tijd om de heer Vermeulen ten dienste te zijn.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Ik zou van de minister van Buitenlandse Zaken willen horen dat hij alles in het werk stelt om te voorkomen dat een Nederlands staatsburger en oneerlijke rechtsgang tegemoet gaat en op oneerlijke gronden wordt vastgehouden. Dat hoor ik hem niet zeggen. Ik concludeer dat de minister van Buitenlandse Zaken wel degelijk weet dat er bedreigingen zijn geuit door een militie aan het adres van de Sea Shepard, dat Japan vaart met kustwachten met politionele bevoegdheden en dat Nederland daar niets tegenoverstelt. Daar wordt de veiligheid op zee natuurlijk niet beter op. Ik verwacht meer en ik ben ernstig teleurgesteld dat de minister het hierbij laat zitten. Hij weet als geen ander dat Japan tot nu toe nog op geen enkele manier heeft meegewerkt aan het uitzoeken van incidenten.

De voorzitter: Dank u wel, uw tijd is om, mevrouw Ouwehand.

Minister Rosenthal: Ik kan op de vraag over de rechtsgang rond de heer Vermeulen alleen zeggen dat die de toets van welke kritiek dan ook volkomen doorstaat. Ik mag daar tot geruststelling van mevrouw Ouwehand aan toevoegen dat het ministerie vandaag nog contact heeft gehad met de vader van de heer Vermeulen, die de contactpersoon voor hem is in Nederland. De vader heeft ons meegedeeld dat het met zijn zoon prima gaat, dat hij het goed maakt en dat hij zijn veganistische dieet uitstekend kan nuttigen in detentie. Kortom, er zijn geen redenen voor mij om de Japanse autoriteiten hierop in enigerlei opzicht aan te spreken, en ik ben ook niet van plan om dat te doen.