Vragen over gebruik chemische toevoe­gingen dierlijke producten


Vragen van het lid Hazekamp aan de staatssecretaris van Economische zaken, Landbouw en Innovatie en de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport over het gebruik van chemische toevoegingen in dierlijke producten


1. Kent u het bericht “McDonald's drops use of gooey ammonia-based 'pink slime' in hamburger meat” [1]

2. Kunt u aangeven of het gebruik van Ammonium Hydroxide (E527) in Nederland c.q. de Europese Unie is toegestaan als hulpstof in vleesproducten? Zo nee, waarom niet en sinds wanneer? Zo ja, bent u van mening dat het gebruik van deze hulpstof wenselijk en veilig is?

3. Kunt u aangeven wat de stand van zaken is met betrekking tot het gebruik van vleeslijm, waarover u op 1 juli 2010 in antwoord op Kamervragen van het lid Thieme (Tweede Kamer, vergaderjaar 2009–2010, Aanhangsel 2791) liet weten dat de Europese Commissie zich beraadde op te nemen maatregelen naar aanleiding van de afwijzing van het enzympreparaat trombine/ fibrinogeen als additief door het Europees Parlement?

4. Kunt u aangeven op welke wijze Nederland maatregelen van de Europese Commissie in haar overwegingen voor nadere besluitvorming over het gebruik van vleeslijm meegenomen heeft of zal meenemen?

5. Kunt u uiteenzetten op welke wijze het niet verbieden van het gebruik van vleeslijm in ons land, terwijl het in de rest van de EU verboden is, te rijmen valt met uw streven om te komen tot een Europees ‘level playing field’?

6. Kunt u aangeven wat de exacte omschrijving op het etiket van verpakt vlees moet zijn waarin vleeslijm is toegepast volgens artikel 4, vijfde lid van het Warenwetbesluit etikettering van levensmiddelen dat zegt dat bedrijven verplicht hier melding van te maken op het etiket om misleiding van de consument te voorkomen? Acht u de verplichte omschrijving voldoende helder voor consumenten en geldt ze ook voor ‘vers’, niet voorverpakt vlees?

7. Is het waar dat trombine wordt gewonnen uit runder- of varkensbloed en dat consumenten altijd direct moeten kunnen weten van welk dier de in gekochte producten aanwezige trombine afkomstig is? Hoe wordt dit gewaarborgd bij niet-voorverpakte producten en welke omschrijving is terzake verplicht op voorverpakte producten?

8. Is bij correcte nakoming van de wettelijke etiketteringplicht uit te sluiten dat consumenten trombine kunnen eten die afkomstig is van voor hen onbekende herkomst, die bijvoorbeeld ook strijdig zou kunnen zijn met hun levensbeschouwelijke opvattingen?

9. Bent u bereid in geval de Europese Commissie nog niet tot adequate maatregelen is gekomen, het gebruik van vleeslijm in Nederland te verbieden op dezelfde wijze en gronden als dat in andere Europese landen het geval is of in elk geval het gebruik en de voorlichting aan consumenten aan strengere regels te binden? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke termijn en wijze?

[1] http://usnews.msnbc.msn.com/_news/2012/01/31/10282876-mcdonalds-drops-use-of-gooey-ammonia-based-pink-slime-in-hamburger-meat

Antwoorddatum: 13 mrt. 2012

Antwoorden op kamervragen van het Kamerlid Hazekamp over het gebruik van chemische toevoegingen in dierlijke producten.

1. Kent u het bericht “McDonald's drops use of gooey ammonia-based ‘pink slime’ in hamburger meat”? [1]

Ja.

2. Kunt u aangeven of het gebruik van ammonium hydroxide (E527) in Nederland c.q. de Europese Unie (EU) is toegestaan als hulpstof in vleesproducten? Zo nee, waarom niet en sinds wanneer? Zo ja, bent u van mening dat het gebruik van deze hulpstof wenselijk en veilig is?

In de Warenwetregeling ‘gebruik van additieven met uitzondering van kleurstoffen en zoetstoffen’ is het gebruik van E 527 toegestaan als zuurteregelaar in een groot aantal groepen levensmiddelen waaronder producten op basis van vlees (vleesproducten en vleesbereidingen) met uitzondering van gehakt en voorverpakte vleesbereidingen op basis van gehakt. In verordening (EC) No1129/2011 die op 1 juli 2013 in werking treedt is dat gewijzigd. E 527 is dan bij vlees alleen nog toegestaan in vleesproducten en niet langer in vleesbereidingen.

