Opinie: Staakt het vuren!


19 december 2012

De Nederlandse vuurwerkcultuur is uniek – want hartstikke gevaarlijk. De meeste andere landen staan niet toe dat hun burgers op straat zelf vuurwerk afsteken. Daarmee zijn de jaarwisselingen daar stukken veiliger.

Wat een jaarlijkse viering zou moeten zijn waar veel mensen met plezier naar uitkijken, lijkt inmiddels standaard te ontsporen in ons land. Ieder jaar raken honderden mensen gewond, de politie moet vrijwel zijn hele personeelsbestand op de been brengen en het bekogelen van hulpverleners met vuurwerk is een vast ritueel geworden. Veel mensen durven rond de jaarwisseling de straat niet op uit angst gewond te raken door rondvliegend vuurwerk. Mensen met luchtwegproblemen moeten weken van tevoren extra medicijnen slikken omdat ze anders de Oudjaarsnacht niet doorkomen. Het milieu wordt zwaar belast, huisdieren zijn doodsbang en ook in het wild levende dieren raken in paniek door de knallen en lichtflitsen. Wat ooit is begonnen als een traditie om boze geesten te verjagen , is een angstaanjagend verschijnsel in zichzelf geworden, waarvan we ons moeten afvragen hoe we die geest weer terug de fles in krijgen.

Nederlandse oogartsen zijn consumentenvuurwerk volkomen beu. Daar hebben ze goede redenen voor. Tijdens één jaarwisseling lopen tussen de twee- en driehonderd mensen ernstig oogletsel op. In 40% van de gevallen gaat het om blijvende schade, tientallen ogen raken blind of moeten worden verwijderd. De helft van de slachtoffers is onder de 18, vaak nog kinderen. Veel van deze minderjarigen worden voor de rest van hun leven ernstig beperkt door het letsel dat ze opliepen tijdens Oud & Nieuw. Ook de plastisch chirurgen pleiten inmiddels voor een verbod op consumentenvuurwerk.

Voorstanders van consumentenvuurwerk wijzen graag op de eigen verantwoordelijkheid voor een veilige hantering van vuurwerk. Maar die vlieger gaat niet op. De helft van de slachtoffers is omstander en wordt geraakt door het vuurwerk van een ander. Ook wordt geprobeerd de mythe in stand te houden dat ongevallen met vuurwerk alleen maar plaatsvinden met illegaal of zelf in elkaar geknutseld spul. Natuurlijk maken illegale knalpotten het risico nog groter, maar laat er geen misverstand over bestaan: ook legaal sier- en knalvuurwerk bevat explosieve stoffen en is dus gevaarlijk. Meer dan de helft van de verwondingen wordt gewoon veroorzaakt door de pretpakketten die volkomen legaal verkrijgbaar zijn. En het illegale vuurwerk bestaat bij de gratie van legaal vuurwerk, dat veelal als inspiratie of uitgangspunt wordt gebruikt.

Het is onbegrijpelijk dat de Nederlandse overheid toestaat dat consumenten zelf vuurwerk afsteken. Oud-officieren munitietechniek van de Koninklijke Luchtmacht wijzen erop dat de explosieve stoffen in vuurwerk onder het begrip ‘munitie’ vallen. En dat voor het verantwoord omgaan met munitie intensieve scholing is vereist. Die voorwaarde wordt jaarlijks, zonder goede reden, met voeten getreden, met grote gevolgen voor de veiligheid op straat. De Wet publieke gezondheid stelt de overheid verantwoordelijk voor de bescherming van haar burgers. Het schadebeginsel schrijft voor dat handelingen van de een geen schade mogen veroorzaken aan de ander. Het is toch raar dat de overheid aan deze normen geen boodschap lijkt te hebben tijdens Oud & Nieuw?

Partijen die van plan zijn hard te snijden in de overheidsuitgaven doen er goed aan een blik te werpen op de onnodig hoge kosten die gepaard gaan met het huidige vuurwerkbeleid. Van het geld dat nu wordt besteed aan oogoperaties vanwege vuurwerkschade, kun je 1000 ouderen van staar afhelpen, rekende de voorzitter van het Oogheelkundig Gezelschap de Kamer voor. En dan is er nog niets gezegd over de kosten van nazorg, ziekteverzuim en blijvende (arbeids)beperkingen. Laat staan over de kosten van de enorme politie-inzet en de vernielingen in de publieke ruimte die niet los kunnen worden gezien van de verworden vuurwerkcultuur in Nederland.

Voor veel mensen is allang duidelijk dat die cultuur verandering behoeft. In plaats van zelf vuurwerk af te laten steken door consumenten, zou de overheid professionele vuurwerkshows kunnen organiseren. Zo blijft de vuurwerktraditie in stand, maar met een forse vermindering van de huidige gevaren en problemen. De regering van Australië heeft laten zien dat zo’n verandering in vuurwerkcultuur louter voordelen kent. Hier in Nederland wordt de roep om een verbod op consumentenvuurwerk steeds sterker. Naast raadsleden en burgemeesters blijkt ook de achterban van de meeste andere partijen in meerderheid voorstander van zo’n verbod. Vreemd genoeg stonden de Partij voor de Dieren en de SGP in de Kamer lange tijd alleen in hun kritiek op de huidige vuurwerkcultuur. Na een motie van het partijcongres zal GroenLinks zich daar waarschijnlijk bij aansluiten. Hoelang blijven de Kamerfracties van de andere partijen zich nog blind houden voor de feiten, en doof voor de mening van hun achterban? Hoe ver moet het eigenlijk komen voordat ons parlement toegeeft dat de prijs van deze vuurwerkcultuur te hoog is?

Esther Ouwehand
Tweede Kamerlid Partij voor de Dieren

Dit artikel is in verkorte versie verschenen in Trouw, d.d. 19 december 2012.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief