Duurzaam opgewekt


Onze idealen

  • Alle woningen, kantoren en andere gebouwen zijn energieneutraal in 2030. Alle nieuwbouw wordt in principe energiepositief, en wekt dus meer energie op dan zij verbruikt. Zo compenseren we voor oude woningen die niet (voor 2030) energieneutraal gemaakt kunnen worden.
  • De overheid geeft het goede voorbeeld door het Rijksvastgoed energieneutraal te maken en te investeren in de verduurzaming van scholen, sportaccommodaties, zorginstellingen en culturele instanties.
  • Wind- en zonne-energie worden grootschalig mogelijk gemaakt op locaties waar mensen, dieren en natuur er geen of weinig hinder van ondervinden.
  • Zonnepanelen op gebouwen worden de norm. Alle nieuwbouwwoningen worden voorzien van zonnepanelen. Er komen geen zonneparken in de natuur en in principe ook niet op landbouwgrond. Een zonneladder, die de volgorde bepaalt van aanleg, is onderdeel van het afwegingskader.
  • Windparken op zee moeten aantoonbaar geen nadelige effecten hebben op het zeeleven. Zo wordt bij de bouw van windmolenparken niet geheid. De best mogelijke technologie wordt verplicht om slachtoffers door windturbines te voorkomen.
  • Energiebedrijven worden verplicht om minimaal een bepaald percentage aan duurzaam in Nederland opgewekte stroom te leveren. Dit percentage wordt jaarlijks verhoogd. We stellen een maximum aan de uitstoot van broeikasgassen door nieuwe én bestaande energiecentrales. Dat maximum wordt periodiek omlaag bijgesteld.
  • De PostCodeRoosregeling, de regeling die 15 jaar lang vrijstelling geeft van energiebelasting over de zonne- of windenergie die de deelnemers in een project gezamenlijk opwekken, wordt uitgebreid. Zo kunnen meer mensen gebruik maken van duurzame elektriciteit.
  • Duurzame energie krijgt voorrang op het energienetwerk, met ‘slimme energienetten’ (smart grids), die gevoed worden door kleinschalige en decentraal opgewekte groene energie. De privacy van gebruikers en leveranciers mag daarbij niet in de knel komen.
  • Er komen (fiscaal) goede regelingen voor het opwekken en opslaan van energie op wijkniveau. Hierdoor kunnen hele wijken samen energie opwekken en delen. Zelf opgewekte elektriciteit en warmte moet terug kunnen worden geleverd aan het net, belastingvrij. Coöperatief eigendom van gebruikers van bronnen en warmtenetten wordt gestimuleerd.
  • We gebruiken duurzame lage-temperatuur bronnen om woningen en andere gebouwen te verwarmen. Er wordt niet geïnvesteerd in warmtenetten vanuit de fossiele industrie, bijvoorbeeld vanuit raffinaderijen en afvalverbrandingsinstallaties. We gebruiken geen biomassa voor verwarming en stoppen met de subsidie daarop.
  • We zetten in op een circulaire economie waardoor het aantal afvalverbrandingscentrales zal afnemen. We voorkomen afhankelijkheid van afvalverbranding voor onze warmtevoorziening.
  • We stimuleren onderzoek en ontwikkeling van groene waterstof afkomstig van wind- en zonne-energie voor opslag.
  • Gasgebruik wordt voor grootverbruikers de komende jaren duurder, zodat besparen op gas gaat lonen en gas sneller wordt afgebouwd. In 2030 gebruikt Nederland geen gas meer. De binnenlandse vraag naar gas daalt door betere isolatie van huizen en andere gebouwen en door alternatieve manieren van verwarming.
  • De Partij voor de Dieren zet in op een exitstrategie voor energie van olie, kolen en gas. Kolencentrales worden zo snel mogelijk gesloten.
  • Nederland bouwt geen nieuwe kerncentrales en bestaande centrales worden zo snel mogelijk gesloten. Het is moreel niet verantwoord om toekomstige generaties met nog meer kernafval op te zadelen dat duizenden jaren gevaarlijk blijft. Bovendien duurt de bouw van een kerncentrale tientallen jaren en de kosten lopen op tot tientallen miljarden. De gevolgen bij een ramp zijn niet te overzien.
  • Biomassa van hout is geen duurzame energiebron. Ook het zogenaamde ‘resthout’ vervult een cruciale functie in ecosystemen en is geen brandhout. Er komt een verbod op verbranden van biomassa voor de opwekking van warmte en elektriciteit. Subsidies worden per direct afgeschaft. Ook mest is geen duurzame energiebron, omdat mestvergisters een constante stroom van dierlijke mest nodig hebben om te kunnen draaien. Zo wordt het in stand houden van het veel te grote aantal dieren in de veehouderij een doel op zich. Het gebruik van mestvergisters wordt afgebouwd.
  • Schalie- en steenkoolgas blijven in de grond, de winning wordt verboden. Deze zeer vervuilende stoffen komen Europa niet meer in. Nederland maakt zich daar sterk voor.
  • Diesel- en benzinemotoren, die in de bouw worden gebruikt, moeten worden vervangen door schonere en minder lawaaiige alternatieven.

We gaan dichtbij duurzame energie opwekken. In 2030 maken we gebruik van zon, wind, getijden, warmtewisseling en waar nodig aardwarmte. We werken aan verschillende oplossingen tegelijk om de snelheid die nodig is daadwerkelijk te halen. De lasten van de transitie moeten bovendien eerlijk worden verdeeld; de grootste vervuilers betalen de zwaarste lasten.

Het standpunt Duurzaam opgewekt is onderdeel van: Schoon milieu en krachtig klimaatbeleid

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer