Bijdrage Ouwehand AO Landbouw- en Visse­rijraad


18 september 2013

De voorzitter: Welkom bij dit algemeen overleg over de Landbouw- en Visserijraad van 23 september. Ik heet de staatssecretaris, haar medewerkers, de leden van de commissie en de mensen op de publieke tribune welkom. [...]

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. Ik ga eerst in op de agenda voor de komende Landbouwraad. De Eurocommissaris zal het hebben over de onderhandelingen met derde landen. Ik hoor graag van de staatssecretaris hoe het staat met de onderhandelingen met de Verenigde Staten en Canada over het afsluiten van een vrijhandelsakkoord. De staatssecretaris weet dat de Partij voor de Dieren zich daar grote zorgen over maakt, zowel over de consequenties voor het milieu als over de consequenties die deze akkoorden zullen hebben voor de veehouderij. Ik doel dan met name op het dierenwelzijn en op onze regelgeving met betrekking tot gentech. We hebben de minister voor Buitenlandse Handel daar al een paar keer naar gevraagd, maar zij gaat op die zorgen niet in. Ik vraag dus aan deze staatssecretaris hoe zij die onderhandelingen ziet. We weten dat de eisen aan dierenwelzijn in de Verenigde Staten en Canada nog lager liggen dan het magere beetje dat wij vragen van de veehouderij. De markt moet niet overspoeld worden door dierlijke producten uit die landen, waardoor ook het verder ophogen van de eisen aan dierenwelzijn in Europa onmogelijk zal worden en ons gentechbeleid nog verder in gevaar komt. Zullen de markten opengaan voor vlees en zuivel van gekloonde dieren? Ik krijg hierop graag een uitgebreide reactie van de staatssecretaris. Dat mag ook schriftelijk, want volgens mij is hier veel over te zeggen. Wij willen helderheid.

Er zijn vergevorderde plannen om de teelt van eiwithoudende gewassen in Centraal Europa te bevorderen, en dat bovendien gentechvrij te doen. Dat is een goede zaak. Ik ben benieuwd of de staatssecretaris deze initiatieven steunt en wat zij gaat doen om die initiatieven vooruit te helpen.

Ik ga nu in op de onderhandelingen over de visserijprotocollen. Dank en steun voor de staatssecretaris voor het besluit om niet in te stemmen met het protocol dat nu wordt voorgesteld voor Sao Tomé en Principe. Ik deel de zorgen die de PvdA-fractie heeft uitgesproken over het protocol met Kaapverdië. Ik kan alvast verklappen dat wij daarmee niet akkoord zullen gaan. Ik voorzie niet dat wij in de onderhandelingsstukken genoeg geruststelling kunnen vinden om te zeggen: nou, doe maar. De PvdA-fractie heeft echter gelijk: we weten het niet, dus we kunnen ook de inzet van de staatssecretaris nog niet goed beoordelen. Ik dank de staatssecretaris wel voor het expliciet benoemen van haar zorgen over de stijgende haaienvangsten. Die zorg deel ik; dat weet de staatssecretaris ook. Zij stemt niet in met dat ene protocol, maar als het Kaapverdiëprotocol wel doorgaat, speelt daarbij ook het haaienprobleem. Wat gaat de staatssecretaris dan doen?

Ik ga verder met de visserijbrief. Er waren mij een aantal dingen niet helemaal duidelijk. We hebben eerder de high grading aan de hand gehad. Toen heeft de staatssecretaris een pilot toegezegd. Volgens mij is er sprake van spraakverwarring in de brief. Wij hadden het over high grading en de brief gaat nu over het controleren van bijvangsten. Dat is echter een substantieel andere zaak. Bij high grading heb je al iets aan boord, wat je overboord gooit als je een school ziet die je meer geld kan opleveren. Ik vraag me af of de pilot daadwerkelijk over high grading gaat. De staatssecretaris heeft ook gezegd dat zij de omvang van high grading in kaart wil brengen. Hoe staat dat ervoor? En ook ik heb gezien dat er wordt gesproken over "choke species". Grappig genoeg gaat dat dan weer niet over wat we de vissen aandoen -- we laten ze letterlijk stikken als we ze uit het water slepen -- maar over ingewikkelde afspraken over quota. Als je een quotum stelt voor de ene soort, ontstaan er voor de visser misschien problemen met de andere soort. Wij zijn voor een scherpe regulering; dat weet de staatssecretaris. Over de voorstellen die zij nu doet om uitzonderingen te maken voor soorten met een zogenaamde hoge overlevingskans van de aanlandplicht, zeg ik: doe dat nu niet; het wordt ook nog eens onnodig ingewikkeld. Wij zijn ertegen.

De voorzitter: U hebt nog ruim een halve minuut.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Dan wil ik graag van de staatssecretaris weten of zij de analyse van steeds meer partijen deelt dat er, als we de melkquotering loslaten, zo ongeveer geen koe meer in de wei zal staan. Vindt zij dat met ons onwenselijk? Zo ja, hoe wil zij dat dan gaan voorkomen?

Tot slot dank ik de staatssecretaris voor de uitgebreide beantwoording van onze vraag over de patenten op klassiek veredelde gewassen. Blijkbaar is de vraag of de octrooien afgegeven hadden mogen worden, nog niet zo makkelijk te beantwoorden. Kan de staatssecretaris de Kamer informeren wanneer de rechter een oordeel heeft geveld? Er lopen immers processen. Ik zou ook heel graag van de staatssecretaris willen horen dat zij een einde wil maken aan de mogelijkheid om levende organismen en hun eigenschappen te octrooieren. Ze zegt dat andere bedrijfstakken daarvan de dupe zouden zijn, maar ik zie niet waarom dat zo zou zijn. Er zijn nieuwe ontwikkelingen op dit dossier, en de nieuwe octrooiregels van de Europese Unie lijken door het nieuwe voorstel de nek om te worden gedraaid. Dat zegt de veredelingssector. Kan de staatssecretaris dat bevestigen? Wat is de stand van zaken rond het introduceren van de volledige veredelingsvrijstelling in Europees verband? Is er nog wel een kans dat dat gaat lukken?

De voorzitter: Dank u wel.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Ik heb eigenlijk nog een puntje. Mag dat nog?

De voorzitter: Nee.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Hè!

[...]

Beantwoording door de staatssecretaris van EZ:

[...]

Mevrouw Dikkers en mevrouw Ouwehand wezen erop dat de Kamer het onderhandelingsmandaat niet kent. Overigens is mevrouw Ouwehand er op voorhand al tegen, ook al kent zij het niet. De bijdrage is op zichzelf gering, maar uit een evaluatie blijkt dat de steun voor de sector als positief ervaren wordt en dat deze ook goed benut wordt. Dat is een verschil met het mandaat van Sao Tomé en Principe. Het mandaat zet in op een verdere verduurzaming van de visserij. In die lijn wil ik de Commissie steunen om te bekijken of het mogelijk is om een goed protocol uit te onderhandelen. Het uiteindelijke resultaat moet kritisch worden beoordeeld. Op dat moment zal ik mijn definitieve oordeel vellen. Ik zal de Kamer dan informeren. Mevrouw Dikkers zei dat zij niet op voorhand tegen is, maar dat het wel moet deugen. Dat vond ik een goede samenvatting. Zo kijk ik er ook naar.

Mevrouw Ouwehand heeft mij gevraagd wat wij gaan doen aan de stijgende haaienvangsten. Bij beide mandaten zal ik de Commissie oproepen om in het kader van duurzaamheid maatregelen te nemen ten gunste van de haaien. Dit zal onderdeel zijn van de uiteindelijke beoordeling van het protocol.

De pilot met cameratoezicht aan boord is in juli van dit jaar gestart, dus nog maar net onderweg. Tijdens het eerste overleg bleek dat de uitvoering voorspoedig en volgens planning verloopt, maar ik kan nog niet vooruitlopen op de resultaten. Wij informeren de Kamer zodra de pilot is afgerond en de resultaten bekend zijn.

Zoals mevrouw Ouwehand benadrukte, is high grading inderdaad iets anders dan de pilots met de aanlandplicht. Wel kan de ervaring die wij nu met cameratoezicht hebben, een voordeel kan zijn voor de controle op high grading. Soms kun je zaken met elkaar verbinden. Als ik hierover helderheid heb, zal ik de Kamer berichten.

De heer Schouw heeft een aantal vragen over de palingstand gesteld: komt er nieuwe wetgeving en hebben wij eind oktober de maatregelen in beeld? Voor de zomer hebben wij de Europese Commissie alles toegestuurd ten behoeve van de Europese evaluatie van de aalverordening. Aan het eind van het jaar komt de Commissie met de resultaten van alle landen. Op basis daarvan zullen wij moeten besluiten of er nieuwe regels nodig zijn. Op dit moment werken wij niet aan nieuwe wetgeving.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Ik bedank de staatssecretaris voor de inzet voor de haaien. Ik waardeer het erg dat zij zich hiervoor blijft inzetten, maar doet de Europese Commissie dit ook niet uit eigen beweging nu het haaienactieplan is aangenomen? Zo nee, dan zou mij dat erg teleurstellen. Graag hoor ik hier iets over.

Ik begrijp dat de resultaten van de pilot met cameratoezicht bij bijvangsten ook bruikbaar zijn bij high grading, maar wanneer vindt de staatssecretaris deze pilot geslaagd? Dan kunnen wij bekijken of dit de moeite waard is en of wij er verder mee kunnen.

Ik wil nog een opmerking maken over de overlevingskansen en de uitzonderingen met betrekking tot de aanlandplicht die de staatssecretaris wil maken. Ik was hierover zo kritisch omdat ik denk dat je hiermee op soortniveau geen bescherming voor de dieren biedt. Ik ga ervan uit dat de staatssecretaris het met mij eens is dat een dier dat wordt bijgevangen en dat duidelijk nog levend terug in zee kan, ook sowieso terug overboord wordt gezet. In het voorstel van de Europese Commissie dat er nu ligt, wordt gewerkt op basis van een risicoanalyse. Daar zou ik niet voor zijn. Kan de staatssecretaris dit toelichten?

Staatssecretaris Dijksma: Het is goed dat mevrouw Ouwehand dit vraagt, want dit is precies wat mij nog onduidelijk is. De vissers en wij vinden elkaar in de gedachte dat je vis die kansrijk levend terug overboord kan, niet op voorhand moet aanlanden, zeker niet als je weet dat de overlevingskans bij bepaalde soorten heel hoog is. Wij moeten precies op dat punt meer bewijslast vergaren, ook tegenover de Europese Commissie, om te bezien op welke wijze zij ons straks aan de regelgeving wil houden. Mijn indruk is dat het echt kan helpen wanneer wij in Nederland de lead nemen, mede gezien onze wetenschappelijke ervaring. De vissers maken zich zorgen over het feit dat je op voorhand kunt zeggen dat bepaalde soorten een hoge overlevingskans hebben, maar dat er altijd wetenschappelijke discussie zal zijn. De vraag is namelijk wat overlevingskans is. Is overlevingskans dat een vis nog drie of vier seizoenen meekan? Of betekent het dat een vis goed levend, kansrijk terug de zee in gaat? Daar hebben wij het over gehad en wij hebben vastgesteld dat je hierin realistisch moet zijn. Met andere woorden, dit onderwerp leeft enorm in de sector. Mevrouw Ouwehand is bang dat wij met de aanlandplicht het tegenovergestelde bereiken. Als wij beiden vaststellen dat het niet om het middel, maar om het doel gaat, moeten wij hier gezamenlijk verder naar kijken. Daarom was het overleg constructief en goed, want volgens mij kunnen wij dit samen.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Ik begrijp dus dat de manier waarop de Commissie dit ziet, nog niet helemaal helder is. Daarover horen wij hopelijk meer in het verslag na de Landbouwraad.

Staatssecretaris Dijksma: Juist. Zeker.

[...]

Staatssecretaris Dijksma: [...] Mevrouw Ouwehand heeft over de veredelingsvrijstelling en het octrooirecht gesproken. Ik heb de Kamer hierover uitgebreid geïnformeerd toen ik het wetsvoorstel voor de beperkte vrijstelling heb ingediend. Het ligt nu lastig, gelet op de bestaande internationale regelgeving, maar dat is inderdaad geen reden om niets te doen. Wij moeten wel heel precies te werk gaan. Ik heb de Kamer een heel strategisch voorstel gedaan over de manier waarop ik verder te werk zou willen gaan. Ik hoop dat wij dit snel kunnen bespreken, niet en marge van een AO Landbouwraad dat al bijna uitloopt.

[...]

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. Ik zou graag van de staatssecretaris horen wanneer wij worden geïnformeerd over de pilots met cameratoezicht op high grading en bijvangsten en het onderzoek naar de omvang van high grading.
Ik heb deze vraag in eerste termijn niet meer kunnen stellen, maar ik heb in Agra Facts gelezen dat het budget voor de promotie van export van landbouwproducten weer verhoogd gaat worden. Dit verbaasde mij zeer, want hierover is de Kamer niet geïnformeerd. Ik ben benieuwd of dit klopt. Is de staatssecretaris daarmee akkoord gegaan of heeft de Europese Commissie dit eigenhandig besloten? Als je de Agra Facts leest, ontdek je nog eens wat.
Als het niet zo ernstig was, zou ik zeggen dat ik mij kostelijk vermaakt heb met de worsteling met mest. De staatssecretaris heeft heel duidelijk uitgelegd wat de afspraken zijn. De Partij voor de Dieren steunt het verzoek om derogatie überhaupt niet, zoals de staatssecretaris weet, maar vanuit haar positie heeft de staatssecretaris klip-en-klaar duidelijk gemaakt wat de mogelijkheden voor Nederland zijn. Als ik de staatssecretaris was, zou ik tegen het traditionele landbouwblok gezegd hebben: van harte gefeliciteerd; jullie zijn jarenlang de baas geweest en dit is hoe het ervoor staat; steek in je zak!

Staatssecretaris Dijksma: [...] Mevrouw Ouwehand heeft gevraagd naar het budget voor de promotie van export. Hierover komt nog een voorstel, maar ik weet niet wanneer. Ik ken de inhoud ook nog niet. Het budget voor het gemeenschappelijk landbouwbeleid staat vast. Hierover volgen nog onderhandelingen.

[...]

De voorzitter: Dank u. Hiermee zijn wij aangekomen aan het einde van de tweede termijn van de zijde van het kabinet. Mevrouw Lodders heeft een VAO aangevraagd. Dit zal morgenochtend om 10.15 uur plaatsvinden met als eerste spreker mevrouw Lodders.

Er zijn zeven toezeggingen gedaan.

- De staatssecretaris zal deze week het PBL-rapport waarover gesproken is, naar de Kamer sturen.
- In de kwartaalrapportages over het GLB zal de staatssecretaris de Kamer informeren over de stand van zaken rondom de afschaffing van het melkquotum.
- De staatssecretaris zal de Kamer informeren over haar beoordeling van het protocol voor Kaapverdië.
- Zodra de pilot inzake bijvangst afgerond is en de resultaten bekend zijn, zal de Kamer hierover geïnformeerd worden.
- Zodra de pilot inzake high grading afgerond is en de resultaten bekend zijn, zal de Kamer geïnformeerd worden.
- In het verslag van de Landbouwraad zal de Kamer worden geïnformeerd over de pilot met cameratoezicht, de uitkomsten van de high-level meeting over choke species en de inzet inzake het protocol voor Kaapverdië.
- De staatssecretaris zal de Kamer informeren over het subsidieplafond van het GLB.