Bijdrage Wassenberg Debat over Energie


23 maart 2016

Voorzitter, het fossiele denken. Denken waarbij wordt vastgehouden aan vervuilende energiebronnen en er te weinig ruimte is voor verduurzaming. Dat zie ik bij dit kabinet. Kolen, kernenergie, gas. Nog altijd zijn dat de belangrijkste energiebronnen in Nederland. Zoals het er nu voor staat, halen we zo zelfs de doelstelling van 14% duurzame energie in 2020 niet.

Voorzitter, ik vraag me af hoe dat komt. Ik heb wel een vermoeden. Het komt aan op durf. Durf om vol in te zetten op wind- en zonne-energie. En durf om voorgoed afscheid te nemen van fossiele brandstoffen. Maar, voorzitter, de minister lijkt altijd een vangnet te zoeken. Door de deur naar schadelijke energiebronnen op een kier te laten staan. Geen winning van schaliegas in deze kabinetsperiode, maar wel de optie voor proefboringen. Want stel dat we toch schaliegas nodig hebben in de toekomst. Of het openhouden van de krakkemikkige kerncentrale Borssele, terwijl die al lang niet meer aan de strengste veiligheidseisen voldoet.

Voorzitter, noodzakelijke veranderingen komen vaak pas tot stand onder druk. Als de druk toeneemt, komt er een impuls voor innovatie en vergroening komen. We moeten naar een andere energievoorziening. Die druk is groot. Maar door de mogelijkheden van schaliegas en kernenergie niet voor eens en altijd af te sluiten, creëert de minister willens en weten een noodventiel, om die druk juist te verlagen. En dat is niet verstandig, want nu overheerst het kortetermijndenken. Met schaliegas of kernenergie missen wij de urgentie om echt tot verandering te komen. Ik vraag de minister daarom op de deur dicht te doen voor fossiele energiebronnen en zich echt volledig te wijden aan groene energie.

Voorzitter, er liggen zoveel kansen voor verduurzaming, maar op onbegrijpelijke wijze heeft het kabinet besloten om de kerncentrale in Borssele tot 2033 open te houden. Dit ondanks het feit dat uit onderzoek blijkt dat de kerncentrale niet ‘Fukushima-proof’ is. De kosten die voor versteviging moeten worden gemaakt zijn nog altijd niet in kaart gebracht, hoewel dit in de honderden miljoenen loopt. Ondertussen voldoet de centrale niet aan de allerstrengste veiligheidsnormen. Voorzitter, dit baart me zorgen. Laten we het risico zoveel mogelijk beperken en beginnen met de ontmanteling van Borssele. Niet in 2033, maar nu.

Want, voorzitter, het geld dat nodig is om de kerncentrale Borssele Fukushima-proof maken van kerncentrale Borssele, zou veel beter besteed kunnen worden aan groene energie. We hebben het over een bedrag van honderden miljoenen euro’s, moet u zich eens voorstellen hoeveel duurzame energie we daarmee zouden kunnen winnen. Dat zou nou durf zijn, om het vangnet van kernenergie voorgoed los te laten. Duurzaam en veilig. Bent u bereid, vraag ik via u aan de minister, om Borssele te sluiten?

Voorzitter, in Zuid-Holland wordt over een warmterotonde gesproken, de heer Vos had het daar net ook over, waar kolencentrales ook op het warmtenet aangesloten zullen worden. We moeten echter voorkomen dat we de kolencentrale een onmisbaar onderdeel van het warmtenet maken. Is de minister bereid de garantie te geven dat met het aansluiten van kolencentrales op het warmtenet, deze kolencentrales ook weer daaruit kan verdwijnen zonder grote gevolgen?

Voorzitter, groene energie heeft de toekomst. Maar dan moeten we wel voldoende windmolens bouwen. Uit onderzoek blijkt echter dat driekwart van de provincies achterlopen met de bouw van windmolens. Zoals het er nu voor halen we slechts 76% van de in het energieakkoord afgesproken windenergie, onder andere omdat gemeenten en provincies bovenwettelijke regels stellen, zoals in Noord-Holland. Is de minister bereid gemeenten en provincies aan te sporen om geen extra voorwaarden bovenop landelijke regelingen te stellen?

