Apen­han­delaar Hartelust weigert volks­ver­te­gen­woor­diger


8 april 2010

Den Haag, 8 april 2010 – RC Hartelust B.V., één van de grootste apenhandelaren in de internationale proefdiersector, weigert openheid van zaken te geven over de manier waarop zij haar apen importeert, huisvest en verzorgt. Tweede Kamerlid Esther Ouwehand van de Partij voor de Dieren is niet welkom voor een werkbezoek aan het Tilburgse bedrijf. Dit bevreemdt de partij, omdat het ontvangen van een volksvertegenwoordiger wel het minste is dat de proefdiersector zou moeten doen om openheid te betrachten richting de samenleving.

De proefdierhandelaar kwam al eerder in opspraak nadat bleek dat apen onder erbarmelijke omstandigheden vanuit Tilburg werden getransporteerd, wat een aantal dieren fataal werd. Ouwehand zet haar vraagtekens bij de praktijken van het bedrijf. ‘De handel in apen voor proefdieronderzoek roept veel vragen op over het welzijn en de herkomst van de dieren, niet in de laatste plaats omdat een groot aantal dieren uit China wordt geïmporteerd. De samenleving heeft er recht op om te weten hoe die handel in elkaar zit en hoe er met de dieren wordt omgegaan. Dat RC Hartelust nota bene aan een volksvertegenwoordiger weigert openheid te geven, vind ik bepaald geen geruststelling – integendeel’, aldus het Kamerlid.

De weigering is des te vreemder omdat Ouwehand als woordvoerder dierproeven voor de Partij voor de Dieren al een hele serie werkbezoeken heeft afgelegd in proefdiercentra. De partij vindt het onbestaanbaar dat een lid van de Tweede Kamer, dat zich door middel van bezoeken in het veld wil laten informeren over het onderwerp waarover zij in de Kamer debatteert, de mogelijkheid wordt onthouden kennis te nemen van de werkwijze van een in Nederland gevestigde proefdierhandelaar.

Omdat over de handel in proefdieren nauwelijks informatie wordt geregistreerd of geopenbaard, heeft Esther Ouwehand vandaag een uitgebreide serie vragen gesteld aan de minister van VWS over de apenhandel door Hartelust. Ouwehand wil onder meer weten wat de herkomst van de apen is, en op welke wijze toezicht wordt gehouden op de vangst van apen uit het wild en de doorvoer vanuit China. Op de handel in uitheemse dieren is het CITES-verdrag van toepassing, waarmee men tracht te voorkomen dat de handel het voortbestaan van een plant- of diersoort bedreigt. Dieren worden na vangst in het wild vaak doorgevoerd naar andere landen, om vanuit daar weer geëxporteerd te worden. Hierdoor is vaak niet duidelijk waar de dieren oorspronkelijk vandaan komen, wat ontduiking van de CITES-richtlijnen in de hand werkt.

De Partij voor de Dieren vindt dat er zo snel mogelijk een verbod moet komen op dierproeven op primaten. ‘Tot het zover is, moet er scherp worden toegezien op het gebruik van primaten. Zowel op de handel als op de experimenten zelf. Waar geld kan worden verdiend, verdwijnt het belang van het dier meestal van de agenda’, stelt het Kamerlid.

Klik hier voor de Kamervragen.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief