Bijdrage Ouwehand AO Walvis­jacht


10 april 2012

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. De Partij voor de Dieren heeft dit debat aangevraagd. Er is al 25 jaar een moratorium op de commerciële walvisjacht en we zien al 25 jaar dat IJsland en Japan zich daar niet aan houden. Ik heb sterk de indruk dat het ook al 25 jaar zo is dat Nederland er alleen in woord iets tegenoverstelt maar nooit in daad. De houding ten opzichte van met name Japan vindt de Partij voor de Dieren echt beschamend. We horen iedere keer dat Japan bij Nederland klaagt over de acties van Sea Shepherd die op open zee rond de Zuidpool probeert in de gaten te houden wat daar gebeurt en te registreren hoe Japan het internationale moratorium schend en die probeert daadwerkelijk de walvisjacht te verhinderen.
De eerste vraag aan de staatssecretaris en de minister is wat Nederland zelf doet om de registratie van de schendingen van het moratorium door Japan en IJsland op orde te krijgen. Je kunt wel een verklaring uitgeven en zeggen dat wie de veiligheid op zee in gevaar brengt kan worden vervolgd, maar als je vervolgens geen bewijs kunt verzamelen om de betrokkenen voor de rechter te brengen, dan is dat stoere taal waar niemand wat aan heeft. We willen dus ook dat het kabinet goed kijkt naar wat president Obama nu heeft gedaan in de richting van IJsland. Die heeft gezegd dat er speciale delegaties komen om actieve meetings met IJsland te plannen met als inzet het stoppen van de walvisvaart. Ook heeft hij het gehad over het bekoelen van de diplomatieke betrekkingen; elk bezoek aan IJsland wordt getoetst op noodzakelijkheid in het licht van de walvisvaart. Zo zijn er nog een aantal maatregelen. We zien dat Nederland dat als er ook maar iets is wat het aan Japan denkt te kunnen slijten, zoals eendagskuikens en kalfsvlees, daar dan ook zit. En geen woord over het stoppen van de walvisjacht als voorwaarde voor bijvoorbeeld het vrijhandelsakkoord waar nu over wordt gesproken. We willen echt dat dit anders gaat. We willen dus een goede registratie van op z'n minst de schendingen van het moratorium door Japan. We willen een stoere houding die ook echt wat betekent ten opzichte van Japan. Dierenwelzijn, moratorium walvisvaart en mensenrechten moeten als voorwaarden gelden voor een
vrijhandelsakkoord. We willen ook een stevige inzet bij de komende jaarvergadering van de IWC (International Whaling Commission). Die lijkt in coma. We hebben nog geen inzet gezien. Ik ga ervan uit dat Nederland op het standpunt blijft staan dat het de walvisjacht afkeurt. Kunnen we zicht krijgen op die inzet? Ik vraag expliciet ook naar de bescherming van dolfijnen. Ik heb staatssecretaris Bleker daar eerder naar gevraagd. De dolfijnenslachtingen in Japan maar ook bij de Faeröer zijn om te huilen. Eerder hebben we al gevraagd om een voorstel te doen om ook de dolfijnen te beschermen.
Voorzitter, tot slot, want de spreektijd is beperkt. We hebben gezien dat een Nederlandse burger die heeft geprobeerd iets tegen die dolfijnenslachtingen te doen in Japan vorig jaar is gearresteerd. We hebben er talloze Kamervragen over gesteld. Wat redelijk uitzonderlijk is: hij is volledig vrijgesproken. Dat gebeurt in Japan in 95% van de gevallen niet. Als je daar wordt aangeklaagd, dan ben je gewoon het haasje. Wij hebben sterk het vermoeden van een politiek proces. Ik moet zeggen dat ik de houding van de minister van Buitenlandse Zaken in de richting van de heer Vermeulen en zijn familie, ook nu nog, zelfs na de vrijspraak, wel wat beschamend vind. Ik vraag hem dan ook om nu te erkennen dat er wel degelijk een mogelijkheid bestaat dat het ging om politieke redenen. Ik vraag hem om in de richting van de familie excuses te maken voor zijn wat lompe optreden.

[...]


Tweede termijn:

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. De Nederlandse inzet op papier, hoe we opereren in de IWC en wat we tegen Japan zeggen -- we zijn tegen de walvisjacht -- dat steun ik allemaal wel. Maar het is zo dubbel. Want we weten dat Japan over het Vrijhandelsakkoord zegt: we zien de ratio van een koppeling van handelsafspraken aan nakoming van verplichtingen uit andere verdragen, waaronder mensenrechten en de IWC-afspraken, niet in. Staatssecretaris Bleker zegt dat de Nederlandse regering aan gesprekken hierover geen voorwaarden koppelt. Hij drinkt dus even thee en zegt: wij houden niet van de walvisjacht, waarop Japan zegt dat ze het toch gaan doen. Daarna zegt de staatssecretaris: dan gaan we nu eendagskuikens naar jullie land exporteren, toch? Dat bevalt me dus helemaal niet. Wat me ook niet bevalt, is dat het er sterk op lijkt dat Japan voortdurend bij Nederland klaagt over Sea Shepherd, dat gebruik maakt van het recht op demonstratie. Ik heb sterk de indruk dat daar steeds het gesprek over begint. Zodra de Japanse en de Nederlandse autoriteiten bij elkaar zijn, is dat wat ter sprake komt. Dan zegt Nederland ook wel even: we keuren de walvisjacht af, maar het is zo'n zwakke positie. Ik heb beide bewindspersonen niet horen ingaan op wat ik naar voren heb gebracht over het zespuntenplan van Obama, die ten opzichte van IJsland toch echt wel een stoerdere positie heeft gekozen. Waarom doet Nederland dat niet?
Ik geloof best dat er een meningsverschil is met de minister van Buitenlandse Zaken. Dat is ook wat de familie me heeft verteld: tevredenheid over de consulaire inzet. Maar dan is het vreemd dat de minister van Buitenlandse Zaken in publieke uitspraken heeft laten doorklinken dat hij voor een veel hardere opstelling kiest. Zou het niet beter zijn geweest als hij de Kamer besloten had geïnformeerd over de stille diplomatie, en zich wat terughoudender had opgesteld met uitspraken over de zaak-Vermeulen in de richting van de media? Die zijn gewoon niet fijn overgekomen.
Hoe staat het met mogelijke sancties tegen de Faeröer? Ik heb de staatssecretaris daarover al eerder vragen gesteld. Er wordt wel door de EU gedreigd met sancties, omdat de Faeröer zich niet aan de makreelakkoorden houden, maar het afslachten van de grienden daar zou hen ook op sancties moeten komen te staan. De rest van de vragen zullen we stellen in het debat over de walvisjacht, als de inzet voor de IWC duidelijk is.