Bijdrage Ouwehand AO Duurzaam inkopen en palmolie tweede termijn


14 februari 2012

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Voorzitter. Ik wil graag doorgaan waar wij in eerste termijn van het debat gebleven zijn, namelijk met de palmolie die de regering graag duurzaam wil noemen, terwijl "duurzame palmolie" helemaal niet bestaat. We spraken over de misstanden die gepaard gaan met de palmolieproductie in Zuidoost-Azië, over de ontbossing van de regenwouden, over de leefgebieden van de bedreigde orang-oetan en over de lokale bevolking die van haar land wordt verdreven om plaats te maken voor monoculturen vol met oliepalmen. Ook spraken we over het gebruik van pesticiden die zo giftig zijn dat ze in een groot deel van de wereld al verboden zijn, waar arbeiders ziek van worden en waar rivieren, de bron van leven voor de plaatselijke bevolking, mee vergiftigd worden; grove misstanden dus. En dat door een bedrijf dat "duurzame palmolie" produceert.

De staatssecretaris dacht zich er gemakkelijk van af te maken door naar aanleiding van de ZEMBLA-uitzending en het debat te schrijven dat de ZEMBLA-crew gefilmd had op een plantage van IOI, de grote jongen die verantwoordelijk is voor die mensenrechtenschending. Volgens de staatssecretaris heeft die specifieke plantage geen duurzaamheidscertificaat en dus onderneemt hij geen verdere actie. De staatssecretaris probeert dat dus te legitimeren door goed te keuren dat door IOI aan gebieden die al ontbost zijn vóór 2005, een duurzaamheidscertificaatje wordt gehangen terwijl de ontbossing op andere gebieden rustig doorgaat. Sterker nog: de regering trekt de komende jaren 6 mln. uit voor deze pogingen tot greenwashing van dit bedrijf en van andere, massaal palmolie producerende bedrijven. Dat is een handige strategie van de bedrijven, maar ik vraag staatssecretaris Bleker of wij daaraan moeten meewerken.

Vorig jaar nog bleek dat Unilever, een van de grootste afnemers van deze zogenaamde duurzame palmolie, de palmolie van IOI gewoon bleef afnemen, al had de tandeloze RSPO (Roundtable on Sustainable Palm Oil) de verstrekking van duurzaamheidscertificaten opgeschort naar aanleiding van misstanden op de plantages van dit bedrijf. Omdat alleen nieuwe certificering werd uitgesteld, zag Unilever er geen been in om de olie van de andere plantages als duurzaam te blijven verkopen. Ik vraag de staatssecretaris of hij eraan wil meewerken dat consumenten die zich zorgen maken over de toekomst van de aarde en die daar dus rekening mee willen houden in hun aankoopgedrag, in reclames voorgeschoteld krijgen dat er niks aan de hand is als ze een Magnum kopen, dat Magnums hartstikke leuk en duurzaam zijn en dat ze zich niet schuldig hoeven te voelen. Later komen mensen er echter achter dat de realiteit anders is: gebieden worden ontbost, de orang-oetang sterft uit, de leefomgeving van mensen wordt vernietigd. Voelt de staatssecretaris zich er echt goed bij om mensen willens en wetens voor het lapje te houden? De Partij voor de Dieren vindt dat het kabinet moet werken aan een non-trade concern, zodat we aan een inkoopstop kunnen werken, en dat we het geld aan de RSPO moeten intrekken. Wij willen dat het kabinet een duidelijke positie inneemt en de burger vertelt dat palmolie niet deugt. Daar zou de staatssecretaris ook het Voedingscentrum voor kunnen inschakelen. Eerlijk over eten betekent dat je zegt: duurzame palmolie bestaat niet. Ik krijg graag een reactie hierop.

[…]

Interrupties bij andere partijen

[…]

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie): Voorzitter. Ik dank de staatssecretarissen voor de antwoorden in eerste termijn. Voor vanavond heb ik nog een aantal punten, allereerst de RSPO. Met de RSPO is een eerste stap gezet om palmolie
duurzamer te maken. Veel producenten doen daar echter nog steeds niet aan mee. Mijn vraag is of de staatssecretaris zich internationaal gaat inzetten voor deelname van andere producenten maar ook voor deelname van landen als China en India, zeer snelle groeiers wat het gebruik van palmolie betreft.

Een andere vraag is of de staatssecretaris bereid is om Indonesië en Maleisië aan te spreken op hun landgebruik en te pleiten voor duidelijkere wetgeving en handhaving, zodat plantages alleen gevestigd worden op land waar weinig koolstof is opgeslagen, de
zogenaamde gedegradeerde gebieden. Wij beseffen allemaal dat het RSPO-certificaat beter kan. Momenteel vindt een review plaats van het RSPO-certificaat. Ontbossing en ontginning van veengronden voor palmolieplantages leidt tot een forse uitstoot van broeikasgassen. Gaat de staatssecretaris zich ervoor inzetten dat de uitstoot van broeikasgassen hierin veel strenger wordt meegenomen, door het opnemen van een GHG-standaard? Ik vraag dat omdat de staatssecretaris ook meebetaalt aan de RSPO.

[…]

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Vorige week was ik op een bijeenkomst waartoe de bedrijven achter de RSPO het initiatief hadden genomen. We hebben ook de natuurorganisaties en Oxfam horen zeggen dat het niet ideaal is en dat de RSPO het zeker niet allemaal gaat oplossen. De suggestie van de ChristenUnie om de Indonesische regering aan te spreken heb ik ook gehoord. Ik heb laatst gesprekken gevoerd met het Indonesische parlement en geprobeerd om iets over palmolie te zeggen. Dat gaat echter helemaal niet werken.

De voorzitter: Hoe luidt uw vraag aan mevrouw Wiegman?

Mevrouw Ouwehand (PvdD): We moeten nu constateren dat de corruptie zo welig tiert dat strengere wetgeving er voorlopig niet in zit. Moeten er dan geen andere stappen worden gezet om de enorme ontbossing en vervuiling daar te voorkomen?

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie): De ChristenUnie is nog niet toe aan eindconclusies. Zij is er nog niet aan toe, hier een streep door te zetten. Het kan beter, en daar zijn mijn vragen ook op gericht: staatssecretaris, pak uw rol op; we betalen als land ook mee, beïnvloed dat. Ik denk dat de inzet van bedrijven, van milieuorganisaties en van de overheid het hele proces enorm kan versterken. Daarom vind ik het echt nog wel de moeite van het proberen waard. Dat vind ik beter dan te zeggen: jongens, het is een verloren zaak. Zeker ook, omdat het een branche betreft die jong is, die zich enorm ontwikkelt en die enorm groeit. Daar kun je beter bij zijn dan dat je daar nu al je handen van aftrekt.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Dan heb ik nog een concrete vraag. Aan de Indonesische regering vragen om met wetgeving te komen, lijkt onhaalbaar. Mij viel op dat er voortdurend geredeneerd wordt vanuit de gedachte dat er nu eenmaal vraag is. Maar vraag is geen gegeven vraag. Die wordt gestuurd en gecreëerd. Unilever wil zijn ecologische voetafdruk halveren maar wel zijn productie verdubbelen. Daar schiet je dus niets mee op. Is de ChristenUnie het vanuit haar waarden niet met de Partij voor de Dieren eens dat je ook iets aan de vraagkant zou kunnen doen? Dat je mensen ontmoedigt om achteloos palmolie te blijven produceren? Die zit namelijk in producten die wij niet voor ons levensonderhoud nodig hebben.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie): Je kunt vast iets doen. Ik geloof echter niet in een maakbare wereld. Ik geloof niet dat dit het aangrijpingspunt is waarmee je ontzettend veel zou kunnen beïnvloeden. Je zult je moeten neerleggen bij het feit dat er een zekere vraag is, om vervolgens alles op alles te zetten om die duurzaamheidscriteria goed op orde te brengen.

[…]

Beantwoording door de staatssecretaris van EL&I

[…]

Staatssecretaris Bleker: Ik begin snel. Voorzitter. De RSPO is een middel, een structuur. Het nationale doel voor Nederland is dat uiterlijk eind 2015 alle voor de Nederlandse markt bestemde palmolie duurzaam dient te zijn. Wij zijn geen lid van de RSPO maar we hebben hem wel ondersteund, met name om helderheid te krijgen over duurzaamheidscriteria. Dat is niet op een gegeven moment af, maar dat gaat door. Het is ook een proces, zowel nationaal als internationaal, van het bedrijfsleven, van de producenten, van de landen en van de ngo's. Ik heb veel begrip voor het ongeduld van mevrouw Ouwehand ten aanzien van het feit dat we momenteel nog niet de gewenste eindsituatie hebben bereikt. Dat is echt niet het geval. Nu is het van belang dat we het primaat bij het bedrijfsleven en de ngo's leggen en dat wij scherp blijven als het gaat om deugdelijke criteria en certificering. Wij moeten daarbij een soort van waakhondrol vervullen, maar het primaat ligt bij het bedrijfsleven en de ngo's. Ook denk ik heel vaak dat wij niet beter dan bijvoorbeeld de ngo's in staat zijn om te toetsen op criteria. Die zijn daar heel scherp en adequaat in, want vooraanstaande, nietgouvernementele organisaties zitten in RSPO-verband om tafel.

We zullen zo nu en dan, via welke televisie-uitzending dan ook, tegenvallers zien. Er kan iets gebeuren dat onder het mom van of gelieerd aan de RSPO toch niet 100% op orde is.

