Bijdrage Thieme Debat over de reactie van de minister-president op het rapport van de commissie-Davids


13 januari 2010

Mevrouw Thieme:

Voorzitter,

Negeren is vooruitzien. Dat lijkt het nieuwe motto van onze Minister-President. Na ‘duidelijkheid en daadkracht’, ‘Nederland werkt’, “meedoen, meer werk, minder regels” en “samenwerken, samen leven”, is het inmiddels “ieder voor zich en god voor ons allen” in de huidige coalitie.

De minister-president geeft in de brief van vanavond antwoorden op vragen die niet gesteld zijn. De reactie van de premier op het rapport van de commissie Davids werd vandaag in de NRC met één woord samengevat: Nietes. Wat mijn fractie wil weten is of dit “nietes” door de minister president is uitgesproken op persoonlijke titel of namens het kabinet en hoe de coalitiegenoten daarover denken. Daar hebben de Kamer en de Kiezer op dit moment recht op.

Namens wie sprak de premier gisteren, dat is de vraag die hier vandaag voorligt. Als de premier gisteren spreekt in de ‘wij-vorm’, gaat het dan over Wij, Jan Peter Balkenende? Wij, ministers van CDA en ChristenUnie? Of Wij, ministers van de gehele coalitie? De premier begint zich meer en meer te gedragen als een soeverein heerser, die zich volkomen gedekt weet door de angst voor verkiezingen bij z’n coalitiegenoten.

Een premier die zich eerst jarenlang verzet tegen een parlementaire enquête over de wijze waarop Nederland zich de oorlog in liet rommelen… en vervolgens onder grote politieke en maatschappelijke druk ten laatste dan toch maar een meer vrijblijvend alternatief inzette in de vorm van de commissie Davids…. zou tenminste de conclusies van die commissie serieus en zorgvuldig moeten wegen, inclusief de beoordelingen van de coalitiepartners.

Dat bleek gisteren niet het geval, en nu nog steeds niet. De minister president is buigzaam zolang het maar is in de richting die hem bevalt.
Het vernietigende oordeel van de commissie Davids, is wat de Minister-president betreft ineens niet veel meer dan ‘een mening’, waar je een heleboel andere meningen tegenover zou kunnen zetten.
Zoals je eigen mening. Zelfs als de PvdA die mening niet deelt en niet is afgesproken dat die mening namens het kabinet naar voren gebracht zou worden.

Dat is geen incident. Vorige week bleek al dat de Minister-president in een gedachtewisseling met de heer Barroso op eigen houtje heeft geprobeerd de EU-natuurwetgeving af te zwakken, zonder vakminister Cramer of de coalitiegenoten daar ook maar enigszins in te kennen.

En die alleingang koos de Minister-president in een verklaring over de kabinetsbeoordeling van de bevindingen van de commissie Davids, met opvattingen die niet gedeeld blijken te worden door de PvdA.
“Alles wat niet strookt met het beleidsuitgangspunt van De Hoop Scheffer, is veronachtzaamd, ontkend, achtergehouden of afgewezen,” schrijft het Friesch Dagblad en dat is inderdaad een goede samenvatting van de wijze waarop de Minister-president met kritiek omgaat. Hij negeert het of ontkent het.

En hij struikelt daarbij over z’n eigen benen, door bijvoorbeeld de overweging van commissielid Van Walsum ten onrechte aan te merken als een minderheidsstandpunt, waaruit steun voor de opvattingen van de premier zou blijken.

Voorzitter, een ernstige kwestie van zware volkenrechtelijke betekenis, verwordt, door het ongelukkige optreden van de Minister-president, tot een polderklucht die geen recht doet aan een de uitkomsten van een onafhankelijke onderzoekscommissie en kennelijke afspraken binnen de coalitie.

Voorzitter, de minister-president heeft in reactie op de conclusie van de commissie Davids op het feit dat de Tweede Kamer onvolledige informatie kreeg, gezegd “wij hebben daar een ander beeld van.” Blijft dit staande, nu hij hier niet op terugkomt in de brief van vanavond? Voorzitter, de brief maakt niets duidelijker.
Hoe het ook zij, het is stuitend om te moeten vaststellen dat de premier die geen leiding gaf aan de beantwoording van vraagstukken van oorlog en vrede, nu wel de leiding meent te kunnen geven aan het voortijdig afserveren van de uitkomsten van de commissie Davids.

Weer gaat het niet over de rechtmatigheid van de oorlog, maar om procedurele kwesties die de aandacht alleen maar kunnen afleiden van de onderzoeksvragen waarmee het parlement een jaar buiten spel gezet werd.
Voorzitter, de premier is het parlement, de coalitiegenoten en de commissie Davids een heldere verklaring schuldig. Zonder zo’n heldere verklaring is of de premier of de PvdA uitgeregeerd. En mét misschien ook wel.
Omdat kiezers van een land dat de oorlog ingerommeld is, zich daar zelf ook wel over willen uitlaten.

En voorts zijn wij van mening dat er een einde moet komen aan de bio-industrie.

Dank u wel!