Groen­links bestuurder komt twee dagen voor verkie­zingen tot inkeer


4 maart 2007

Den Haag, 5 maart 2007 - De Noord-Hollandse Gedeputeerde Moens van Groenlinks lijkt twee dagen voor de verkiezingen voor Provinciale Staten tot inkeer gekomen. Mogelijk geschrokken van een stortvloed van protestmails van dierenbeschermers laat hij weten niet voor afschot van damherten te pleiten, en dat dat een zaak van de Amsterdamse gemeenteraad zou zijn.

In 2005 zei Moens in het Haarlems Dagblad nog het volgende over de damherten in de Amsterdamse Waterleidingduinen:
"Vorig jaar heb ik, vlak voordat het besluit in Amsterdam werd genomen, een brief aan de raad gestuurd met het verzoek afschot toe te staan. Er lopen veel te veel herten in dat gebied rond."
"De beheerders dringen erop aan jaarlijks veertig procent af te schieten, dan kun de je populatie knijpenderwijs in stand houden. Afgelopen jaar zijn zeker 200 herten vanuit de Amsterdamse Waterleidingduinen overgestoken naar de overkant van de Zandvoortselaan, naar het gebied van het nationaal park. Er zijn herhaaldelijk aanrijdingen met herten op de Zandvoortselaan gemeld. Er is een heel onveilige situatie ontstaan."

"Bovendien is de situatie in de duinen heel dieronvriendelijk. Het is gewoon een schandalige zaak dat de Amsterdamse raad deze situatie in stand houdt."


Gedeputeerde Moens was destijds razend over het besluit van de Amsterdamse raad om een wapenstilstand van 5 jaar af te kondigen in de AWD. Hij gaf aan zelfs bereid te zijn de Amsterdamse raad te chanteren, wanneer die niet het volgens Moens juiste besluit zou nemen.
“De Amsterdamse raad moet het afschieten van herten in de Waterleidingduinen gaan toestaan. Zo niet, dan dreigt gedeputeerde Moens de aanleg van een ecoduct tussen de Amsterdamse Waterleidingduinen en het Nationaal Park Zuid-Kennemerland te vertragen.” (Haarlems Dagblad november 2005)

Inmiddels is de populatie damherten fors gegroeid in vergelijking met 2005 toen Moens sprak over “een heel onveilige en dieronvriendelijke situatie” en “ een schandalige zaak”.

Groenlinks wethouder van Poelgeest luidde zeer onlangs de noodklok over de vermeende overpopulatie van damherten in de Amsterdamse waterleidingduinen, en riep alle betrokken partijen op mee te denken over een “oplossing” waarbij verdoven, verplaatsen of het toepassen van anticonceptie niet tot de mogelijkheden zou behoren.

De plotselinge inkeer van Moens kan niet los gezien worden van het feit dat hij ook onder vuur ligt wegens zijn jagersvriendelijke beleid op andere dossiers. Zo pleitte hij voor het vergassen van ganzen in Purmerend en gaf hij zeer recent aan “ het helemaal gehad te hebben met gerechtelijke procedures rond het provinciale faunabeleid” en in weerwil van uitspraken van de rechter (die het schieten van ganzen en smienten verbood) te kiezen voor “bestuurlijke ongehoorzaamheid” en “dan maar het stoutste jongetje van de klas te willen zijn”.

De Partij voor de Dieren is blij met de plotselinge bekering van Moens, maar beziet die met enige skepsis, gelet op zijn eerdere uitspraken en consistente pro-jacht beleid.

Het minste wat Moens zou moeten doen is toelichten op welke gronden hij zo kort voor de verkiezingen terug is gekomen op zijn mening dat er in 2005 al ingegrepen had moeten worden met het jachtgeweer in de AWD en waarom hij van mening is dat de inmiddels drastisch gegroeide populatie zonder afschot zou kunnen.

Dat neemt niet weg dat de PvdD Moens heel graag verwelkomt in het kamp van de mensen die menen dat jacht in de AWD overbodig is, en hopen dat hij dit standpunt ook na de verkiezingen zal blijven huldigen, niet alleen jegens damherten, maar met betrekking tot alle in het wild levende dieren.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief