Bijdrage Van Raan Begroting Econo­mische Zaken en Klimaat 2018 (deel Klimaat)


13 december 2017

Voorzitter,

Voor het eerst voeren we een begrotingsdebat met de minister van Klimaat. Dat is een historisch feit.

De minister van Economische Zaken …. en Klimaat. We hebben bij de kostbare operatie om het ministerie van Ven J om te dopen naar J en V gezien dat dit kabinet grote waarde hecht aan de volgorde van de namen met de belangrijkste voorop. Justitie als basis voor veiligheid. Dus economie als basis voor klimaat! En dat, voorzitter, is het probleem van dit kabinet in een notendop, of gaat de minister vertellen dat het niet zo is?

De klimaatminister heeft een uitdagende klus te klaren. Alle sectoren en departementen moeten bijdragen om de klimaatdoelen te halen. Bewindspersonen zullen bij de les moeten worden gehouden. En dus uit de klauwen moeten worden getrokken van lobbyclubs en bedrijfsleven.

Heeft de minister de doorzettingsmacht om door te pakken?

Of is hij een tandeloos, maar sympathiek, visitekaartje? Graag een bevoegdhedenomschrijving.

Onze economie is nu –per saldo- grotendeels op een onduurzame wijze georganiseerd. Als we vasthouden aan het huidige model- economie boven klimaat- , helpen we de planeet om zeep, zegt onder andere Kate Raworth. Kent u die? En is de minister het daar mee eens?

Het kabinet -en net de vvd- pronkt graag in dit verband met onze positie op internationale ranglijsten, zoals op het gebied van concurrentie en innovatie (p. 7. Begroting).

Onze manier van leven vereist 3,7 wereldbollen.

Zeggen dat je innovatief bent terwijl je dàt nodig hebt, is in onze ogen een ouderwetse, achterhaalde invulling van het begrip innovatie, betekenisloos.

En bovenaan staan in concurrentie lijstjes, terwijl je 3,7 wereldbollen verbruikt, is hetzelfde als de schaatswedstrijd winnen met doping!

En daar vervolgens trots op zijn!!!

Voorzitter, de manier waarop we kijken naar begrippen als innovatie en concurrentie is achterhaald, misplaatst en zet ons op het verkeerde spoor. We kijken naar de verkeerde lijstjes. Graag een reflectie van de minister.

Op de klimaattop in Bonn, waar de urgentie van het klimaatprobleem nog eens duidelijk werd onderstreept, zag ik de minister goede sier maken met de aankondiging dat Nederland zich in Europa hard zal maken voor het verhogen van de Europese reductiedoelstelling naar 55% in 2030. Vanzelfsprekend juichen we dit toe.

Echter -en mooi dat de minister het met ons eens is- als we kijken wat er aan plannen op tafel ligt, is het nog verre van een gelopen race.

Ons koolstofbudget raakt immers in snel tempo op, terwijl de daling van CO2-uitstoot veel te langzaam verloopt.

De minister focust zich op maatregelen die niet morgen kunnen worden ingevoerd, maar pas op langere termijn.

En de zaken die wel op korte termijn kunnen worden aangepakt, worden op de lange baan geschoven.

In steeds meer landen vinden er inmiddels klimaatrechtzaken plaats (Ierland, België, Nieuw-Zeeland, de Verenigde Staten, Zwitserland). Bezorgde burgers stappen naar de rechter omdat het klimaatbeleid van hun overheid onvoldoende is om hun leefomgeving te beschermen. Een schending van mensenrechten. In dat kader zullen wij ook blijven wedijveren voor de strijd voor internationale wetgeving om ecocide -het grootschalig vernietigen van de leefomgeving- strafbaar te stellen. Gaat de minister ons daarbij helpen?

Immers het oude adagium, bij een sterke markt hoort een zo klein mogelijke overheid, is achterhaald, het is: hoe sterker de marktkrachten zijn, hoe sterker de overheid moet zijn, dat is het nieuwe, hoopgevende verhaal.

Want de overheid, voorzitter, heeft jarenlang het beleid uit handen gegeven aan grote bedrijven en vervuilende sectoren.

In de documentaire Beerput Nederland was er sprake van dat veroordeelde milieucriminelen mee mogen schrijven van dit kabinet nota bene aan de milieuwetgeving! Dat is hoe ver we het hier hebben laten komen. Structurele misstanden waarbij de integriteit van alle bestuurlijke lagen ter discussie staat. Het is de taak van de kamer om te controleren. Wat ons betreft moet dit tot op de bodem worden uitgezocht. We kondigen dan ook een motie voor een parlementair onderzoek aan.

