Fokverbod gaat Verburg te ver, doden van 40.000 dieren niet


15 januari 2010

De Partij voor de Dieren heeft Kamervragen gesteld aan minister Verburg van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over het uitblijven van een fokverbod in verband met de Q-koorts in 2008 en in 2009. In haar reactie geeft de minister aan dat een sectorbreed fokverbod destijds ‘disproportioneel’ zou zijn geweest. Volgens de minister van Landbouw is het afkondigen van een fokverbod dat de hele sector raakt disproportioneel, het doden van meer dan 40.000 dieren is dat blijkbaar niet. De Partij voor de Dieren ziet daarmee haar stelling bevestigd dat economische belangen hebben geprevaleerd boven volksgezondheid en dierenwelzijn in het gevoerde Q-koorts beleid.

In december 2009 besloot het kabinet eindelijk een algeheel fokverbod voor melkgeiten- en melkschapenbedrijven af te kondigen. Op dat moment was het voor de meeste geiten al te laat; de dieren waren al drachtig en vormden daarmee een groot risico voor de volksgezondheid. Het besluit om deze dieren te ruiming werd dan ook op hetzelfde moment als het fokverbod aangekondigd. Wanneer er eerder een fokverbod was afgekondigd, bijvoorbeeld in de zomer van 2009 of zelfs al in 2008, waren ruimingen niet nodig geweest. Desgevraagd geeft minister Verburg aan dat dit volgens haar niet mogelijk was geweest. Verburg: “In de zomer van 2009 was een fokverbod om de epidemie te beheersen niet aan de orde”. Volgens de minister was het op dat moment niet mogelijk om voldoende onderscheid te maken tussen besmette en niet-besmette bedrijven. Zij wilde niet dat de hele sector getroffen zou worden door maatregelen om de volksgezondheid te beschermen. “Daarmee zou de maatregel disproportioneel zijn geweest” volgens de minister. Er waren op dat moment zo’n 2200 mensen geïnfecteerd met de Q-koorts, er zijn in totaal al zes mensen aan de ziekte overleden.

De Partij voor de Dieren pleitte in oktober nog voor een fokverbod. Als de minister dit inderdaad had afgekondigd, hadden de ruimingen voorkomen kunnen worden. Immers, de drachtige dieren vormen het grootste gevaar voor de volksgezondheid, deze dieren worden nu dan ook massaal gedood. Een fokverbod voor de gehele melkgeiten- en melkschapensector had het ruimen van 40.000 geiten, van wie de meeste niet besmet zijn met de bacterie, kunnen voorkomen. Zachte heelmeesters maken ook in dit geval disproportioneel stinkende wonden, die zowel de sector als vele verontwaardigde burgers nog lange tijd zullen heugen.

Klik hier voor de Kamervragen

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief