Vragen Vestering over het nagenoeg gelijk­blij­vende gebruik van land­bouwgif, ondanks beloftes voor een dras­tische afname


Indiendatum: 18 aug. 2021

Schriftelijke vragen van het lid Vestering (Partij voor de Dieren) aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over het nagenoeg gelijkblijvende gebruik van landbouwgif, ondanks beloftes voor een drastische afname

  1. Kunt u bevestigen dat Nederland in 2018 het meeste landbouwgif per hectare landbouwgrond gebruikte in de Europese Unie?[1]
  2. Kunt u bevestigen dat in Nederland in 2019 slechts één procent minder landbouwgif is verkocht en gebruikt dan in 2018?[2] Hoe beoordeelt u deze summiere daling?
  3. Deelt u het inzicht dat het gebruik van landbouwgif variabel is door wisselende weersomstandigheden, en dat een afname van één procent dus geïnterpreteerd kan worden als nagenoeg gelijkblijvend gebruik?
  4. Kunt u bevestigen dat in 2019 in de gehele Europese Unie de verkoop van landbouwgif zes procent lager lag dan in 2018?[3]
  5. Kunt u bevestigen dat Nederland zijn ‘koploperpositie’ in het overmatig gebruik van landbouwgif in 2019 hiermee verder heeft versterkt?
  6. Kunt u de verkoop- en gebruikscijfers van landbouwgif in Nederland in het jaar 2020 met de Kamer delen?
  7. Kunt u een verklaring geven voor het feit dat de verkoop van landbouwgif in Nederland minder snel afneemt dan het Europese gemiddelde? Bent u tevreden over het huidige beleid, waarvan dit het resultaat is?
  8. Welke lessen trekt u uit de ontwikkeling in bijvoorbeeld Denemarken, waar de verkoop van landbouwgif in 2019 met 42 procent afnam t.o.v. 2018?
  9. Deelt u het inzicht dat als Nederland de huidige reductietrend – met de huidige maatregelen – voortzet, we het doel uit de Farm to Fork-strategie van vijftig procent minder gifgebruik pas tegen 2070 zullen halen? Hoeveel insecten verwacht u dat er tegen die tijd, bij dat scenario, nog zijn? Kunt u omschrijven wat hiervan het ecologische impact is en de gevolgen voor mens en dier?
  10. Kunt u bevestigen dat Frankrijk zich met het Ecophyto II+-plan ten doel heeft gesteld om het gebruik van landbouwgif reeds in 2025 te halveren t.o.v. 2015?[4] Wat vindt u van deze ambitie?
  11. Deelt u het inzicht dat wanneer u belooft dat het ‘radicaal anders’ zou gaan met het gebruik van landbouwgif[5], of schrijft dat het gebruik ‘drastisch zou afnemen’[6], maar u vervolgens geen kwantitatief doel stelt, u de voortgang van uw beleid niet kan meten?
  12. Kunt u uw belofte voor ‘radicaal anders’ en ‘drastisch minder’ specifieker formuleren, alsmede meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden, zoals bijvoorbeeld ook Frankrijk heeft gedaan?
  13. Kunt u aangeven wat de voortgang is op de kwantitatieve doelen uit de Nota Gezonde Groei, Duurzame Oogst voor 2023, namelijk: negentig procent minder normoverschrijdingen van de ecologische waterkwaliteitsdoelen t.o.v. 2013; 95 procent minder normoverschrijdingen van de drinkwaternorm t.o.v. 2013; en een toename van de hoeveelheid bloemrijke akkerranden? Zijn we op koers om in ieder geval deze doelen te halen?
  14. Kunt u deze vragen één voor één en binnen de daarvoor gestelde termijn beantwoorden?


[1] https://fr.statista.com/infographie/15061/consommation-pesticides-en-europe-par-pays/

[2] https://www.clo.nl/indicatoren/nl0015-afzet-gewasbeschermingsmiddelen-in-de-land--en-tuinbouw?ond=20885

[3] AgriHolland Nieuws: Verkopen van bestrijdingsmiddelen in Europese Unie namen in 2019 met 6% af

[4] https://agriculture.gouv.fr/le-plan-ecophyto-quest-ce-que-cest

[5] https://www.bnnvara.nl/zembla/artikelen/minister-schouten-gebruik-gewasbeschermingsmiddelen-moet-radicaal-anders

[6] Toekomstvisie Gewasbescherming 2030, p. 4