Bijdrage Ouwehand AO Landbouw- en Visse­rijraad


15 september 2010

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter, u hebt al gemeld dat ik vanochtend dubbel geboekt ben. Ik kan mijn inbreng dus wel leveren, maar om het antwoord van de minister te horen zit er een medewerker in de zaal. Alvast excuus en dank voor de coulance.
Wat de genetisch gemodificeerde gemanipuleerde gewassen betreft, sluit ik mij aan bij de kritische opmerkingen van de ChristenUnie-fractie. De minister heeft vast en zeker vernomen dat onze commissie gisteren aangaf dat zij een behandelvoorbehoud wil maken bij het ggo-voorstel. Als het goed is bespreken we dit voorstel binnen vier weken in een algemeen overleg met de minister. Ik hoor graag van de minister dat zij dit meeneemt ter bespreking in de Landbouwraad en dat zij dus geen inhoudelijk standpunt over deze kwestie inneemt zolang de Kamer daarover nog niet met haar van gedachten heeft gewisseld. Graag verneem ik of de minister kan toezeggen dat ze zich tijdens de Landbouwraad zal onthouden van commentaar op dit punt.

We hebben de informatie van de minister over de High Level Group voor Zuivel gelezen. Ons valt op dat zij een belangrijke aanbeveling van de High Level Group niet overneemt, namelijk de verplichte oorsprongsetikettering voor zuivelproducten. Ik begrijp niet goed hoe zich dat verhoudt tot haar streven naar een transparante veehouderij. Daarvoor geldt dat de burger het recht heeft om te weten wat hij koopt en hoe een en ander geproduceerd is. Dan zou het mogelijk zijn om ernaar te verwijzen dat de consument het zelf in de hand heeft, maar als je iets niet weet, kun je niet sturen, ook niet als je met je karretje in de supermarkt staat. Dit verbaast ons dus. Ik kan me er van alles bij voorstellen dat dit juist een instrument kan zijn om de ambitie te realiseren om kringlopen verder te sluiten. Waarom is de minister daarvan een tegenstander? Ik snap het niet en hoor graag wat haar reactie daarop is.

Ik zie dat de minister bezorgd is over de makreelvisserij. De Partij voor de Dieren is dat ook. Ik hoop zeer dat de minister in Europa vasthoudt aan de quota die door ISIS zijn geformuleerd en dat zij de rug recht houdt, ondanks de politieke druk. We kunnen het niet laten gebeuren dat het quotum uiteindelijk weer boven de wetenschappelijk vastgestelde limieten uitkomt. Zoals het er nu uitziet, gaat de minister zich daarvoor sterk maken. In dat geval geeft de Partij voor de Dieren haar een steuntje in de rug.

We zijn niet gelukkig met de herintroductie van diermeel. Daarover hebben we vaker gediscussieerd. De minister schrijft dat zij daar meerderheden voor heeft. Die realiteit zien wij ook, maar wij zouden terugwillen naar een meer natuurlijke manier om dieren te houden. Varkens eten geen kippen en kippen eten geen varkens. Wel dierlijke eiwitten maar geen vermalen botten, zou ik denken. Wij laten ons bezwaar hier dus weer horen.
Ik houd het kort, omdat ik zo meteen weg moet. Wij laten uiteraard ook voortdurend weten hoe wij over het GLB denken. De Partij voor de Dieren ziet heel graag dat alle middelen naar de tweede pijler gaan en dat die worden gebruikt voor het hervormen van de landbouw naar gesloten kringlopen; Europese kringlopen die diervriendelijk, natuurvriendelijk en milieuvriendelijk zijn. Dat zijn voorstellen die tot nu toe niet passen in de schema's en de structuren waaraan Europa nog altijd vasthoudt en die ook door de minister worden gesteund. Wat we daarbinnen nog kunnen doen om ervoor te zorgen dat het gemeenschappelijk landbouwbeleid meer maatschappelijk verantwoord wordt, zullen we nog regelmatig met elkaar bespreken. Ik elk geval wil ik van de minister weten hoe het staat met de exportrestituties. Wat ons betreft moet daarvan geen sprake meer zijn. Hoe staat het met het transport van vaarzen of jonge runderen naar gebieden buiten de EU? Gaan we daarvan eindelijk echt afscheid nemen?

Minister Verburg: Er zijn veel vragen gesteld over ggo's. Tegen de medewerkster van mevrouw Ouwehand, hier in de zaal aanwezig, zeg ik dat ik gisteren al over het behandelingsvoorbehoud heb gehoord. Ik zal mij daar uiteraard aan houden. Het is overigens nog niet echt aan de orde, omdat er sprake is van een eerste mededeling, dat wil zeggen een mededeling die nog moet worden uitgewerkt door de Europese Commissie. De concrete voorstellen moeten immers in verordeningen worden vastgelegd. Ik bedank haar er wel voor, want het is mede aan de Nederlandse inzet te danken dat is voorgesteld om lidstaten zelf te laten beoordelen of en onder welke voorwaarden wordt voldaan aan de minimumcriteria dat het veilig moet zijn voor mens, dier en milieu. Dat moet inderdaad door de EFSA worden getoetst. Ik ben dan ook blij met de reactie van de heer Atsma op de opmerking van de heer Van Gerven, want de EFSA doet hartstikke goed werk. De EFSA krijgt echter wel heel veel dossiers aangereikt die onvoldoende gedocumenteerd blijken te zijn. Als aanvragers hun verzoek aan de EFSA goed zouden documenteren, kan de EFSA efficiënter werken en kan het werktempo omhoog. Ik ben nog niet zo heel lang geleden bij de EFSA op bezoek geweest. Ik ben bij dat bezoek onder de indruk geraakt van de kwaliteit die men levert. Mocht het nodig zijn, dan moet de Commissie beoordelen of uitbreiding noodzakelijk is.

Mevrouw Ouwehand heeft gevraagd hoe het zit met de exportrestitutie. De WTO-onderhandelingen liggen nog steeds stil, maar wij hebben ons wel gecommitteerd om in 2013 alle exportsubsidies uitgefaseerd te hebben. Ik ben daar een groot voorstander van. Uit de uitkomsten van de High Level Group blijkt verder dat wij in Europa over een vangnet moeten beschikken wanneer er sprake is van te heftige prijsschommelingen. Dat hebben wij vorig jaar ook bij de zuivel gedaan. Een dergelijk vangnet moet werken als een trampoline. Het moet heel snel door de Europese Commissie worden ingesteld; zo lang als nodig en zo kort als mogelijk. Wij weten nu al dat de Commissie, die een aantal interventiemaatregelen heeft afgekondigd voor boter en mageremelkpoeder om aan de zuivelproblematiek tegemoet te komen, werkt aan de verkoop van de interventievoorraad. Dat kan inmiddels tegen een heel behoorlijke prijs en zonder dat er sprake is van onbalans in de prijs of verstoring van de markt. Vorig jaar is ook gesproken over het opnieuw instellen van exportrestituties en ik heb mij daar toen geen voorstander van getoond. Dit is de lijn waarmee wij aan de slag moeten. Verder hoop ik dat wij weer heel snel in WTO-verband gaan onderhandelen. Dit is een belangrijke ronde, niet alleen voor Europa, maar ook voor de positie van Europa in de wereld. Het moet ook een goede ronde worden voor landen in ontwikkeling.

De discussie over diermeel is niet nieuw. Ik realiseer mij dat de VVD, het CDA en de PvdD daar verschillend in zitten. In Europa is het ook een gevoelige discussie. Deze discussie moet zorgvuldig worden gevoerd, omdat het gebruik van diermeel een belangrijke bron van eiwitten en mineralen kan zijn. Dat mogen wij dan ook niet wegpoetsen. Ik ben het met mevrouw Snijder eens dat het niet zo heel veel met scrapie te maken heeft. Ik zou deze discussies dan ook liever niet met elkaar vermengen.

Door mevrouw Lodders, mevrouw Ouwehand, mevrouw Van Veldhoven en de heer Van Gerven is gesproken over de makreelvisserij. Dank voor de steun bij deze onderhandelingen, die lastig zijn, maar dit jaar niet voor het eerst. Wij steunen de inzet van de Commissie om daarbij een vrij stevige positie in te nemen, maar je kunt niet verder springen dan je polsstok lang is. Gelukkig heeft IJsland belangstelling om lid te worden van de Europese Unie. Dat geeft weer wat extra onderhandelings- en overlegmogelijkheden. Ik heb nog niet zo lang geleden met mijn Deense collega Henrik Hoegh gesproken over de Faeröer-eilanden. Hij heeft mij toen gezegd dat hij hierop terugkomt. Als hij bij de informele Landbouwraad is, zal ik hem er nog even naar vragen.