Voorzitter, met alleen maar investeren in groene energie komen we er helaas niet. Ons energieverbruik is zo hoog, dat we het onszelf wel heel erg moeilijk maken als we niet ook een parallel spoor van energiebesparing bewandelen. En daar liggen grote kansen, voorzitter, bijvoorbeeld op het gebied van het isoleren van huurwoningen. Daar zijn ook doelen voor gesteld, namelijk dat corporaties 1,8 miljoen huurwoningen isoleren tot ze minstens energielabel B hebben. En dat allemaal gebeuren voor 2020. Uit onderzoek blijkt echter dat dit niet gehaald gaat worden. Het huidige tempo is te laag en willen we de doelstellingen alsnog halen, dan moet er echt een tandje bij. Maar 32 procent van de verhuurders geeft aan dat ze de verduurzaming in 2020 niet gaan halen. Dat is een derde. Heeft de minister hier een verklaring voor? Welke obstakels zijn er voor corporaties om hun woningen te verduurzamen, kan de minister dat uiteenzetten? En op welke manier kan de verduurzaming alsnog worden versneld?

Voorzitter, dan tenslotte, het Energieakkoord, waarin de doelen van dit kabinet zijn vastgelegd. Doelen die maar weinig ambitieus zijn, dat heeft de Partij voor de Dieren vaker gezegd, en waarvan het toch maar de vraag is of we die gaan halen. De OESO heeft ook haar zorgen uitgesproken en beveelt onder andere aan om de evaluatie van het Energieakkoord in 2016 ‘grondig, transparant en onafhankelijk’ uit te laten voeren. En dat is door de minister geïnterpreteerd als overleggen met betrokken partijen over de opzet van de evaluatie. Maar voorzitter, dat is toch niet onafhankelijk? Betrokkenen die mede hun eigen plan evalueren. De slager die zijn eigen vlees keurt. Dat kan natuurlijk niet. Is de minister bereid om de evaluatie bij een onafhankelijke instantie te leggen, zoals aangeraden door de OESO? Graag een reactie, want ik overweeg een motie op dit punt.

Voorzitter, ik sluit af. Ik heb de minister opgeroepen om meer durf te laten zien en zijn vangnetten los te laten. Dit fossiele denken, zoals ik het noem, staat echte innovatie in de weg. We moeten toe naar een omslag en die bereik je niet met hele kleine muizenstapjes. Voorzitter, de tijd dringt. De weg naar een duurzame energievoorziening moeten we afleggen met een op zonne-energie aangedreven raceauto en niet met een op kolen gestookte stoomlocomotief uit de 19e eeuw. Daarom, voorzitter, vraag ik de minister, is hij bereid durf te tonen en druk te zetten op een groene omslag?

Tweede Termijn

Voorzitter, ik dien zo twee moties in maar ik heb eerst toch nog enkele vragen voor de minister. In Zuid-Holland wordt een warmterotonde aangelegd. Daar zal mogelijk ook een kolencentrale op worden aangesloten. De minister zei in antwoord op Jan Vos dat zolang we kolencentrales hebben, we gebruik moeten maken van restwarmte. We moeten er echter wel voor waken dat we de kolencentrale op deze manier niet onmisbaar maken. Kan de minister uiteenzetten hoe kan worden voorkomen dat we kolencentrales op deze manier een onmisbaar onderdeel van het warmtenet maken? Ik vraag dat, omdat er een aangenomen motie ligt, waarin de minister wordt opgeroepen om kolencentrales uit te faseren. Ik vrees dat de uitvoering van deze motie anders in het geding komt. Is de minister bereid om met een plan van aanpak te komen, waarin uiteen wordt gezet hoe kolencentrales weer uit een warmtenet kunnen worden verwijderd?

Dan mijn moties.

Motie Wassenberg: sluit kerncentrale Borssele
Motie Wassenberg: onafhankelijke evaluatie van het Energieakkoord