Vervolg­vragen naar aanleiding van de antwoorden op vragen d.d. 24 augustus 2009, nr. 2009D39019 over DSB-bank


Vervolgvragen van het lid Thieme (Partij voor de Dieren) aan de Minister President naar aanleiding van de antwoorden op vragen d.d. 24 augustus 2009, nr. 2009D39019 over DSB-bank.

1. In uw antwoord d.d. 24-08 over uw uitlatingen m.b.t de DSB bank en Dirk Scheringa heeft u mogelijk abusievelijk uw antwoord herhaald dat u eerder gaf op 29-06. Daarin maakte u duidelijk waardering te hebben voor de persoon Scheringa wegens zijn inzet voor de sport en cultuur. Mijn aanvullende vraag luidde: “Kunt u specifiek aangeven waar u op doelde toen u zei 'je speelt een geweldige rol in de financiële sector' en welke relatie tot DSB of de heer Scheringa u aanleiding geeft 'trots' te zijn op de rol die de heer Scheringa speelt in de financiële sector?”. Kunt u die vraag konkreet beantwoorden, zowel waar het gaat om uw beoordeling van de rol die de heer Scheringa speelt in de financiële sector, als op het punt van de relatie die u heeft met de heer Scheringa die u op dit specifieke punt aanleiding geeft ‘trots’ te zijn. Kunt u een herhaling van uw eerder ingenomen standpunt met betrekking tot de thema’s cultuur en sport in uw beantwoording vermijden?

2. Bent u van mening dat het passend was de activiteiten van DSB-bank in de financiële sector te koppelen aan kwalificaties als 'fantastisch' en 'trots', terwijl de uitkomsten van het AFM onderzoek nog niet bekend waren? Zo ja, waarom?

3. Deelt u de mening dat uw uitspraak dat de heer Scheringa "een geweldige rol speelt in de financiële sector" onzorgvuldig en ontijdig was in het licht van de nu opgelegde bestuurlijke boete en het destijds reeds bekende feit dat er onderzoek van de AFM liep tegen de bank?

Antwoorddatum: 31 aug. 2009

Hierbij doe ik u toekomen de antwoorden op de kamervragen van het lid Thieme (PvdD), over de antwoorden op vragen over DSB-bank, mij toegezonden op 27 augustus 2009, nr. 2009Z15205

DE MINISTER-PRESIDENT, Minister van Algemene Zaken,
mr.dr. J.P. Balkenende

Vraag 1
Kunt u vraag 2 van mijn eerdere vragen 1) concreet beantwoorden, zowel waar het gaat om uw beoordeling van de rol die de heer Scheringa speelt in de financiële sector, als op het punt van de relatie die u heeft met de heer Scheringa die u op dit specifieke punt aanleiding geeft 'trots' te zijn? Kunt u een herhaling van uw eerder ingenomen standpunt met betrekking tot de thema's cultuur en sport 2) in uw beantwoording vermijden?

Antwoord
Er is geen sprake van een misverstand of abusievelijke herhaalde beantwoording van uw Kamervragen. Ik heb in het kader van de Europese verkiezingscampagne gesproken op een verkiezingsmanifestatie van het CDA in het AZ-stadion ("DSB-stadion") in Alkmaar. Ik sprak daar dus als partijleider van het CDA. De heer Scheringa was als voorzitter van de voetbalclub AZ gastheer van de avond en ik heb hem toesproken, mede vanwege zijn brede maatschappelijke inzet.

Inmiddels is duidelijk geworden dat de AFM de DSB bank boetes heeft opgelegd voor slechte advisering bij verstrekking van hypotheek- en consumptief kredietverlening. Ik heb daar kennis van genomen. Voor de DSB-bank gelden dezelfde regels als voor andere banken, en ik stel vast dat we in de Nederland ons gelukkig mogen prijzen met het bestaan van dit onafhankelijk toezicht van de AFM. Dit werkt versterkend voor het maatschappelijke vertrouwen in de financiële sector.

Vraag 2
Bent u van mening dat het passend was de activiteiten van DSB-bank in de financiële sector te koppelen aan kwalificaties als 'fantastisch' en 'trots', terwijl de uitkomsten van het onderzoek van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) nog niet bekend waren? Zo ja, waarom?

Antwoord
Zie het antwoord op vraag 1.

Vraag 3
Deelt u de mening dat uw uitspraak dat de heer Scheringa "een geweldige rol speelt in de financiële sector" onzorgvuldig en ontijdig was in het licht van de nu opgelegde bestuurlijke boete en het destijds reeds bekende feit dat er onderzoek van de AFM liep tegen de bank?

Antwoord
Zie het antwoord op vraag 1.

1) Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2008-2009, nr. 3515
In uw antwoord over uw uitlatingen m.b.t de DSB bank en Dirk Scheringa heeft u mogelijk abusievelijk uw antwoord herhaald dat u eerder gaf op 29 juni jl.. Daarin maakte u duidelijk waardering te hebben voor de persoon Scheringa wegens zijn inzet voor de sport en cultuur. Mijn aanvullende vraag luidde: "Kunt u specifiek aangeven waar u op doelde toen u zei 'je speelt een geweldige rol in de financiële sector' en welke relatie tot DSB of de heer Scheringa u aanleiding geeft 'trots' te zijn op de rol die de heer Scheringa speelt in de financiële sector?".
2) Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2008-2009, nr. 3108