Dat is voorlopig een fact of life. Dat is echter geen reden om onze handen van dat proces af te trekken, integendeel. Dat is de stellingname van de Nederlandse regering. Dat betekent ook dat wij proberen om de productie van duurzame palmolie in een land te begunstigen in het verband van bijvoorbeeld een handelsverdrag, zodat de palmolie op een goede manier en zonder onnodige tarieven en dergelijke meer naar Europa kan komen. Ook dan moeten we natuurlijk zuiver de criteria toepassen.

[…]

Er is ook gevraagd hoe het in Maleisië zit. Er ligt een uitspraak van de Hoge Raad. Hij heeft partijen opgeroepen om tot een schikking te komen. Dat is tot op dit moment niet gelukt. Het gevolg is een klacht van elf maatschappelijke organisaties en de lokale gemeenschap bij het RSPO Grievance Panel. De klacht is in behandeling. Die is openbaar te volgen via de website van de RSPO. Ook loopt er een dialoog tussen IOI en de lokale gemeenschap ten behoeve van een structurele oplossing. Die dialoog is mede tot stand gekomen door Oxfam Novib en Unilever. Dat is de situatie aldaar. Dat geeft nogmaals aan dat het ook echt iets is van private partijen, bedrijven en ngo's. Nogmaals, het is een proces. We moeten er op een bepaald moment weer een duw aan geven, maar we zullen teleurstellingen moeten incasseren. Er zal weer een keer een uitzending van ZEMBLA zijn, waaruit blijkt dat er iets niet goed is. Het zal zo zijn. Al die dingen die wel de goede kant zijn opgegaan, zijn er mede dankzij dit proces. Dat is de kern van het verhaal, in vierenhalve minuut.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Mevrouw Dikkers vroeg zich af waarom het bedrijfsleven niet hoeft aan te geven hoeveel geld het erin steekt, terwijl we er wel publiek geld in stoppen. Dat vond ik eigenlijk wel een goede vraag. Ikzelf ben benieuwd of de staatssecretaris een inschatting kan maken van de haalbaarheid van zijn pogingen om de Indonesische regering erop aan te spreken, zodat er echt iets verandert. Hij kan wel erkennen dat allerlei dingen nog niet goed gaan, maar dat staat niet op het logootje. Het logootje waarmee Unilever Magnums probeert te verkopen, twee keer zo veel als nu, zegt: je kunt het met een gerust hart doen, er is niets aan de hand. Ik begrijp niet dat de staatssecretaris niet onderkent dat er een probleem is met de vraag. Daaraan zouden we iets kunnen doen. Op al mijn vragen daarover heeft de staatssecretaris geen antwoord gegeven.

Staatssecretaris Bleker: Ook daar moet primair de markt, de consument, Unilever, de producent, het werk doen. Laten we daar reëel over zijn. Wij kunnen dat ter plekke in een bilateraal contact, in breder verband, aankaarten, maar het is veel efficiënter wanneer een bedrijf dat aankaart bij producenten en sleutelfiguren in Indonesië. Dat is veel effectiever. Wij kopen namelijk geen palmolie voor de productie van Magnums. Ik moet er trouwens ook niet aan denken om Magnums te produceren. Dat doen wij dus niet. Daar moet dat vooral gebeuren. Dat is de kern van de zaak. En nogmaals, als de Nederlandse overheid er €250.000 à €300.000 in heeft gestoken, dan weet ik één ding zeker: de bedrijven die hierin participeren hebben er een veelvoud in zitten, als je ziet hoelang ze hiermee bezig zijn.

[…]

De voorzitter: Mevrouw Ouwehand, als u zo doorgaat, krijg ik ook een vraagprobleem. U krijgt bijna een derde termijn. Het moet toch echt bij een vraag blijven.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): Ik zeg het kort. Als Unilever belooft om zijn ecologische voetafdruk te halveren, maar zijn productie zegt te willen verdubbelen, dan blijven we toch met hetzelfde duurzaamheidsprobleem zitten? Waarom durft de staatssecretaris de vraagkwestie niet te adresseren en Unilever op te roepen om misschien iets minder agressieve marketing te voeren omdat de aarde het niet trekt als we zoveel Magnums, koekjes et cetera blijven eten?

Staatssecretaris Bleker: Dat gaat uit van de grote regie met het doel om deze aardbol te behouden.

Mevrouw Ouwehand (PvdD): De staatssecretaris kan niet nog een keer zo flauw doen.

De voorzitter: Hij doet niet flauw. Hij geeft antwoord. Ik kan er niets aan doen dat u niet tevreden bent met het antwoord.

Staatssecretaris Bleker: Ik geef gewoon antwoord. Ik zeg: zo werkt het niet. Als de consument, de producent en de markt op een gegeven moment twijfels hebben over de spullen die in Magnums zitten en als daarover een publiek debat wordt gevoerd, moeten ze die spullen niet kopen. Als ik ze dit voorjaar bij een tankstation zie liggen, koop ik ze niet. Dan denk ik aan mevrouw Ouwehand en koop ik een Cornetto.

Staatssecretaris Atsma: Of helemaal niets. Dat kan ook nog.

[…]