Bijdrage Ouwehand aan debat over het eind­verslag van de infor­mateur


23 juni 2021

Voorzitter, dank u wel. Wie kan en wil met wie? Wie staan er politiek dicht bij elkaar? Heeft het land een kabinet nodig dat stabiel is en dat de uitdagingen van deze tijd gaat oplossen? Jazeker. Maar de belangrijkste vraag die eerst gesteld moet worden, is nog steeds niet geruststellend beantwoord.

Allereerst heeft Nederland namelijk een kabinet nodig dat de rechtsstaat respecteert, dat zich alles wat er in de toeslagenaffaire gebeurd is zwaar aantrekt en dat er alles aan doet om de ongelofelijke schending van onze rechtsstaat en datgene waar burgers op mogen rekenen in Nederland te herstellen. Dat schrikt van nieuwe dreigingen met rechtszaken op het gebied van klimaat en stikstof. Waarom? Omdat je je daar niet aan gehouden hebt. Dat zijn ook rechtsstatelijke zaken. Daar hebben we nog geen begin van gezien. Wat blijft hangen, is: alles moet anders, maar denk maar niet dat ik het anders ga doen.

Voorzitter. De Partij voor de Dieren begint dus graag bij de fundamentele vragen. Ook als het gaat om bijvoorbeeld het herstelplan hebben wij de vraag gemist wat er eigenlijk hersteld moet worden: een economie die in dienst staat van de burgers, die niet zorgt voor de verwoesting van onze leefomgeving, een klimaatcrisis, een biodiversiteitscrisis. Dat kinderen moeten opgroeien in een omgeving met zulke vuile lucht dat ze iedere week in het ziekenhuis zitten met hun astmaklachten. Als je niet weet dat dit je taak is als je mee wilt doen aan een regering, wat doe je dan aan de onderhandelingstafel?

Voorzitter. Volgens mij moeten juist partijen als de VVD en het CDA grote bewegingen maken. Dat zou niet moeten afhangen van de vraag of er een partij aan de onderhandelingen meedoet die zich toevallig profileert op het gebied van klimaat. Je moet zelf het klimaatakkoord van Parijs naleven. Je moet zelf de hogere regelgeving naleven die we hebben ondertekend als het gaat om de stikstofcrisis. Daar zien we nog geen begin van.

Nederland heeft een kabinet nodig waar de bevolking vertrouwen in kan hebben en dat de rechtsstaat op een zodanige manier respecteert dat ook de voor de VVD en het CDA pijnlijke onderwerpen klimaat en natuur ruimhartig en volmondig worden opgelost.

Voorzitter. Wij hebben de informateur verschillende brieven gestuurd, waarvan eentje nadat de Wet dieren was gewijzigd. Wij hebben de informateur erop gewezen dat het al twintig jaar lang op heel breed politiek draagvlak kan rekenen dat we dieren niet meer aanpassen aan het systeem, maar het systeem aan de dieren als het gaat om de veehouderij. Dat waren beloftes van een kabinet met VVD, D66 en de Partij van de Arbeid, gevolgd door — ja, let op — het CDA en de ChristenUnie, die in Balkenende IV zaten. Die plannen werden toen door de hele Kamer gesteund. Sommige partijen vonden dat het niet snel genoeg ging, maar 2022 was de deadline.

De informateur was naarstig op zoek naar onderwerpen waar overeenstemming over was. Hier is politieke overeenstemming over. We hebben dus een kabinet nodig dat een plan maakt om deze gewijzigde wet uit te voeren. Een kabinet dat daarmee begint en de rechtsstaat gaat respecteren, zou het vertrouwen van de bevolking weer kunnen terugverdienen. Dat lijkt me in deze tijden, met de crises die we moeten oplossen, van heel groot belang.

Interrupties

Interrupties bij de VVD

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
De vraag wie met wie kan en de vraag of een kabinet te vormen is dat kan rekenen op de steun van de Kamer, zodat het ook daadwerkelijk aan de slag kan met de besluiten die in het regeerakkoord worden genomen, opnieuw gesteund door de Kamer, zijn natuurlijk belangrijk. Maar we kunnen die vragen niet beantwoorden en we kunnen dat spel ook niet spelen voordat we helder hebben of degenen die zich opwerpen om opnieuw of voor het eerst regeringsverantwoordelijkheid te dragen, wel weten wat er van hen verwacht wordt en of ze dat ook respecteren. De discussies hier zijn natuurlijk uitvoerig gegaan over de rechtsstaat. De VVD en het CDA hebben de door de Partij voor de Dieren ingediende motie keurig gesteund. Die motie sprak uit dat het respecteren van de rechtsstaat een niet onderhandelbare voorwaarde is voor een nieuw kabinet. Dan gaat het over de uitvoering van het Klimaatakkoord. Dan gaat het over het respecteren van het hoge recht; ik wijs op de stikstofcrisis. Dan gaat het over burgers recht doen; dan wijs ik op de toeslagenaffaire. Het probleem is dat de VVD en het CDA die motie keurig hebben gesteund, maar dat alles wat we zien, de andere kant op wijst. De vraag is dus of de VVD in een nieuw kabinet wel gaat voldoen aan die minimale eis dat de regering van ons land de rechtsstaat respecteert en dat de bevolking van ons land vertrouwen kan hebben in die regering.

De heer Rutte (VVD):
De VVD staat in de traditie van Thorbecke, de revolutie van 1848. Dat is de grondtoon van onze partij. Dat heeft te maken met de verhouding tussen Staat en burger. Niet voor niets praten liberalen liever over "de Staat" dan over "de overheid", want wij vinden niet dat iemand boven ons is geplaatst. We hebben het als liberalen liever over "de Staat". De kern daarvan is de rechtsstaat. De kern van de rechtsstaat is dat de mensen in het land beschermd worden tegen de almacht van de overheid. Dat is richtsnoer, plechtanker, van liberale partijen in Europa en zeker van de VVD. Wij zijn het helemaal eens met wat u net zei over de door u genoemde punten die moeten worden aangepakt op het gebied van stikstof en het klimaat — op de kortere en op de langere termijn — en de vraagstukken van de overheid, de Staat, als een menselijk gezicht dat zich richt naar de samenleving en het rechtzetten van de schande van de kinderopvangtoeslagaffaire.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dat zou goed nieuws zijn en ik wil de heer Rutte graag geloven, maar de situatie is dat zijn partij en ook het CDA — en trouwens nog wel meer partijen — daar in de afgelopen vier, acht, twaalf jaar hebben verzaakt. Anders hadden we geen uitspraken van de rechter aan onze broek gehad over het klimaat en stikstof. Dan hadden we ook deze beschamende toestand van de toeslagenaffaire niet gehad. Ik heb gelezen dat de informateur ook heeft geadviseerd dat er wat meer vrolijkheid moet komen in het informatieproces. Daar ben ik erg voor, maar ik ben wel bang dat ik slecht nieuws heb, want partijen als de VVD en het CDA zullen de problemen die zijn veroorzaakt door het drukken van hun snor en door te verzaken op het gebied van klimaat, stikstof en recht doen aan burgers, zelfstandig moeten oplossen. Of er nou een partij meedoet die klimaat hoog in haar programma heeft staan of niet, de VVD zal aan de bak moeten en het CDA zal aan de bak moeten. Eigenlijk zal iedereen aan de bak moeten, want dit gaat over de rechtsstaat. Het probleem is dat we daar nog helemaal niks van hebben gezien; alleen maar tegensputteren, tegenspartelen, geen zin in partijen die het over het klimaat willen hebben. Dus hoe moeten we nou beoordelen dat de VVD hier zegt dat de rechtsstaat het fundament is van die partij? Dat klopt; dat was ooit zo voor de VVD, maar de afgelopen twintig jaar waren het alleen maar beeldvorming en partijbelangen die de boventoon hebben gevoerd. Welke verandering gaan we dan zien als de VVD een nieuwe regering wil vormen die, zoals de heer Rutte zegt, recht doet aan het respecteren van de rechtsstaat?

De heer Rutte (VVD):
Gezien de tijd zal ik mijn antwoord splitsen in twee delen. Ik zal heel kort zijn over het nonsensdeel van de opmerkingen van de fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren over mijn partij. Die zijn kletskoek, lariekoek, nonsens. Ik ga ze hier verder ook niet bestrijden; daar hebben we de tijd niet voor, maar ze maakt analyses over de VVD die van a tot z onwaar zijn. Ik laat ze bij haar.

Dan het deel waar we het over eens zijn. Het kabinet heeft onder mijn leiding gewerkt aan de Klimaatwet en het Klimaatakkoord, dat brede steun heeft in de Kamer, inclusief die van GroenLinks en de Partij van de Arbeid, om noodzakelijke stappen te zetten op weg naar het terugdringen van de CO2-uitstoot, en wel zodanig dat dit haalbaar en betaalbaar is voor de mensen in het land. En daar ben ik ook trots op. Daar zullen wij extra inspanningen voor moeten leveren, zowel voor de korte termijn — zie ook de rechterlijke uitspraken — als voor de langere termijn. Ik zie daarbij enorme mogelijkheden, niet alleen omdat we daarmee het klimaatprobleem aanpakken en dit land schoner maken, maar ook omdat naar mijn overtuiging over tien jaar van de 10 à 11 miljoen banen in Nederland er een paar miljoen zullen zijn in deze sectoren van de energietransitie, de klimaataanpak, de klimaattransitie. Dat gaan we met elkaar doen. Dus op dat punt ben ik het met haar eens.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Tot slot. We kennen dit spel natuurlijk. Dat heet "meestribbelen". Je weet dat je onder druk staat. Je moet in beweging komen — ik noem de rechter nog een keertje — en dan doe je alsof je een beweging maakt, maar in de praktijk ben je eigenlijk nog steeds alleen maar aan het tegenstinken. En dat kunnen we ons niet meer veroorloven. De VVD is niet uit zichzelf met goed klimaatbeleid gekomen. De VVD heeft het op een klimaatakkoordje gegooid waarover de boerenorganisatie LTO zegt: dat hebben wij gewonnen; wat wij belangrijk vonden, staat erin. Nu dreigen opnieuw rechtszaken. De conclusie moet dus zijn dat de partij die een onderhandelingsdocument gaat schrijven, niet uit zichzelf de rechtsstaat respecteert, maar zich opstelt als een partij die vooral de baas van het land wil blijven zonder recht te doen aan de uitdagingen waar Nederland voor staat. En dat is zeer teleurstellend voor een partij als de VVD.

De voorzitter:
Dank u wel. Ik hoorde geen vraag, meer stellingen.

De heer Rutte (VVD):
Nou, heel kort, voorzitter. Ik meen dat de door mevrouw Hamer zo gewenste vrolijkheid bij mevrouw Ouwehand nog even weg is, vooral ook door haar eindeloze reeks beweringen uit het ongerijmde. De VVD is de partij van Leendert Ginjaar, is de partij van Pieter Winsemius, is de partij van Ed Nijpels. Het is de partij die het klimaatvraagstuk heeft opgepakt, heeft aangepakt, en met dit kabinet is gekomen tot een Klimaatwet en een Klimaatakkoord. De komende jaren zullen we een hele grote stap moeten zetten. Daar liggen enorme mogelijkheden, zowel om klimaatproblemen op te lossen alsook om Nederland nu, komend uit de coronacrisis als misschien wel de best presterende economie van de westerse wereld ... Misschien worden we wel de best presterende economie van de westerse wereld, dankzij ook de herstelpakketten gemaakt door Eric Wiebes, Wopke Hoekstra en Wouter Koolmees, die op de iets langere termijn ook toonaangevend in de wereld zal blijken te zijn op het terrein van die klimaat- en energietransitie. Ik ben daartoe enorm gemotiveerd, met de vrolijkheid die mevrouw Hamer van mij vraagt. En ik daag mevrouw Ouwehand uit om die ook een beetje te laten zien vandaag.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ja, die uitdaging was ik natuurlijk vergeten op te pakken, dus ik draag graag mijn steentje bij aan de vrolijke sfeer die nodig is. En dan kan ik zeggen dat ik om het laatste antwoord, maar eigenlijk ook de antwoorden daarvoor van de heer Rutte, best wel moet lachen.

De voorzitter:
Dank u wel. Meneer Rutte?

De heer Rutte (VVD):
Ja. Het is klaar.

Interrupties bij D66

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik moet de neiging onderdrukken om het gevoel te hebben dat ik hier eerst een grap moet vertellen, omdat het allemaal vrolijk moet zijn. Maar misschien lukt het ook wel met een gewone interruptie.

De discussie is erover gegaan dat een kabinet de rechtsstaat moet respecteren. Er moeten niet-onderhandelbare voorwaarden zijn. Daar hoort bij: klimaat, stikstof, toeslagenaffaire en noem alles maar op. Ik ben benieuwd hoe dat dan is gegaan. Ik heb niet aan die gesprekken deelgenomen, maar van een afstandje krijg ik toch een beetje de indruk dat goed klimaatbeleid als een optie wordt gezien, afhankelijk van de vraag of een bepaalde partij wel of niet meedoet. Ik vraag me af hoe mevrouw Kaag daarnaar kijkt? Kan er een garantie worden gegeven dat het te schrijven onderhandelingsdocument volledig uitgaat van die ondergrens dat het de rechtsstaat respecteert?

Mevrouw Kaag (D66):
Er is een Kamerbrede motie, maar het is natuurlijk ook de inzet van D66 geweest, ook in deze campagne. Dus er zijn een aantal thema's waarbij het voor ons — maar dat zal voor andere partijen ook gelden — heel belangrijk is dat we niet onder een bepaalde ondergrens komen en dat we die bereiken. Maar qua rechtsstaat denk ik dat deze héle Kamer zich daartoe verbonden moet voelen, of je nou oppositie bent of toekomstige coalitie. Er moeten belangrijke stappen gezet zijn. Daar is ook een motie over aangenomen. Dus het is een kwestie van urgentie en ik mag hopen dat alle partijen hierboven uitstijgen en zichzelf daarin vergeten. Want het gaat om álle mensen in dit land.

De voorzitter:
Mevrouw Ouwehand, tot slot.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Bij die woorden kan ik mij helemaal aansluiten, maar we zien er nog zo weinig van. Dus op basis waarvan kunnen we dit vertrouwen? Ik wijs mevrouw Kaag erop — dat is dan weer minder vrolijk — dat het toch ook het kabinet is geweest waar D66 in zat dat heeft veroorzaakt dat er opnieuw twee nieuwe rechtszaken dreigen: over klimaat en over stikstof. Dus kennelijk moet er iets fundamenteel anders en ik heb daar nog helemaal niks van gezien. Dus gaat dat dan ineens gebeuren als zij met de heer Rutte een document gaat schrijven, of hoe gaat dat?

Mevrouw Kaag (D66):
Er zijn een aantal thema's die sowieso ook door dit demissionaire kabinet — zo kort of zo lang als het duurt — móeten worden aangepakt. Dat zijn natuurlijk de rechterlijke uitspraken, de oplossing voor stikstof, ook als je wilt bouwen, en natuurlijk de klimaatcrisis. Er kan geen dag voorbijgaan dat we niet anders en beter moeten handelen. Het is ook de inzet van D66 en die verandert niet. Dat staat in al onze brieven aan de informateur. Dit zal ook in onze gesprekken naar voren komen. Wat het eindresultaat is — dat weet mevrouw Ouwehand ook — is óók een gevolg van onderhandelingen met wie je aan tafel zit. Maar onze inzet zal heel ambitieus zijn. Die wordt overigens breed gedeeld. Dit is geen linkse of rechtse hobby, of een D66-hobby. De meeste mensen in Nederland weten dat we heel veel stappen moeten zetten. De vraag is: gaat de burger dit meemaken, welke keuzes maken we en hoe gaan we dit financieren? De Klimaatwet en het Klimaatakkoord zijn natuurlijk al een goede basis. En internationaal, zoals we ook hebben gezien bij de Verenigde Staten, wordt er overal aan getrokken, op verschillende niveaus. De onderhandelingen zijn daarvan een belangrijk onderdeel.

De voorzitter:
Korte vraag nog tot slot van mevrouw Ouwehand.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter, tot slot. Dit laatste antwoord verontrust mij toch wel. Ik wil geloven dat het de inzet is van D66, maar mevrouw Kaag houdt hier de optie open dat, afhankelijk van de partijen die meedoen, de uitkomst toch is dat we ónder die ondergrens gaan zitten waarin een volgend kabinet de rechtsstaat respecteert. Dat was waar het antwoord op neerkwam. Als dat rechtgezet moet worden, dan hoor ik dat graag.

