Vragen Akerboom over het bericht dat graan­schepen graan voor koeien vervoeren in plaats van graan voor ontwik­ke­lings­landen


Indiendatum: 29 nov. 2022

Mondelinge Vragen van het lid Akerboom aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, bij afwezigheid van de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, over het bericht dat graanschepen graan voor koeien vervoeren in plaats van graan voor ontwikkelingslanden

Mevrouw Akerboom (PvdD):
Voorzitter. Dit mondelinge vragenuurtje vindt vlak na de lunch plaats. Wij hebben vanochtend allemaal lekker ontbeten en vanavond gaan we weer aan het avondeten. Maar de mensen in de Hoorn van Afrika kennen helemaal geen ontbijt, lunch of avondeten. Zij hebben één maaltijd per dag. Wereldwijd heeft bijna een op de tien mensen honger. Niet eerder werd er zo veel voedsel geproduceerd, terwijl tegelijkertijd de honger in de wereld toeneemt. De graandeal, volgens de VN bedoeld om voedselonzekerheid en honger in de wereld te bestrijden, bleek gewoon een veevoerdeal. Zelden is zo pijnlijk blootgelegd dat ons wereldvoedselsysteem stuk is als in de huidige graandeal met Oekraïne. Uit cijfers blijkt dat maar 6 van de 408 scheepsladingen onder de vlag van deze deal zijn ingezet als voedselhulp. Van de tarwe die sinds de oorlog uit Oekraïne is geëxporteerd, werd slechts 5% verscheept naar landen met voedseltekorten. 61% van het graan werd naar Europa verscheept, vooral naar Spanje, Nederland en Italië. Dat is niet omdat wij dreigen te sterven van de honger zonder Oekraïens graan, maar dat is om dat graan te voeren aan de dieren in onze totaal uit de hand gelopen bio-industrie. Wat vindt de minister daarvan?

Voorzitter. Voor de vleesproductie wordt een onevenredig groot beslag gelegd op de wereldvoorraad granen. Meer dan de helft van de Europese graanproductie gaat naar veevoer. Dat betekent een enorme voedselverspilling. Op deze grond zou je veel beter voedsel voor mensen kunnen verbouwen. Deelt de minister de mening dat het zeer onwenselijk is dat zo veel voedsel verdwijnt in de magen van de dieren in de veehouderij?

De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan de minister.

Minister Adema:
Dank u wel, voorzitter. En dank aan mevrouw Akerboom voor de gestelde vragen. Wij delen de zorg over de voedselzekerheid als gevolg van de oorlog in Oekraïne. Het is buitengewoon belangrijk dat er voedsel wordt verscheept naar Afrika om te voorzien in de nood die daar is. Daarom is het goed dat er een graandeal met Oekraïne gesloten is. Die graandeal is overigens niet alleen bedoeld om graan naar de meest kwetsbaren te verschepen. Er lag heel veel graan opgepot in Oekraïne. De graansilo's waren vol en de maïsvelden stonden vol. Dat betreft allemaal graan, voedsel en producten voor veevoer die als deze deal niet gesloten zou zijn, vernietigd zouden moeten worden omdat ze niet meer bruikbaar zouden zijn. Het is dus belangrijk dat deze deal gesloten is. Het is belangrijk dat het graan en de andere agrarische producten die in de deal besloten liggen, hun weg vinden over de wereld. Het is belangrijk voor Oekraïne, dat ook economisch gezien zo afhankelijk is van de landbouw, dat de economie daar blijft werken in deze voor Oekraïne buitengewoon moeilijke periode. Wij steunen dus deze graandeal.

Natuurlijk gaat een deel ervan naar het veevoer. Mevrouw Akerboom heeft in dat verband twee problemen aangesneden. Het eerste probleem heeft te maken met de vraag: wat houdt de graandeal in en waar gaat het voer naartoe? Zij heeft voorts gesproken over het grotere probleem: hoe gaan wij om met de wereldvoedselzekerheid en de relatie tussen humaan voedsel en dierlijk voedsel of ruwe producten voor veevoer? Dat is wat mij betreft een wat andere discussie dan de graandeal. Natuurlijk zetten het kabinet en ik ons ervoor in om bij de veevoerproductie veel meer naar reststromen te kijken. Ik merk overigens op dat alle producten die in veevoer terechtkomen, uiteindelijk ook weer zorgen voor de voedselvoorziening in de wereld. Kijk eens naar wat wij aan goed voedsel exporteren. Maar mijn inzet is er ook op gericht om veel meer reststromen in het veevoer te brengen en om minder voor mensen geschikt voedsel in het veevoer te verwerken. Dus wat de inzet betreft vindt u deze minister aan uw zijde.

Overigens is er wel 2,5 miljoen ton graan verscheept, waarvan een groot deel naar Afrika gaat. In de deal gaat er ook 125.000 ton graan naar Afrika als geschenk van Oekraïne in deze moeilijke tijd. Ik vind dat een groots gebaar van Oekraïne. Wij ondersteunen dat vanzelfsprekend van harte. Wij hebben miljoenen uitgegeven om het transport van deze graandeal mogelijk te maken. Daarnaast ondersteunen wij additioneel het Wereldvoedselprogramma met 27 miljoen euro. Ook zijn hulporganisaties voorzien van een additionele 20 miljoen euro. We doen er dus alles aan om ook de meest kwetsbaren te voorzien van voedsel.

Tot zover, voorzitter.

Mevrouw Akerboom (PvdD):
Het is fijn dat de minister zo veel zorgen deelt en ook dat hij aangeeft dat er inmiddels graan naar Afrika gaat. Maar er is wel degelijk duidelijk uitgesproken dat deze graandeal ook bedoeld is om de honger te bestrijden. Er dreigt echt een gigantische hongersnood. Er is in 40 jaar nog nooit zo'n erge droogte geweest in Somalië. Het is echt verschrikkelijk. In sommige stukken is al jaren geen regen meer gevallen. De graandeal is een uitwas die bij uitstek aantoont dat ons wereldvoedselsysteem stuk is. Ik zou het dus zeker breder willen trekken, zoals de minister ook al aangaf. Het is een onderdeel van ons wereldvoedselsysteem dat gewoon niet werkt. Ook in Nederland bestaat bijna de helft van de totale grond uit grasland en grond die wordt gebruikt voor het verbouwen van veevoer. Daarnaast gebruiken we in andere landen ook nog eens twee keer zo veel grond voor de productie van veevoer. Zolang we dat blijven doen op deze manier, is er elke keer wel weer een groot probleem dat we moeten oplossen. Denk aan de ontbossing van de Amazone en van de Cerrado. Er zijn heel veel problemen die worden veroorzaakt doordat wij zo veel veevoer naar ons toe trekken. Vindt de minister dit verantwoord? Past dit binnen de kringloopvisie van de minister? Is het niet gewoon onethisch om keer op keer zo veel voedsel op te eisen voor onze bio-industrie? Gaat de minister aan tafel bij het landbouwakkoord nu als voorwaarde stellen dat we moeten stoppen met het importeren van veevoer uit andere landen?

Minister Adema:
Ik wil datgene wat mevrouw Akerboom zegt toch een klein beetje nuanceren. Wij verbouwen inderdaad voer voor dieren. In Nederland wordt bijvoorbeeld veel mais verbouwd, dat in de rundveehouderij wordt gebruikt. Daar worden prachtige zuivelproducten gemaakt die de hele wereld over gaan. Wat dat betreft dragen wij daar op een forse manier bij aan de wereldvoedselvoorziening en de wereldvoedselzekerheid. We mogen er ook best trots op zijn dat die producten zo goed worden afgenomen in de wereld en ook als kwalitatief hoogwaardige producten worden gewaardeerd.

Natuurlijk spreek ik in mijn landbouwbrief — dat hebt u goed gezien — ook over de kringlooplandbouw. Wij moeten er met elkaar wel over nadenken of wij nog steeds zo veel grondstoffen voor bijvoorbeeld veevoer over de wereld willen vervoeren om hier in het Nederlandse veevoer te brengen. Ik denk ook dat heel veel reststromen van bijvoorbeeld de voedselverwerkende industrie goed zouden kunnen worden verwerkt in het veevoer. Het is ook wel een van mijn ambities om hier straks in het landbouwakkoord afspraken over te maken.

We zijn natuurlijk maar klein in de wereld, dus wij bepalen hier als Nederland niet even de hele wereldvoedselproductie en de hele wereldvoedselzekerheid. Misschien hebben we dat gevoel af en toe, maar in die zin zijn we wereldwijd, mondiaal, maar een kleine speler. Laten we eerlijk zijn: 80% van het voedsel dat wij produceren gaat naar de Nederlandse en de Europese markt en maar 20% naar derde landen. Zo'n grote speler zijn we op mondiaal gebied nou ook weer niet. Het is wel mijn ambitie om ervoor te zorgen dat we verduurzamen en om ervoor te zorgen dat het voedsel duurzamer is. Daar vindt u mij aan uw zijde. Dat doen we alleen niet van vandaag op morgen. U weet dat we een landbouwakkoord gaan sluiten dat een reikwijdte heeft tot 2040. Ik ben dus zeer gemotiveerd om met de agrarische sector aan de slag te gaan om ervoor te zorgen dat we duurzamer voedsel gaan produceren.

Mevrouw Akerboom (PvdD):
Dat is in elk geval goed om te horen. Het is ook goed om te horen dat de minister, als ik het goed begrijp, vindt dat er een einde moet komen aan het gesleep met voedsel over de hele wereld. Ik sla nog even aan op die "prachtige zuivelproducten" die wij exporteren. De zuivelindustrie is een gigantische veroorzaker van broeikasgassen. We hebben een enorm stikstofprobleem, waardoor onze natuur er nu aan gaat. We kunnen er dus over twisten of dat wel zo'n mooie industrie is.

Daarbij komt dat de minister aangeeft dat wij een hele kleine speler zijn. Volgens mij valt dat wel mee. We slachten 600 miljoen dieren per jaar. We zijn een enorme importeur van met name ook soja: we importeren gigantische hoeveelheden soja uit Brazilië. We zijn, zeg ik uit mijn hoofd, de tweede importeur ter wereld. Nederland heeft als meest veedichte land ter wereld wel degelijk een grote verantwoordelijkheid in het wereldvoedselsysteem om te laten zien dat het anders moet.

Voorzitter. De politiek moet de leiding nemen in de noodzakelijke eiwittransitie. Ik hoor de minister zeggen dat hij ook het liefst zou willen dat het anders is en dat de honger uit de wereld verdwijnt. Maar de minister draagt nog steeds actief bij aan het in stand houden van het falende voedselsysteem, waarin mensen sterven van de honger en we ondertussen dieren vetmesten.

Dank u wel.

Indiendatum: 29 nov. 2022
Antwoorddatum: 29 nov. 2022

Mondelinge Vragen van het lid Akerboom aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, bij afwezigheid van de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, over het bericht dat graanschepen graan voor koeien vervoeren in plaats van graan voor ontwikkelingslanden

Mevrouw Akerboom (PvdD):
Voorzitter. Dit mondelinge vragenuurtje vindt vlak na de lunch plaats. Wij hebben vanochtend allemaal lekker ontbeten en vanavond gaan we weer aan het avondeten. Maar de mensen in de Hoorn van Afrika kennen helemaal geen ontbijt, lunch of avondeten. Zij hebben één maaltijd per dag. Wereldwijd heeft bijna een op de tien mensen honger. Niet eerder werd er zo veel voedsel geproduceerd, terwijl tegelijkertijd de honger in de wereld toeneemt. De graandeal, volgens de VN bedoeld om voedselonzekerheid en honger in de wereld te bestrijden, bleek gewoon een veevoerdeal. Zelden is zo pijnlijk blootgelegd dat ons wereldvoedselsysteem stuk is als in de huidige graandeal met Oekraïne. Uit cijfers blijkt dat maar 6 van de 408 scheepsladingen onder de vlag van deze deal zijn ingezet als voedselhulp. Van de tarwe die sinds de oorlog uit Oekraïne is geëxporteerd, werd slechts 5% verscheept naar landen met voedseltekorten. 61% van het graan werd naar Europa verscheept, vooral naar Spanje, Nederland en Italië. Dat is niet omdat wij dreigen te sterven van de honger zonder Oekraïens graan, maar dat is om dat graan te voeren aan de dieren in onze totaal uit de hand gelopen bio-industrie. Wat vindt de minister daarvan?

Voorzitter. Voor de vleesproductie wordt een onevenredig groot beslag gelegd op de wereldvoorraad granen. Meer dan de helft van de Europese graanproductie gaat naar veevoer. Dat betekent een enorme voedselverspilling. Op deze grond zou je veel beter voedsel voor mensen kunnen verbouwen. Deelt de minister de mening dat het zeer onwenselijk is dat zo veel voedsel verdwijnt in de magen van de dieren in de veehouderij?

De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan de minister.

Minister Adema:
Dank u wel, voorzitter. En dank aan mevrouw Akerboom voor de gestelde vragen. Wij delen de zorg over de voedselzekerheid als gevolg van de oorlog in Oekraïne. Het is buitengewoon belangrijk dat er voedsel wordt verscheept naar Afrika om te voorzien in de nood die daar is. Daarom is het goed dat er een graandeal met Oekraïne gesloten is. Die graandeal is overigens niet alleen bedoeld om graan naar de meest kwetsbaren te verschepen. Er lag heel veel graan opgepot in Oekraïne. De graansilo's waren vol en de maïsvelden stonden vol. Dat betreft allemaal graan, voedsel en producten voor veevoer die als deze deal niet gesloten zou zijn, vernietigd zouden moeten worden omdat ze niet meer bruikbaar zouden zijn. Het is dus belangrijk dat deze deal gesloten is. Het is belangrijk dat het graan en de andere agrarische producten die in de deal besloten liggen, hun weg vinden over de wereld. Het is belangrijk voor Oekraïne, dat ook economisch gezien zo afhankelijk is van de landbouw, dat de economie daar blijft werken in deze voor Oekraïne buitengewoon moeilijke periode. Wij steunen dus deze graandeal.

Natuurlijk gaat een deel ervan naar het veevoer. Mevrouw Akerboom heeft in dat verband twee problemen aangesneden. Het eerste probleem heeft te maken met de vraag: wat houdt de graandeal in en waar gaat het voer naartoe? Zij heeft voorts gesproken over het grotere probleem: hoe gaan wij om met de wereldvoedselzekerheid en de relatie tussen humaan voedsel en dierlijk voedsel of ruwe producten voor veevoer? Dat is wat mij betreft een wat andere discussie dan de graandeal. Natuurlijk zetten het kabinet en ik ons ervoor in om bij de veevoerproductie veel meer naar reststromen te kijken. Ik merk overigens op dat alle producten die in veevoer terechtkomen, uiteindelijk ook weer zorgen voor de voedselvoorziening in de wereld. Kijk eens naar wat wij aan goed voedsel exporteren. Maar mijn inzet is er ook op gericht om veel meer reststromen in het veevoer te brengen en om minder voor mensen geschikt voedsel in het veevoer te verwerken. Dus wat de inzet betreft vindt u deze minister aan uw zijde.

Overigens is er wel 2,5 miljoen ton graan verscheept, waarvan een groot deel naar Afrika gaat. In de deal gaat er ook 125.000 ton graan naar Afrika als geschenk van Oekraïne in deze moeilijke tijd. Ik vind dat een groots gebaar van Oekraïne. Wij ondersteunen dat vanzelfsprekend van harte. Wij hebben miljoenen uitgegeven om het transport van deze graandeal mogelijk te maken. Daarnaast ondersteunen wij additioneel het Wereldvoedselprogramma met 27 miljoen euro. Ook zijn hulporganisaties voorzien van een additionele 20 miljoen euro. We doen er dus alles aan om ook de meest kwetsbaren te voorzien van voedsel.

Tot zover, voorzitter.

Mevrouw Akerboom (PvdD):
Het is fijn dat de minister zo veel zorgen deelt en ook dat hij aangeeft dat er inmiddels graan naar Afrika gaat. Maar er is wel degelijk duidelijk uitgesproken dat deze graandeal ook bedoeld is om de honger te bestrijden. Er dreigt echt een gigantische hongersnood. Er is in 40 jaar nog nooit zo'n erge droogte geweest in Somalië. Het is echt verschrikkelijk. In sommige stukken is al jaren geen regen meer gevallen. De graandeal is een uitwas die bij uitstek aantoont dat ons wereldvoedselsysteem stuk is. Ik zou het dus zeker breder willen trekken, zoals de minister ook al aangaf. Het is een onderdeel van ons wereldvoedselsysteem dat gewoon niet werkt. Ook in Nederland bestaat bijna de helft van de totale grond uit grasland en grond die wordt gebruikt voor het verbouwen van veevoer. Daarnaast gebruiken we in andere landen ook nog eens twee keer zo veel grond voor de productie van veevoer. Zolang we dat blijven doen op deze manier, is er elke keer wel weer een groot probleem dat we moeten oplossen. Denk aan de ontbossing van de Amazone en van de Cerrado. Er zijn heel veel problemen die worden veroorzaakt doordat wij zo veel veevoer naar ons toe trekken. Vindt de minister dit verantwoord? Past dit binnen de kringloopvisie van de minister? Is het niet gewoon onethisch om keer op keer zo veel voedsel op te eisen voor onze bio-industrie? Gaat de minister aan tafel bij het landbouwakkoord nu als voorwaarde stellen dat we moeten stoppen met het importeren van veevoer uit andere landen?

Minister Adema:
Ik wil datgene wat mevrouw Akerboom zegt toch een klein beetje nuanceren. Wij verbouwen inderdaad voer voor dieren. In Nederland wordt bijvoorbeeld veel mais verbouwd, dat in de rundveehouderij wordt gebruikt. Daar worden prachtige zuivelproducten gemaakt die de hele wereld over gaan. Wat dat betreft dragen wij daar op een forse manier bij aan de wereldvoedselvoorziening en de wereldvoedselzekerheid. We mogen er ook best trots op zijn dat die producten zo goed worden afgenomen in de wereld en ook als kwalitatief hoogwaardige producten worden gewaardeerd.

Natuurlijk spreek ik in mijn landbouwbrief — dat hebt u goed gezien — ook over de kringlooplandbouw. Wij moeten er met elkaar wel over nadenken of wij nog steeds zo veel grondstoffen voor bijvoorbeeld veevoer over de wereld willen vervoeren om hier in het Nederlandse veevoer te brengen. Ik denk ook dat heel veel reststromen van bijvoorbeeld de voedselverwerkende industrie goed zouden kunnen worden verwerkt in het veevoer. Het is ook wel een van mijn ambities om hier straks in het landbouwakkoord afspraken over te maken.

We zijn natuurlijk maar klein in de wereld, dus wij bepalen hier als Nederland niet even de hele wereldvoedselproductie en de hele wereldvoedselzekerheid. Misschien hebben we dat gevoel af en toe, maar in die zin zijn we wereldwijd, mondiaal, maar een kleine speler. Laten we eerlijk zijn: 80% van het voedsel dat wij produceren gaat naar de Nederlandse en de Europese markt en maar 20% naar derde landen. Zo'n grote speler zijn we op mondiaal gebied nou ook weer niet. Het is wel mijn ambitie om ervoor te zorgen dat we verduurzamen en om ervoor te zorgen dat het voedsel duurzamer is. Daar vindt u mij aan uw zijde. Dat doen we alleen niet van vandaag op morgen. U weet dat we een landbouwakkoord gaan sluiten dat een reikwijdte heeft tot 2040. Ik ben dus zeer gemotiveerd om met de agrarische sector aan de slag te gaan om ervoor te zorgen dat we duurzamer voedsel gaan produceren.

Mevrouw Akerboom (PvdD):
Dat is in elk geval goed om te horen. Het is ook goed om te horen dat de minister, als ik het goed begrijp, vindt dat er een einde moet komen aan het gesleep met voedsel over de hele wereld. Ik sla nog even aan op die "prachtige zuivelproducten" die wij exporteren. De zuivelindustrie is een gigantische veroorzaker van broeikasgassen. We hebben een enorm stikstofprobleem, waardoor onze natuur er nu aan gaat. We kunnen er dus over twisten of dat wel zo'n mooie industrie is.

Daarbij komt dat de minister aangeeft dat wij een hele kleine speler zijn. Volgens mij valt dat wel mee. We slachten 600 miljoen dieren per jaar. We zijn een enorme importeur van met name ook soja: we importeren gigantische hoeveelheden soja uit Brazilië. We zijn, zeg ik uit mijn hoofd, de tweede importeur ter wereld. Nederland heeft als meest veedichte land ter wereld wel degelijk een grote verantwoordelijkheid in het wereldvoedselsysteem om te laten zien dat het anders moet.

Voorzitter. De politiek moet de leiding nemen in de noodzakelijke eiwittransitie. Ik hoor de minister zeggen dat hij ook het liefst zou willen dat het anders is en dat de honger uit de wereld verdwijnt. Maar de minister draagt nog steeds actief bij aan het in stand houden van het falende voedselsysteem, waarin mensen sterven van de honger en we ondertussen dieren vetmesten.

Dank u wel.