Vragen over nazorg ruiming in veehou­derij


Indiendatum: mrt. 2012

Vragen van het lid Hazekamp aan de staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie over nazorg bij ruiming in de veehouderij om dierziekte.

1. Bestaat er volgens u behoefte aan nazorg voor humane slachtoffers van dierziektencrises? Zo ja, op welke terreinen en in welke vormen is volgens u behoefte aan nazorg?

2. Is het waar dat ten tijde van de Q-koorts crisis geen enkele vorm van nazorg beschikbaar was voor de getroffen gezinnen en andere direct bij de slachtoffers betrokkenen? Zo nee, welke nazorg heeft er dan plaatsgevonden?

3. Is er nu nazorg beschikbaar voor humane slachtoffers van dierziektencrises zoals Q-koorts? Zo ja, in welke vorm? Welke lessen zijn daarbij getrokken uit de eerdere Q-koorts crisis?

Indiendatum: mrt. 2012
Antwoorddatum: 29 mei 2012

1. Bestaat er volgens u behoefte aan nazorg voor humane slachtoffers bijv. Q-koortspatiënten van dierziektencrises? Zo ja, op welke terreinen en in welke vormen is volgens u behoefte aan nazorg?

2. Is het waar dat ten tijde van de Q-koortscrisis geen enkele vorm van nazorg beschikbaar was voor de getroffen gezinnen en andere direct bij de slachtoffers betrokkenen? Zo nee, welke nazorg heeft er dan plaatsgevonden?

3. Is er nu nazorg beschikbaar voor humane slachtoffers van dierziektencrises zoals Q-koorts? Zo ja, in welke vorm? Welke lessen zijn daarbij getrokken uit de eerdere Q-koorts crisis?


Ziekte kan afhankelijk van de ernst zeer ingrijpend zijn voor het leven van mensen. Veel patiënten ondervinden dagelijks gevolgen van een ziekte of aandoening die kan leiden tot immateriële en materiële schade. Dit is helaas het geval bij elke ernstige ziekte, ongeacht de oorzaak daarvan. Dat geldt dus evenzeer voor infectieziekten afkomstig van dieren. Patiënten die nazorg nodig hebben ten gevolge van een dergelijke infectieziekte, kunnen net als patiënten met een andere ernstige ziekte een beroep doen op het reguliere zorgaanbod. Zij kunnen onder andere terecht bij hun huisarts en, indien noodzakelijk, ook andere zorgaanbieders, zoals een psycholoog. Ook kan ook altijd contact worden opgenomen met de GGD voor specifieke informatie die gerelateerd is aan de infectieziekte. Daarnaast hebben patiënten vaak veel baat bij het contact met lotgenoten via een patiëntenvereniging.

Ten tijde van de Q-koorts epidemie heeft de GGD medische professionals, waaronder huisartsen, regelmatig geïnformeerd over onder meer het voorkomen van Q-koorts, de diagnostiek en de behandeling. Op deze wijze werden patiënten zo goed mogelijk via de reguliere zorg ondersteund. Ook is de patiëntenvereniging Q‑uestion gesubsidieerd, zodat zij lotgenotencontacten konden organiseren. Daarnaast is er een multidisciplinaire richtlijn voor het Q‑koortsvermoeidheidssyndroom (QVS) ontwikkeld die bijdraagt aan een betere afstemming tussen verschillende hulpverlenende instanties en een eenduidig beleid voor de patiënt. Eveneens is er onderzoek gefinancierd naar de diagnostiek en behandeling van Q-koorts, waaronder een onderzoek naar de beste behandeling van QVS bij het UMC St Radboud in Nijmegen.


De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
mw. drs. E.I. Schippers

Wij zijn tegen:

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer