Vragen Wassenberg over fokken honden met extreem platte snuiten


  1. Kent u het bericht “Ondanks verbod gaat fokken mopshond met platte snuit stug door: 'Misdadig is het'”? [1]
  2. Is het juist dat het fokken en verhandelen van honden met een te korte snuit doorgaat, ondanks het feit dat dit verboden is sinds 2014?
  3. Is het juist dat er nog altijd vele fokkers in overtreding zijn, ondanks het feit dat de nadere criteria om dit verbod te handhaven sinds maart 2019 beschikbaar zijn?
  4. Hoeveel beroepsmatige fokkers en hobbyfokkers van kortsnuitige honden zijn er in Nederland?
  5. Is bij het publiceren van de nadere criteria een nulmeting uitgevoerd om te achterhalen hoeveel fokkers in Nederland op dat moment honden fokten met extreme uiterlijke kenmerken die de gezondheid van het dier benadelen? Zo nee, waarom niet?
  6. Op welke manier wordt het effect van de verscherpte handhaving gemeten?
  7. Is het juist dat de NVWA sinds het publiceren van de nadere criteria slechts bij één fokker op inspectie is geweest en daar alleen een waarschuwing heeft afgegeven? Zo nee, hoe zit het dan?
  8. Is het juist dat de NVWA geen boetes heeft uitgedeeld? Zo nee, hoeveel boetes zijn er uitgedeeld?
  9. Hoeveel reguliere inspecties hebben er in 2019 plaatsgevonden bij fokkers van kortsnuitige honden? Hoeveel meldingen zijn er in 2019 binnengekomen over fokkers van kortsnuitige honden? Hoeveel inspecties zijn er in 2019 uitgevoerd naar aanleiding van een melding over fokkers van kortsnuitige honden?
  10. Heeft u naar aanleiding van het formuleren van de nadere criteria aanleiding gezien om de reguliere inspecties frequenter te laten plaatsvinden, met het oog op het doel om in de overgangsfase het fokken van honden met extreme uiterlijke kenmerken binnen twee tot drie generaties uit te faseren? [2] Zo nee, waarom niet?
  11. Hoeveel controleurs worden ingezet om deze inspecties uit te voeren en hoeveel fte is hiervoor beschikbaar binnen de NVWA? Hoe vaak is het in de afgelopen vijf jaar voorgekomen dat deze controleurs gedurende het jaar andere taken kregen, door herprioritering van uren of omdat het aantal beschikbare uren voor deze taak niet toereikend was? Heeft u aanleiding gezien dit aantal te verhogen gezien de noodzaak tot verscherpte controle? Zo nee, waarom niet?
  12. Is het juist dat de nadere criteria zijn ingevoerd om het verbod in de praktijk handhaafbaar te maken?
  13. Kunt u in dat licht de volgende uitspraak van de woordvoerder van de NVWA duiden: “We kunnen niet zomaar boetes uitdelen. Als we een overtreding constateren, dan moeten we dat goed onderbouwen en een hele casus opbouwen.”?
  14. Valt hieruit te concluderen dat vaststelling van de nadere criteria tot nu toe niet heeft geleid tot handhaving van het verbod? Hoe is dat mogelijk?
  15. Heeft de NVWA volgens u voldoende uren tot haar beschikking om een casus op te bouwen die kan leiden tot een veroordeling wegens het fokken van honden met extreme korte snuiten? Zo ja, waar baseert u dat op?
  16. Deelt u de mening dat het fokken van honden met extreme korte snuiten met het oog op het welzijn van het dier onaanvaardbaar is?
  17. Deelt u de mening dat fokkers die zich stelselmatig niet aan de wet houden aangepakt moeten worden? Hoe bent u van plan dat te gaan doen?

[1] https://www.rtlnieuws.nl/nieuws/nederland/artikel/4986901/ondanks-verbod-gaat-fokken-mopshond-gewoon-door-zielig-voor-de

[2] Dr. M. AE Van Hagen, ‘Fokken met kortsnuitige honden, criteria ter handhaving van art. 3.4 Besluit houders van dieren, fokken met gezelschapsdieren’, 21 januari 2019, pagina 24.