Mevrouw Kaag (D66):
Nee. Ik weet niet of ik het moet rechtzetten. Het is uw begrip, maar ik denk dat niemand anders het zo begrepen heeft. Ik wil u geruststellen: natuurlijk gaan we niet onder een ondergrens, zeker niet; dat zeg ik net. Er is daarop ook een duidelijke inzet van D66. Het andere is natuurlijk dat wij nooit hebben gezegd dat meedenken en meeschrijven per definitie betekent dat wij meedoen. Wij zullen ook het eindresultaat beoordelen op wat er ligt, als dat u geruststelt, zeg ik via de voorzitter.

Interrupties bij het CDA

De voorzitter:
Dank u wel. Mevrouw Ouwehand, dit is uw laatste interruptie.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Die besteed ik met liefde aan het CDA.

De heer Hoekstra (CDA):
Die is wederzijds, voorzitter.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dat is mijn favoriete counterpart hier in de Kamer. Ja, want zoals gezegd, ik ben dus ook op zoek naar hoe ik mijn bijdrage kan leveren aan een stukje vrolijkheid. En toen dacht ik: nou, het was per slot van rekening het CDA dat het stikstofplan had bedacht dat door de rechter is afgeschoten, waardoor het hele land stil kwam te liggen en zo. En we hebben de heer Hoekstra allemaal moeilijke dingen horen zeggen de afgelopen weken. Maar mijn eenvoudige vraag is: voelt het CDA eigenlijk een verantwoordelijkheid om deze problemen uit de koker van het CDA ook gewoon op te gaan lossen?

De heer Hoekstra (CDA):
Eerst even over die vrolijkheid: ik meen mevrouw Hamer zo begrepen te hebben, dat zij dat als algemene opdracht heeft neergelegd. Dus als mevrouw Ouwehand daarvan zou zeggen dat dat voor haarzelf eigenlijk te hoog gegrepen is, zou ik dat kunnen begrijpen.

Wat betreft de stikstof: daar hebben wij al vaker van gezegd, ook in de dialoog met de informateur, dat dat natuurlijk een van de grote en ook urgente problemen is die we omwille van de natuur, maar ook omwille van wat we allemaal willen op het gebied van bouwen, op het gebied van wonen, zullen moeten aanpakken. Dus daar is het demissionaire kabinet over aan het nadenken. Daar ligt ook een belangrijke opdracht straks voor de formerende partijen. Dus als zij zegt of aan mij vraagt "staat dat hoog op het lijstje in de categorie én belangrijk én urgent?", dan ben ik dat met haar eens.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ja, leuk, maar dat was natuurlijk de vraag niet. En ik sluit helemaal niet uit dat wij niet om hetzelfde kunnen lachen bij het CDA en bij de Partij voor de Dieren. Maar ik zou de heer Hoekstra toch willen voorhouden dat het toch ook zijn kabinet was. Ik noemde het al even: het was onder Balkenende IV dat het plan bedacht is. Hij heeft nu ook geregeerd en een zogenaamde aanpak voor die stikstofproblematiek gepresenteerd, waarbij nu alweer duidelijk is dat we weer voor de rechter gaan verschijnen. Dus ook als het kabinet heel erg lang demissionair doorgaat, waar het wel een beetje op lijkt, dan lijkt het toch de verantwoordelijkheid van het CDA te worden om dat probleem op te lossen, en dus én boeren én Nederlanders duidelijk te moeten maken dat we het aantal dieren in de veehouderij fors gaan laten krimpen. Kijk, en als het CDA dát gaat uitvoeren, dan wordt de Partij voor de Dieren heel vrolijk.

De heer Hoekstra (CDA):
Dat is geen beleidsdoel op zichzelf, dat laatste, en dat zal mevrouw Ouwehand mij vergeven. Kijk, ik wil natuurlijk graag alle goede werken van het CDA, maar ook van de drie voorlopers van het CDA, allemaal in dit debat naar me toe harken. En toch denk ik dat ik, als ik Balkenende IV "mijn kabinet" ga noemen, met onder anderen de heer Balkenende een ingewikkeld gesprek heb. Wat ik net gezegd heb, wil ik graag nog een keer herhalen: er ligt een levensgrote opgave op het gebied van klimaat; er ligt ook een levensgrote opgave op het gebied van stikstof. Ze zijn allebei belangrijk, ze zijn ook allebei urgent, maar in de Nederlandse context is die stikstofvraag zeer urgent. Waarom? Omdat er ook allerlei andere maatschappelijke vragen mee verknoopt zijn. Dat is een van de redenen geweest dat ik dat bij herhaling — mevrouw Hamer zal dat zo meteen voor de Partij voor de Dieren beamen — heb opgebracht. En dat is ook de reden dat ik samen met een paar collega's in het kabinet doende ben om te kijken hoe je wat kan klaarleggen voor een volgend kabinet, zou dat er ooit komen. Dus het belang is evident. Dat er allerlei lastige vragen aan vastzitten, dat ben ik ook met mevrouw Ouwehand eens. En zou zij besluiten aan te schuiven bij formerende partijen, dan kunnen we daar misschien nog een keer van gedachten over wisselen.

Interrupties bij de informateur

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter, dank u wel. Ik realiseer me dat ik vergeten ben de informateur te bedanken voor haar werk. De Partij voor de Dieren had weliswaar niet de motie gesteund voor deze stap in het formatieproces, maar ze heeft haar taak gewoon opgepakt, zoals de meerderheid van de Kamer haar heeft gevraagd. Dank voor de inzet daarvoor.

Mijn vraag gaat over het benoemen van de grote thema's die aan de orde moeten komen, zoals de klimaatcrisis en de stikstofcrisis. Ik vraag me af of er in het proces enige reflectie is geweest. Het Urgendavonnis had natuurlijk door het zittende, demissionaire, kabinet gewoon uitgevoerd moeten worden. Voor stikstof hetzelfde verhaal. Er is een wet gepresenteerd en in principe zou het dan opgelost moeten zijn. Dat is allemaal niet aan de hand. De volgende stappen, waarin Rutte en Kaag een stuk gaan schrijven en dan weer verder onderhandelen, lijken redelijk zinloos als er geen reflectie heeft plaatsgevonden.

De voorzitter:
Uw vraag is of er een reflectie is geweest op die thema's.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Precies.

De voorzitter:
Mevrouw Hamer.

Mevrouw Hamer:
Ik denk het wel. U ziet dat de thema's zijn benoemd in het stuk dat gaat over de zeven ambities. Daarin ziet u onderdelen terugkomen. U ziet het ook benoemd bij de urgente kwesties die ik u aanbeveel. Die reflectie heeft zeker plaatsgevonden. Het lijken mij logische onderwerpen, maar dat is uiteindelijk toch ook weer aan de Kamer. Ik zeg het nog maar weer eventjes, want anders ga ik een politiek debat met u voeren. Dat zou ik buitengewoon interessant vinden, maar dat is niet mijn rol als informateur. Ik moet dus toch doorverwijzen naar mevrouw Kaag en de heer Rutte.

De voorzitter:
Heeft u nog een feitelijke vraag, mevrouw Ouwehand?

Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dat begrijp ik wel. Ik probeer het via de informateur duidelijk te krijgen. Het zou de anderen gesierd hebben om het gewoon te zeggen, maar ik vraag het aan de informateur, omdat zij bij die gesprekken heeft gezeten. Benoemen dat die crisis er is, is nog geen reflectie. Ik ben benieuwd of er een reflectie heeft plaatsgevonden: wat hebben we fundamenteel niet goed gedaan? Erkennen we dat er nu een crisis is? Ik vraag me af of die reflectie heeft plaatsgevonden.

De voorzitter:
De informateur.

Mevrouw Hamer:
Ik denk altijd: in het feit dat je het wilt gaan oplossen, zit een soort reflectie dat het op dit moment nog niet gelukt is en dat het nog opgepakt moet worden. Ik zeg het maar even diplomatiek. Dat het bij de urgente kwesties staat — dat is besproken met de partijen — mag u als zodanig zien.