Bijdrage Ouwehand aan debat over misstanden in slacht­huizen


6 september 2018

Voorzitter. In Nederland worden bijna 640 miljoen dieren per jaar geslacht. Dat zijn bijvoorbeeld 1,5 miljoen kalfjes, een bijproduct van melk en kaas, 15 miljoen varkens, 600 miljoen kuikens van zes weken oud — we noemen dat doorgaans kipfilet — en 17 miljoen afgedankte leghennen van 1,5 jaar oud, die niet zoveel eieren meer produceren en dus naar de slacht moeten. Het zijn 1.217 dieren per minuut. Als wij over vier uurtjes klaar zijn met dit debat, zijn er 292.080 dieren geslacht. Ik heb er een meegenomen, dat wil zeggen een foto — want dit dier leeft niet meer — van een koe die ik u hier laat zien. En ik zou u willen vragen een eerlijk antwoord te geven op de vraag: bestaat er een humane manier om een levend wezen dood te maken, dat niet dood wil? Dit dier stond bij een slachthuis; de slacht was nog niet begonnen en ook de bedwelming niet. Iedereen kan zien, kan herkennen, dat een levend wezen, net als wij, hier bang en gestrest is en niet zoveel trek heeft in de slacht.

Voorzitter. En toch is dit wat we doen in Nederland, in een moordend tempo. In grote slachthuizen gaan er 700 varkens per uur doorheen, 200 kalveren per uur, 70 runderen per uur, en de tempo's bij kippen zijn niet eens uit te drukken.

Voorzitter. Geen enkel dier wil dood, en als er dan toch dieren worden afgevoerd naar de slacht, waar steeds meer mensen niet meer aan willen meewerken, dan is het vervelende dat het altijd nog erger blijkt te kunnen. Er zijn regels die het lijden van dieren moeten beperken, maar de overheid maakt daar uitzonderingen op. Ik noem het verbod op de onverdoofde slacht waaraan de religieuze slacht zich niet hoeft te houden. De Partij voor de Dieren wil daar een einde aan maken; dat verbod moet voor iedereen gelden. Verdovingsmethoden die aantoonbaar veel leed veroorzaken, worden door de overheid gedoogd. Varkens worden weliswaar bedwelmd, maar dat gebeurt in veel gevallen met CO2. Dat betekent dat dieren in een kooi worden gedreven en een kelder in worden getakeld, waar CO2–gas in komt. Dat zorgt voor een pijnlijke periode waarin de dieren ernstig, ernstig lijden. De Kamer heeft gevraagd om uitfasering daarvan. We zien nog geen resultaat. Kippen worden op hun kop levend aan haken gehangen, aan hun poten dus. Dat geeft druk op hun organen. Dan gaan ze met hun hoofd door een elektrisch waterbad. Ook daarvan zeggen experts dat de dieren een ernstige doodsstrijd moeten leveren. De elektriciteit is bedoeld om ze te verdoven, maar die bedwelmingsmethode veroorzaakt veel leed. De Kamer heeft vijf jaar geleden gezegd: zoek naar een alternatief; zorg dat we hiermee stoppen. Het gebeurt niet.

Alsof dat allemaal nog niet genoeg is, faalt ook het toezicht nog eens structureel. Een klokkenluider van de NVWA vertelde in NRC dat hij totaal vastliep in het uitvoeren van zijn werk. Hij heeft als taak om toe te zien op de regels in de slachterij die dieren onnodig leed moeten besparen. Hij zag dat dieren, zoals dat eufemistisch heet, niet goed werden bedwelmd. Dat betekent dat dieren ernstig leed wordt toegebracht. Zijn meldingen daarvan werden niet bepaald gewaardeerd door nota bene zijn collega's. Hij maakte beelden om zijn pleidooien en constateringen ook bij zijn leidinggevende te kunnen staven. Dat werd niet gewaardeerd. Toenmalig staatssecretaris Dijksma heeft deze klokkenluider gesproken en de Kamer geïnformeerd. Wij wisten toen nog niet dat het om deze situatie ging. Zij schreef de Kamer wel dat overtredingen inderdaad niet altijd worden gezien en als zodanig onderkend. Mogelijke oorzaken: tijdgebrek, te vaste en te weinig onverwachte inspecties, gewenning — met andere woorden: de inspecteur is blijkbaar een beetje ingebed in de toestand van het slachthuis — en soms een te sterke betrokkenheid bij het bedrijf. Staatssecretaris Dijksma zei: mogelijk zijn de drijfveren om niet te handhaven sterker dan de drijfveren om wel te handhaven. Dat is nogal wat.

Er is destijds een verbeterplan ingezet, maar we zijn nu vijf jaar verder en we zien nog steeds dezelfde verhalen van klokkenluiders. De situatie is niet veranderd. We zien dat klokkenluiders zich geïntimideerd voelen en zich niet vrij voelen om te melden. Bij EenVandaag hebben twee keurmeesters verhaal gedaan van de verklaring die ze onder ede hebben afgelegd, maar ze durven zelf niet op televisie, zeker niet herkenbaar, want hun baan staat op het spel. Ook een andere klokkenluider, die zich bij de Partij voor de Dieren heeft gemeld en naar wij menen ook bij het ministerie, meldt dat de NVWA-inspecteur niet ingrijpt als een van de installaties in de slachterij niet werkt. Daardoor zitten dieren onnodig in de gaskamer en worden ze op een andere manier verdoofd. Die inspecteur ziet dat dat zodanig is gebeurd dat dieren hun bekken hebben gebroken, hun rug hebben gebroken. En de NVWA-inspecteur die daarop had moeten toezien, was niet paraat en niet bereid om in te grijpen. Dus wat is er nou precies veranderd?

Voorzitter. De Partij voor de Dieren heeft heeft een duidelijke opdracht voor de minister: geen uitzonderingen meer op de regels. De wettelijke verantwoordelijkheid voor het dier moet voorop staan. Verminder het aantal dieren dat wordt geslacht, want die moordende tempo's maken dierenwelzijn per definitie het ondergeschoven kindje. Verplichte keuring: voordat het dier het broeibad ingaat, moet zijn vastgesteld dat het is gedood. Meer capaciteit. Verplicht cameratoezicht. We hebben een belofte van staatssecretaris Van Dam. Het zou eind vorig jaar geregeld zijn, maar er is tot nu toe alleen een pilot ingevoerd. Er moet een einde komen aan die cultuur van intimidatie en niet handhaven. Het handhaven van de regels die dieren moeten beschermen tegen onnodig leed — want diervriendelijke slacht bestaat niet — moet nu echt leidend zijn in alles wat de minister gaat doen.

Dank u wel.

(Foto gemaakt door The Save Movement Nederland)