Bijdrage Ouwehand AO Water


4 juli 2012

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. Schoon drinkwater lijkt in ons land de normaalste zaak van de wereld, maar dat is het natuurlijk niet. Schoon drinkwater is van grote waarde en het is belangrijk dat wij het goed beschermen. Ik heb de staatssecretaris al vaker geconfronteerd met waarschuwingen van de waterbedrijven die zich zorgen maken over de vervuiling en de hoogoplopende kosten van de zuivering van water van onder meer mest en bestrijdingsmiddelen. Zij maken zich ook zorgen over de bescherming van de waterwingebieden. Vewin stelt dat de chaos in de bodem door ongestructureerde boringen, warmte- en koudeopslagen en de dreiging van schaliegaswinning, een grote bedreiging vormen voor ons drinkwater. Een poging om hierover afspraken te maken met de overheid,
heeft een mager resultaat opgeleverd.

Naar mijn mening zet de staatssecretaris deze zorgen in zijn brief nogal grof weg als lobbywerkzaamheden. Hij is van mening dat er niets aan de hand is, en als er al iets aan de hand is, dan zou het een verantwoordelijkheid zijn van de provincies. Ik herinner eraan dat wij er al eerder op hebben gewezen dat provincies deze verantwoordelijkheid niet lijken te nemen. Dan zou de rijksoverheid die leemte moeten vullen. Ik hoor graag hoe de staatssecretaris dat zal doen. Het belangrijkste onderwerp dat ik vandaag aan de orde wil stellen, is landbouwgif. "Tijdelijk verbod bestrijdingsmiddelen nodig", zo luidde de krantenkop boven het artikel over het rapport van de wetenschappers die de kwaliteit van ons oppervlaktewater onder de loep namen. Terecht, want de conclusies van het onderzoek zijn schrikbarend. De onderzoekers stellen vast dat de kwaliteit van water in sloten en vaarten in de laatste tien jaar niet is verbeterd. De staatssecretaris weet dat heel goed, omdat al uit de evaluatie van het Planbureau voor de Leefomgeving bleek dat hoewel er een reductie in de milieubelasting van 85% is gehaald, die reductie eigenlijk niet veel voorstelt. Sinds 2001 is er geen verbetering van milieubelasting opgetreden in het gifgebruik. Het doel van 95% reductie is bij lange na niet gehaald. Het ontwerpnationaal-actieplan dat de staatssecretaris ons uiteindelijk heeft toegestuurd, is dan ook niet goed genoeg. Wij moeten nu maatregelen nemen om ons ecosysteem en onze volksgezondheid te beschermen tegen landbouwgif of, in de woorden van de mensen in Drenthe die in de buurt van bollentelers wonen: wij willen niet dood voor een ander zijn brood.

Actie dus en wel nu! Er moeten per direct teeltvrije zones van anderhalve meter breed worden ingesteld naast al ons oppervlaktewater. In de gebieden waar het water zeer ernstig vervuild is, moet per direct een tijdelijk verbod op het gebruik van gif worden afgekondigd
zoals de wetenschappers hebben aanbevolen. Het water, de flora en fauna moeten de tijd krijgen om te herstellen voordat het te laat is. Als ik hierover geen toezegging krijg, zal ik een motie indienen.

De motie van de heer Grashoff waarin wordt gevraagd om een verbod op het nietcommercieel gebruik van glyfosaat is in de Kamer aangenomen. Die motie moet per direct worden uitgevoerd. Hoezo een overgangstermijn tot 2018? Er moet een goed samenhangend landelijk meetnet komen om de gestelde normen te kunnen monitoren. Wij moeten af van het berekenen van de milieubelasting, want wij weten inmiddels ook dat de verkoopcijfers van het gif niet overeenkomen met wat in de praktijk werkelijk wordt gebruikt. Ook dit jaar heeft de VWA weer meerdere keren grote hoeveelheden illegaal gif aangetroffen op bedrijven. Wij moeten consequent kunnen meten hoeveel gif in het water terechtkomt opdat wij gericht actie kunnen ondernemen. Er moet ook per direct een verbod komen op neonicotinoïde en andere middelen die gevaarlijk zijn voor bijen zoals fipronil. De bewijzen stapelen zich op dat deze gevaarlijke middelen een factor zijn in de zeer zorgwekkende bijensterfte. Wij komen hierover nog uitvoeriger te spreken na het reces, maar wij kunnen niet wachten en wij moeten nu maatregelen nemen. In de top 10 van normoverschrijdende middelen staan imidacloprid en fipronil. Wil de staatssecretaris toezeggen dat die volgend jaar daaruit verdwenen zijn?

De voorzitter: Mevrouw Ouwehand, u gaat over uw eigen inbreng, maar het onderwerp van dit algemeen overleg is water. Misschien is het goed u daaraan te herinneren. Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. U hebt gelijk als het gaat over de bijensterfte, want daarover praten wij na het reces, maar ik wil dit punt toch graag inbrengen. Ik hoor graag of de staatssecretaris het met ons eens is dat dit voor het reces kan worden afgekaart. Ik rond af met een goed advies van de wetenschappers. Zij zeggen dat de grote uitdaging voor de landbouw is, te komen tot een robuuste duurzame landbouw die tegemoetkomt aan de wensen van de samenleving nu en in de toekomst. Daarbij gaat het om een omschakeling naar teeltwijzen waarbij het huidige productieniveau kan worden gehandhaafd of vergroot met een minimale belasting van het milieu. Om dat te bereiken, moet de milieubelasting door bestrijdingsmiddelen verder omlaag. De voor de hand liggende aanpak is om de mate van gebruik en de afhankelijkheid van bestrijdingsmiddelen te verminderen.

