Bijdrage Van Raan stop­zetten kinder­op­vang­toeslag


27 mei 2020

Voorzitter, ik heb drie punten

- De ruimhartigheid van de staatssecretaris vs Donners hardheid,
- steunmaatregelen,
- en vervolgstappen.

Voorzitter, de indruk ontstaat dat het advies van de commissie Donner en het rapport van de Audit Dienst van het Rijk, de ADR, de ruimhartige plannen van deze staatssecretaris vooral in de weg zitten. Ten eerste heeft de commissie Donner niet alle categorieën ouders gehoord. Wat zijn hiervan de mogelijke implicaties? Ten tweede kan het niet uitgesloten worden dat ambtenaren wellicht informatie achter hebben gehouden voor de commissie Donner en ook de ADR. Is de staatssecretaris dan nog overtuigd van de validiteit van de rapporten? Ten derde: de staatssecretaris wil de gedupeerde ouders ruimhartig genoeg doen, maar de commissie Donner beveelt aan dat de ouders zélf moeten aantonen dat ze onterecht gekort zijn.
Voorzitter, dit zijn slachtoffers van buitenproportionele hardheid. Dat is dus helemaal niet ruimhartig. Is de staatssecretaris het daar mee eens en is zij bereid om de bewijslast neer te leggen bij Toeslagen? Deelt zij onze conclusie dat met name rapport Donner haar ruimhartigheid in de weg zit, en zo nee, hoe laat ze dan die ruimhartigheid zien?

Voorzitter het tweede punt: er worden miljarden uitgetrokken voor corona-steunmaatregelen aan bedrijven. Terecht. Dat er gevallen kunnen zijn die mogelijk een risico op fraude vormen wordt ook geaccepteerd. Terecht. Het moest en moet namelijk snel. En het kon ook snel! Maar voor de ouders duurt het lang, want voor hen moet maatwerk geleverd worden. Dat is niet terecht. Ziet de staatssecretaris deze parallel en is ze bereid er naar te handelen? Waarom hoeft er minder snel gereageerd te worden op deze ouders, die hierdoor mogelijk al jaren schulden hebben opgebouwd, die ook steeds hoger worden? Waarom geen ruimhartig bedrag afspreken voor alle gedupeerde ouders, op de manier waarop we in staat zijn gebleken tienduizenden ondernemers te helpen? Voelt de minister wat voor die aanpak? Ik overweeg een motie op dit punt. Als sommige gedupeerden dan van mening zijn dat ze niet voldoende zijn gecompenseerd, dan kan deze staatssecretaris altijd nog overgaan op maatwerk.

Voorzitter het derde punt, de vervolgstappen. Deze staatssecretaris heeft aangifte gedaan tegen de eigen Belastingdienst, een ferme stap. Erkent de staatssecretaris dat de rechtspositie van ambtenaren geborgd moet blijven? En dat hier dus niet dezelfde fout moet worden gemaakt als die de dienst eerst zelf maakte, waarbij iemand schuldig is totdat de schuldige bewijst dat hij of zij dat niet is? Is de staatssecretaris niet bang dat er een ongewenste cultuuromslag gaat plaatsvinden en dat angst straks gaat heersen? Wat is de staatssecretaris nog meer van plan op dit vlak?
En weet de staatssecretaris dat op grond van de Wet ministeriële verantwoordelijkheid en ambtsdelicten ook kan worden besloten om afgetreden bewindspersonen te vervolgen? Kan de staatssecretaris uitsluiten dat de voormalige minister van SZW en de voormalige staatssecretaris van Financiën in het vorige kabinet al dusdanig op de hoogte waren van de misstanden rond de kinderopvangtoeslag op een zodanige manier dat hen iets valt te verwijten?

Tot slot, voorzitter, we hebben in de pers vernomen dat er mogelijk sprake is van een parlementair onderzoek of zelfs een parlementaire enquête. Mocht dat doorgaan, dan spreek ik de wens uit dat ook de eigen rol van de Tweede Kamer onder de loep wordt genomen; de uitingen die hier gedaan zijn en of die hebben bijgedragen aan de sfeer waarin dit drama kon ontstaan.

Dank u wel.