Verkiezingsprogramma Partij voor de Dieren Tweede Kamerverkiezingen 2017
| 5
worden geproduceerd. Denk aan voedsel en energie.
Sinds lange tijd maakt Nederland nauwelijks meer zelf
producten als kleding, schoenen en meubels. Ook laten
we producten steeds minder vaak repareren of herstellen
en zijn we geen koploper in het ontwikkelen en maken
van duurzame producten zoals zonnepanelen. Dit is een
gemiste kans; veel mensen in ons land beschikken over
sterke ondernemingszin en veel creativiteit. Laten we die
gebruiken!
•
Nederland gaat zich veel meer richten op een echte
maak- en hersteleconomie. We gaan duurzame produc-
ten maken en veel meer producten herstellen of een
nieuwe bestemming geven.
•
De landbouw richt zich niet langer op bulkproductie en
verlaat haar agressieve exportstrategie. In plaats daar-
van verlegt Nederland haar aandacht naar duurzame
productie voor de regionale markt.
•
De Nederlandse overheid besteedt jaarlijks ruim 60
miljard euro aan producten en diensten. Dat is bijna
10% van het bruto binnenlands product (bbp). Hiermee
hebben overheden en semioverheden een krachtig
instrument in handen voor verduurzaming, innovatie en
versterking van het midden- en kleinbedrijf. De aanbe-
stedingsprocedures worden zodanig aangepast dat alle
inkopen gegarandeerd duurzaam, diervriendelijk en
sociaal verantwoord zijn. Met name het midden- en
kleinbedrijf moet hiervan kunnen profiteren.
Meer banen, minder grondstoffengebruik: een nieuw,
groen belastingstelsel.
Als we belastingen gaan heffen op grondstoffen en on-
duurzame producten, kan de belasting op arbeid fors
omlaag. Hierdoor is het voor bedrijven eenvoudiger om
mensen in dienst te nemen, kan Nederland banen be-
houden en creëren en krijgen mensen meer bestedings-
ruimte. Het gaat lonen om het gebruik van grondstoffen
te verminderen en om te recyclen.
•
De belasting op arbeid wordt verlaagd en de belasting
op grondstoffen wordt verhoogd.
•
We kunnen jaarlijks miljarden euro’s besparen als de
milieuschadelijke (indirecte) subsidies worden afge-
schaft. Zo moet er een einde komen aan de belasting-
kortingen voor producenten en (groot)verbruikers van
fossiele energie.
•
Nederland stelt een nultarief in voor duurzame produc-
ten zoals (biologische) groenten en fruit en een hoog
tarief voor producten die schadelijk zijn voor mensen,
dieren, natuur en milieu.
•
De Partij voor de Dieren pleit voor het beprijzen van
schaarse grondstoffen en producten die grote nega-
tieve milieueffecten hebben, zoals hout, kolen en fosfaat.
•
Er worden onnodig veel (plastic) verpakkingen gebruikt.
Producenten moeten daarvoor gaan betalen om zo het
gebruik van verpakkingsmateriaal terug te dringen.
•
Het wordt fiscaal goedkoper om te bouwen in reeds be-
staande bebouwde ruimte. Denk aan renovaties, bou-
wen op eigen erf, tiny houses (verplaatsbare kleine
huizen), et cetera. Bouwen op eerder onbebouwde
grondpercelen wordt duurder.
•
De energiebelasting wordt gedifferentieerd: kolenstroom
wordt duurder dan gas, groene stroom wordt minder
belast. Zelf opgewekte groene stroom blijft onbelast.
•
De belastingvrijstelling voor werkgeversvergoedingen
voor reiskosten met het openbaar vervoer blijft bestaan.
•
De fiscale stimulering van fietsen blijft behouden.
•
Er komt een gerichte kilometerheffing die rekening
houdt met tijdstip en plaats van het autoverkeer. De
privacy van de gebruiker wordt daarbij gegarandeerd.
•
Er komt een kilometerheffing voor vrachtverkeer van
15 cent.
•
De negatieve milieueffecten van vliegverkeer worden in
de prijs van vliegtickets verwerkt. Nederland voert deze
accijns zelf in en gaat deze ook bepleiten in de Euro-
pese Unie.
•
Nederland stopt het faciliteren van grootschalige belas-
tingontwijking door multinationals, en maakt alle deals
(tax rulings) die gesloten zijn met bedrijven openbaar.
Een betere verdeling van werk.
Veel mensen verkeren in onzekerheid en vragen zich af
of ze ooit nog wel een baan of een vast contract krijgen.
Tegelijkertijd zorgt het toegenomen werktempo en de
noodzaak om continu te presteren voor meer stress en
haast in onze samenleving. Meer mensen vallen buiten
de boot. Bovendien loont werken voor steeds meer
mensen in Nederland minder. Zeker voor mensen met
een laag opleidingsniveau. De ontwikkeling van de lonen
en salarissen stagneert, terwijl de winsten en reserves
van multinationals recordhoogtes bereiken. Flexwerk
blijkt vooral te bestaan uit kortdurende baantjes. Ouderen
en jongeren hebben steeds meer moeite de eindjes aan
elkaar te knopen bij gebrek aan voldoende werkuren.
Kortere werkweken dragen bij aan een betere verdeling
van het beschikbare werk en moeten voor iedereen
mogelijk gemaakt worden. Ze brengen tegelijkertijd de
werkloosheid en de milieudruk van onze samenleving
omlaag. Een betaalde baan wordt zo ook beter te com-
bineren met mantelzorg, ouderschap of vrijwilligers-
werk. Het illustreert ons ideaal om in een maatschappij
te leven waarin betaalde arbeid niet langer als het enige
of voornaamste doel in het leven wordt gezien. Voor je
inkomen mag het bovendien niet uitmaken waar je
vandaan komt, of je man of vrouw bent, getrouwd,
samenwonend of alleenstaand, lesbisch of transgender,
et cetera.