Nu weet ik toevallig dat de staatssecretaris zelf behoorlijk goede groenten en fruit weet te oogsten in zijn eigen tuin zonder gebruik van gif. Hij weet dus dat het kan. Dit lijkt mij een mooie handreiking aan een nieuw kabinet.

[...]

Beantwoording door de staatssecretaris:

[...]

Staatssecretaris Atsma: Ik kom nu toe aan de discussie over de waterkwaliteit. Gisteren is in het kader van het mestbeleid kort over dit onderwerp gesproken. Ik heb toen gezegd dat wij voor nitraat in het grondwater op schema liggen. Dat is positief, maar voor nitraat in het oppervlaktewater moeten wij nog een slag maken. Daartoe is inmiddels een aantal concrete stappen gezet met verschillende partijen.

Ik heb gisteren ook gezegd dat ik de zorgen over de kwaliteit van ons drinkwater deel. De Vewin heeft enkele weken geleden zijn zorgen geuit over de ondergrond. Naar de mening van de Vewin gebeurt er zoveel in de ondergrond, van warmte-koudeopslag tot mijnbouwgerelateerde activiteiten, dat dit ten koste zou kunnen gaan van de winning van drinkwater. Ik ben van mening dat dit niet aan de orde is. Ik heb tot nu toe geen enkel signaal gekregen dat het een zodanig rommeltje is in de ondergrond dat dit een acuut probleem is.

We zijn het er echter over eens dat het geordend moet worden. Daarom wordt een structuurvisie ondergrond voorbereid. De drinkwaterbedrijven, vertegenwoordigd in de Vewin, zijn daarvan op de hoogte. Ik ga er vanuit dat die structuurvisie ondergrond in 2013 aan de Kamer kan worden voorgelegd. Ik hecht eraan hier nog eens te benadrukken dat Nederland misschien wel het schoonste drinkwater van 90% van de wereld heeft. Met de heer de Mos zeg ik dat ons drinkwater veiliger lijkt te zijn dan vele andere watertypen. Dat wordt hier nog eens geïllustreerd, omdat de flessen water op tafel zijn vervangen door kannen kraanwater. Als ik naar de gezondheid van de mensen om me heen kijk, kan ik mij geen betere illustratie voorstellen. Dat wil niet zeggen dat er niets meer hoeft te gebeuren. Een aantal woordvoerders heeft gewezen op de geneesmiddelenresiduen die in het water terecht kunnen komen. Mevrouw Sap heeft voor het aantreden van dit kabinet hierover een motie ingediend. In twee ziekenhuizen in Nederland, namelijk in Zwolle en Delft, wordt op dit moment beproefd hoe door middel van nieuwe technieken geneesmiddelenresiduen uit het water kunnen worden gehaald. Residuen van geneesmiddelen in water zijn buitengewoon schadelijk. Die activiteit wordt dan ook door iedereen toegejuicht.

In Europa speelt de discussie over dit onderwerp ook. Sterker nog, dit is al een of twee keer via de Milieuraad bij de Kamer gekomen. Ook de komende tijd zal het op de agenda terugkeren. In Europa is men van mening dat er een normering moet worden vastgesteld voor geneesmiddelenresiduen in het water. Nederland is terughoudend en wil eerst bekijken of de techniek voldoende is voordat er wordt gesproken over een normering. Het is goed en verstandig dat de schadelijke stoffen worden benoemd, maar het gaat te ver om nu al tot
normering over te gaan. Overigens zijn wij in Nederland waarschijnlijk verder dan veel andere lidstaten. De gemeenten en het IPO hebben er recent ook voor gewaarschuwd dat wij hiermee niet te snel aan de slag moeten gaan.

Ik heb het actieplan met betrekking tot de gewasbescherming vorige week verstuurd. De leden van de commissie kunnen dat laat vinden, zij kunnen dat te laat vinden en zij kunnen dat te mager vinden. Er is nu gelegenheid voor inspraak en het actieplan komt naar verwachting in september naar de Kamer. Wij kunnen er dan uitgebreider over spreken. De vraag is gesteld waarom ik daarmee heb gewacht. LTO gaat akkoord met dit actieplan; de landbouw gaat er dus mee akkoord, maar ik wil ook weten wat de Vereniging van Nederlandse Gemeenten ervan vindt. Een van de voorstellen in het actieplan is dat er een verbod komt op het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen op de harde ondergrond in de publieke ruimte. De gemeenten mogen dan niet langer gebruikmaken van glyfosaat of chemische bestrijdingsmiddelen. Dit ligt nogal genuanceerd in de gemeenten. Je kunt wel zeggen dat het niet meer mag, maar dan moet je ook een alternatief voorhanden hebben.

Het alternatief is vooral een mechanische oplossing en die kan erg kostbaar zijn. Daarom moet in alle redelijkheid worden bekeken welke gevolgen dit voorstel heeft. Het derde spoor is het particuliere gebruik. Daarover zijn we helder geweest: dit zal leiden tot een verbod, althans als het aan ons ligt. Wij zitten dus op één lijn, maar er kan discussie ontstaan over de overgangstermijn. Ik ben van mening dat, als het zover komt, er een redelijke overgangstermijn moet worden gehanteerd, zeker voor gemeenten. Wij leven in een fatsoenlijk land en wij moeten gemeenten de ruimte gunnen om te reageren op de voorstellen. Dit komt in september bij de Kamer terug.

Het heeft dus langer geduurd, omdat ik hoe dan ook een mening wil hebben en dan niet alleen van de gemeentelijke hoveniers, want die zijn in het algemeen niet voor het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen. Ik wil ook van de gemeentebesturen weten wat ze
ervan vinden. Die reactie heb ik afgelopen maandag ontvangen. Daarna is per ommegaande het document verstuurd.