Vragen leden PvdD bij SO Ener­gieraad


SO Energieraad (d.d. 24 september 2019, Brussel)

Inbreng Partij voor de Dieren.

De leden van de Partij voor de Dieren-fractie hebben kennis genomen van de stukken en hebben daarover nog de nodige kritische vragen en opmerkingen.

Met betrekking tot de definitieve Integrale Nationale Energie- en Klimaatplannen (INEK), schrijft de minister dat de Nederlandse doelstellingen voor 2030 als voldoende worden beoordeeld. Daar valt volgens de leden van de Partij voor de Dieren-fractie wel het nodige op af de dingen. Het valt de leden van de Partij voor de Dieren-fractie bijvoorbeeld op dat de minister dit niet in de context plaatst van de boterzachte wijze waarop Nederland deze doelen heeft geformuleerd in de uitgeklede Klimaatwet. Door het Nederlandse doel voor 2030 te formuleren als boterzacht “streven” naar 49%, expliciet niet afdwingbaar bij de rechter, wordt een “business as usual-scenario” nog steeds gefaciliteerd. Ook werden concrete instrumenten zoals een koolstofbudget uit de wet gesloopt en dreigt Nederland volop te gaan leunen op CCS en biomassa. De leden van de Partij voor de Dieren-fractie wijzen keer op keer op de schadelijke gevolgen van deze koers. De subsidies voor CCS zullen de ontwikkelingen van echt duurzame technieken in de weg staan en de kortzichtige maar grootschalige claim op biomassa en biobrandstoffen zal de wereldwijde boskap enkel doen versnellen. Is de minister bereid om bij zijn Europese collega’s de waarschuwing af te geven voor de nadelige effecten van de overmatige Nederlandse claim op biomassa? Zo nee, waarom niet? Gaat de minister in Europa een toelichting geven op de bezwaren bij het subsidiëren van CCS? Zo nee, waarom niet? Hoe gaat de minister de aanbevelingen van de Europese Commissie vorm geven met betrekking tot het INEK?

Voor écht ambitieus klimaatbeleid moeten we helaas nog altijd naar het buitenland kijken. Tijdens het meest recente ‘algemeen overleg klimaat en energie’ (d.d. 4 september 2019) vroeg een lid van de Partij voor de Dieren-fractie al naar een reactie op het Deense plan om in 2030 een juridisch bindend CO2-reductiedoel van 70% te hanteren. Dat is pas ambitie! Helaas bleef een reactie van de minister van EZK uit, waardoor de indruk werd gewekt dat de regering zich niet laat inspireren door de daadwerkelijke Europese koplopers. Klopt dat? Erkent de minister dat we moeten leren van ervaringen van de Europese koplopers zoals Denemarken? Zo nee, waarom niet? Wat zijn de lessen die de minister trekt uit de Deense voorstellen?

De leden van de Partij voor de Dieren vragen de minister om tijdens de aankomende Energieraad (d.d. 24 september 2019) bij de Deense vertegenwoordiging te informeren naar de afwegingen achter dit 70%-doel voor 2030. Is de minister bereid om dit te doen en de Tweede Kamer daarover op korte termijn te informeren?