Bijdrage Van Raan aan Belas­tingplan 2021


26 oktober 2020

Voorzitter, dank u wel.

Vorige week donderdag hebben zes politieke jongerenpartijen hun aangescherpte klimaatmanifest aan ons, de moederpartijen, overhandigd, met de aansporing er iets mee te doen in de verkiezingsprogramma's. Maar daar hoeven we natuurlijk niet op te wachten; we kunnen nu al aan de slag, bij dit Belastingplan. Het manifest heeft zeven klimaatactiepunten, die je kunt vertalen naar de vraag: hoe kunnen we het belastingstelsel nou zo inrichten en vormgeven dat het brede welzijn van de mensen wordt gediend en dat we de grootste uitdaging waar we ons voor geplaatst zien, namelijk de klimaatcrisis, te lijf kunnen gaan? Met dit doel voor ogen zou je het Belastingplan moeten maken en beoordelen. Is de staatssecretaris het daarmee eens? Welke doelen streeft hij hier precies na? Is de staatssecretaris bereid de belastingplannen tegen dit manifest aan te houden en aan te geven waar hij nu al tegemoet kan komen aan deze actiepunten? Graag een reactie.

Voorzitter. Als je deze belastingplannen ziet, kun je moeilijk anders dan concluderen dat er wel een poging wordt gedaan om te vergroenen, maar dat er niet echt wordt doorgezet; nog steeds niet. Want ook in 2021 wordt weer het waardevolle, het wenselijke, belast, zoals arbeid, en wordt alles wat druk legt op onze omgeving, wat ons milieu en onze gezondheid schaadt, juist ontzien, tot op zekere hoogte. Ik kom daar straks nog op terug. Alsof de klimaatcrisis, waarover de Koning sprak in de troonrede, weer naar de achtergrond verdwijnt. De klimaatcrisis is niet zomaar een crisis. Dit is een existentiële crisis die ons welzijn en ons bestaan, en dat van onze kinderen, serieus bedreigt. Is de staatssecretaris het eens met deze analyse? Of heeft hij er een andere mening over? Ik zou namelijk graag horen wat zijn analyse daarvan is en welke uitgangspunten hij gebruikt heeft bij het opstellen van de belastingplannen. Want je verwacht eigenlijk een fiscale revolutie van iemand die de oplopende werkloosheid wil temperen, maar ook wil dat onze kinderen straks nog een menswaardig bestaan hebben.

Voorzitter. De staatssecretaris zei tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen dat hij bezig is met die fiscale vergroening. Vergroenen betekent ook stoppen met vervuilen. Ik vraag me af of hij het daarmee eens is. Elke fiscale prikkel die aanzet tot vervuilen, is er namelijk een te veel. En toch zit het Belastingplan er weer vol mee. Dit Belastingplan staat helemaal niet in dienst van een groen herstel, zou je kunnen zeggen. Dat is niet alleen voor het klimaat, maar ook voor de werkgelegenheid een gemiste kans.

Het Internationaal Energieagentschap en het Internationaal Monetair Fonds, die zelf ook aandrongen op een groen herstel, hebben berekend dat de maatregelen ten behoeve van een groen herstel, dus het grootschalig inzetten op zonne- en windenergie, slimme stroomnetten, het energiezuinig maken van bestaande gebouwen en energiebesparende maatregelen, wereldwijd meer banen opleveren dan nu in de traditionele sector wordt geïnvesteerd.

Je zou dus verwachten dat het Belastingplan ook in dienst daarvan staat. Maar nee. We hebben in een keer een Baangerelateerde Investeringskorting voor ons liggen. 4 miljard, die én niet voor meer werkgelegenheid zorgt, én niet voor vergroening zorgt. Er is al veel over gezegd, maar met deze miljarden kunnen ook schaalvergrotende, CO2-intensieve investeringen worden gesubsidieerd. We weten ook allemaal dat dit type investeringen niet voor de korte termijn wordt gedaan. Erkent de minister dat de BIK ook een stevig lock-in effect kan hebben voor dit type investeringen?

Voorzitter. Een uniforme CO2-heffing met tarieven die effect hebben, een progressieve energiebelasting, maatregelen om te voorkomen dat duurzame energie dubbel belast wordt, een heffing op kerosine — we gaan het er ook nog in blok 3 over hebben — een verlaagd btw-tarief voor groente: dit Belastingplan ontbeert dit allemaal. Maar het kabinet heeft dan weer geen problemen met de fossiele douceurtjes. Is de staatssecretaris het ermee eens dat de rekening niet daar valt waar die zou moeten vallen? Mensen die bewust leven, hoeven niet op te draaien voor de roekeloosheid van een ander.

Aan ideeën en aan kennisgebrek ligt het niet. In het bouwstenenrapport en in de Brede maatschappelijke heroverwegingen staan talloze fiscale voorstellen, uitgewerkt door ambtenaren. Neem bijvoorbeeld de belastingen in de vleesketen. Het kabinet schrijft zelf: "Als het voor mensen lastig is om nu hun gedrag aan te passen naar hun gewenste situatie decennia later en als er marktfalen is, dan rechtvaardigt dat overheidsinterventie."

In het bouwstenenrapport over de gezondheidsgerelateerde belastingmaatregelen komen de opties in de gehele vleesketen voorbij, van een belasting op het houden van productiedieren en een slachtbelasting tot een verhoging van het btw-tarief voor vlees en een nieuwe consumentvleestaks. Het kosten-batenplaatje is er. Het kabinet hoefde er alleen nog maar een afweging bij te maken. Maar dit is niet gebeurd. Kent de staatssecretaris wel de gezondheidseffecten van minder vlees eten? Welke effecten hebben de fiscale maatregelen op dit gebied voor preventie? Welke kansen ziet de staatssecretaris hier voor preventie?

In reactie op onze schriftelijke inbreng verwees de staatssecretaris naar afspraken die de minister van Landbouw heeft gemaakt met de supermarktketen, maar het is belangrijk hier vast te stellen dat de supermarkten weliswaar verantwoordelijkheid willen nemen maar dat nog niet doen. We zijn daarom maar zelf bezig met een voorstel. Dat belast wat schadelijk is en stimuleert wat goed is, zo dicht mogelijk bij de vervuiler.

Voorzitter. Uit blok 1 noem ik vervolgens nog het lage belastingtarief van 9% voor de sierteeltproducten, om de omzet en de werkgelegenheid in de tuinbouw te stimuleren, zodat bloemen, bollen en planten ook betaalbaar zijn voor mensen met een kleinere portemonnee. Tegelijkertijd zijn dit soort producten luxeproducten waar heel veel landbouwgif voor wordt gebruikt en die bijdragen aan de uitputting van de bodem. Eigenlijk gaat stimulering van de sierteelt ten koste van de voedingstuinbouw. Heeft de staatssecretaris overwogen om sierteeltproducten onder de hoge btw te laten vallen? Hoe kijkt hij aan tegen het differentiëren binnen de sierteeltproducten, zodat alleen biologische sierteeltproducten onder het lage btw-tarief kunnen vallen?

Ik kom nog terug op de aanpassingen van de Natuurschoonwet 1928. Voorzitter, dank u wel.

Klimaat

Dank u wel, voorzitter. Dat de staatssecretaris er nog is heeft het voordeel dat ik niet het belang hoef te herhalen van het overhandigen van het klimaatmanifest van de zes politieke jongerenpartijen. Dat heeft hij al gehoord. Wat ik wel herhaal is wat ik vorig jaar zei. Ik hoopte eigenlijk dat we in 2019 het laatste 3-gradenbelastingpakket zouden hebben en dat we voor 2021 een ander pakket zouden hebben dat een 1,5-gradentoets zou kunnen doorstaan. Of dat het geval is, is nog maar de vraag, want door minder economische activiteiten wordt er wel minder uitgestoten, maar na corona dreigen we toch terug te vallen op het oude vervuilende pad. Dat het economisch tegenzit en de vraag naar energie wereldwijd gekelderd is, wil niet zeggen dat de economie er groener op geworden is, want dat is niet het geval. Dat zijn dus ook geen oplossingen. Zien de staatssecretaris en dus ook de minister dat het helemaal niet de goede kant opgaat als de uitstoot meeademt met de economische groei en als overheden alles op alles zetten om hun economie weer zodanig te laten groeien dat het weer business as usual wordt? Zien zij dat ook als hun verantwoordelijkheid?

Voorzitter. De wetenschap vertelt ons dat een uniforme CO2-heffing het meest effectief is en dat het ook nog nooit zo dringend nodig was om dat aan te pakken. Niet zo dringend als volgend jaar, maar wel dringend. Wat doet het kabinet? Nee, dit kabinet kiest ervoor om juist het tegenovergestelde te doen, namelijk kiezen voor wat ons niet gaat helpen. De CO2-heffing komt alleen boven op de zogenaamde vermijdbare uitstoot en geldt maar voor een deel voor de vervuilers. En het begint ook nog een keer later. Dus eigenlijk is het precies wat de wetenschap vertelt wat we niet moeten doen. Dat is niet eens een glas, zoals GroenLinks zei; het is misschien niet eens een grondstof voor een glas. Het lijkt eerder op een fopspeen.

Niet sommige, maar alle CO2-uitstoot heeft een prijs. Dus dat alleen de industrie straks moet betalen voor een deel van haar uitstoot vanaf 2025 is geen goed idee. De Europese Commissie heeft ook de waarschuwing afgegeven dat lidstaten nationale maatregelen moeten nemen om de uitstoot in andere sectoren, zoals transport en landbouw, naar beneden te krijgen. Hoe kijken de staatssecretaris en de minister dus ook in dit licht nu aan tegen hun CO2-heffing, die, zo blijkt uit het advies van de Raad van State en de andere adviezen die we gekregen hebben, nu al tekortschiet? Een hogere uitstoot door de industrie betekent immers ook dat de andere sectoren minder moeten uitstoten om het doel te halen. Een emissiebudget zou het kabinet inzicht kunnen geven in hoeveel dat moet zijn, gegeven deze 1,5-gradendoelstelling. Mijn vraag is dus: hoe kijken de staatssecretaris en de minister nu aan tegen een emissiebudget?

Tot nu toe wordt er nog steeds over geaarzeld om dat door te voeren, maar in de beantwoording van de schriftelijke vragen stellen de bewindspersonen immers al dat er in principe al sprake is van een CO2-budget, namelijk voor het ETS-systeem. Dus het principe van een budget wordt erkend. Ook wordt erkend dat het ETS niet scherp genoeg is. Dus onze vraag is wederom: is het kabinet al zover dat ze een Nederlands CO2-budget wil hanteren? Welke maatregelen gaat het kabinet nemen nu ook de Commissie heeft laten weten dat het bestaande instrumentarium niet toereikend is? Dus als het kabinet niet de juiste keuzes maakt, zal de keuze voor ons gemaakt worden. Zo verliezen we echt alle controle. We weten niet waar de rekening landt en ook niet hoe hoog die zal zijn. We weten alleen maar dat er een rekening komt en dat die torenhoog is. De Partij voor de Dieren wil hier niet op wachten. Om die CO2-heffing weer aan te kleden, overwegen wij dan ook een amendement in te dienen voor een uniforme heffing die alle sectoren dekt.

Voorzitter. De Europese Commissie geeft eigenlijk aan dat de lidstaten hun verantwoordelijkheid niet kunnen afschuiven op de internationale gemeenschap. Lidstaten hebben dus hun eigen verantwoordelijkheid. Is de staatssecretaris het daarmee eens? Tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen zei de staatssecretaris ook dat het kabinet aan de fiscale vergroening werkt en dat je dat duidelijk kon zien. Maar waarom is het dan nog steeds zo dat als je meer energie verbruikt, je relatief minder betaalt? En zo kom ik bij de opslag duurzame energie.

Door alle vrijstellingen — het is al heel veel gezegd — betalen grootverbruikers minder dan kleine en middelgrote bedrijven en burgers, ook als die duurzame stroom afnemen. De SDE-subsidies gaan vooral naar de grootverbruikers en de grote vervuilers. Is de staatssecretaris het ermee eens dat in ieder geval voor fossiele energie die degressiviteit eruit moet? Bewindspersonen vragen de Kamer altijd om rekening te houden met het level playing field. Nu vraag ik het kabinet om het fiscale speelveld eens gelijk te trekken. Een uniforme CO2-heffing kan daarbij helpen. Als bedrijven uit alle sectoren de ware prijs voor hun uitstoot betalen, kunnen ze met hun opbrengst hun eigen energietransitie financieren.

Voorzitter. Ik rond af. De hele rijksbegroting had naar onze mening tot in haar diepste vezels doorwrocht moeten zijn van klimaatbeleid. Elke volgende uitgegeven euro moet voor verkoeling zorgen en bij iedere fiscale maatregel moet de vraag zijn: wat betekent dit voor het klimaat en wat betekent het voor de biodiversiteit. Als er van het Belastingplan te weinig signalen uitgaan, hoe kun je dan verwachten dat burgers en bedrijven — kleine en grote bedrijven — het wel oppakken.

Dank u wel.