Bijdrage Van Raan dertigle­den­debat over burger­schaps­on­derwijs en maat­schap­pijleer


29 maart 2018

Voorzitter.

Nederlandse scholieren weten wellicht te weinig over gelijke rechten, democratische samenleving en vreedzame samenleving. Dat kopte het AD. Nederland scoort in internationaal verband laag op de invulling van maatschappijleer en burgerschap. Daar gaan we het over hebben. Burgerschap wordt gedefinieerd als kennis die leerlingen hebben over de democratische samenleving, de onderliggende principes en de toepassing ervan. Dank aan de heer Kuzu dat hij dit debat heeft aangevraagd. Wij willen het hebben over die onderliggende principes en de toepassing ervan. Over welke onderliggende principes gaat het dan? Kunnen we die benoemen? Is er een haakje te maken naar de curriculumherziening die nu gaande is? Is het verstandig om dat te doen? Het antwoord is vier keer "ja, dat is verstandig".

We hadden een prachtige startdag op 8 maart van Curriculum.nu met negen docentenontwikkelteams, waarvan eentje over burgerschap. Wij zijn als Partij voor de Dieren van mening dat duurzaamheid een soort onderliggend principe is. Begrip en toepassing daarvan zal burgerschap ten goede komen. Duurzaamheid betekent voor ons: handelen in het hier en nu ten opzichte van het daar en straks. Welke invloed hebben niet-duurzame keuzes op de lange duur op discriminatie, vervuiling en baanonzekerheid? Hoe beïnvloeden niet-duurzame keuzes de verhouding tussen arbeid en kapitaal, de beloning daarvan, inkomens- en vermogensverschillen, omgang met onze omgeving en omgang met onze medebewoners?

Ik zal u een voorbeeld geven: gisteren of eergisteren nog zagen we een premier die zo trots als een pauw roept dat Nederland de vijfde economie van de Europese Unie is. Welvaart waar hij heel trots op is. Maar hij vermeldt daar niet bij dat daar 2,7 wereldbollen voor nodig zijn. In een CPB-studie van 200 jaar, een studie die haar gelijke niet kent, net uitgekomen bij het CPB, staat dat onze welvaart enorm kwetsbaar is, juist omdat we zo erg interen op grondstoffen, fossiel, mineraal en arbeid. Om dan begrip op te brengen voor de langere termijn, voor straks en voor daar, op die leeftijd ... De minister was erbij, we hebben gezien dat de prefrontale cortex van jonge mensen nog in ontwikkeling is, waardoor het langetermijndenken sowieso een probleem is. Die jonge mensen moeten zich bezighouden met kamerhuur, met collegegeld, met de prijs van groente en fruit, maar ook dus met discriminatie, zelfontplooiing et cetera.

Voorzitter. Ik ben aan het afronden. De kans dat in zo'n omgeving spontaan inzicht in duurzaamheid ontstaat, is niet groot. In een tijd van selfies, selfies en selfies, en van "kijk mij eens!", "het paleis dat ik ben", om met dichteres Kate Tempest te spreken, leent zich niet echt voor reflectie. Dus is duurzaamheid integraal opnemen in dat ontwikkelteam — ik rond af — gewenst. We zagen het niet terug in de opdrachtformulering. Ik laat dat nog even zien aan de minister.
Ik wil afsluiten met goed nieuws. We zagen het niet terug in de opdrachtformulering, maar het heel goede nieuws is dat we gezien hebben dat leraren de handschoen zelf hebben opgepakt en dat is een goede zaak. Complimenten. En daar is ook veel maatschappelijke steun voor: Coöperatie Leren voor Morgen, DuurzaamDoor, Rethinking Economics, Time is Now. Laten we het moment verzilveren en doorgaan, doorpakken!

Dank u wel.