Partij voor de Dieren dwingt voor­be­reiding vangst­verbod dioxi­ne­paling af


7 oktober 2010

Den Haag, 7 oktober 2010 - De Tweede Kamer heeft vandaag ingestemd met het verzoek van de Partij voor de Dieren om een wettelijk vangstverbod op paling in vervuilde gebieden voor te bereiden. Paling die in de vervuilde gebieden als de grote rivieren en de Biesbosch wordt gevangen, bevat standaard veel meer dioxines dan veilig wordt geacht voor de volksgezondheid en mag daarom niet op de markt worden gebracht.

Uit een reportage van Zembla bleek echter dat de binnenvissers een tijdelijk vangstverbod massaal aan hun laars lappen en dat sterk vervuilde paling al jarenlang gewoon bij de visboer wordt verkocht. De Partij voor de Dieren wilde, in navolging van de Voedsel- en Warenautoriteit, per direct een permanent vangstverbod in de vervuilde gebieden. De minister van LNV wenst de sector echter nog een kans te geven en werd daarin gesteund door VVD, CDA, PVV, en SGP. Esther Ouwehand wees erop dat deze inzet, waarbij gewerkt wordt aan een keurmerk en verscherpt toezicht, veel bureaucratie zal gaan opleveren. Zij diende daarom een motie in om alvast te starten met de voorbereiding van een wettelijk vangstverbod. Dat verbod kan worden afgekondigd als blijkt dat de nu aangekondigde maatregelen niet effectief zijn of buitenproportioneel veel geld en handhavingscapaciteit kosten. In een andere motie vroeg zij de regering om de komende periode regelmatig aan de Kamer te rapporteren over de handhaving van het verbod om vervuilde paling op de markt te brengen. Beide moties zijn aangenomen.

Een vangstverbod in met dioxine vervuilde wateren is het meest effectief om paling die niet aan de voedselveiligheidsnormen voldoet van de markt te weren. Uit onderzoek blijkt immers dat geen enkele paling, gevangen in de grote rivieren of de Biesbosch, aan de normen voldoet. Reden voor de Voedsel- en Warenautoriteit om bij het ministerie van LNV aan te dringen op een vangstverbod. In Frankrijk geldt een dergelijk verbod allang. De minister van LNV schreef de Kamer echter dat zij op dit moment geen wettelijke grondslag heeft om een vangstverbod in te stellen. Nu de motie van de Partij voor de Dieren is aangenomen, moet zij aan de slag om wetgeving voor te bereiden. Zodra blijkt dat de handhavingsaanpak die zij nu heeft aangekondigd niet werkt, kan dan alsnog, en per direct, tot een vangstverbod worden overgegaan.

Nu er nog geen vangstverbod geldt, wil de Partij voor de Dieren de inspanningen van de regering ten aanzien van de dioxinepaling scherp controleren. Esther Ouwehand is daarom blij dat ook haar motie die vraagt om regelmatige handhavingsrapportages is aangenomen. Esther Ouwehand: ‘De afgelopen jaren heeft de minister van LNV de Kamer keer op keer beweerd het verbod op de verkoop van dioxinepaling streng te handhaven. Uit de reportage van Zembla bleek echter dat vissers volop giftige paling vangen en verkopen, en dat de overheid helemaal niet ingrijpt. Nu de minister, in plaats van een vangstverbod in te stellen, opnieuw verscherpte handhaving beloofd, kan de Kamer dat dankzij onze motie scherp controleren. Ze kan de Kamer niet nog eens met een kluitje in het vervuilde riet sturen.’

De motie over de verplichte rapportages over de handhaving werd met algemene stemmen aangenomen. Opmerkelijk was dat de SP tegen het vangstverbod stemde.

Klik hier voor de motie over een visverbod voor paling in de vervuilde gebieden
Klik hier voor de motie over voorbereiden visverbod
Klik hier voor de motie over regelmatige rapportages over de handhaving van het verbod op het verhandelen en verkopen van paling met te veel dioxines

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief