Vragen Vestering over de uitblij­vende maat­re­gelen om dieren te beschermen tegen stal­branden


Indiendatum: 7 jul. 2022

Vragen van het lid Vestering (Partij voor de Dieren) aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over de uitblijvende maatregelen om dieren te beschermen tegen stalbranden

  1. Wat ging er door u heen toen u onlangs vernam dat er tweehonderd kalfjes zijn omgekomen bij weer een nieuwe stalbrand?[1]
  2. Wat voor gevoel riep het bij u op toen u las hoe de journalist beschreef dat de kalfjes als “ratten in de val" zaten omdat ze in boxen in de brandende loods stonden en niet konden ontsnappen?
  3. Heeft u gezien dat vier dagen later nog eens 7000 eenden zijn verbrand bij een stalbrand in Markelo, die eveneens geen kant op konden omdat ze permanent in een dichte stal moeten leven?[2] Wat dacht u toen u dit las?
  4. Heeft u zelf ook het rapport gelezen dat de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) vorig jaar uitbracht, waarin werd geconcludeerd dat er vanuit de overheid tot nu toe altijd te weinig aandacht is geweest voor de brandveiligheid van dieren in de steeds groter wordende stallen?[3],[4]
  5. Heeft u gezien dat de OVV concludeerde dat de aanpak van stalbranden altijd is gedomineerd door bedrijfseconomische afwegingen en dat de intrinsieke waarde van dieren geen volwaardige rol heeft in de afwegingen rond brandveiligheidseisen van veestallen?
  6. Heeft u gezien dat de OVV in dit rapport waarschuwde dat gesloten huisvesting van vaak grote aantallen dieren in de intensieve veehouderij een inherent risico oplevert voor de brandveiligheid van dieren?
  7. Kunt u bevestigen dat uw voorganger op basis van dit rapport besloot tot een aangescherpte aanpak voor het terugbrengen van het aantal stalbranden en voor het snel verkleinen van het aantal dodelijke dierlijke slachtoffers dat daarbij valt?[5]
  8. Erkent u dat uw voorganger voornemens was om een maximumnorm te stellen aan het aantal dieren per brandcompartiment, zoals de OvV heeft aanbevolen?[6]
  9. Erkent u dat deze maatregel het aantal dieren dat levend verbrandt of stikt bij een stalbrand, sterk zou kunnen verlagen?
  10. Erkent u dat uw opmerking dat het vanwege de lasten voor veehouders niet proportioneel is om een maximumgrens te stellen aan brandcompartimenten in stallen met dieren, precies het probleem laat zien waar de OVV in haar rapport op wees, namelijk dat bedrijfseconomische afwegingen altijd het zwaarst zijn meegewogen in de aanpak van stalbranden?[7]
  11. Erkent u dat het voornemen van uw voorganger om het compartimenteren van de technische ruimte(s) met ten minste 60-minuten brandwerend materiaal verplicht te stellen voor grotere veehouderijen, volgens het Economisch Instituut van de Bouw (EIB) dat in 2018 onderzoek deed naar de kosteneffectiviteit en uitvoerbaarheid van brandpreventiemaatregelen, één van de maatregelen is die de meeste dierenlevens zouden redden?[8]
  12. Kunt u zich voorstellen dat uw aankondiging dat zal worden onderzocht of voor bestaande stallen ook andere schadebeperkende maatregelen mogelijk zijn die wellicht efficiënter en effectiever zijn, de indruk wekt dat u zoekt naar mogelijkheden om ook onder deze maatregel uit te komen? Zo nee, kunt u dit toelichten?
  13. Kunt u zich voorstellen dat uw brief het gevoel oproept dat dit dossier weer terug bij af is en dat de levens van dieren wederom –of nog altijd- ondergeschikt worden gemaakt aan kostenafwegingen? Zo nee, waarom niet?
  14. Kunt u deze vragen één voor één en voor het einde van juli beantwoorden?


[1] https://nos.nl/artikel/2432758-tweehonderd-kalveren-dood-bij-stalbrand-streefkerk

[2] https://www.rtvoost.nl/nieuws/2113653/7000-eenden-omgekomen-bij-stalbrand-markelo

[3] Kamerstuk 35 925 XIV, nr. 149

[4] https://www.onderzoeksraad.nl/nl/page/15347/stalbranden

[5] Kamerstuk 35 925 XIV, nr. 7

[6] Kamerstuk 35 925 XIV, nr. 89

[7] Verzamelbrief dierenwelzijn en diergezondheid, 06-07-2022, kenmerk DGA-DAD / 22235343

[8] Bijlage bij Kamerstuk 35 000 XIV, nr. 71