Temeer omdat deze gang van zaken niet op zichzelf lijkt te staan.

We wijzen de minister ter illustratie graag op twee sectoren die door de blinde focus op economische groei zijn uitgegroeid allesverslindende monsters. Twee sectoren die ervoor zorgen dat ons koolstofbudget als sneeuw voor de zon verdwijnt.

De luchtvaart en de landbouwsector.

Voorzitter, Schiphol en KLM hebben de ruimte gekregen om de luchthaven Schiphol te laten uitgroeien tot de uit zijn voegen barstende luchthaven die het nu is. Door aanpassing op aanpassing te doen, stelde de Onderzoeksraad voor Veiligheid dat de veiligheid rond de luchthaven serieus op het spel staat. En er worden volop voorbereidingen getroffen om over het plafond van 500.000 vliegbewegingen te gaan, terwijl het rapport bij 480.000 vliegbewegingen geschreven is.

Economie boven andere belangen...

De verwachte groei van de luchtvaart gaat het halen van de klimaatdoelen onmogelijk maken, luidde de conclusie van Paul Peeters van de TU Delft. “Geen enkele technische of financiële maatregel gaat dit compenseren.”

En wat is het beleid dat dit kabinet voert… doorgaan…..

Groei, groei, groei..

En een krimp is nodig!

Willen je klimaatdoelen halen, dan moet dit naar 300.000 vliegbewegingen per jaar, volgens Paul Peeters bij de TU Delft.

We horen graag hoe de minister dit ter hand gaat nemen en overwegen een motie op dit punt.

Dan de landbouw. Lobbyisten van vee- en vleesindustrie schrijven al jarenlang mee aan het landbouwbeleid.

Precies tien jaar geleden bracht ons wetenschappelijk bureau de documentaire Meat the truth uit. Sinds 2007 zijn er nog vele rapporten uitgekomen waaruit blijkt dat de veehouderij een van de grootste vervuilers ter wereld is. Om de klimaatdoelen te halen, moet het aantal dieren flink verminderen, concludeerde Natuur en Milieu in haar Voedselvisie 2030. Deze week nog constateerde de financiële denktank Fairr[vii] dat een heffing op vlees onvermijdelijk is. Onvermijdelijk, gezien de bijdrage van de sector aan klimaatverandering en volksgezondheidsproblemen.

En wat is het beleid dat dit kabinet heeft aangekondigd? De uitstoot van de landbouw moet louter met technische maatregelen worden aangepakt. De Sociaal Economische Raad (SER) schreef hierover: “In de afgelopen jaren is een veelheid aan initiatieven genomen om de problemen aan te pakken en de verduurzaming op gang te brengen. Tot echte doorbraken heeft dit nog niet geleid."

En nu komt het: Bij het berekenen van de effecten van mogelijke maatregelen voor het behalen van de klimaatdoelen, kreeg het PBL de expliciete opdracht mee om niet te kijken naar volumemaatregelen in de veehouderij of naar transitie in gedrag in consumptie en transport. Een verkleining van de veestapel en de impact van vliegen is dus al vooraf taboe verklaard.

Voorzitter, het lijkt er op dat sommige departementen proberen rapporten te veranderen als ze gemaakt zijn, hier gebeurt dat vooraf al, zo lijkt het.

Matchfixing heet dat, volgens mij. Is de minister bereid om het PBL opnieuw te laten kijken, naar de effecten?

Voorzitter,

Als we doorgaan op de oude weg, hebben we nog 4 jaar te gaan voordat we ons koolstofbudget hebben verbruikt. Maar maatregelen die zullen leiden tot een substantiële emissiereductie worden ofwel terzijde geschoven, ofwel pas ingevoerd na deze kabinetsperiode, zoals het sluiten van de kolencentrales.

We moeten NU aan de slag om te voorkomen dat we wederom de gestelde doelen niet behalen. Zeker als we gaan voor 55% reductie. De eerste stappen kunnen we vandaag zetten. Ik noem u 3.

Door het maken van een plan voor de inkrimping van de luchtvaart en voor de inkrimping van de veestapel. Een vliegtax en een vleestax.

Door het instellen van een standaard vegetarische menukaart bij overheidsinstellingen, waarbij moet worden gevraagd om een gerecht met vlees (het omkeren van de norm).

Door overheidssubsidies, overheidsstimuleringsfondsen voor topsectoren enkel open te stellen voor duurzame projecten, die niet schadelijk zijn voor mens dier natuur en klimaat. Door het adagium te omarmen: We doen iets duurzaam of we doen het niet.

Laten we ervoor zorgen dat deze minister niet de koning van Paaseiland wordt.

Dank u wel