Er is geen reden aan de veiligheid van dit additief te twijfelen. Overigens worden alle additieven periodiek opnieuw geëvalueerd door de European Food Safety Authority (EFSA).

3. Kunt u aangeven wat de stand van zaken is met betrekking tot het gebruik van vleeslijm, waarover uw ambtsvoorganger van het minister van VWS op 1 juli 2010 in antwoord op vragen [2] liet weten dat de Europese Commissie zich beraadde op te nemen maatregelen naar aanleiding van de afwijzing van het enzympreparaat trombine/fibrinogeen als additief door het Europees Parlement?

De Europese Commissie beraadt zich op dit moment intern nog op te nemen maatregelen naar aanleiding van de afwijzing door het Europees Parlement. Daarnaast wordt in een technische werkgroep in Brussel gediscussieerd over criteria voor de categorie indeling van enzymen in de enzymenverordening (EC) No 1332/20008. De plakenzymen worden in deze discussie meegenomen. Nederland wacht deze discussie af.

4. Kunt u aangeven op welke wijze Nederland maatregelen van de Europese Commissie in haar overwegingen voor nadere besluitvorming over het gebruik van vleeslijm meegenomen heeft of zal meenemen?

Zie antwoord op vraag 3.

5. Kunt u uiteenzetten op welke wijze het niet verbieden van het gebruik van vleeslijm in ons land, terwijl het in de rest van de EU verboden is, te rijmen valt met uw streven om te komen tot een Europees gelijk speelveld?

Tot nu toe hanteren de lidstaten verschillende interpretaties over de status van plakenzymen. De in vraag 3 genoemde discussie moet leiden tot harmonisatie.

6. Kunt u aangeven wat de exacte omschrijving op het etiket van verpakt vlees moet zijn waarin vleeslijm is toegepast volgens artikel 4, vijfde lid van het Warenwetbesluit etikettering van levensmiddelen dat zegt dat bedrijven verplicht zijn hier melding van te maken op het etiket om misleiding van de consument te voorkomen? Acht u de verplichte omschrijving voldoende helder voor consumenten en geldt ze ook voor ‘vers’, niet voorverpakt vlees?

De exacte omschrijving op het etiket moet zijn: ‘samengesteld uit stukjes vlees’. Voor vers niet voorverpakt vlees geldt dat deze omschrijving in de nabijheid van de aanduiding van het vleesproduct moet staan. Ik acht deze verplichte omschrijving voldoende helder voor consumenten

7. Is het waar dat trombine wordt gewonnen uit runder- of varkensbloed en dat consumenten altijd direct moeten kunnen weten van welk dier de in gekochte producten aanwezige trombine afkomstig is? Hoe wordt dit gewaarborgd bij niet-voorverpakte producten en welke omschrijving is ter zake verplicht op voorverpakte producten?

Ja, het is waar dat trombine wordt gewonnen uit runder- en varkensbloed. Bedrijven zijn verplicht op het etiket aan te geven, ‘rundereiwit’ of ‘varkenseiwit’. Voor niet-voorverpakte producten geldt een dergelijke verplichting niet.

8. Is bij correcte nakoming van de wettelijke etiketteringplicht uit te sluiten dat consumenten trombine kunnen eten die afkomstig is van voor hen onbekende herkomst, die bijvoorbeeld ook strijdig zou kunnen zijn met hun levensbeschouwelijke opvattingen?

Nee, dat is niet uit te sluiten daar waar de etiketteringswetgeving niet van toepassing is.

9. Bent u bereid in geval de Europese Commissie nog niet tot adequate maatregelen is gekomen, het gebruik van vleeslijm in Nederland te verbieden op dezelfde wijze en gronden als dat in andere Europese landen het geval is of in elk geval het gebruik en de voorlichting aan consumenten aan strengere regels te binden? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke termijn en wijze?

Nee, Ik vind dat deze discussie op Europees niveau moet worden beslecht. Zie verder het antwoord op vraag 3.

[1] http://usnews.msnbc.msn.com/_news/2012/01/31/10282876-mcdonalds-drops-use-of-gooey-ammonia-based-pink-slime-in-hamburger-meat
[2] Tweede Kamer, Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2009-2010, nr. 2791