Grote grazers in de Oost­vaar­ders­plassen


17 februari 2009

De Partij voor de Dieren heeft een natuurlijke populatie-ontwikkeling van in het wild levende dieren hoog in het vaandel. De partij is daarom ook voorstander van een natuurlijke populatie-ontwikkeling in de Oostvaardersplassen. Het probleem in de Oostvaardersplassen speelt zich af op twee onderwerpen: natuurbescherming en dierenbescherming. Vanuit het oogpunt van natuurbescherming is het begrijpelijk de natuur zoveel als mogelijk haar gang te laten gaan. Vanuit het oogpunt van dierenbescherming is het wenselijk onnodig lijden te voorkomen.

Staatsbosbeheer opereert op het snijvlak van natuurbescherming en dierenbescherming. In de natuur zal het altijd zo zijn dat zwakke dieren sterven als gevolg van predatoren, voedselgebrek of extreme weersomstandigheden. Dat lot treft kleine dieren zoals roodborstjes en mezen waarover men eigenlijk weinig hoort hoewel elke winter veel dieren van deze soort sterven, maar ook grote hoefdieren die meer tot de menselijke verbeelding spreken.
Wanneer gestreefd wordt naar een natuurlijke populatie-ontwikkeling en het voorkomen van onnodig dierenleed, is de meest logische oplossing in de Oostvaardersplassen om te werken aan spoedige vergroting van het leefgebied via het totstandbrengen van corridors naar de Veluwe en het rivierenland, zodat een natuurlijke trek voor dieren mogelijk wordt. Daarnaast is het goed de populatiedynamiek te respecteren en dieren te behoeden voor onnodig lijden door ze een genadeschot te geven als hun dood onafwendbaar wordt. Dat doet Staatsbosbeheer, voorzover de Partij voor de Dieren kan nagaan op een uit oogpunt van natuur- en dierenbescherming optimale wijze.

De Partij voor de Dieren staat in beginsel achter het beleid van Staatsbosbeheer in de Oostvaardersplassen. Dit beleid houdt in dat Staatsbosbeheer niet ingrijpt in de populaties grote grazers (heckrunderen, konikpaarden en edelherten), omdat het gebied een dusdanig groot natuurgebied vormt dat er een ‘natuurlijk evenwicht’ kan ontstaan. In de toekomst zal dit gebied nog groter worden, omdat het in verbinding komt te staan met de Veluwe. Interessant is ook om te volgen hoe populaties zich ontwikkelen in een gebied waar niet wordt gejaagd in termen van oogstjacht. De boswachters van Staatsbosbeheer grijpen slechts in wanneer een dier vanuit natuurlijk perspectief ten dode opgeschreven is en nemen in dat opzicht de rol van de ‘wolf’ op zich. Niet via het omgekeerde bambidenken van de jagers, die emotionele verhalen rondstrooien over creperende dieren, die voor dat lot behoed zouden kunnen worden wanneer de jagers de dieren zouden mogen afschieten in de kracht van hun leven, maar via zo natuurlijk mogelijk ingrijpen en het vergroten van het leefgebied met zo min mogelijk ingrijpen van de mens. Op de Veluwe worden dit seizoen meer dan 90% van alle zwijnen afgeschoten, als het gevolg van dergelijk door jagers gedomineerd beleid.

Niet ingrijpen in de populaties betekent ook dat dieren niet worden bijgevoerd. Echter op het moment dat dieren verzwakt raken, door bijvoorbeeld ouderdom of voedselgebrek, worden de dieren door Staatsbosbeheer afgeschoten om nodeloos lijden te voorkomen.

De Partij voor de Dieren houdt de vinger aan de pols. De partij is vorig jaar al op werkbezoek geweest in de Oostvaardersplassen en zal in de nabije toekomst opnieuw een werkbezoek brengen aan de Oostvaardersplassen om het beheer te bespreken.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief