Bijdrage Ouwehand AO Landbouw & Visse­rijraad 14 en 15 april


9 april 2014

De voorzitter: We gaan nu naar mevrouw Ouwehand. Ook al siert haar naam menig potje met rolmopsen en een dierenpark, ze is toch echt lid van de Partij voor de Dieren.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. Dat is zo, en dan kom ik ook nog uit Katwijk waar die grootste visverwerker van Nederland staat, die mijn naam draagt. Ik had nog niet gehoord dat de gemeente 100 vergunningen heeft uitgegeven voor staand want waar bruinvissen in vast komen te zitten. Ik mag trouwens nog van geluk spreken dat ik geen Varkevisser heet. Vroeger visten mensen daar op bruinvissen, want er was een markt voor onder katholieken. Katwijk is niet zo katholiek, maar naburige gemeenten wel. Omdat je op vrijdag geen vlees mocht eten maar wel vis, hebben ze voor het gemak alles wat uit de zee kwam maar als vis gemarkeerd. Daar kwam de naam Varkevisser vandaan. Je haalt bruinvis uit het water en zegt dat het gewoon vis is, want dan kan men het eten.

De voorzitter: U hebt nog vijf minuten.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Dit was voor het cultuurhistorische kadertje.

Gelukkig kan ik aansluiten bij de vragen die collega's hebben gesteld en de zorgen die ze hebben geuit over het visserijakkoord met Madagaskar. Wanneer valt het besluit? Gelet op de zorgen denk ik dat we niet moeten instemmen met het akkoord. Graag duidelijkheid daarover, want dan weten we of we vandaag een motie moeten indienen.

Ik heb niets voorbereid over de kalversector. Omdat mevrouw Dik-Faber erover begon, wil ik daar ook iets over zeggen. De kalversector is een van de sectoren waarover we ons binnenkort, hopelijk over niet al te lange termijn, vertwijfeld zullen afvragen hoe we die ooit hebben kunnen laten bestaan. In de discussie komt te weinig naar voren wat de achtergrond is van überhaupt het bestaan van een kalversector. Dit komt vanwege onze vraag naar melk. Dat is iets anders dan behoefte, zo weet ik van de VN-voedselrapporteur. We maken koeien dus ieder jaar drachtig, we laten die koeien een kalf baren en dat kalf wordt vaak binnen een dag bij de moeder weggehaald. Dat is een groot drama, gelet op de sociale interactie bij die dieren. Wij brengen de melk naar de supermarkt. Het restproduct van die veehouderij, de kalfjes, wordt bij elkaar gezet, vetgemest en geslacht. Ethisch gezien is dit een van de grootste problemen. Daar is nauwelijks aandacht voor. Dat breng ik in, getriggerd door het pleidooi dat de ChristenUnie hield voor de Nederlandse kalversector.

Dan heb ik een aantal concrete vragen over het fokkerijbeleid. We hebben daar stukken over gekregen. Ik vraag me af of …

De voorzitter: Mevrouw Dik-Faber heeft haar interruptie al verspeeld, maar ze voelde zich persoonlijk aangesproken, vandaar dat ik haar toch toesta om erop te reageren.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie): Ik heb een tegenvraag aan de Partij voor de Dieren. We zien dat er veel kalfjes geboren worden. We zien ook dat de Nederlandse kalversector in Europa en wellicht ook wereldwijd vooroploopt op het gebied van dierenwelzijn, de vermindering van antibioticagebruik, et cetera. Waarom kunnen we die sector dan niet prijzen? Ik vergelijk het even met de vleeskuikens, want we voeren ook een discussie over de eendagshaantjes. Daar is op dit moment nog geen oplossing voor. De kalversector is in staat geweest om de mannelijke kalfjes die geen plek hebben in de melkproductie …

De voorzitter: Uw vraag alstublieft, want dit is een betoog aan het worden.

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie): Is de Partij voor de Dieren bereid om daar enige positieve woorden over te spreken? Dit is toch gewoon het laten opgroeien van kalfjes.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Ik ben bij de Nederlandse kalversector geweest en ik heb mooie filmpjes gezien over de goede zorg voor deze dieren. Mijn mond valt open als ik die trots zie. We halen kalfjes uit Litouwen. Je ziet op de verzamelplaatsen de dieren met angst in hun ogen. De ChristenUnie weet ook dat kalfjes hun moeder nodig hebben. Mijn aandacht zit bij het benoemen van het fundamentele probleem. We hebben een systeem gecreëerd dat voortdurend afhankelijk is van geboorten. De dieren die vervolgens geboren worden kunnen we niet geven wat zij nodig hebben, namelijk de moeder, de melk van de moeder en dit dan wel bij elkaar. Gelukkig zijn er in Nederland biologisch-dynamische melkveehouders die de kalfjes die op het bedrijf geboren worden, wel de gelegenheid geven om bij de moeder te drinken. Daar wil ik wel graag wat positieve woorden over spreken. Over de sector als geheel wil ik de ethische problemen benoemen.

De voorzitter: Bedankt voor uw antwoord, maar we moeten nu echt verder.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Over de richtlijn fokkerij en handel is de staatssecretaris positief omdat de handelsbelemmeringen tussen lidstaten worden weggenomen. Ik zie echter dat er onvoldoende aandacht is voor duurzaamheid, dierenwelzijn en diergezondheid. Is de staatssecretaris bereid om zich tegen de verordening te keren zolang haar zorgen onvoldoende zijn overgenomen? Hoeveel ruimte blijft er nationaal over? We hebben in dit parlement discussie over de fokkerij en we willen misschien wel stappen zetten. Houdt deze verordening die ruimte open of legt deze lidstaten verder aan banden bij het treffen van nationale maatregelen?

Wanneer wordt het pakket aan gedelegeerde handelingen in het gemeenschappelijk landbouwbeleid in stemming gebracht? Wat zal de staatssecretaris doen? Mogen wij ervan uitgaan dat de staatssecretaris de voorliggende voorstellen, die ertoe leiden dat er bijna niets meer overblijft van de vergroening van het GLB, probeert tegen te houden? Is de staatssecretaris bereid om in de Raad te zeggen dat zij vindt dat ecologische aandachtsgebieden ook ecologisch moeten zijn, dat gebruik van gif en kunstmest in die gebieden dus niet voor de hand ligt en dat we dat niet zouden moeten willen?

We hebben in de Kamer gesproken over het plant- en diergezondheidspakket en er is onduidelijkheid over de status van de teeltmateriaalverordening. Wanneer wordt die weer behandeld in de Raad? Wat vindt de staatssecretaris van de weigering van de Europese Commissie om vervolg te geven aan de uitspraak van het Europees Parlement, dat wil dat de verordening wordt ingetrokken? Is de staatssecretaris bereid om zich ervoor in te zetten dat deze verordening wordt ingetrokken? Zo nee, waarom niet?

Over het diergezondheidspakket maakt de Partij voor de Dieren zich ook zorgen. We horen graag meer over de inhoud van de wijzigingsvoorstellen die het Griekse voorzitterschap heeft voorgelegd en de reactie die Nederland daar schriftelijk op heeft gegeven. Kunnen we een afschrift van die reactie krijgen?

Hoe zit het met de herkomstetikettering bij vlees als ingrediënt? Het is mijn fractie nog steeds niet duidelijk of het land van geboorte, opfok of slacht op het etiket komt te staan. We hebben schriftelijke vragen gesteld. In de antwoorden staat dat het EP voorstander is van verplichte herkomstetikettering bij vers vlees, waarbij het land van geboorte, opfok en slacht wordt vermeld. We hebben daar vaak over gesproken en we hebben er moties over ingediend en aangehouden. Kan de staatssecretaris misschien dan nu toezeggen dat ze zich zal inzetten om het land van geboorte mee te laten nemen in de verordening van vers vlees?