Discri­mi­natie en (insti­tu­ti­oneel) racisme


Onze idealen

  • De overheid behandelt alle burgers gelijk. In het verleden heeft etnisch profileren geleid tot stigmatisering en grote problemen bij individuele burgers. Daarom mogen in elk geval etniciteit en nationaliteit geen factor meer zijn bij selectiebeslissingen en risicoprofielen. Ook etnisch profileren door de politie wordt tegengegaan door een registratiesysteem waarin vermeld wordt waarom iemand staande is gehouden. Preventief fouilleren werkt etnisch profileren en stigmatiseren in de hand en staan we niet langer toe.
  • Afkomst, geaardheid, genderidentiteit, geloofsovertuiging of huidskleur mag niemand meer belemmeren om een stageplek, baan of woning te vinden. Ook mensen met een beperking hebben recht op een duurzame baan en eerlijke betaling. Duidelijke wetgeving en daadkrachtige handhaving gaan ervoor zorgen dat discriminatie op de arbeids- en woningmarkt aangepakt wordt.
  • Iedereen heeft recht op anonieme sollicitatie. De motivatie en eigenschappen van een sollicitant vormen hiermee het uitgangspunt voor het uitnodigen van sollicitanten en voorkomen discriminatie op basis van bijvoorbeeld etniciteit. Iedere sollicitant heeft recht op een eerlijk en transparant proces en (sollicitatie)gesprek, waarbij belangen, gebaseerd op aannames en generalisatie, van een werkgever niet de leidraad vormen.
  • Betwist erfgoed wordt in kaart gebracht en we zoeken op democratische wijze een andere, zelfkritische omgang met dit erfgoed. Sinterklaas wordt een leuk feest voor álle kinderen: Zwarte Piet wordt afgeschaft, en vervangen door bijvoorbeeld roetveegpieten. Het koloniale verleden krijgt een vaste plek in het lespakket.
  • Nederland biedt excuses aan voor het koloniale- en slavernijverleden.
  • De overheid treedt met kracht op tegen alle uitingsvormen van discriminatie en komt met een plan om institutioneel racisme uit te bannen. Een nationaal coördinator racisme en discriminatie neemt hierover de leiding en zorgt ook voor meer inclusiviteit bij de overheid. Het ambtenarenapparaat wordt een evenwichtige afspiegeling van de samenstelling van de bevolking.
  • In de lerarenopleiding wordt standaard aandacht besteed aan discriminatie bestrijden en kansengelijkheid.
  • Zelflerende systemen, waarbij computers besluiten nemen over mensen, zonder menselijke inmenging, worden aan streng ethisch en privacy toezicht onderworpen. Ook wordt er op gelet of deze systemen niet onbewust discriminatoire besluiten nemen. De overheid gebruikt geen ‘black box’ algoritmes.
  • Mensen met een beperking moeten volwaardig mee kunnen doen in de maatschappij. Toegang tot overheidsgebouwen en publieke voorzieningen - waaronder onderwijs, openbare instellingen en openbaar vervoer - wordt vanzelfsprekend voor iedereen. Validisme wordt serieus genomen als vorm van discriminatie. Het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap wordt strikt nageleefd.
  • Alle paren krijgen dezelfde rechten als heteroseksuele paren. Ook vormen van meerouderschap worden wettelijk erkend, met dezelfde rechten.
  • De overheid voert een krachtig LHBTI-QA+-emancipatiebeleid en investeert in LHBTIQA+-emancipatie in het onderwijs. LHBTIQA+-leerlingen en -leraren zijn welkom op iedere school.
  • We schaffen de officiële geslachtsregistratie af. Tot die tijd krijgt iedereen die daar behoefte aan heeft een laagdrempelige officiële erkenning van hun sekse en/of genderidentiteit.
  • Geweld tegen LHBTIQA+ wordt centraal geregistreerd. We zorgen dat aangifte doen bij alle vormen van discriminatie laagdrempeliger wordt en de aangiftebereidheid van slachtoffers wordt vergroot.
  • Burgerlijke staat wordt gezien als een privéaangelegenheid, die alleen mag worden uitgevraagd wanneer dit juridisch noodzakelijk is.

De overheid moet inclusief en betrokken zijn. Maar hoewel weinig mensen bewust discrimineren, komen racisme en andere vormen van discriminatie nog steeds voor. Zowel direct en zichtbaar, als bijna onzichtbaar verweven in onze systemen en structuren. Dat de maatschappelijke discussie oplaait is een logisch gevolg van het uitblijven van actie. Het is tijd voor zelfreflectie en een daadkrachtige aanpak vanuit de overheid, die zich niet meer afzijdig mag houden.

Het standpunt Discriminatie en (institutioneel) racisme is onderdeel van: Een rechtvaardige samenleving