Gezonde teelt op een gezonde bodem


Onze idealen

  • Diverse, natuurinclusieve land- en tuinbouw wordt de norm, zoals biologisch, permacultuur, agroforestry en regeneratieve en agro-ecologische systemen. Gangbare boeren en tuinders worden geholpen met de omschakeling naar deze duurzame vormen van voedselproductie.
  • We gaan scherpere keuzes maken over het gebruik van onze landbouwgrond. We nemen afscheid van teelten die geen duurzaam doel dienen maar wel veel schade veroorzaken door bijvoorbeeld een hoge mate van gifgebruik en uitputting van de bodem. We stoppen per direct met de lelieteelt en gaan de gangbare bollenteelt als geheel afbouwen. De bodem krijgt de kans te herstellen en de telers worden geholpen bij het omschakelen naar duurzame teelten.
  • Het gebruik van de bodem wordt gebaseerd op de grondsoort en het natuurlijke waterpeil (functie volgt bodem en peil), in plaats van andersom. Zo zal in veenweidegebieden, bij een natuurlijk grondwaterpeil dat veel hoger ligt, overgeschakeld moeten worden naar natte teelten, of worden weilanden teruggegeven aan de natuur. Dit is essentieel tegen bodemdaling.
  • Duurzaam geteelde plantaardige eiwitgewassen voor menselijke consumptie hebben de toekomst: de bodem knapt er zichtbaar van op en voor boeren bieden ze een duurzaam perspectief. De omschakeling naar deze teelten wordt volop gestimuleerd, gefaciliteerd en gesteund.
  • Door de keuze voor een plantaardige toekomst komt er veel landbouwgrond vrij die we beter kunnen benutten: voor meer natuur, voor het oplossen van het woningtekort én voor de duurzame teelt van oliehoudende gewassen (zoals koolzaad) en gewassen voor duurzame toepassingen, zoals hennep en vlas. Deze teelten worden gestimuleerd.
  • Gewassen die de bodem uitputten, zoals aardappelen, kunnen niet langer om de twee of drie jaar geteeld worden op hetzelfde perceel: een ruimere gewasrotatie (maximaal één keer per zes jaar) wordt verplicht.
  • Monoculturen maken plaats voor strokenteelt of andere vormen van natuur-inclusieve, regeneratieve landbouw.
  • We stoppen het kapot bemesten van onze bodems. Aan de structurele overbemesting in Nederland komt een einde. We vragen geen uitzondering (derogatie) meer aan op de mestregels die voor andere Europese boeren ook gelden. Het injecteren van mest wordt verboden, evenals het gebruik van kunstmest. De huidige bemesting gaan we vergaand vervangen door plantaardige mest en groenbemesters.
  • De bodem krijgt weer lucht. Met minimale of niet-kerende grondbewerking voorkomen we bodemverdichting en krijgen bodemleven en een gezonde wortelgroei meer kans. Water wordt hiermee beter vastgehouden en meer CO2 wordt afgebroken en opgeslagen. Intensieve grondbewerking, zoals ploegen, wordt niet meer toegestaan. Zware landbouwmachines maken plaats voor kleine, lichte machines, die bovendien op elektriciteit rijden.
  • De bodem krijgt weer water. Water wordt niet langer versneld afgevoerd, maar juist opgevangen voor droge periodes. Het grondwaterpeil wordt niet langer kunstmatig verlaagd, maar er wordt een natuurlijk peil aangehouden.
  • De land- en tuinbouw worden gifvrij. Het gebruik van landbouwgif wordt snel en verplicht afgebouwd.
  • Lokale productie van compost wordt gestimuleerd (waaronder het fermenteren van bermmaaisel). Door gebruik van (biologische) compost wordt het gehalte organische stof in de bodem hersteld.
  • Agrobosbouw (de combinatie van landbouw en bosbouw op hetzelfde perceel) wordt sterk gestimuleerd.
  • Biologische (traditionele) gewasveredeling wordt gestimuleerd, voor de ontwikkeling van gezonde en weerbare rassen.

De natuur levert alles wat mensen nodig hebben voor de productie van ons voedsel: een gezonde bodem om onze gewassen op te telen, schoon water voor een goede groei en biodiversiteit die helpt bij de bestuiving en het voorkomen van plagen. Eén van de kostbaarste fouten die de mens kan maken, is het vernietigen van de natuur en de bodem die hij nodig heeft voor de productie van zijn voedsel. Intensieve landbouw heeft de bodem zo uitgeput dat de gewassen die erop groeien veel minder voedingswaarde bevatten dan 50 jaar geleden. Tijd voor radicale verandering: we stoppen de kaalslag. Voortaan gaan we de basis die de natuur ons biedt goed beschermen. Een modeterm als ‘kringlooplandbouw’ is nergens voor nodig: biologische boeren en tuinders laten al decennialang zien hoe je kringlopen kunt sluiten en gezond voedsel kunt produceren in samenwerking met de natuur. De Partij voor de Dieren zegt: maak van dit boerenvakmanschap de leidraad voor de landbouw in Nederland.

Het standpunt Gezonde teelt op een gezonde bodem is onderdeel van: Duurzame landbouw en gezond voedsel

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer

Gerelateerd

Melk en land­bouwgif verhogen risico op Parkinson

PvdD stelt vragen aan minister LNV

Het wetenschappelijke verband tussen de levenslange consumptie van melkproducten en een verhoogd risico op de ontwikkeling van de ziekte van Parkinson[1] baart de Partij voor de Dieren grote zorgen. Tweede Kamerlid Leonie Vestering stelt daarom schriftelijke vragen aan demissionair minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit: wordt dit veroorzaakt door de koemelk zelf, of door het l...

Vragen