Bijdrage Ouwehand Debat Aard­gas­winning en aard­be­vingen Groningen


24 oktober 2014

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. De mensen in Noordoost-Groningen hebben ons al lang geleden gewaarschuwd: de aardgaswinning veroorzaakt aardbevingen en de boel gaat hier kapot. Er is lang niet naar hen geluisterd. En nu blijken de problemen nog groter dan gedacht. Niet alleen de inwoners van het buitengebied lopen gevaar, maar ook de mensen die in de stad Groningen wonen. De angst en onzekerheid zijn groot en de manier waarop de NAM en de overheid omgaan met de ingrijpende zorgen van de Groningers, zorgt voor boosheid. Je voelt je niet meer veilig in je eigen huis. Je dagen zijn gevuld met frustratie. Hoe denkt de minister dat dat voelt en hoe de kwaliteit van leven voor deze mensen is? De Partij voor de Dieren vindt dat je mensen niet met zulke ingrijpende problemen mag opzadelen voor de economische belangen van de NAM of de bv Nederland.

Eind 2013 leek het kabinet dan toch te beseffen dat het zo niet langer kon en het beloofde beterschap. Daar zien wij helaas nog weinig van terug. Het begon natuurlijk meteen al verkeerd, want het advies van het Staatstoezicht op de Mijnen om de gaswinning terug te draaien, werd maar half opgevolgd. Herstel en versteviging van de huizen kregen op papier hoge prioriteit, maar prioriteit blijkt voor het kabinet een rekbaar begrip, om nog maar te zwijgen van de NAM. Er is een dialoogtafel ingericht, maar een dialoog heeft pas zin als er vertrouwen is. Dat vertrouwen is er niet en de Partij voor de Dieren vindt dat op deze manier meer dan begrijpelijk.

Het kabinet moet de mensen in Groningen recht doen. Dat kan alleen als we laten zien dat we de risico's maximaal inperken en dus de gaswinning terugdraaien, conform het advies van het Staatstoezicht op de Mijnen. En dat kan ook alleen als we de getroffen burgers bevrijden uit de frustrerende cirkels om hun schade erkend en hersteld te krijgen, waarin zij al hun tijd en energie moeten steken. De Partij voor de Dieren vindt dat we die last moeten wegnemen van de schouders van mensen die niet hebben gevraagd om scheuren in hun huis. Wij willen een omkering van de bewijslast en een nationaal schadefonds. Ja, de NAM moet opdraaien voor de kosten, maar laat de overheid de zorgen overnemen van de burgers, door te zorgen voor onafhankelijke vaststelling van de schade en financiering van het herstel. De rekening sturen we naar de NAM. En als de NAM van mening is dat de schade niet het gevolg is van aardgaswinning, dan mag zij dat bewijzen, in plaats van de getroffen burger.

We vinden echt dat de minister en de NAM meer moeten doen. Zij moeten laten zien dat er vaart achter zit, om recht te doen aan de getroffen Groningers. En we herhalen ons pleidooi om excuses te maken. Ik herinner me dat ik een handleidinkje van de Nationale ombudsman aan de minister heb overhandigd, toen we in februari van dit jaar dit debat ook voerden. Sorry zeggen is helemaal niet zo makkelijk, maar de Nationale ombudsman heeft een handleiding gemaakt: "In vijf stappen naar een goed excuus van de overheid". Ik herinner me dat de minister hem in zijn jasje stopte. Heeft hij er ook naar gekeken in de tussentijd? Anders overhoor ik hem straks even in de tweede termijn.

Beantwoording door de minister van Economische Zaken

Minister Kamp: Mevrouw Ouwehand heeft mij een handleiding voor de Nationale ombudsman aangeboden. Die heb ik natuurlijk steeds bij de hand; dat begrijpt ze. Wij hebben ervoor gekozen om daar, in de woorden van de heer Vos, een Groninger voor in te schakelen, namelijk de onafhankelijke raadsman die gefaciliteerd wordt en beschikbaar is om te kunnen reageren als mensen om extra persoonlijke aandacht vragen omdat ze vinden dat er iets niet goed is gegaan. Hij heeft een eigen manier van werken ontwikkeld in het gebied die goed is gevallen en goed werkt. Ik denk dat wij die werkwijze kunnen vasthouden.

Tweede termijn

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. De zorgen van Groningers zijn vandaag niet weggenomen, zo denk ik zonder dat te checken bij iedereen die daar woont wel te kunnen zeggen. De risico's zijn namelijk niet of onvoldoende ingedamd. Wij hebben vandaag met elkaar gesproken over wat er dan wel zou moeten gebeuren om een begin te maken met recht te doen aan deze mensen. Ik hoop van harte dat de moties die zijn ingediend, waarvan ik een aantal mede heb ondertekend, de minister zullen aanzetten om samen met de NAM verdere stappen te zetten. Dat is wel nodig. Ik heb er ook nog eentje van mezelf.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Deze motie heb ik eerder ingediend. Toen is zij ontraden door de minister en verworpen door de Kamer. Maar omdat we vandaag met elkaar zeggen dat het niet goed gaat en dat we meer moeten doen, hoop ik dat deze motie alsnog op steun van de Kamer en de minister kan rekenen. Ik wil de minister nogmaals meegeven dat het maken van excuses echt waarde heeft. Ik zou zeggen: denk daar nog eens over na. We hebben de Groningers namelijk geen recht gedaan. Daar kunnen we niet aan voorbij blijven gaan, zonder dat te onderkennen, zonder oprecht toe te geven dat we dat niet goed hebben gedaan en dat er dingen mis zijn gegaan en zonder te zeggen dat we het in het vervolg anders gaan doen.

Motie nr. 78 – 33529 Esther Ouwehand
Motie nr. 63 - 33529 Van Smaling
Motie nr. 67 – 33529 Van Tongeren/Ouwehand
Motie nr. 68 – 33529 Van Tongeren
Motie nr. 75 – 33529 Mulder
Motie nr. 76 – 33529 Mulder

Beantwoording door de minister van Economische Zaken

Minister Kamp: In de motie-Van Tongeren/Ouwehand op stuk nr. 67 staat dat de regering de resterende aardgasbaten vooraf moet inzetten voor het bespoedigen van de energietransitie. Wat de aardgasbaten betreft is al jaren geleden besloten om op te houden met de FES-middelen waarvan toen sprake was. Een deel van de aardgasbaten kwam daar toen in. In plaats daarvan wordt een en ander in de begroting ingebracht. Vervolgens wordt er bij het opstellen van de begroting bezien wat er met het geld wordt gedaan. Ik denk dat wij die manier van werken moeten vasthouden en niet nu naar een andere variant moeten overstappen. Daarom ontraad ik de aanneming van de motie.

In de motie op stuk nr. 68 van mevrouw Van Tongeren wordt de regering gevraagd om de regie over de schadeafhandeling en preventief versterken over te nemen. Ik wil dat niet doen. De NAM is verantwoordelijk voor de schade. We hebben een uitvoeringsorganisatie op afstand van de NAM met een onafhankelijk toezicht. Dat is de goede constructie. Om die reden ontraad ik deze motie

In haar motie op stuk nr. 75 stelt mevrouw Mulder dat alle informatie over metingen, compactie enzovoorts inzichtelijk moet zijn voor de Kamer. Ik ben dat met haar eens. Die informatie moet allemaal inzichtelijk zijn, voor de Kamer en voor een geïnteresseerd publiek. Daarom zetten we al die informatie op internet. Daarmee gaan we door; al die informatie komt op internet te staan. Op die manier is zij ook voor de Kamer toegankelijk. Als de Kamer zegt dat ze het toch op een bepaalde manier gebundeld wil ontvangen, of dat de informatie gekoppeld moet worden aan besluiten van de regering, dan zijn wij ertoe bereid om dat te doen. Maar doordat wij deze informatie openbaar maken via internet, hebben wij volgens mij al gehandeld in de geest van deze motie. Vanwege het belang van het punt dat in de motie naar voren wordt gebracht door mevrouw Mulder, laat ik het oordeel over de motie echter aan de Kamer.

In de motie-Mulder c.s. op stuk nr. 76 staat dat de regering zo snel mogelijk duidelijkheid moet verschaffen over de bouwnormen. Ik wil het oordeel over die motie best aan de Kamer overlaten, maar ik heb al gezegd dat er al een interim-advies is. In januari verschijnt verder een combinatie van een regeling en een impact assessment van die regeling. Wat er in deze motie staat, heb ik dus al toegezegd. Maar goed, ik laat het oordeel over deze motie in dit geval aan de Kamer.

De motie op stuk nr. 78 is van mevrouw Ouwehand. Daarin wordt gevraagd om de bewijslast om te keren. Volgens mij doen we eigenlijk al wat mevrouw Ouwehand wil. Stel, je hebt nergens om gevraagd en je wordt met schade geconfronteerd. De NAM komt dan met een taxatie. Stel je denkt: die taxatie is niet goed. Stel, je laat dan een ander een taxatie opstellen. Stel, je denkt vervolgens nog steeds: het zit niet lekker. Dan halen we in het voorstel van de heer Leegte de Tcbb erbij. Die mag dan een oordeel geven over de vraag of de schade is veroorzaakt door de aardbevingen en daarmee door de aardgaswinning, of dat er iets anders aan de schade ten grondslag ligt. Als het eerste het geval is, dan mag de Tcbb ook beoordelen wat een redelijk bedrag is voor de schadevergoeding. Dan is het dus niet meer aan de betrokken persoon om de schade aan te tonen. De Tcbb beschouwt het dan als haar verantwoordelijkheid om dat te beoordelen en vast te stellen. Volgens mij gebeurt het dus eigenlijk al op die manier. In de motie wordt gevraagd om een formele aanpassing van de Mijnbouwwet. Dat gaat te ver. Om die reden ontraad ik de motie. Toch komt de werkwijze volgens mij een behoorlijk eind in de richting die mevrouw Ouwehand wenst. Daar ben ik natuurlijk, zoals altijd, blij mee.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Dat zou inderdaad mooi zijn. Het belangrijkste is dat de getroffen mensen dat zelf ook zo ervaren. Ik houd de motie aan. Als nu blijkt dat de werkwijze van de minister het gesignaleerde probleem in de motie inderdaad helemaal opvangt, hoeft zij ook nooit in stemming te komen. Als het toch anders blijkt te liggen, kunnen we het er nog eens over hebben.

De voorzitter: Op verzoek van mevrouw Ouwehand stel ik voor, haar motie (33529, nr. 78) aan te houden. Daartoe wordt besloten.